Muziek blijft in feite natuurlijk een heel prettige bijzaak, waarover we heel graag serieus bomen; laat ik vooropstellen dat ik echt niet zonder muziek zou kunnen en op vele momenten in mijn leven daar veel aan heb gehad; van het verwerken van emoties tot het vinden van gelijkgestemden. Sterker nog, ik heb er mijn nieuwe lief door leren kennen. Een jaarlijst maken vindt de één volslagen overbodig en de ander gewoon leuk om eens na te slaan dan wel extra tips op te doen; al worden mensen soms zelfs boos als er van die lijstjes verschijnen. Sorry, maar dan zijn er toch wel andere zaken om je echt druk over te maken? Ik hou ervan om even terug te blikken op een jaar, ook qua muziek. En ik zie graag de lijstjes van anderen, waarbij sommige een beetje hetzelfde zijn en andere weer verrassende dingen brengen. De één hoort ook meer albums per jaar dan een ander. Ik zit altijd tussen de 500 en 750.
Dit jaar heb ik het minste aantal recensies (376) ooit geschreven. Het lijkt er op dat er minder promo’s worden verzonden en eerlijk is eerlijk, ik ben ook minder gaan kopen (maar nog altijd best veel). Op de vraag of het dan wellicht eens tijd wordt dat ik ga stoppen met schrijven, weet ik het antwoord al: nee! Zolang ik de positieve reacties blijf ontvangen en zelf de liefde voor het schrijven blijf ervaren, waarom zou ik dan? Overigens is mijn favoriete categorie, de NNM-serie (Nieuwe Nederlandse Muziek), redelijk op peil gebleven met 50 recensies dit jaar. Dat het even rustiger was, kwam eigenlijk dit jaar wel goed uit. Ik ga namelijk spoedig vanuit mijn geliefde Groningen (de leukste plaats waar ik ooit gewoond heb) uit mijn Assen herrijzen. Eerst weer elders wonen, daarna weer op zoek naar werk en voor de rest bekijk ik het stap voor stap. Eén ding is zeker: er zal muziek in het spel zijn!
Dit jaar was een gek jaar, want voor mij eigenlijk met minder duidelijke uitschieters of positiever gezegd heel veel goede releases van hoog niveau. Ik baseer de lijst op hetgeen me het meest geraakt heeft, ik het vaakst gedraaid heb of gewoonweg boven alles uitsteeg. Ik heb dit jaar verrassende nieuwe en vernieuwende acts gehoord, ook live. Toch bijzonder om na zo’n 35 jaar schrijven toch nieuwlichters tegen te komen, maar ook oude bekenden weer innig te kunnen omarmen. Uiteindelijk heb ik voor de grootste verrassingen van dit jaar gekozen, waarbij één heldengroep het won boven de rest. Verder moet je het niet bloedserieus nemen en er rekening houden dat ik altijd voor de meer melancholische route kies; daar word ik nu eenmaal het blijst van en heb ik qua energie en ook emotie het meeste aan. De verbindende factor van muziek is en blijft zo mooi, ook als je het oneens bent.
Hieronder zal ik van nummer 20 naar 1 de albums plaatsen, die ik voorzie van een eerdere recensie (tussen de aanhalingstekens), de weeknummers waarin ik de recensie geschreven heb (dus niet per se wanneer iets verschenen is) plus eventueel extra commentaar. De 90 nummers 21, die soms echt dik tegen mijn TOP20 zaten, zijn eveneens een grote aanbevelingslijst. Die heb ik dan in alfabetische volgorde geplaatst. Doe er vooral mee wat je wil. Hierna verschijnen er ook nog twee edities van Senzor AM met daarin nummers uit die TOP20. Dan is het jaar echt weer even helemaal klaar. Ik wil verder iedereen die mij bevoorraad en ook getipt heeft enorm bedanken, ook al koop ik nog steeds veel (graag) genoeg. Tevens een bedankje naar degenen die me gelezen hebben, van commentaar voorzien of anderzijds gesteund hebben. Wees lief voor elkaar en op naar een nieuw muzikaal jaar!
20. ZÖJ – Give Water To Birds (cd, Parenthèses Records / Xango Music Distribution)
“In 2023 kreeg ik het bijzondere nieuwe duo ZÖJ uit Australië voor het eerst te horen middels hun meesterlijke, in mijn jaarlijst eindigende debuut FIL O FENJOON, dat fonetisch Perzisch is voor “olifant en theekop”. De groep wordt dan ook gevormd door de in Iran geboren zangeres en kamancheh- en ghaychak-speelster Gelareh Pour en drummer Brian O’Dwyer. Pour heeft gestudeerd aan het conservatorium in Teheran en haar master “ethnomusicology” gehaald aan de universiteit van Melbourne. Ze heeft ook een onderzoek gedaan naar het leven van gevluchte vrouwelijke Iraanse zangeressen. Ter verduidelijking: je mag sinds de Iraanse revolutie in 1978/79 als vrouw niet openlijk zingen. Wel als achtergrondzangeres, maar niet op de voorgrond. Daarom hebben ook vele anderen, waaronder ook Sussan Deyhim, Googoosh, Masha Vahdat en Marian Vahdat, hun toevlucht naar andere landen gezocht. De kamancheh en ghaychak zijn overigens respectievelijk verwant met de luit en viool. Met het melancholische geluid uit deze instrumenten plus de verpletterende mooi zang van Pour en het experimentele, intrigerende percussiespel van O’Dwyer weten ze echt een onuitwisbare indruk te maken. Nu zijn ze terug met hun tweede wapenfeit Give Water To Birds, waar echt geen woord Perzisch aan is. Samen met gitarist Brett Langsford (The Verses) brengen ze hier 6 nieuwe nummers van samen toch bijna 42 minuten lang. De gitaar zorgt voor een extra dimensie op hun toch al ruimtelijke geluid. Nog altijd sober, dikwijls zelfs nog iets meer uitgekleed, maar zo intens en doeltreffend. Perzische tapijten wikkelen zich fraai en op unieke wijze om experimentele muziek, avant-garde en neoklassiek. Het is soms zo mooi, dat het haast zeer doet. Hiermee lanceren ze gewoon hun tweede meesterwerk op rij.”
Week 25: Eigenlijk kan ik niet veel toevoegen aan die laatste zin. Het is een album gebleven dat diepe snaren wist te raken.
