Het schaduwkabinet: week 26 – 2018

Er is weer flink veel gescoord, getuige onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: The Body, David Eugene Edwards & Alexander Hacke, Minco Eggersman / Jaap Van Heusden, Jaye Jayle, Morgen Wurde, Nine Inch Nails, Alanis Obomsawin, Papernut Cambridge, John Parish, Alex Somers & Sigur Rós en Colin Stetson.

 


 

Jan Willem

The Body – I Have Fought Against It, But I Can’t Any Longer. (cd, Thrill Jockey / Konkurrent)
Het Amerikaanse duo The Body wordt gevormd door Chip King en Lee Buford, die beiden al een verleden hebben in diverse andere harde bands. Met The Body zoeken ze de grenzen van de doom/sludge metal op en gaan daar dikwijls ook flink overheen. De beperkingen van het genre zien zij als uitdaging om te doorbreken. De albums vol pure kakofonie en enkel woest geschreeuw van met name de beginjaren zijn voor mij een stuk minder interessant dan die erna, waarop ze vaker en vaker met contrasten werken. Zo ook op I Have Fought Against It, But I Can’t Any Longer., wat misschien voorlopig wel hun beste (concept)album tot nu toe heeft opgeleverd. Ze werken hierop namelijk samen zangeres/pianiste Kristin Hayter (Lingua Ignota), (alt)violiste Laura Gulley (Amoebic Ensemble), zangeres/pianiste Chrissy Wolpert (Assembly of Light Choir), zanger Ben Eberle (Sandworm), drummers/arrangeurs Seth Manchester en Keith Souza (Machines With Magnets), saxofonist Ryan Seaton, zangers Jim Manchester en Michael Berdan (Uniform). Kortom, veel gasten. Maar het duo brengt hier dan ook veel. Zo begint de cd vrij klassiek met piano- en strijkpartijen en etherische zang. Dat gaat later over in hun bekende metal, maar gaandeweg ontstaan er steeds meer intrigerende kruisbestuivingen. Hierdoor kan je zomaar doom-klassiek, filmische metal, spacy industrial of gewoonweg niet te duiden genres voorgeschoteld krijgen. Van tranentrekkende schoonheid tot venijnig imponerende kakofonie en meestal alles er tussenin; en juist daar tussenin gebeurt zoveel geweldigs. Ook wordt de klassieke zang afgewisseld met uitzinnig harde en demonische. Het is volslagen uniek, maar ook nog eens subliem uitgevoerd. Wat een overdonderend meesterwerk. Horen is geloven!!

 

David Eugene Edwards & Alexander Hacke – Risha (cd, Glitterhouse)
Soms komen twee oerkrachten bij elkaar. Zo hebben David Eugene Edwards (16 Horsepower, Wovenhand) en Alexander Hacke (Einstürzende Neubauten) de handen stevig ineen geslagen. Ze zijn bewonderaars van elkaars werk, maar kennen elkaar ook van de reüniebezetting in 2013 van de geweldige groep Crime & The City Solution. Samen brengen ze nu hun album Risha uit, hetgeen Arabisch is voor “veer”. Edwards brengt de meer traditionele muziek en de bezwerende zang, waar zelfs de meest bevlogen priester niet aan kan tippen. Hacke zorgt daarbij voor elektronische onderlaag die ergens tussen ambient, industrial en Arabische muziek uitkomt. Het is in feite muziek waar je niet eenvoudig de vinger op kunt leggen. Wovenhand en Einstürzende Neubauten die elkaar in het Verre Oosten in een bevreemdende, tijdloze en grenzeloze droom ontmoeten zou de lading enigszins dekken. Het is een totaal nieuwe wereldorde die ze hier ten gehore brengen, waar duistere psalmen en balsemende doem elkaar recht in de ogen kijken. En dat is iets wat je gewoonweg zelf moet horen en ervaren. Een zeer geslaagd en bevlogen experiment, dat ze gerust mogen herhalen.

