Het schaduwkabinet: week 23 – 2021

Met een prik Pfizer in de arm, ging het er allemaal wat stijver aan toe maar zeker niet minder goed bedoeld in onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: Eve Adams, Colleen, Distance Dealer, Maxwell Farrington & Le SuperHomard, Loscil, Mdou Moctar, Moongazing Hare, Joana Serrat, The Shins, Kira Skov, Justin Sullivan, Raoul Vignal en Various Artists: Henna – Young Female Voices From Palestine .


 

Jan Willem

Eve Adams – Metal Bird (cd, Eve Adams)
Soms komt iets harder aan als je het rustig en zacht brengt. Dat lijkt ook wel het motto van Eve Adams op haar derde album Metal Bird. Deze volgt op In Hell (2017) en Candy Colored Doom (2019), die vol stonden met hartzeer waar ze openlijk over zong en met het mes tussen de tanden. Keihard en wonden achterlatend maar met zachtmoedigheid gebracht. De muziek, die dikwijls vrij kaal is, bestaat uit een experimentele mix van lo-fi, folk, ambient en noise. Daarbij krijg je haar bitterzoete, soulvolle zang. Dat laatste is tevens het geval op het nieuwe album van deze Canadese inmiddels in de VS woonachtige zangeres/muzikante, dat ze in eigen beheer heeft uitgebracht en in ruim 37 minuten 10 nieuwe tracks op tafel legt. Ze is wat meer de Americana, droompop en altcountry kant opgeschoven, zij het op rustieke en mysterieuze wijze en waarbij ze het lo-fi randje wel heeft afgeschud. De muziek is subtiel en sober, maar mist z’n doel niet. De spaarzame orkestraties en blaaspartijen zijn vooral op de achtergrond aanwezig en leiden niet af van haar prachtzang, teksten en verfijnde akoestische muziek met lichte experimenten. Hoewel ze volslagen eigenzinnig is moet je denken in de richting van Mazzy Star, Phoebe Bridgers, Stina Nordenstam, Anja Garbarek, Tarnation, Lisa Germano en VanWyck. Ze weet verdriet op melancholische wijze handen en voeten te geven. Het is intens, aangrijpend, oprecht en van een schoonheid die haast zeer doet. Subliem!

 

Colleen – The Tunnel And The Clearing (cd, Thrill Jockey / Konkurrent)
Het is soms mooi te zien hoe muzikanten zich ontwikkelen van pop tot vlinder en van vlinder tot weer een nieuwe entiteit. Zo heb ik de Franse muzikante Cécile Schott met haar project Colleen ooit in Paradiso meegemaakt, waar ze ietwat verlegen allemaal instrumenten inspeelde en die vervolgens met live-sampling (LiSa) en loops tot volwaardige composities wist te kneden. Ze gebruikt naast haar eerste liefde, de viola da gamba, ook gitaar, cello, effecten, synthesizers en allerhande elektronica, waarmee ze mooie, intrigerende, rijk gedetailleerde tijdloze composities creëert. Na drie albums komt er tevens haar heerlijk bitterzoete zang bij. Daarbij blijft deze uiterst inventieve en creatieve muzikante zich ontwikkelen en elk album is weer zo anders dan die ervoor, maar iedere keer brengt ze een persoonlijk verhaal. Op haar achtste album in 19 jaar tijd, te weten The Tunnel And The Clearing is dat niet anders. Een laat gediagnostiseerde ziekte, worstelingen met haar psyche en een diepe reflectie op dat alles zorgt voor nieuwe inspiratie. Ditmaal zijn het vooral een drumcomputer, moog, orgel en andere synthesizers de klos. Samen met haar innemende, dromerige zang weet ze hier haar gevoelens in elektronische stukken te verwerken. Deze houden het midden tussen minimal music, experimentele pop, bubblecore en dub, waarbij je ook Afrikaanse, krautrock en jazz elementen kunt ontwaren. Het is allemaal bevreemdend, biologerend en zonder uitzondering bijzonder. Niet eerder heb ik Colleen zo gehoord en toch hoor je haar er weer volledig in terug. Het is net zo knap als wonderschoon.