19. Wet Leg – moisturizer (cd, Domino)
“In 2019 zijn Rhian Teasdale (zang, gitaar) en Hester Chambers (gtaar, zang, synthesizer, fluit) de groep Wet Leg gestart, met vermoedelijk geen idee nog hoe succesvol ze daarmee zouden worden. Zoals ik bij hun gelijknamige debuut uit 2023, zou je met zo’n naam in het Nederlands minder makkelijk weg komen. Live bleek de groep ook sensationeel. Na wat wisselingen in de line-up bestaan ze nu verder uit Joshua Mobaraki (gitaar, synthesizer, tapes, zang) en Ellis Durand (bas, zang), waarmee ze hun tweede album moisturizer presenteren. Spannend wel na zo’n subliem droomdebuut. Maar al snel wordt duidelijk dat dit geen eendagsvliegen zijn. Ze serveren twaalf nieuwe songs, die aansluiten op hun debuut, echter ook geen herhaling van zetten. Op eigenzinnige wijze manoeuvreren ze zich weer door genres als indierock, post-punk, noise, shoegaze en alternatieve rock. Met veel bestaande en herkenbare ingrediënten weten ze toch weer hun typisch eigen recept te bereiden, dat net zo smakelijk als stekelig is. Ze nemen bepaald geen blad voor de mond en gooien er alles uit zoals het hen betaamt. Daar zit ook een flinke scheut gortdroge humor doorheen, wat de muziek alleen maar ten goede komt. Of je daar per se vocht inbrengende crème voor wil inzetten, laat ik aan jezelf. Liefhebbers van onder meer Neighbours Burning Neighbours, Pixies, Warpaint, Dry Cleaning, King Hannah en M(h)aol zullen hier ook van smullen, al heeft Wet Leg echt een eigen (goed ingevet) smoel. En ook dit album bevat een “Chaise Longue” in de vorm van “Pillow Talk”, plus nog meer ijzersterke pakkende songs. Daarmee leveren ze gewoon hun tweede sterke album op rij af en lijkt de groei er nog lang niet uit.”
Week 29: Het is en blijft een enorm aanstekelijke band. Ook live weer veel gedraaid.
18. Just Mustard – We Were Just Here (cd, Partisan)
“De verrassing in 2022 was immens toen het Ierse Just Mustard hun tweede album Heart Under lanceerde, vier jaar na hun prima debuut Wednesday uit 2018. Ze landen ermee hoog in mijn jaarlijst. Ze brachten het uit op het steeds verrassende New Yorkse label Partisan, dat ook al te gekke bands en artiesten als Idles, Cigarettes After Sex, Fontaines D.C., Laura Marling en Torres in hun stal herbergden; een frisse wind door het hedendaagse muzieklandschap. Maar Just Mustard bood een fraaie las tussen heden en verleden, dat zowel door hun muziek als de typische geknepen zang van Katie Ball kwam, die op die van Alison Shaw van de Cranes deed denken. Ook in hun muziek blijft die referentie wel enigszins overeind. Toch brachten ze meer en nog altijd getuige hun derde album We Were Just Here. Samen met bandleden David Noonan (gitaar), Mete Kalyon (gitaar), Rob Clarke (bas) en Shane Maguire (drums) levert ze hierop in een kleine 40 minuten weer hun verleidelijke recept, dat bestaat uit ingrediënten uit jaren 80 en 90 invloeden met hedendaagse elementen. Hun muziek is wat luider, grofkorreliger, gedetailleerder en meer uptempo geworden, maar ze nestelen zich nog altijd ergens tussen shoegaze, indierock, noise, post-punk, post-rock, droompop en trip hop. Je moet het naast de Cranes zoeken tussen A Place To Bury Strangers, Nine Inch Nails, Esben And The Witch, Portishead, BDRMM en My Bloody Valentine, waarbij aangetekend moet worden dat ze echt een eigen herkenbare sound hebben ontwikkeld. Het is ouderwets genieten, maar tevens weer nieuwe wegen ontdekken tegelijkertijd. Dat maakt ze woest aantrekkelijk en misschien ook nog beter dan voorheen.”
Week 44: Ik ben een beetje verwend door hun vorige album, maar ze zijn echt nog steeds een opvallend goede band, die er bovenuit steekt.
17. Faetooth – Labyrinthine (cd, The Flenser / Konkurrent)
“Het uit Los Angeles afkomstige Faetooth wordt wel omschreven als “feeërieke doom”, maar dat klinkt toch echt wel liever dan het is. Of het zijn elfjes met gitzwarte vleugels. De groep, die al in 2019 is opgericht, bestaat uit Ari May (zang, gitaar), Jenna Garcia (bas, zang) en Rah Kanan (drums). Op hun debuut Remnants Of The Vessel (2022) lieten ze al horen over een vervaarlijke sound te beschikken, waar ze -sorry voor het woord- mannetje stonden. Doomgaze, sludge metal en noise gingen daar hand in hand met hele sterke emoties. Ze komen weliswaar hard uit de hoek, maar stellen zich in feite hartstikke kwetsbaar op en weten daar ook de nodige mysterieuze elementen aan toe te voegen. Daar gaan ze nu op voortvarende wijze mee verder op Labyrinthine, waarop ze je letterlijk in een doolhof van muziekstijlen en gevoelens storten. Er is een prachtige tegenstrijdigheid en tevens balans tussen kaalgeslagen hard geluid en de emotionele, soms haast zachte kant van de muziek. Maar ook tussen het explosieve en uiterst ingetogen geluid. Je voelt aan alles wat een impact het heeft en urgentie erachter zit. Kippenvel in het hard en zacht. Daarbij moet je denken aan iets tussen Esben And The Witch, King Woman, Chelsea Wolfe, SubRosa, Amenra en Divide And Dissolve. Het is een typische The Flenser band, waar je alles rauw op je dak krijgt. Maar in dit geval is dat ook van een krachtige, weergaloze pracht allemaal.”
Week 38: Het is soms niet nodig om harde muziek te maken om je hard te raken, maar soms ook weer wel en weet deze groep als geen ander dat op hard ook op emotionele wijze te doen.
16. The Ex – If Your Mirror Breaks (cd, Ex Records / Konkurrent)
“Eén van mijn favoriete bands is toch wel The Ex. Ze zijn er al gedurende mijn hele schrijvende leven (inmiddels 35 jaar). Niet verwonderlijk, want de groep is al gestart in 1979, dus ze zijn al 46 jaar onderweg. Helden zijn het, ik kan het niet anders verwoorden. Hun eigengereide aanpak, de tomeloze experimenteerdrift en gewoon steengoede muziek, die van punk tot noise gaat en zeker de laatste jaren ook Afrikaanse elementen bevat, maken dat dit een volslagen unicum is in de muziekwereld. De groep is ook altijd interessante samenwerkingsverbanden aangegaan met Dog Faced Hermans, Tom Cora, Tortoise, Brass Unbound, Han Bennink en Getatchew Mekuria of als The Ex & Friends en The Ex Orkest, hetgeen de groep ook steeds weer een andere impuls geeft. Ze omarmen veel, maar uiten dat door hun eigen DNA altijd op hun manier. Zoals inmiddels bekend, stap zanger en boegbeeld G.W. Sok in 2009 op om zich te richten op vele andere leuke muziekprojecten, schrijven en grafisch ontwerpen. De groep heeft een hele sterke vervanger gevonden in zanger en gitarist Arnold de Boer, bekend van zea, die weer een nieuw tijdperk voor de band inluidt. Daarnaast bestaat de groep nog altijd uit Terrie Hessels (gitaar), Andy Moor ((bariton) gitaar) en Katherina Barnefeld (drums, percussie, zang). Ik weet niet hoe vaak ik The Ex live heb gezien, maar wel veel. Met vrienden, zonder vrienden, met Tom Cora en ter gelegenheid 25, 40- en 45-jarig bestaan.