 

Minco Eggersman / Jaap Van Heusden – De Nieuwe Wereld (cd+dvd, Volkoren / Konkurrent)
Na een rijk muzikaal verleden in de meer luide bands, is de veelzijdige muzikant en bierbrouwer Minco Eggersman naast muziek onder zijn eigen naam toch vooral bekend van At The Close Of Everyday en ME. De laatste twee zijn meer songgerichte projecten, terwijl hij onder zijn eigen naam meer filmgerelateerde muziek maakt. En dat doet hij met verve. In 2013 maakt hij bijvoorbeeld de prachtige soundtrack De Nieuwe Wereld voor de gelijknamige (heel fraaie) film van Jaap Van Heusden. Eerder is deze al eens “verstopt” op de cd Drone/ De Nieuwe Wereld (2013). Niks mis mee, want de soundtrack van 19 nummers wordt daar aangevuld met 14 extra tracks. Toch is de heruitgave van dit werk nu wel heel erg mooi geworden. Je krijgt nu namelijk een cd met daarop die 19 nummers plus een dvd met de film. De muziek is hoofdzakelijk instrumentaal en bestaat uit sfeervolle, maar tegelijkertijd spannende gitaarstukken, die dikwijls aangevuld wordt met zinnenstrelende vioolpartijen en een enkele keer met de stem van Eggersman. Het tot de verbeelding sprekende geheel doet denken aan iets dat het midden houdt tussen Dirty Three, Gustavo Santaolalla, A Winged Victory For The Sullen, Yellow6 en Nick Cave & Warren Ellis. Los van de beelden staat de muziek stevig overeind, maar het is natuurlijk mooi dat je het beeld er naar keuze ook bij kan krijgen. En de film is net als de muziek echt de moeite waard. Dit is, zelfs als je de eerdere uitgave hebt, van toegevoegde waarde.

(luister vanaf track 15 voor deze versie)

 

Jaye Jayle – No Trail And Other Unholy Paths (cd, Sargent House / Rarely Unable Press)
Evan Patterson is een gitarist/bassist voor diverse bands in Louisville. Deze Amerikaanse plaats heeft zo’n rijke historie als het gaat om hardcore en post-rockbands. Neem alleen Rachel’s, June Of 44, Slint, Rodan, Crain, Circle X, The For Carnation, Freakwater, The National Acrobat en Young Widows al. In die laatste twee is ook Patterson terug te vinden, al heeft hij al meer op zijn naam staan. In 2016 trekt hij met het alias Jaye Jayle de stoute schoenen aan en gaat het solopad bewandelen, al vormt hij al snel een band met onder meer drummer Neal Argabright (Freakwater, Phantom Family Halo) en bassist Todd Cook (Crain, Shipping News, Dead Child, Parlour, The For Carnation). Daarmee neemt hij het sterke debuut House Crickets And Other Reasons To Get Out (2016), waar ze een fijne mix van rock en Americana laten horen. Dat doen dezelfde spelers nog eens, aangevuld met multi-instrumentalist Corey Smith (Phantom Family Halo) en her en der gastzangeres Emma Ruth Rundle (Mariages, Red Sparowes, The Nocturnes) plus enkele andere gasten op saxofoon, gitaar en zang, in een overtreffende trap op No Trail And Other Unholy Paths. Ze presenteren in ruim 43 minuten 8 robuuste songs, waarin op subtiele wijze heel fraaie details worden gestopt. Dat kan uiteenlopen van lichte wendingen in tempo of de toevoeging van fraai etherische zang, een bluesy saxofoonpartij en ga zo maar door. Daarbij weet ook Patterson de luisteraar aan zich te binden met zijn pakkende, herfstige zang die me meermaals aan Mark Lanegan doet denken. De muziek roept ook wel associaties op met avant-rockbands als Motherhead Bug, al leveren ze hier een uiterst gevarieerd geluid. Een ijzersterk tweede album!

