Het schaduwkabinet: week 45 – 2021

Kwartet, in onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: Dorota Barová, Clara Engel, Springtime en Zhalih.


 

Jan Willem

Dorota Barová – Dotyk (cd, Animal Music)
In 2001 leer ik de Tsjechische celliste en zangeres Dorotá Barová kennen als helft van het bijzondere, wereldse neoklassieke duo Tara Fuki, waarmee ze al 6 albums hebben uitgebracht. Daarnaast vind je haar in vele andere projecten en bij legio artiesten terug, zoals Lenka Dusilová, Baterky, Janek Jaryn, Bucinatores Orchestra, DoMa Ensemble, Jaromír Honzák Quintet, Květy, Dura & Blues Club, FruFru, Jan Burian, River, Chorchestr, Asyl Akt, Tugriki, Aneta Langerová, Kuzmich Orchestra en Vertigo Quintet. Ze gaat ook geen genres uit de weg en brengt van folk en neoklassiek tot alternatieve rock en jazz. Een deel van die samenwerkingsverbanden zijn verzameld op haar album Feat. (2012). Pas in 2018 verschijnt haar solodebuut Iluzja, waarop ze een gevarieerde mix van folk, neoklassiek, jazz, nachtelijke pop en lichte experimenten laat horen. Nu is ze terug met Dotyk, hetgeen “aanraken” betekent. Na een tijd van afstand houden is enig contact wel wenselijk. Ze heeft 7 nieuwe songs geschreven, die samen zo’n 35 minuten duren, waarbij ze hier met gitarist Miroslav Chyška (Leaders!, Illustratosphere, J.A.R., Die El. Eleffant, Sexy Dancers) en bassist Miloš Klápště (Cirilic, Aneta Langerová, MarZ, Janoušek-Wroblewski Quartet, Beata Hlavenková) als trio opereert. De twee heren brengen verder ook nog zang, vocoder en synthesizers. Ze laten eenzelfde mix aan stijlen horen als op het vorige album, zij het dat het hier allemaal droefgeestiger en kaler is. Alles wordt in het Pools gezongen, maar de intense emoties zijn universeel voelbaar. Het levert een wonderschoon en biologerend geheel op, dat diepe snaren weet (aan) te raken.

 

Clara Engel – Dressed In Borrowed Light (cd, Elephant Shrew Editions/ Clara Engel)
De Canadese muzikant en zangeres Clara Engel levert het ene emotievolle precisie bombardement na het andere met haar muziek, zij het op sobere en troostvolle wijze. Deze zit meestal ergens tussen gothic folk, apocalyptische folk, experimentele muziek, blues en 4AD-achtige droompop in. Daarnaast brengt ze ook nog wel eens volledig instrumentale albums uit, die meer experimenteel zijn. Eerder dit jaar, of eigenlijk in de kont van vorig jaar, komt ze met het prachtige A New Skin en iets later tevens samen met Bradley Sean met het album Ghost Bird. En nu is ze alweer terug met Dressed In Borrowed Light. Clara Engel (zang, gitaren, shrutibox, percussie, harmonica, gusli) wordt hier vergezeld door 6 gastmuzikanten op cello, gitaar, lap steel, morin khur, bas, zang en drums. De songs zijn net als haar vorige soloalbum allemaal geschreven gedurende de pandemie. Nu loopt haar muziek normaal ook al niet over van de vrolijkheid, hier weet ze de melancholie nog beter en mooier om te zetten in indringende songs. Haar bitterzoete, licht mysterieuze zang weet mij altijd meteen te vloeren en maakt hier ook weer zo’n verpletterende indruk. De muziek is gehuld in een droefgeestige nevel en op subtiele wijze rijk gedetailleerd. Ze drukt hier weer haar compleet eigen stempel en dat levert een zoveelste bij de strot grijpende en diepgravende beauty op.