Op die laatst genoemde gelegenheid speelde ze enkel nieuwe nummers. Het komt niet vaak voor dat je volledig omvergeblazen wordt, als je iets nog niet eerder gehoord hebt. Toch gebeurde dat toen (in Vera in mijn geval). Een ongekend goed optreden! Energiek, rauw, experimenteel en pakkend. Eén van hun beste voor mij, al blijft die met Tom Cora me het dierbaarst. Het bleken allemaal nummers van hun nieuwe album If Your Mirror Breaks te zijn, dat zeven jaar na hun laatste album verschijnt. In dik drie kwartier laat de groep hier 10 nieuwe songs op de luisteraar los, waarbij ze het gevoel dat ik er live bij had, ook hier hebben weten vast te houden; enkel het welverdiende applaus hoor je hier dan niet. Ze zijn echt als een vulkaan, eerst rook dan enige uitstoot en dan uiteindelijk de uitbarsting. Alleen niet vernietigend, maar meer op constructieve wijze nieuwe vruchtbare grond genererend vol nieuwe verhalen. Hun kenmerkende sound en tegendraadse aanpak sijpelt daarbij uit alle poriën, al vindt deze ook weer nieuwe wegen. Daarbij weten ze met enerverende, fantasierijke en soms poëtische teksten de emoties en ideeën goed neer te zetten, die muzikaal van een passend kader worden voorzien. Eigenlijk staat er geen maat op deze legendarische, ongrijpbare band, die hier nummer voor nummer een onuitwisbare indruk weet te maken. Het album, opgedragen aan de overleden legendarische muzikant en producer Steve Albini, besluit met het nummer “Great!” en daar wil ik het ook bij laten. Wat een meesterwerk!”
Week 15: Eén van mijn favoriete bands, zoals gezegd. Ook met de nieuwe koers met Arnold “zea” de Boer aan het roer. Oprecht, uit het hart en nog altijd steengoed.
15. Sopa Boba – That Moment (cd, Sub Rosa)
“Er zijn van die labels waar nog steeds zeer uitzonderlijke dingen gebeuren. Zo’n label is in elk geval het lang lopende Belgische Sub Rosa. Datzelfde zou je ook kunnen stellen van G.W. Sok, die je gerust legendarisch mag noemen na zijn 30 jarige lidmaatschap als zanger van de invloedrijke experimentele band The Ex. Daar weggaan deed misschien één deur, die al ontstellend lang openstond dicht maar openende daarna vele deuren die anders mogelijk gesloten waren gebleven. Cannibales & Vahinés, King Champion Sounds, The And, Surplus 1980 Collectiv Ensembl With G.W. Sok, Coddiwomple , OMA, L&S, Dream Skills en Bazip Zeehok plus gastbijdragen bij groepen als L’Étrangleuse, Oiseaux-Tempête, Zoikle, Two Pin Din, Chapi Chapo & Les Petites Musiques De Pluie, Detective Instinct, Action Beat, The Bent Moustache, Year Of Birds, Gran Kino en FiliaMotSa tonen wel aan hoe veelzijdig die deuren zijn.
Nu duikt hij op in Sopa Boba, dat naast hem bestaat uit de Belgische muzikanten Pavel Tchikov van het geweldige Ogives op synthesizers en tevens verantwoordelijk voor de composities, de violisten Maritsa Ney en Roxane Leuridan, altvioliste Nathalie Angélique en cellist Eugénie Defraigne. Op hun debuutalbum That Moment, uitgebracht op Sub Rosa, krijgen ze ook nog in een paar van 7 tracks hulp van toetsenist Stéphane Diskus en altviolist Timba Harris van onder meer Secret Chiefs 3. Een uiterst interessant gezelschap dus. De muziek is er dan ook naar. In 7 stukken van samen ruim 53 minuten lang krijg je de fijne tegendraadse zang dan wel voordrachten van G.W. Sok, die daarvoor gebruik maakt van de teksten van de Moldavische schrijfster Nicoleta Esinencu. Het beginpunt van That Moment speelt zich af in een waargebeurd verhaal, dat zich afspeelde in het huidige Moldavië, waar een vader de vinger van zijn zoon afsneed met een bijl, als straf voor het stelen van een beetje geld uit zijn portemonneer. Van daaruit combineert de auteur het verhaal en de realiteit ervan met een bijtende ironie, waarbij hij een ongebreidelde kapitalistische maatschappij ondervraagt, waar alles en iedereen te koop is. De vorm achter dit alles is een zogenaamd hedendaags oratorium, dat een dramatisch verhaal ontvouwt binnen een sociaal-politiek kader. Die woorden worden hier echt schitterend ingebed door de experimentele, avant-gardistische en neoklassieke omlijsting. De strijkers hebben dikwijls de overhand en zorgen voor een filmische setting, waarbij de elektronica zorgen dat het op biologerende wijze allerlei dramatische wendingen krijgt. In zeven hoofdstukken (alle titels bevatten de woorden “that” en “moment”, steeds aangevuld met een ander woord ertussen) dienen als een ironisch en satirisch verhaal over de neerwaartse spiraal van de kapitalistische maatschappij. Los van dat het protest en de bijtende humor invoelbaar is, is het vooral ook een intrigerend en wonderschoon meesterwerk geworden.”
Week 08: Toevallig zij aan zij met zijn vorige band, maar het blijft genieten van de (steeds) nieuwe muzikale avonturen van deze held.
14. Sangre De Muérdago – O Xardin (cd, Música Máxica)
“Uit het autonome Spaanse gebied Galicië komt de eigengereide band Sangre De Muérdago, hetgeen “maretakbloed” betekent. Ze laten op hun albums dan ook een soort volksliederen uit dat gebied horen. Ze brengen al sinds 2010 hun innemende muziek naar buiten, die ergens tussen folk, rock en Barokke muziek inzit. De groep wijzigt nog wel eens van samenstelling en bestaat tegenwoordig uit componist en tekstschrijver Pablo Caamiña Ursusson: (zang, gitaar, draailier, muziekdoos, percussie (onder meer de traditionele pandero cuadrado de Peñaparda en pandereta), bellen), Georg “Xurxo” Börner (nyckelharpa, bellen, zang), Saúl Nogareda (cello, zang, bellen) en Xoel López (klarinet, zang, bellen, en pandero cuadrado de Peñaparda). Op hun (denk ik) achtste album O Xardin, waar het woord “de tuin” wel uit te halen is. In 48 minuten laten ze 10 songs op de luisteraar los, die weer het mooiste uit de regio naar boven halen. Qua droefgeestigheid lijken ze er wederom een schepje bovenop te hebben gedaan, maar eveneens wat betreft de schoonheid. De mengelmoes van de genoemde genres pakt hier nog beter en intenser uit. Tradities vloeien op schitterende wijze uit in het heden. Hoewel ze een geheel eigen geluid in huis hebben, moet je denken aan een mix van onder andere Owain Phyfe en diens The New World Renaissance Band, Myrkur, Nils Økland en Christina Pluhar & L’Arpeggiata. Wat een meesterwerk!”
