Martijn kijkt: Senna (2010)

Gezien op Netflix, 10/09/2018


Ik heb geen rijbewijs, maar ik houd wel van auto’s. Vanwege het design vooral, motorvermogen en acceleratie kunnen me weinig schelen. Ik speel ook graag Dirt Rally op de pc en als ik een schitterende Renault Alpine A110 door een haarspeldbocht laat slippen denk ik toch : “Toch mijn rijbewijs eens halen.” (Overigens heb ik heb geen stuurtje; ik speel met een gewone controller.)

Dat heb ik nou nooit bij de Formule 1. Dat is vooral een saaie optocht van lelijke auto’s die heel vaak stuk gaan.

Het kijken van een documentaire die inzicht geeft in wat er voor nodig is om die auto’s eindeloos hun rondjes te laten rijden, kan je een frisse blik en nieuwe waardering geven. Dus toen ik de erg positief ontvangen documentaire Senna, over de verongelukte gelijknamige coureur uit de jaren tachtig en negentig op Netflix vond, heb ik hem opgestart.

Hoewel ik me tijdens het kijken niet verveeld heb, moet ik zeggen ik gezien de hoeveelheid lof die deze film toegezwaaid heeft gekregen, hij me erg tegen viel.

Ten eerste krijgen we te horen dat Senna de beste coureur van zijn generatie was en misschien wel allertijden (zie ook poster). Alleen wordt in de hele docu niet uitgelegd waar dat unieke talent van Senna hem dan in zat; we moeten het doen met een paar anekdotische voorbeelden (die inderdaad indrukwekkend zijn). Waarom niet beelden laten zien, eventueel met verhelderende computergraphics en uitleg van experts om te laten zijn wat Senna nu anders en beter deed dan concurrenten als Alain Prost en Nigel Mansell?

Senna kent ook een paradox. Het sterkste dramatische deel van de documentaire betreft de strijd tussen Senna en zijn rivaal en teamgenoot Alain Prost, die een aantal keer volledig uit de hand loopt, inclusief allerlei gekonkel buiten de baan. Probleem van die verhitte strijd dat het niet rijmt met het ook opgeroepen beeld van Senna, het onovertroffen racegenie. Als hij zo briljant was, waarom bleef het dan altijd zo spannend tot het einde? Tegenhangers in andere sporten als Merckx en Boebka drukten in hun hoogtijdagen alle concurrentie meteen de kop in. Senna legt het niet uit.

Ten tweede komen we vrijwel niets te weten over Ayrton Senna, de persoon. “Een vroom rijkeluiszoontje uit Brazilië”, dat is ongeveer alles wat Senna te vertellen heeft over zijn hoofdpersoon. Zijn hele jeugd wordt overgeslagen; de documentaire begint met Senna’s entree in de Formule 1. Alle archiefinterviews met Senna zelf gaan over racen of zijn nietszeggende celebrity interviews. Er zitten veel beelden in de docu uit het familiearchief, maar dat zijn allemaal vakantiefilmpjes die kunnen worden samengevat met ‘chillen op een boot’. Er komen twee vriendinnen voorbij, maar geen van beiden wordt geïnterviewd. Zijn zus spreekt wel, maar blijkt een talent voor vrome platitudes met haar broer te delen.

Een derde invalshoek had een sociaal-politieke kunnen zijn. Senna’s carrière overlapt met de overgang van Brazilië van een militaire dictatuur naar een democratie. Senna meldt hierover dat Ayrton Senna de held was die de Brazilianen nodig hadden in moeilijke tijden en laat het daar bij. Daar moet toch meer over te zeggen zijn. De Senna’s waren een rijke familie met conservatief katholieke waarden tijdens de dictatuur. Dat doet banden met of op zijn minst sympathie voor de junta vermoeden. Ondanks of wellicht dankzij die afkomst wordt Senna een Braziliaanse volksheld. Hoe zit dat? Misschien is het antwoord op die vraag niet interessant (mensen houden van succesvolle sporters, wie ze ook zijn), maar Senna laat ons er totaal over in het duister.

Senna is uiteindelijk een serie dramatische hoogtepunten in de racecarrière van zijn hoofdpersoon: de Grote Prijs van Monaco in de regen die hij aan het begin van zijn carrière bijna wint in een waardeloze auto, de tot twee maal toe bij de GP van Japan totaal uit de hand lopende strijd met Prost, het winnen van de thuis-Grand Prix met een kapotte versnellingsbak en uiteindelijk de Grote Prijs van San Marino waar Senna verongelukt.

Die hoogtepunten worden goed verteld; elk ervan is een spannende mini-aflevering van een dramaserie over een autocoureur. Vooral het archiefmateriaal dat gevonden is van de voorbereiding is vaak ijzersterk. De karige achtergrondinformatie dient eigenlijk alleen om die climaxen aan elkaar te plakken. Dat werkt goed om een onderhoudende film te maken met de vaart die bij het onderwerp past.

Maar het levert ook een documentaire op die me na afloop met het onbevredigende gevoel achterliet dat ik nauwelijks meer te weten ben gekomen over zijn hoofdpersoon dan ik op Wikipedia in vijf minuten had kunnen vinden.