 

Morgen Wurde – Als Je Zuvor (cd, Off Rec.)
De Duitse muzikant J. Wolfgang Röttger timmert muzikaal al flink wat jaren aan de weg. Eerst met namen als Pyrococcus en Speroid, maar sinds 2012 treedt hij als Morgen Wurde naar buiten. Eerst met het digitale album Nach Allen (2012) en daarna de cd Letzten Endes (2015), die het midden houden tussen jazz, ambient, illbient, trip hop, psychedelische rock en IDM. Op de albums erna, te weten Brauch Auf (2016) en Assassinous Act (2017), brengt hij muziek die meer gebaseerd is op samples en gevonden geluiden, waarmee hij een mix van drones, ambient, etherische en filmmuziek laat horen, al dan niet aangevuld met liturgische zang van onder meer gastzangeres Maria Estrella Aggabao en diverse samples. Dat filmische aspect vormt ook eigenlijk de rode draad door zijn werk. Dat is op zijn nieuwe cd Als Je Zuvor zeker het geval. Hierop laat hij een meer klassieke benadering horen en schept hij zijn creaties veelal op de piano, die hij wel weer lardeert met elektronica. In 5 van de 14 tracks is trompettist Tetsuroh Konishi te horen met nachtelijk jazzy muziek en in 3 wederom zangeres Maria Estrella Aggabao met haar prachtig etherische stemgeluid. Morgen Wurde laat hier een tot de verbeelding spreken geluid horen, maar komt duidelijk klassieker en meer jazzy uit de hoek, wat de muziek ook meer organisch, warmer en melodieuzer maakt. Dit overigens niets ten nadele van zijn voorgaande werken, want die hebben weer andere pluspunten. Het blijft vooral een groot goed dat Röttger keer op keer vanuit verschillende invalshoeken zijn unieke muzikale visie naar buiten brengt. De stukken zonder trompet benaderen iets meer zijn oudere werk, maar alles is hier eigenlijk net anders en toch typisch Morgen Wurde. Heel knap en wonderschoon. De laatste 6 tracks zijn fraaie techno remixen van een aantal nummers van ervoor door diverse artiesten, die eens te meer de grote klasse van Röttger onderstrepen.

 

Nine Inch Nails – Bad Witch (cd, The Null Corporation/ Capitol)
Sinds ik serieus met muziek aan de slag ga, als recensent dan, is Nine Inch Nails er ook al bij. Van het geweldige debuut Pretty Hate Machine (1989) en het venijnige The Down Spiral (1994) tot de latere meer ambientgerichte en filmwerken. Hoewel hij NIN een tijd in de koelkast heeft gezet, is hij na een hiaat van 5 jaar in 2013 terug met Hesitation Marks, wat een terugkeer naar de oude vorm betekent. Dan kondigt kopman Trent Reznor, die ondertussen met bandlid Atticus Ross ook soundtracks uitbrengt, aan een drieluik uit te brengen. De eerste twee, te weten Not The Actual Event (2016) en Add Violence (2017), zijn beide mini’s van elk 5 tracks met een lengte van respectievelijk 21 en 27 minuten. Het zijn fijne tussendoortjes, want NIN klinkt hier weer als NIN van weleer maar dan met de nodige experimentele verrassingen. Dat is al helemaal het geval op het slotstuk van deze trilogie, de cd Bad Witch. Ze brengen hier in ruim een half uur 6 vlijmscherpe nieuwe tracks. Een deel past weer bij de jaren 90, met een typerende mix van noise, industrial en elektronische muziek. In de openingstrack is naast Trent Reznor ook zijn vrouw Mariqueen Maandig-Reznor (How To Destroy Angels) en Ian Astbury (The Cult). Pas in het tweede bedrijf verdwijnen de “songs” en laten ze ook allerlei abstracte experimenten horen. Maar ook tussendoor is het meer experimenteel of gooien ze er bijvoorbeeld plots drum ’n’ bass doorheen. Het is niet alleen steengoed, het biedt eveneens weer perspectief voor de nabije toekomst.