Week 47: Wat laat in het jaar binnen, maar al vaker online gedraaid. Ik hou echt zo van dit soort folk. Heerlijk melancholisch en wonderschoon tegelijkertijd.
13. Tristwch Y Fenywod – Tristwch Y Fenywod (cd, Night School Records / Konkurrent)
“Tristwch Y Fenwod, wat Welsh is voor “het verdriet van de vrouwen betekent, doken met hun gelijknamige debuut al eens op in de jaarlijstjes. Vooral buiten de landgrenzen, omdat die daar eerder voorhanden was; de lp al helemaal. Nu is de cd er hier eveneens beschikbaar en dat is maar goed ook. De dames Gwretsien Ferch Lisbeth (dwydelyn, zang, teksten), Leila Lygad (e-drums) en Sidni Sarffwraig (bas) hier laten horen is haast onaards te noemen. Overigens zijn werkelijke namen van dit in Leeds gevestigde trio Gretchen Aury, Layla Legard en Sidney Koke. Gretchen was eerder al te horen in het rauwe avant-rock duo Guttersnipe (als Uceros Gigas), Leila in het prachtige drone folk duo Hawthonn en Sidney in onder meer de garagerock band The Courtneys. Voor hun debuut zijn ze omgetoverd in een zelfbenoemde Welsh-talige gothic avant-rock power bosnimfen. Aan de ene kant is het een ritueel, diep atmosferisch, occult-georiënteerd Keltisch project, maar anderzijds zitten er ook duidelijk een gothic en new wave elementen door, waar het vroegere 4AD mee grossierde. Ze smeden hier echt een magische en eigenzinnige las tussen beide werelden, waarbij je moet denkenen aan Dead Can Dance, This Mortal Coil, Cocteau Twins, Cranes, Chelsea Wolfe en The Cure. Het is van begin tot eind meeslepend, machtig mooi en echt van een uitzonderlijke klasse. Als dit iets zegt over het niveau wat we in 2025 qua muziek mogen verachten, dan belooft het een geweldig jaar te worden.”
Week 02: Deze dook al op in sommige lijstjes van vorig jaar, maar de cd -met de officiële release datum van 20 december vorig jaar, was pas echt dit jaar verkrijgbaar. Maar dat het blijvertje was, wer al snel duidelijk en onderstreept door hun ijzersterke optreden dit jaar.
12. Adrian Lane – Where Once We Danced (cd, Whitelabrecs)
“Er is zoveel piano- en neoklassieke muziek tegenwoordig, dat het onderscheid soms echt moeilijk is te maken. Dat geldt bepaald niet voor de Britse multi-instrumentalist, componist, schilder en beeldend kunstenaar Adrian Lane, die hier meermaals langs is gekomen. Lane beschikt over het vermogen om zijn diepste gevoelens in muziek (en vermoedelijk ook schilderingen) om te zetten. Daarbij rekent hij Arvo Pärt, Philip Glass, Steve Reich, Jóhann Jóhannsson, Hildur Gudnadottir en Ryuichi Sakamoto tot zijn voorbeelden, hetgeen je ten dele wel terug hoort in zijn muziek, die hij de laatste jaren volop naar buiten brengt en soms in maar oplagen van 5 of 10 stuks. Hij wisselt meer elektronisch gestuurde en klassiek getinte releases met elkaar af. Het hangt dikwijls ook van de inspiratiebron af. Voor zijn nieuwe album Where Once We Danced werd hij door een defect aan zijn autoradio tijdens lange ritten afhankelijk van BBC Radio 3 (klassieke zender) en raakte verzonken in meer traditionele klassieke muziek. Hieruit vloeide een wens voort om meer genoteerde muziek te schrijven. Hij schreef stukken voor piano en strijkers en voegde later de klarinet als leidende stem toe aan de verschillende composities. In één daarvan een gastoptreden van klarinettist Bryan Styles. Verder zijn er op subtiele wijze ook elektronica aan toegevoegd. Het resultaat omvat 14 nummers van samen zo’n drie kwartier lang. De titel van het album heeft zowel iets verdrietigs als iets van een mooie verre herinnering, maar het deelt beide de nostalgie. Dat laatste is ook de rode draad door dit album, al gaat het zeker gepaard met een fijne melancholie. Hoewel hij zelf Chopin, Schubert en zowel Clara als Robert Schumann hier onbewust als grootste invloeden beschouwt, is dat er nooit direct uit te filteren. Wel kan je stellen dat dit één van zijn meest klassieke albums is geworden, zij het dat deze ook nog flink tegen de filmische muziek en ambient aanleunt. Het is wellicht toegankelijk voor liefhebbers van klassieke muziek, maar voer voor die van onder meer Library Tapes, Bersarin Quartett, Hania Rani, Jóhann Jóhannsson, Max Richter en Dustin O’Halloran.Het is een album vol tot de verbeelding sprekende muziek geworden, die soms zo mooi is dat het haast zeer doet.”
Week 37: Ik heb al zoveel van deze grootmeester in de kast staan en gerecenseerd, maar deze raakt op de één of andere manier nog meer diepe snaren.
11. Arvo Pärt – And I Heard A Voice (cd, ECM Records)
“Eén van mijn allergrootste helden in de hedendaagse klassieke muziek is toch wel de Estlandse componist Arvo Pärt, die op 11 september de respectabele leeftijd van 90 heeft bereikt. Hij is vermoedelijk ook een wegbereider geweest voor de jongere hedendaagse componisten. Maar Pärt heeft ook zijn eigen stempel gedrukt met zijn tintinnabuli stijl, welke is beïnvloed door de mystieke ervaringen van de componist met zangkunst, maar zich vooral kenmerkt door het spel tussen heel zachte en opzwellende klanken (hard past niet in zijn wereld), Zijn muziek is veelal sacraal en echt van een onaardse schoonheid. Ondanks dat ik zelf niet gelovig ben, heb ik altijd het gevoel dat hij een me toch door een luikje een blik op de hemel geeft. En op het moment dat je denkt dat het niet nog mooier kan, komt hij met het album And I Heard A Voice. Deze wordt uitgevoerd door het ensemble Vox Clamantis en gedirigeerd door Jaan-Eik Tulve. Alleen in een eerbetoon aan schilder Jan Van Eyck is ook een orgel te horen. Pärt neemt ons mee op een bedevaartstocht door schijnbaar gebeurtenissen van lang geleden uit de Bijbel, maar die in het heden ook weer lijken plaats te vinden. Op melancholische wijze brengt het koor de gecomponeerde stukken, deels met woorden en deels met klanken. Door dat laatste heb je soms haast niet door dat er geen instrumenten gebruikt worden. Deze sterke harmonische zang samen met de contrapunt maken het ook spannend. Toch overheerst de narcotiserende schoonheid en dikwijls ontroerende emoties, die uit dit alles voortkomt. Ook na zo’n 65 jaar componeren weet Arvo Pärt nog altijd te verrassen en een diepe indruk te maken. Het is een adembenemend meesterwerk geworden.”