 

Distance Dealer – Mind Dawns (cd, Blackjack Illuminist Records)
Ik heb al vele malen geschreven over releases op het Duitse Blackjack Illuminist Records, dat gerund wordt door Alexander Leonard Donat. Deze duizendpoot neemt zelf ook een aardig deel van de boeiende catalogus in en dan met name met zijn gothic, shoegaze, postpunk, wave en indierock project Vlimmer. Maar dat weerhoudt deze multi-instrumentalist, componist en zanger er niet van om ook onder zijn eigen naam dingen uit te brengen en als Feverdreamt, Fir Cone Children, Flight Recorder, Infravoids, Jet Pilot, Leonard Las Vegas en WHOLE. Deze hardloper heeft energie voor tig bands. Nu komt hij weer met het nieuwe project Distance Dealer, dat hij er met de Braziliaanse muzikant Thiago Desant op nahoudt. Deze ken ik ook van het label, maar dan als Phantoms Vs Fire, waarmee Desant een mix van drones, shoegaze, modern klassiek en dark ambient brengt. Samen laten ze op hun debuut Mind Dawns een soort optelsom van beide is. Op energieke wijze laveren ze hier een lekkere, ietwat bombastische mengelmoes van new wave, coldwave, EBM, synthpop, shoegaze, indierock en post-punk. Dat doen ze op zulke eigengereide en vernieuwende wijze, dat ik vermoed dat ze een deel van de bands die ik erin terug hoor ook niet eens kennen. Het lijkt namelijk alsof O.M.D., Frontline Assembly, Clan Of Xymox, The Cure en Kraftwerk een duister en toch positief verbond zijn aangegaan, waarbij de muziek zonder uitzondering uiterst genietbaar is. Ook deze missie is weer een zeer geslaagde. Je zou toch hopen dat hij eindelijk eens rotzooi uit zou brengen, want dat scheelt je gewoon in de portemonnee. Ach ja, toekomstmuziek!

 

Maxwell Farrington & Le SuperHomard – Once (cd, Talitres)
De Australische zanger Maxwell Farrington vertoeft al enige jaren in Frankrijk, waar hij ook opduikt in de post-punkformatie Dewaere. Op een zeker moment ontmoet hij Christophe Vaillant (die zal er warmpjes bijzitten) van Le SuperHomard en al snel blijken ze een muzikale klik te hebben. Met name voor die grote stemmen in de muziek, waar Farrington ook over beschikt. Dan doel ik niet per se op het technische aspect maar meer op het grootse volume en de zware klank van de stem. Op hun gezamenlijke album Once komt dat ook al snel naar voren. Wat een heerlijk galmende stem heeft Farrington! Murderballads-waardig. Ik moet qua stem en soms ook muziek denken aan artiesten als Lee Hazlewood, Scott Walker, Adam Green, Frank Sinatra, Nick Cave, The Bullfight, Tindersticks, The Triffids en dat met het enthousiasme van The Last Shadow Puppets. Muziek die iets oud en vertrouwds heeft, maar ook helemaal bij de moderne melancholici past. Tijdloos met een bak nostalgie. Vaillant lijst alles fraai in met gitaar, bas, piano, keyboards, percussie, zang en strijk- en hoornarrangementen. Daarnaast doen er nog een paar muzikanten mee met zang, harp, drums en viool. Het levert, I’ll say this only once, een heerlijk album op met soms best wel zware teksten en sferen, die toch best licht op de maag liggen. Het is buitengemene pracht, waarbij ik hoop dat de titel slaat op “ooit” en niet “eens en nooit weer”.