 

Alanis Obomsawin – Bush Lady (cd, Constellation / Konkurrent)
Alanis Obomsawin behoort tot de Abenaki Natie en groeit deels op in een reservaat. Deze Canadese ontwikkelt zich tot filmmaakster, muzikant en activiste. Ze is een ware cult heldin in eigen land. In 1985 neemt ze haar enige album Bush Lady op, dat ook uitgroeit tot een ware cult klassieker. Inmiddels is Obomsawin 85 jaar en komt het prestigieuze Constellation label met een heruitgave op cd en lp. Obomsawin heeft alles geschreven en verzorgt de vocale partijen. Dat laatste doet ze in het Frans, Engels en Albenaki afwisselend traditioneel, harmonieus en experimenteel, maar eveneens brengt ze spoken word. Ze wordt door diverse muzikanten begeleid op cello, fluit, hobo en viool. In haar teksten hoor je goed de activiste terug, maar ze verpakt dit allemaal wel heel erg fraai. Het klinkt dikwijls als een uitgeklede versie van Tuxedomoon, die samenspeelt met Little Wolf Band en en Mari Boine Persen. Ze brengt een schitterend huwelijk van avoant-garde, folk en activisme. Je hoort meteen dat dit zo’n album is, waar er maar één van bestaat. Heel fijn en zeer terecht dat deze weer in ons midden is.

 

Papernut Cambridge – Outstairs Instairs (cd, Gare Du Nord Records)
Papernut Cambridge is een Brits collectief rond Ian Button, die al sinds de jaren 80 in verschillende incarnaties van zich laat horen, waaronder Thrashing Doves en Death In Vegas. Vanaf 2013 brengen hij en de zijnen muziek uit onder deze nieuwe naam. Ze maken doorgaans tijdloze psychedelische rock, waarbij de humorfactor zeker een rol speelt. Dat maakt hun releases ook altijd pakkend en luchtig, maar toch serieus te nemen. Ze presenteren zich veelal als een indierock of Britpop band, maar met een zekere prettig gestoorde twist. Dat maakt de muziek aan de ene kant toegankelijk en herkenbaar, maar zorgt er tegelijkertijd voor dat ze nergens opgaan in de grijze massa van deze genres. Dat geldt ook weer voor hun nieuwe cd Outstairs Instairs, die eveneens als fraaie boxset met allerlei extra’s verkrijgbaar is. Ze serveren in ruim 42 minuten 11 aanstekelijke songs, die ingetogener dan voorheen klinken maar zeker niet minder indruk weten te maken. Sterker nog, hier zijn ze op hun best. Vertrouwde muziek, die je meteen inpakt en je toch weer verder brengt. Het doet mij denken aan een blend van The Doomed Bird Of Providence, King Missile, Virginia Wing, Ivor Cutler, The Faces, Pavement en Simon & Garfunkel. Ja zo breed, waarbij iedereen er vermoedelijk nog zat andere referenties uithaalt. Maar dat doet er niet toe. De groep vaart gewoon een volslagen eigen koers. Naast Ian Button (zang, gitaar, keyboards) zijn er nog 14 muzikanten op gitaar, banjo, bas, zang, drums, keyboards, piano’s, synthesizer, saxofoon, cello, orgel en altviool die een bijdrage leveren. Toch is de output, zij het rijk gedetailleerd, vrij ingetogen. En dat levert gewoon een geweldig prachtalbum op.

 

John Parish – Bird Dog Dante (cd, Thrill Jockey / Konkurrent)
De naam John Parish ben je vast al eens tegengekomen. Is het niet als soloartiest, al dan niet samen met PJ Harvey, dan toch wel als producer, bandlid dan wel gatmuzikant van Thieves Like Us, Aldous Harding, Jenny Hval, Giant Sand, Eels, Sparklehorse, Nadine Khouri, Sixteen Horsepower, This Is The Kit, Tracy Chapman, Rokia Traoré en White Hotel. En dat al sinds de beginjaren 80. Hij komt na diverse soundtracks, want ook dat doet deze klasbak, weer eens met een songgerichte cd. Bird Dog Dante telt 11 sterke, sfeervolle tracks, die zo’n 35 minuten duren. Parish (gitaar, zang, bas, drums, keyboards, banjo, orgel, variofoon, xylofoon, trombone, harmonica, harp, elektronica) krijgt daarbij hulp op keyboards, bas, gitaar en zang. Voor de vocale steun mag hij rekenen op Marta Collica (Sepiatone, John Parish Band), Giorgia Poli (Scisma), Aldous Haring en last but not least PJ Harvey. Hoewel ze in totaal hier met zeven man aan werken en Parish natuurlijk een waar arsenaal aan instrumenten brengt, is het geheel stemmig en intiem geworden. Het zijn heerlijk landerige songs, die je soms laten wegdromen en op andere momenten (zacht) bij de strot grijpen. Er zit ook een zekere tijdloosheid in besloten, want het is muziek die van 30 jaar geleden en kan zijn maar over 30 jaar nog steeds staat. Bovendien is het bij veel songs meteen thuiskomen. Tussendoor hoor je ook dikwijls zijn achtergrond als soundtrackmaker terug in de veelal instrumentale, broeierige en wat meer experimentele stukken. Ook deze variatie zorgt ervoor dat een album als deze de tand des tijds makkelijk zal doorstaan.