Week 38: Op de één of andere manier sla je een componist als deze wellicht over voor een jaarlijst, maar eigenlijk hoort hij hier gewoon in de erelijst. Wat een machtig en meeslepend album perst deze oude meester er nog uit.
10. Rauelsson – Niu (cd, Sonic Pieces)
“Al sinds 2008 brengt de eigenzinnige Spaanse muzikant en componist Raúl Pastor Medall onder zijn nom de plume Rauelsson muziek uit. Naast solo albums heeft hij eveneens met Peter Broderick, Erik K. Skodvin, Tatu Rönkhö en Derek Hunter Wilson muziek uitgebracht. Hij is bepaald niet eenkennig. Zo is zijn muziek van folk getint meer de neoklassieke dan wel elektronische kant op geëvolueerd; en van zang naar instrumentaal. Inmiddels heeft hij ook al een paar soundtracks op zijn naam staan. Nu is hij terug met zijn album Niue, waarop alles draait om eenvoud en minimalisme. Medall (synthesizers, composities, tekst) pakt qua gastenlijst echter groots uit, want hij wordt vergezeld door Paul Brainard (pedal steel), Heather Woods Broderick (fluit), Katrine Garup Elbo (viool, spoken word), Robin Hayward (tuba), Hilary Jeffery (trombone), Elena Kakaliagou (hoorn) en Sara Nigard Rosendal (vibrafoon). Het album opent met het geheel orkestrale “Prelude No. 7”, waar hij door 17 strijkers van het Sofia Philharmonica wordt bijgestaan en die verderop ook nog een paar keer voor het stemmige strijkwerk zorgen. De muziek is echt niet overdadig en juist sober en intiem, maar weet je werkelijk te verlammen met een schoonheid zoals ook Arvo Pärt dat zo goed kan. Alsof de zon opkomt over een met rijp bedekt landschap. In het tweede stuk “Ornamental Eclipse” stapt hij over op een warme arpeggio met synthesizer-, bas- en pedal steelklanken, waaruit zijn liefde voor ambient naar voren komt; het landschap komt langzaam tot leven. In “A Keyhole-Shaped Island”, dat daar op volgt, zijn het juist de koperblazers en fluit die voor een mystiek met drones gevuld geheel zorgen en waar Elbo op poëtische wijze een fraaie tekst voordraagt (die ook in het boekje is geprint); er is mist op komst. Met die drie verschillende thema’s rouleert hij, want “Puzzle Breeze”, “Podium Of Riddles” en “Ceramic Swallows, Set Of 3” sluiten aan bij de eerste, “Garden Unseen” en “Temporary Alchemy” bij de tweede en “It Could Vanish In A Instant” (met een de titel als gesproken tekst) bij de derde genoemde compositie, die mooi op elkaar aansluiten. Toch brengt hij ook in de op elkaar lijkende stukken steeds weer subtiele variaties, waardoor het allemaal afzonderlijke, fijngevoelige melancholische miniaturen zijn geworden. Hoewel niks helemaal past, denk ik dat verder liefhebbers van onder meer Sarah Davachi, Adrian Lane, Jóhann Jóhannsson, Øjerum, A Winged Vicotry For The Sullen en Christopher Tignor hier hun hart aan op kunnen halen. Dat alles is ook nog eens gestoken in een prachtig handgemaakte hoes van Monique Recknagel, zoals ze meestal doet op haar eigen Sonic Pieces label. Het is een bij de strot grijpend contemplatief meesterwerk geworden.”
Week 06: Ik weet het, als ik echt ondersteboven word geblazen gebruik ik nog wel eens de term meesterwerk of iets in die trant. En het levert dikwijls een plek in mijn eindlijst op. Maar poeh hee, wat is deze Spaanse componist er zeker met raakvlaken met de bovenstaande meester mijlenver boven zichzelf uitgestegen.
09. Avi C. Engel – Mote (cd, Fenny Compton)
“Als ik iemand muzikaal hoog heb zitten is het de Canadese non-binaire muzikant Avi C. Engel wel (voorheen Clara Engel, ter verduidelijking, want ik volg deze briljante muzikant al zo’n 20 jaar). En eerder dit jaar was er al het prachtige Nocturne, uitgebracht op het fijne Somewherecold. De mix van apocalyptische folk, gothic folk, experimentele muziek, drones en 4AD-achtige droompop mist z’n uitwerking nooit; in elk geval bij mij niet. Hoe vaak de albums van Engel in mijn jaarlijst zijn geëindigd gaat zeker richting de 10 (ongeveer de helft van de albums tot nu toe). En dan is er gewoon een tweede album, getiteld Mote en uitgebracht op een interessante startende Fenny Compton label. Avi brengt hier 8 nieuwe tracks van samen 40 minuten, die naast de immer prachtige zang met akoestische gitaar en bas, gudok, percussie en gasten op zang, klarinet, melodica en gitaar worden gebracht. Het is weer van zo’n narcotiserende pracht, dat je er haast niks zinnigs over kan zeggen. Maar de schoonheid die in de muziek verscholen is, schittert mede door de soberheid waar het mee gebracht wordt. Daarmee levert Engel gewoon een tweede prachtalbum in één jaar af.”
Week 34: Ik heb enorm getwijfeld om niet gewoon de beide albums van dit jaar van deze artiest te nomineren, maar heb toch gekozen voor degene die me net wat dieper raakte. En deze heeft een bon voor de jaarlijst, zo blijkt.