 

Springtime – Springtime (cd, TFS Record/ Joyful Noise / Konkurrent)
Als ik enkel op de hoes van het gelijknamige debuut van Springtime moest afgaan, zou ik niet het album verwachten dat er achter schuilgaat. Het is een nieuw project van een drietal met een enorme bak aan ervaring, te weten de Australische zanger/gitarist/toetsenist Gareth Liddiard (Tropical Fuck Storm, The Drones), landgenoot en drummer Jim White (Dirty Three, Boxhead Ensemble, Crime & Teh City Solution, Venom P. Stinger) plus de Nieuw-Zeelandse pianist Chris Abrahams (The Necks, Benders, Laughing Clowns). Terwijl ons in de herfst opmaken voor een waarschijnlijk weer veel te milde winter, zitten ze bij onze antipoden middenin de lente. Dat neemt niet weg dat de 7 nummers, die ze hier in bijna 47 minuten de revue laten passeren, rieken naar ontluikende bloemen, vogelgefluit en fladderende vlinders. Wel zijn het songs, die als ontwakende bladknoppen zich langzaam openen en ontvouwen tot verrassende en uiteenlopende bladeren. Ze bevatten groeibeginselen van freejazz, avant-rock en alternatieve rock, met een poëtisch vernis. Dat laatste komt helemaal naar boven in het nummer “The Viaduct Love Suicide”, waar de tekst geschreven is door de Ierse dichter Ian Duhig en die weer de oom van Liddiard is. De muziek is dynamisch, experimenteel, met blues geïnfecteerd en niet eenvoudig om de vinger op te leggen. En toch is het ook nergens ondoorwaadbaar, ook al lijkt het merendeel zich diep in de nacht te voltrekken, wanneer de drank al een melancholische sluier heeft gelegd over de dag. Ze coveren ook nog het fraaie “West Palm Beach”, dat van Will Oldham’s Palace is en in 1994 voor het eerst het licht ziet (er volgen meerdere versies erna). Het is ergens ook een uiterst gevoelig album geworden, alleen dan over een opengebroken en niet glad geasfalteerde weg. Rauw, recht uit het hart en ongepolijst mooi. Zoek het naast de groepen waar ze zelf uit voortkomen ook ergens tussen Mark Lanegan, Adrian Crowley, Palace Brothers, Arab Strap, Motherhead Bug, Protomartyr en Nick Cave. Dit is echt zo’n waanzinnig goed album, dat over twintig jaar nog staat als een huis en waarvan er misschien maar één gemaakt wordt.

 

Zhalih – They Call (cd, LAAPS)
In 2018 brengt de Amerikaanse singer-songwriter Hannah Zhalih Mickunas kortweg als Zhalih het album Inrushes uit op het dan nog actieve prestigieuze label Eilean Rec. Deze bevat korte songs, die ze tussen 2013 en 2017 heeft geschreven. Het zijn skeletachtige, licht experimentele folkliedjes, die lekker gruizig maar ook etherisch uitpakken. Daarbij krijg je altijd haar bitterzoete en soms ook soulvolle zang, waarmee ze je eenvoudig weet in te palmen. Drie jaar later is ze terug met They Call in een oplage van 200 stuks, uitgebracht op het label LAAPS, dat min of meer een vervolg is op Eilean. Alleen op dit nieuwe label sluiten de releases op elkaar aan doordat ze beginnen met het geluid waar de vorige is geëindigd. Zo krijg je een soort muzikale keten. Zhalih brengt 19 nummers in 40 minuten, dus wederom is het merendeel daarvan kort maar nooit te kort. Ze morst niet met de muziek en levert sterke pareltjes af, die in het verlengde van haar vorige album liggen. Het is allemaal weer uiterst sober, soms zelfs verstild en laat hierdoor veel aan de verbeelding over. Het is een wisselend en dikwijls mysterieus hoorspel van subtiele elektronica, akoestisch gitaarspel, kraakjes, veldopnames, jazzy sounds en haar geweldig bedwelmende zang. Te referentie moet je denken aan een melancholische kruisbestuiving van Cynthia Dall, Half Asleep, His Name Is Alive, Annelies Monseré, Colleen, The Boats en de rustige momenten van de Cranes. Het is weer een prachtig muzikaal stilleven geworden.

Comments

comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.