 

Loscil – Clara (cd, Kranky / Konkurrent)
Hoewel de Canadese muzikant Scott Morgan op diverse instrumenten te horen is in de groepen Destroyer, High Plains, The Battles en Thee Crusaders, zal hij bij menigeen vooral bekend zijn om zijn elektronicaproject Loscil (of loscil). Sinds 2001 brengt hij daar sterke muziek mee uit, die doorgaans ergens tussen isolationistische ambient, drones en neoklassiek in zit. Hoewel hij qua genres veelal in dezelfde hoek zit, varieert zijn output toch iedere keer; soms subtiel en soms duidelijker. Dit komt omdat hij veelal werkt vanuit een bepaald concept, dat kan variëren van een invloedrijke fotoserie tot natuurkundige processen. Daarom is het iedere keer weer spannend waarmee hij voor de dag komt. Het leeuwendeel ervan wordt uitgebracht op één van mijn favoriete labels Kranky. Zo ook zijn nieuwe album Clara. Hierop heeft hij als basismateriaal een enkele compositie van drie minuten uitgevoerd door een 22-koppig strijkorkest uit Boedapest gebruikt. Middels allerhande procedés heeft hij hier textuur, kleur en uiteenlopende sounds aan toegevoegd. Dat heeft 10 composities van samen bijna 70 minuten opgeleverd. Het is een overdonderende meditatie over licht, schaduw en verval, een dans in slow motion vol contrasten en gewoonweg meesterlijke vondsten. Muziek die aanzwelt en weer uitdooft, naar de oppervlakte drijft maar ook naar oneindige dieptes afzakt, klassieke thema’s levert en dan weer abstract wordt, helderheid brengt en dikwijls ook complete, mooie duisternis, aards en onaards is. Voer voor liefhebbers van Stars Of The Lid, Tim Hecker, Biosphere, The Sight Below, William Basinski, Arvo Pärt en Chihei Hatakeyama. Soms is er maar weinig nodig om groots uit te pakken en je even helemaal uit de realiteit weg te halen. Wat een bij de strot grijpend prachtwerk!

 

Mdou Moctar – Afrique Victime (cd, Matador)
De Toeareg muziek maakt sinds de komst of beter gezegd doorbraak (want die kwam later) van Tinariwen een enorme opmars. En daar zit veel interessants tussen. Het levert meestal ludieke mengelmoesjes van desert blues, blues, rock en uiteenlopende Afrikaanse elementen op. Groepen als Tamikrest en Imarhan zijn ook van die geweldige bands in het rondzwervende genre. Iemand die misschien nog wel het meest het verschil weet te maken is zanger/gitarist Mdou Moctar, wat de artiestennaam is Mahamadou Souleymane uit Niger. Hij heeft al menig album uitgebracht, waarop je de mix van de bovengenoemde stijlen wel terug hoort, zij het dat het allemaal wat luider is dan zijn genregenoten. Hij heeft zich laten inspireren door Ediie Van Halen’s gitaartechniek en dat zal je weten ook. Op zijn nieuwe album Afrique Victime slaat hij een brug tussen de Sahara en de rockwereld, waarbij hij onderwerpen als liefde, religie, vrouwenrechten, ongelijkheid en de uitbuiting van West-Afrika door koloniale machten aansnijdt. Maar omdat ik de tekst niet versta, word ik vooral gegrepen door dit ontwapende doch opzwepende en verslavende geluid. Mdou Moctar is keihard de lekkerste!

 