 

Alex Somers & Sigur Rós – Black Mirror: Hang The DJ (cd, Invada)
Hoewel ik werkelijk nog geen enkele episode van de Netflix-serie “Black Mirror” heb gezien, maakt de muziek omtrent deze serie me wel nieuwsgierig. Want als Max Richter, Clint Mansell en Geoff Barrow & Ben Salibury de filmmuziek leveren, dan gaat het ergens over. Hun bijdragen mogen er dan ook meer dan wezen. Nu valt de beurt aan Alex Somers & Sigur Rós met Black Mirror: Hang The DJ, waarbij ze vermoedelijk naar The Smiths knipogen. Die laatste genoemde IJslandse band heeft al lang niets meer van zich laten horen en de eerstgenoemde Amerikaanse artiest is de vriend van Sigur Rós zanger Jonsí (Jón Þór Birgisson), die samen ook albums hebben uitgebracht. Nu brengen ze op papier een gezamenlijke soundtrack, maar in feite is het hoofdzakelijk de duistere ambient van Somers, die een enkele keer aangevuld wordt door Sigur Rós. Dat neemt niet weg dat de 18 tracks van samen een goede 34 minuten hier een diepe indruk weten te maken. Er zit zeker die typische, ijzige en mysterieuze IJslandse flow onder dit alles, maar het heeft ook iets intiems en warms. Als een plots actieve geiser, die vervolgens ook weer ineens uitdooft (of hoe heet dat bij geisers?). Het levert heerlijke dark ambient met fraaie orkestraties, die het tot een sfeervol geheel maken en waar je de Sigur Rós stempel wel in terughoort.

 

Colin Stetson – Hereditary (cd, Milan)
De in Canada woonachtige Amerikaanse saxofoonvirtuoos Colin Stetson brengt nu de soundtrack Hereditary van de gelijknamige film van regisseur Ari Aster uit. Stetson als maker van een soundtrack lijkt wellicht niet zo voor de hand te liggen, hoewel hij dat eenmaal eerder al digitaal deed, maar Stetson als herschrijver en arrangeur van de derde symfonie van de Poolse componist Henryk Górecki ook niet. Continu weet hij je gewoon te verrassen. Solo maar ook in groepen als Ex Eye en Transmission Trio en samenwerkingsverbanden met Arcade Fire, Bell Orchestre, Tom Waits, TV On The Radio, Feist, Bon Iver, My Brightest Diamond, Laurie Anderson, David Byrne, Jolie Holland, Sinéad O’Connor, LCD Soundsystem, The National, Godspeed You! Black Emperor, Larval, 2 Foot Yard, Beulah, Burning Spear, Angelique Kidjo, Kevin Devine, Beanie Burnett, Mats Gustafsson, Anthony Braxton en Sarah Neufeld. Op zijn nieuwe cd brengt hij met zijn saxofoon een biologerende mix van ambient, drones en ijle jazz; of een combinatie ervan. Hier en daar wordt dat nog aangevuld met het vioolspel van Sarah Neufeld (Arcade Fire, Bell Orchestre, The Luyas). Ik ken de film niet, maar het doet een bloedstollende thriller dan wel horrorfilm vermoeden. En als deze net zo goed is als de muziek, dan belooft dat heel wat.