08. Half Asleep – The Minute Hours | Les Heures Seconddes (cd, Humpty Dumpty/ Three:four)
“Half Asleep is het langlopen project van de Belgische Valérie Leclercq en soms ook een klein beetje van haar zusje Oriane. Ze heeft vijf albums uitgebracht, waarvan de laatste met Delphine Dora in 2012. Valérie’s muziek kenmerkt zich door het intieme, bedachtzame en bovenal melancholische karakter. Ze brengt haar singer-songwritermuziek met piano, akoestische gitaar en soms drums, waar ze dikwijls op bijna fluisterende wijze bij zingt, al dan niet met haar zusje. Ondanks het introverte en fragiele karakter heeft de muziek een enorme impact. Het zit ergens tussen , folkrock, droompop, sadcore enf licht experimentele muziek in. Muziek vol bezinnende pracht, die dan ook tot driemaal toe in mijn jaarlijst eindigt. Ze is eindelijk terug met haar zesde album The Minute Hours | Les Heures Seconddes, dat maar liefst tien jaar in de maak is geweest en je gerust haar meest ambitieuze album tot nu toe mag noemen. Dat blijkt al uit één blik op de gastenlijst, want naast Valérie (zang, piano, gitaar, keyboard, gehamerde autoharp, fluit, shrutibox, bas, noise, waterglazen, percussie) zijn het Oriane Leclercq (zang), Claire Vailler (zang, keyboard, autoharp), Gwen Sainte-Rose (cello, noise, trompet), Eloïse Decazes (zang), Mathieu Lilin (baritonsaxofoon, basklarinet), Baptiste De Reymaeker (trompet), Maryline le Corre (trompet), Joachim Glaude (klappen, percussie, samples, veldopnames uit Frankrijk, IJsland, België en Marokko). Daarnaast is er in een aantal tracks ook koorzang te horen, waar naast diverse genoemde gastvocalisten ook Sylvain Chauveau, Mocke, Christophe Piette en Myriam Pruvot aan meewerken. Het album opent met “Mater”, waarbij je eerst nog het idee krijgt dat ze de lijn van haar vorige werk doortrekt. Maar ze neemt je aan hand naar een nieuwe koers, die zich al snel ontvouwt met de immens mooie koorzang. Het is ook minder introvert en pakt verderop in het nummer grootser uit. Toch schildert ze haar melancholie nog met dezelfde penselen, waardoor je het nog wel helemaal herkent als Half Asleep. Het is een overrompelend begin vol kippenvel. Daarna volgt een track met haar zang, samples, autoharp, noises en samenzang, die net weer andere accenten legt. Een nummer verder krijg je juist een meer avant-gardistische, beetje theaterachtige track. En zo varieert ze steeds weer in haar 10 composities van samen bijna drie kwartier. Het gaat van de al eerder genoemde genres ook meer naar de klassieke, post-punk, jazz, Barokke, filmmuziek en minimal music kant op. Ze brengt ook twee interludes, die weer even voor een bezinnende pauze zorgen. En ondanks dat het alle kanten opgaat, is het toch echt een consistent geheel geworden; één met de nodige bravoure ook. Je hoort aan alles dat hier enorm veel tijd in is gestoken, want ieder detail lijkt minutieus te zijn uitgedacht en dat zonder de spontaniteit te verliezen. Ik denk dat liefhebbers van onder meer Soap&Skin, Chantal Acda, Laurie Anderson, Nancy Elizabeth, Annelies Monseré, VanWyck, Liesa Van de Aa, Mi And L’au en Stranded Horse. Wat een album, wat een comeback en wat een jaarlijstjesmateriaal.”
Week 18: Dat zeg ik, jaarlijstjesmateriaal. Dit was de omarming van “de oude bekende” na 12 jaar pauze. Maar wat een fijn en imponerend wederhoren/weerzien.
07. Audoynaud – Hyperboréen (cd, Eaux Sombres)
“Als je een label hebt dat vertaald “donkere wateren” heet, word ik op voorhand toch wel nieuwsgierig. Het is het eigen label waar Audoynaud hun album Hyperboréen hebben uitgebracht. Dit is een project van de Franse broers Pierre en Romain Audoynaud, die eerder van zich lieten horen in onder meer Gelatine Turner. Hun project onder hun achternaam sluit daar met de melancholische zang van Romain en de sterke composities van Pierre wel enigszins op aan. Ze brengen hier in een kleine 42 minuten 6 minimale tracks. De twee krijgen hulp van gastmuzikanten op nylongitaar, hobo, althobo, Engelse hoorn, cello, viool, altviool en accordeon. Hun zus Charlotte verzorgt de artwork en fotografie. De titel van het album verwijst naar een plaats uit de Griekse mythologie, die beschouwd wordt als het uiterste noorden van de wereld, een land van zonneschijn en overvloed .Toch nemen ze je naar eigen zeggen mee op een reis naar een fantasierijk, dromerig noorden, waar de kou en de afstand om contemplatie vragen. Dat alles bekruipt je zeker als je het album hoort. Deze singer-songwritermuziek, vormt een combinatie van dark folk, experimentele muziek, veldopnames, neoklassiek, minimal music en drones. Het is broeierig, boeiend, bezinnend en zorgt voor een biologerend mozaïek, waar tekst en muziek met elkaar verweven zijn en resoneren. Daarvoor moet je denken aan een geweldige, telkens wisselende hybride van Daniel Blumberg, Talk Talk, Sylvain Chauveau, Encre, Maninkari, Set Fire To Flames, Astrïd, Avi C. Engel en Dictaphome. Veel mooier en meesterlijker dan dit ga je het zelden krijgen!”
Week 24: Dit is een voorbeeld van zo’n volslagen unieke nieuwlichter die je bijna nergens onder kunt scharen. Echt een heerlijke toevoeging aan het hedendaagse klanklandschap!
06. Yellow6 – Searching For Your Perfect / Strata (2xcdr, Sound In Silence)
“Is er muziek, die je altijd kan draaien? Voor mij is het antwoord daarop bevestigend en toepasselijk voor Yellow6. Als ik boos ben brengt het rust, als ik rustig ben zorgt het voor contemplatie en weet het tot de verbeelding te spreken en als ik verdrietig ben geeft het troost. Je kan er alle kanten mee op. Dit project Jon Attwood is nu zo’n 26 jaar onderweg en ik heb hiervan bijna 100 releases in de kast staan, waarmee hij de absolute aanvoerder is in mijn selectie. Dat is overigens inclusief de joint ventures en andere projecten als JARR (met Ray Robinson), The Sleep Of Reason (met Dirk Serries) en The Deep Bells (met Jason T. Lamoreaux van The Corrupting Sea, Transverse en The Warm Jets). Is het dan de perfecte muziek? Ja, wellicht wel. Maar dan mede omdat het niet perfect is en ruimte biedt voor de luisteraar. Nu is zijn nieuwe album Searching For Your Perfect een feit, zoals vaker uitgebracht op het prestigieuze Griekse label Sound In Silence. Jon zegt hierover:
“Wat is perfect? De titel hiervan schoot me te binnen toen ik een bericht op sociale media zag waarin iemand zei dat hij na duizenden foto’s eindelijk de perfecte zonsondergangfoto had gemaakt. Mijn eerste gedachte was: “Wat nu?” Als je perfectie hebt bereikt, geef je dan op, want niets kan daaraan tippen?
Ik geloof dat perfectie in de ogen van de toeschouwer ligt. Wat voor de één perfect is, is voor de ander gebrekkig. Als ik ooit zou denken dat ik het perfecte muziekstuk had gemaakt, zou al het andere dan minderwaardig lijken? Ga je door in de wetenschap dat wat je ook maakt, misschien nooit aan diezelfde standaard zal voldoen?
Ik geloof niet dat ik perfectie heb bereikt of ooit zal bereiken, maar alle muziek die ik maak geeft me plezier en voldoening in het creatieve proces en het eindresultaat.”