Moongazing Hare – The Middle Distance (cd-r, Reverb Worship)
Al bijna 15 jaar maakt de Deense, vanuit Zweden opererende singer-songwriter David Folkmann Emmanuelli Drost muziek als Moongazing Hare. Daarmee beweegt hij zich meestal ergens tussen drone folk, psychedelische folk en ambient, waarbij hij dikwijls onderwerpen als eenzaamheid en isolement onderzocht. Wat dat betreft is het nieuwe album The Middle Distance, dat in een gelimiteerde editie van 40 stuks is verschenen op het prestigieuze Reverb Worship label, heel anders. Hier viert hij de saamhorigheid over tijd en afstand en het feit dat hij geleerd heeft zijn liedjes voor weinig, maar dankbare mensen te zingen. Zijn muziek mag er dan ook echt wezen, maar zoals vaker met in eigen beheer of op kleinere, obscure labels uitgegeven releases is het echt lastig om dan de weg naar de oppervlakte te vinden. Neemt niet weg dat Drost (zang, gitaar, bergdulcimer, blokfluit, synthesizers, kalimba, bellen) hier weer 11 prachtig eigenzinnige track heeft neergezet. Dat doet hij samen met gasten op gitaar, zang, synthesizers, spookachtige manipulatie, fluit, bassynthesizer, piano, keyboards, percussie en drones. Onder hen ook Simon Skjødt Jensen (Big Dust, Own Road), David Colohan (United Bible Studies, Agitated Radio Pilot, Raising Holy Sparks) en Philipp Bückle (Teamforest). Die laatste deelt ook het project The Restless Fields met Drost. De muziek hier is een indringende mix geworden van de bovenvermelde genres, aangedikt met allerhande experimenten, effecten en noise, maar waarbij de folk het kloppende hart vormt. Hij verwerkt nog een gedicht van Robert Burns en brengt een cover van The Mountain Goats (“Maize Stalk Drinking Blood). Op sobere maar intense en ontroerende wijze weet hij zo’n uniek geheel te fabriceren, dat het niet makkelijk te duiden valt. Het roept misschien soms wat associaties op met Smog, Timesbold, Raising Holy Sparks, David Byrne, The Triffids, The Iditarod en Trappist Afterland, maar helemaal passen doet het nooit. De caleidoscopische sound van Moongazing Hare is onnavolgbaar veelzijdig en in alle bescheidenheid. Een onderscheidend prachtalbum!

 

Joana Serrat – Hardcore From The Heart (cd, Loose / Bertus)
De Spaanse zangeres Joana Serrat is al sinds 2008 bezig met het maken van haar fijne muziek, maar komt de laatste jaren pas echt op stoom. Als je haar voor het eerst zou horen, zou je eerder denken met een Amerikaanse singer-songwriter van doen te hebben. Maar niets is minder waar. De Spaanse heeft Americana, alt-country en later ook meer en meer shoegaze. Ze beschikt daarbij over het talent om haar receptuur te verfijnen en verbeteren, zonder dat dit afbreuk doet aan de werken ervoor. Op haar vijfde album Hardcore From The Heart, dat zo’n vier jaar wachten op zich heeft laten wachten, is dat wederom het geval. Ze is in de VS aan de slag gegaan met producer Ted Young (Lee Ranaldo, Sonic Youth, Grandfather, Andrew W.K., Kurt Vile). Het album gaat over verlies en het accepteren ervan. Dat de nummers dan ondergedompeld zijn in een bad van droefgeestigheid is dan ook niet verwonderlijk, zij het dat de output zonder uitzondering warm is als een zwoele zomeravond. Dat heeft niet alleen met haar zoetgevooisde zang te maken, ook de muziek doet een aardige duit in het zakje. Deze bestaat weer uit een mix van de bovengenoemde stijlen, waarbij de shoegaze en droompop vaker op de voorgrond treden. Haar stem gedijt erg goed op een muur van (zachte) gitaren, waarbij het vroegere muurbloempje een schitterende, zelfstandige open bloem is geworden. Daarbij mag ze rekenen op een keur aan gastmuzikanten op gitaar, pedal steel, bas, drums en keyboards. Je moet denken aan onder meer een kruisbestuiving van Elysian Fields, Mazzy Star, Swallow, Lana Del Rey, Slowdive en Tarnation, zij het dat ze een volkomen eigen sound in huis heeft; met tuimelgras en al. Serrat weet op breekbare wijze nog diepere snaren te raken met muziek die ook gewoon nog intenser mooier is geworden.