Het is tevens voor mij kennelijk de manier, dat ik keer op keer verrast wordt door zijn nieuwe creaties, die dikwijls meer als op gevoel ontstane improvisaties dan strak gecomponeerde stukken overkomen. Muzikale overpeinzingen, die je even helemaal uit de realiteit weten te nemen en dwalen over tot de verbeelding sprekende landschappen. Dat is ook nu weer het geval. Met 8 nummers in 73 minuten neemt hij je mee met zijn bedachtzaam voortkabbelende muziek. Titels als “All A Dream”, “No Plan” en “See What Comes Of it” sluiten daar goed bi aan. Hij weet me wederom op hypnotiserende wijze in de houdgreep te nemen tot de allerlaatste seconde. Het zal ongetwijfeld liefhebbers van Roy Montgomery, Robin Guthrie, Labradford, The Dururri Column, Windy & Carl, Below The Sea en Flying Saucer Attack wel aanspreken, al is de signatuur van het meesterlijke Yellow6 toch wel overduidelijk een geheel eigen. Echt wonderschoon wederom!
Zoals vaker zit er bij zijn album een bonus album en waarom nu ook niet, als je toch al zo’n lang album hebt afgeleverd? Precies, daarom is er in een gelimiteerde oplage van 100 stuks ook een tweede schijf beschikbaar getiteld Strata. Hierop brengt Yellow6 nog eens 8 composities van samen een goede 56 minuten lang. Er staat echt geen maat op deze klasbak, die kwantiteit ogenschijnlijk heel eenvoudig aan kwaliteit weet te koppelen. De tracks hebbken allen de titel van het album met een overeenkomstig tracknummer erachter meegekregen. De muziek heeft dezelfde rust en poëtische kracht als Amenra, maar dan zonder de waanzinnige uitbarstingen. Dit levert op een constant hoog niveau wel de nodige spanningsbogen en tevens schoonheid op. Attwood weet als geen ander emoties over te brengen met muziek of in elk geval die suggestie aan te boren bij de luisteraar. De titel verwijst natuurlijk naar lagen en de muziek is dan ook gelaagd. Je dwaalt af in ruimtelijke en bovenal prachtige muzikale labyrinten. Het is een verbluffend mooie toevoeging aan een toch al geweldig album.”
Weeklijst 47: Sommige muziek lijkt gewoon in je DNA vastgelegd te zijn. Hoewel ik veel muziek heb weggedaan, heb ik van Yellow6 (met een knipoog altijd op 6), zo tegen de 100 releases in de kast staan. Voor mij een artiest die blijft scoren en altijd kan, voor ontbijt, lunch en diner en in de ochtend, middag, avond en vooral diep in de nacht.
05. Shannon Wright – Reservoir Of Love (cd, Vicious Circle)
“De liefde voor de muziek van de Amerikaanse singer-songwriter Shannon Wright start voor mij al met haar band Crowsdell, waarmee ze in de jaren 90 twee albums heeft afgeleverd. Solo wordt ze alleen maar beter en ze duikt dan ook meermaals in mijn jaarlijst op. Haar laatste wapenfeit is van eind 2019, waarmee ze op 11 albums onder haar eigen naam kwam plus nog eentje met Yann Tiersen; die mag er ook meer dan wezen. Nu is eindelijk haar twaalfde album Reservoir Of Love een feit. Shannon (zang, gitaar, bas, drums, strijkinstrumenten, keyboards, Wurlitzer) mag hier rekenen op de steun van Kevin Ratterman (drums, strijkinstrumenten). In een goede 32 minuten levert ze hier 8 songs af, die her en der wat harder uitpakken. Tevens laat ze weer van die compleet narcotiserende pracht horen. Maar ook in het hard weet ze diepe snaren te raken, mede door haar intense bitterzoete zang. Daarbij varieert ze hier meer dan ooit met de diverse stijlen die ze in de loop der jaren heeft laten horen. De urgentie spat er vanaf, net als de ongepolijste schoonheid. Ze opereert hier op een onwaarschijnlijk hoog niveau, wat zowel bergen kippenvel als adrenaline oplevert. Liefhebbers van onder andere PJ Harvey, Blonde Redhead, Cat Power, Lisa Germano, Shellac en Nina Nastasia doen er goed aan, deze -vind ik- toch ietwat ondergewaardeerde maar zeer begenadigde en eigenzinnige artiest eens ter harte te nemen. Meesterlijk!”
Week 07: Een langlopende liefde blijft toch iets speciaals en dat heb ik echt al ruim 30 jaar met deze geweldige en steeds onderscheidende artieste.
04. Turning Point – Porque A Lua Se Quebrou (cd, Anti-Demos-Gracia)
“Zo nu en dan stuit je echt op van die compleet vernieuwende verrassingen. Dat is zeker het geval bij het Portugese project Turning Point. De groep bestaat uit muzikant, acteur en DJ Simão Valinho (machines, ongebruikelijke instrumenten, stem), multidisciplinair kunstenaar Lígia Lebreiro (keyboards, stem, video) en fadozangeres Raquel Sousa. Terwijl die laatst genoemde steeds de zogeheten saudade van de fado brengt, lijst de rest dit op uiterst ongebruikelijke wijze in. Wat de ongebruikelijke instrumenten betreft, het project promoot duurzaamheid door die te maken van gerecyclede materialen. Op het album Porque A Lua Se Quebrou, wat “omdat de maan brak” betekent, brengen ze in ruim een uur 12 biologerende tracks. De teksten, hier in het Frans en Portugees, zijn afkomstig van de dichter Carlos da Cunha, die een boek met de gelijknamige titel had. Raquel weet deze met echt heel veel gevoel neer te zetten, meestal gezongen en soms als spoken word. De muziek gaat van fado naar techno, electro, house, industrial, alternatieve elektronische muziek en ambient. Er zit wel steeds een donker randje omheen, wat erg goed aansluit bij de veelal melancholische zang. Het klinkt alsof Von Magnet, Lina_Raül Refree en A Naifa in een alternatieve, poëtische setting worden geplaatst. Dat is niet alleen heel spannend, maar ook van een onbeschrijfelijke schoonheid. Een genre overstijgend meesterwerk.”
Week 09: Wederom één van de verrassende nieuwlichters, ditmaal van het veelzijdige Anti-Demos-Cracia label. Echt een band, die weer iets compleets nieuws brengt uit bestaande bouwstenen; echt een genot om naar te luisteren!
03. Stranded Horse with Boubacar Cissokho – The Warmth You Deserve (cd, Ici D’Ailleurs)
“Net na de millenniumwisseling is er voor mij een nieuwe muzikale held opgestaan, namelijk de Franse muzikant Yann Tambour. Hoewel hij echt een gitaarvirtuoos is en ook op de kora zijn weg weet, komt hij eerst met het fantastische, hoofdzakelijk elektronische project Encre. Door de Toumani Diabaté, een virtuoos op de kora, plus de boodschap die Tambour wil uitdragen, wijzigt hij zijn muzikale koers drastisch; hij schaft zelf ook meerdere kora’s aan. De brug tussen zijn eerste project slaat hij met de mini Encre A Kora (2006). Hieruit vloeit zijn volgende band Thee, Stranded Horse voort, dat eigenlijk al het jaar ervoor is gestart. Hiermee levert hij twee prachtige albums af, waarop hij een blend van hij folk en rock met Afrikaanse elementen laat horen. Hij kan overigens in perfect Engels zingen door zijn studie van die taal in dat land. In 2011 doopt hij de naam om tot Stranded Horse, waar heel af en toe weer wat meer van zijn vroegere sound doorgeen schemert. Hij steekt daarbij zijn liefde voor Tyrannosaurus Rex, Jackson C. Frank, Palace en Joy Division niet onder stoelen of banken. Door diverse reizen naar Afrika, onder meer Senegal en Mali, zorgt ervoor dat zijn sound steeds meer de Afrikaanse kant opgaat en ook dat zijn muziek steeds rijker ingekleurd wordt; mede door artiesten van daar. Op zijn inmiddels vierde album The Warmth You Deserve met dit project werkt Tambour (zang, gitaar, kora) samen met de Senegalese koraspeler Boubacar Cissokho. In drie kwartier leveren ze hier 9 nummers, die maar eens te meer aantonen wat een rijke sound de kora en gitaar in huis hebben. Het duurt namelijk even voordat je door hebt dat er niet meer dan dat en zang is wat voor zo’n vol geluid zorgt. Ze smeden indrukwekkende lassen tussen de jaren 70 psychedelische folk, Afrikaanse en hedendaagse singer-songwriter muziek. Nog belangrijker is dat het op overtuigende wijze ook nog eens van een uitzonderlijke wereldse pracht is allemaal?”
Week 15: Ja soms mis ik Encre wel, maar ja als hij keer op keer zulke eigengereide wereldmuziek daar tegenover weet te stellen, waar maal ik dan om? Het is echt zo’n bloedmooi album geworden, die je alleen buiten de gebaande paden vindt. Zo anders, zo mooi en zo goed.
02. Tamino – Every Dawn’s A Mountain (cd,Communion Records)
“Tamino, voluit Tamino-Amir Moharam Fouad en kind van een Belgische moeder en Britse vader van Egyptisch komaf, is een Belgische singer-songwriter. Inmiddels woont hij in New York, waar hij aan zijn derde album Every Dawn’s A Mountain, die volgt na de twee eerdere prachtalbums Amir (2018) en Sahar (2022). Opvallend is zijn schitterende zang, die van fluweelzacht laag met het grootste gemak naar gevoelig hoog gaat. Hij omlijst die met melancholische muziek, die dikwijls van stemmige orkestraties worden voorzien. Dat is eigenlijk ook weer het geval op dit nieuwe album. Naast zijn zang en fijne tokkelwerk op de gitaar brengt hij tevens oud, keyboards, synthesizers, samples en percussie. Diverse gastmuzikanten leveren nog bijdragen op synthesizers, keyboards, drum programmering, sampling, cello, gitaren, oud, drums, percussie, bas, contrabas, pedal steel en piano. Tevens doet een voltallig strijkensemble mee en is niemand minder dan Mitski eenmaal te horen, die hier op passende wijze meezingt. Daarmee levert hij in ruim drie kwartier 10 waanzinnig mooie en eigenzinnige tracks af. Daarbij moet je denken aan een mix van Gareth Dickson, Nick Drake, Raoul Vignal, Beirut, Jeff Buckley en Radiohead, zij het met af en toe ook een licht Egyptisch sausje eroverheen. Het gaat echt van hoogtepunt naar hoogtepunt. Gewoon zijn derde topalbum op rij en misschien wel zijn allermooiste tot nu toe.”
Week 13: Zowel live als op een album een plaatje! Veel gedraaid ook tijdens concerten. Het is een artiest die echt een diepe indruk weet te maken.
01. Cardiacs – LSD (2cd, The Alphabet Business Concern)
Je hebt helden, superhelden en je hebt de Cardiacs. En recensenten die schromelijk overdrijven, al is dat in het geval van deze legendarische band natuurlijk nooit het geval. Deze is al in 1977 opgericht, destijds nog als Cardiac Arrest, en bracht een sublieme en unieke mix van prog en psychedelische rock, punk, folk, wave en avant-garde. Dat alles onder de bezielende leiding van zanger/gitarist Tim Smith. Ook alle aanpalende projecten als The Sea Nymphs, Spratley Japs, Mr & Mrs Smith And Mr Drake, Shrubbies, North Sea Radio Orchestra en Tim Smith solo leken te opereren in een eigen universum. Echter na een My Bloody Valentine concert (niet flauw doen!) krijgt Tim een hartaanval en als gevolg daarvan ook een beroerte, waarna hij ernstig blijft kampen met zijn gezondheid. In 2020 overlijdt hij helaas aan de gevolgen van nog een hartaanval. Het slaat een krater in het muzikale landschap, want een werkelijk geniaal muzikaal brein is dan niet meer. Het laatste album was overigens uit 1999, dus hun muziek werd al langer gemist. Maar -en nee ik heb niks geslikt- nu is toch daadwerkelijk het nieuwe album LSD een feit, waar een batterij aan muzikanten heeft meegewerkt en waarop ook grootmeester Tim Smith te horen is.
Personele intermezzo:
Tim Smith (zang, gitaar, toetsen), Jim Smith (zang, bas), Kavus Torabi (zang, gitaar, e-bow), Bob Leith (zang, drums), Craig Fortnam (zang, percussie), James Larcombe (piano’s, toetsen), Stephen Gilchrist (extra drums) en de fameuze Rob Crow (drumgeklooi) plus vocalisten Mike Vennart (Oceansize), Rose-Ellen Kemp, Sharron Fortnam, Jane Kaye, Jo Spratley, Suzanne Kirby, Melanie Woods en Claire Lemmon.
Uitgesmeerd over twee cd’s (of lp’s) krijg je 17 kersverse nummers, die samen zo’n 80 minuten duren. Het levert muziek in de beste traditie van de Cardiacs op, die eerder al zoveel andere bands heeft beïnvloed. Eigengereid, uit duizenden te herkennen, nog altijd urgent, energiek en gewoonweg zo heerlijk tegendraads en niet echt in een hokje te stoppen. Muziek als deze wordt nauwelijks meer gemaakt en laat staan zo goed. Wat een genot ze nog een keer zo te horen in al hun glorie. Tim Smith wordt nog altijd hevig gemist, maar dit is een nalatenschap om U tegen te zeggen. Voor mij één van de grootste releases van dit jaar. Alleen dan heb je jaren om over een hoes na te denken…maar goed dat is gezeur in de marge. Cardiacs FOREVER!”
Week 41: Eén van de meest opvallende bands allertijden duikt na al die jaren op na het enorme verlies van bandleider Tim Smith, maar nergens duiken ze ook maar ergens op. Dit waren en zijn toch wel echt één van mijn alltime favourites. Dus postuum toch een ere plek vanuit het hart. Eigenlijk kon ik geen betere winnaar bedenken.
De overige prachtige nummers 21:
verkeerde lijst gekopieerd hier…sorry…en oude gedelete…

Heerlijk eigenzinnig weer!
Mooie aanraders!
Voor mij ook twee hoogtepunten van het jaar
Edvard Graham Lewis: Alreet
Legendary Pink Dots : So lonely in heaven