 

The Shins – Oh, Inverted World (cd, Sub Pop / Konkurrent)
Of een album van een zekere groep ooit eeuwigheidswaarde heeft weet je dikwijls pas achteraf. Neem nu de Amerikaanse groep The Shins, die voor 1997 nog Flake en Fake Music heetten. In 2001 komen ze met hun debuut Oh, Inverted World, dat hoge ogen gooit in indierockland. Ze hebben daar al wel dat tijdloze van de Beach Boys, waar ze zo nu en dan ook wel op lijken. Maar ook Badly Drawn Boy, Calexico, Spoon, Modest Mouse, Beck en The Decemberists lijken op de referentielijst te staan. Ik heb het album destijds best wel gedraaid, maar net als met veel muziek kom ik vaak enkel aan nieuwe muziek toe. Twintig jaar later wordt het album opnieuw uitgebracht en het is opvallend hoeveel ik nog ken en hoe fris de muziek nog steeds klinkt. Ik durf voorzichtig te stellen dat dit toch wel een indie-klassieker is geworden. En zeker een aanrader voor wie hen nog niet kent!

 

Kira Skov – Spirit Tree (cd, Stunt Records / Coast To Coast)
De Deense zangeres Kira Skov draait al bijna twee decennia mee in muziekland. Naast 7 soloalbums onder haar eigen naam is ze ook terug te vinden in Kira And The Kindred Spirits, Kira Skov And The Ghost Riders, The Cabin Project, The Gospel en Persona, wat de teller in totaal op 14 albums brengt. Maar welke muzikale omlijsting ze ook krijgt, ze heeft één wapen waarmee ze je altijd over de streep weet te trekken dan wel weet te vloeren, namelijk haar bitterzoete, sensuele tijdloze zang; deze past zowel in een rokerige omgeving in de jaren 60 als in de schone lucht in het heden. Ze is als een sirene, die echter geen schepen maar luisteraars doet stranden. Voor haar nieuwe album Spirit Tree heeft ze duetten opgenomen met nationale sterren Steen Jørgensen (Sort Sol), Marie Fisker (The Cabin Project), Mette Lindberg (The Asteroids Galaxy Tour) en Stine Grøn (IRAH) plus internationale als Will Oldham (Bonnie ‘Prince’ Billy, Palace Brothers), Mark Lanegan (Screaming Trees), Bill Callahan (Smog), Jenny Wilson en John Parish. Het levert 14 nummers op, die samen een goede 56 minuten duren en ergens tussen droompop, -jazz en -rock uitkomen. De duetten pakken stuk voor stuk zeer goed uit, met name waar er contrasterende zwaardere mannenzang in het spel zijn. Daar gaat het soms ook richting Serge Gainsbourg en Jane Birkin. Alles wordt ondergedompeld in een mysterieus en melancholisch bad. Het album is, zoals vaker, gestoken in een fraai (bijna) A5 formaat digipack met een boekje vol tekst en tekeningen. Skov weet net als altijd weer een onuitwisbare indruk te maken.

 

Justin Sullivan – Surrounded (cd, Attack Attack/ Ear Music)
Justin Sullivan is al meer dan 40 jaar de onbetwiste kopman van New Model Army. Hoewel die new wave/ folkrockgroep al jaren niet meer echt weet te verrassen, komen ze toch nog altijd om de zoveel jaar met een uiterst genietbaar album. In 2003 komt hij met zijn solodebuut Navigating By The Stars, waarop hij een veel rustiger en meer akoestisch geluid laat horen, ondersteund door vele strijkarrangementen. Hiermee brengt hij echt weer eens wat anders. Zijn typische zangstem blijft herkenbaar maar is nu veel kalmer, waardoor hij zich haast als folkzanger ontpopt, zij het met een rauw en randje en prettige kroegsfeer er omheen. Of hij eerder van plan was om nog een soloalbum te maken weet ik niet, wel weet ik dat hij gedurende de lockdown songs is gaan schrijven en zonder band is het ook wel logisch om er dan weer één onder je eigen naam uit te brengen. Dat heeft na 18 jaar zijn tweede album Surrounded opgeleverd, dat 16 songs telt en goed is voor bijna 75 minuten luisterplezier. Het zijn stuk voor stuk stemmige, melancholische songs, die weer naast zijn akoestische gitaar en zang door gastmuzikanten mooi ingekleurd wordt met onder meer viool, cello, bas en citer. Heel af en toe, zoals bijvoorbeeld in “Unforgiven”, kruipt hij weer even richting zijn moederband. Dat laatste doet ook vermoeden dat er in de toekomst ook wel weer wat van die klasbakken uit zal komen, ook al zijn ze de pensioengerechtigde leeftijd wel gepasseerd. Voor nu zorgt hij voor bezinnende pracht, met ook wel eens een vleugje van Nick Cave en Leonard Cohen. Mocht je het vorige album gemist hebben, deze is nu tijdelijk bijgesloten bij de gelimiteerde editie (een boxset) van deze cd. Just saying!

 

Raoul Vignal – Years In Marble (cd, Talitres)
Als je twee keer achter elkaar in mijn jaarlijst eindigt, dan doe je voor mij iets heel goed. Dat geldt zeker voor de Franse zanger/gitarist Raoul Vignal, die eerder te horen was in de instrumentale rockband L’Effondras, met zijn albums The Silver Veil (2017) en Oak Leaf (2018). Hij brengt het type singer-songwritermuziek, die eng dichtbij één van mijn allergrootste helden Nick Drake komt. De muziek van Vignal tapt echter ook uit andere, eigenzinnige folk en psychedelische vaatjes, wat maakt dat hij zich weet te onderscheiden. Ook zijn fluweelzachte, herfstige zang mag er wezen. Na drie jaar is hij eindelijk terug met zijn derde album Years Of marble. Vignal (zang, gitaar, saz, bas, synthesizers, hulusi) wordt hierbij vergezeld door Lucien Chatin (drums, percussie). Hij brengt hier 11 nieuwe tracks, die eigenlijk in het verlengde liggen van zijn vorige albums, zij het met een gewijzigd instrumentarium en het feit dat alles iets meer uptempo is. Dat laatste wordt wel ietwat beteugeld door de heerlijke melancholie die de muziek rijk is. Daarbij moet je het naast Nick Drake ergens zoeken tussen Gareth Dickson, Red House Painters, Immigrant, Boduf Songs, Gravenhurst en Rivulets. Vignal weet op een zeer positieve manier weer te verrassen met zijn emotioneel geladen, indringende en bovenal wonderschone muziek.

 

Various Artists – Henna: Young Female Voices From Palestine (cd, Kirkelig Kulturverksted / Xango Music Distribution)
De in 2018 veel te vroeg overleden Rim Banna (1966-2018) was een zeer invloedrijke Palestijnse zangeres, componiste en activiste. Of is eigenlijk, want haar activisme en invloed zit ook besloten in de harten van een nieuwe generatie Palestijnse vrouwen. Gezien de langdurige bezetting in het land en de escalaties onlangs, is er denk ik juist een grote behoefte om deze vrouwen eens te horen. Ik durf me niet te branden aan het Israëlisch-Palestijnse conflict, want dat is niet eendimensionaal, maar daar waar mensen onderdrukt worden is het voor mij glashelder dat dit fout is. Misschien haal ik er bij de compilatie Henna: Young Female Voices From Palestine, uitgebracht op het geweldige Noorse label Kirkelig Kultuverksted, ook wel teveel bij. Deze heeft namelijk gewoon als doel om meer jonge Palestijnse zangeressen aan te moedigen en succesvol te worden en om het unieke Palestijnse geluid naar buiten te brengen. Dat laatste zal toch echt wel samengaan met een zekere boodschap over hun huidige bestaan. Dat blijkt ook hier in de 8 tracks wel weer, hoewel sommige ook gewoon over andere alledaagse zaken gaan. Het album is geen politiek statement, maar toont vooral de schoonheid van de (vrouwelijke) Palestijnse muziek aan. Van de deelnemers ken ik enkel het 30-koppige Daughters Of Jerusalem, die hier tweemaal te horen zijn en waarvan ik hun gelijknamige debuut uit 2018 van harte kan aanbevelen, maar de rest is ook van hoog niveau. Muziek met vele Arabische elementen, gestoken in een hedendaags jasjes. Het is hoopvolle prachtmuziek voor de toekomst, waarbij van ganser harte hoop dat die toekomst rooskleuriger is.

Comments

comments

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.