Het schaduwkabinet: week 22 – 2012

Alles wat niet op Pinkpop stond, staat wel in onze lijstjes uit het:
Schaduwkabinet

We luisterden naar: Epic45, Heidi Harris, Smoke Fairies, Yellow6, Various Artists: Pet Sounds Revisited, Yossi Sassi en Kristoffer Gildenlöw. En keken naar: Payday.


JANWILLEMBROEK
 

Epic45-wEpic45 – Weathered (cd, Wayside And Woodland)
Al sinds 1998 vormen de schoolvrienden Ben Holton en Rob Glover de harde kern van het inmiddels tot duo verworden Epic45. Ze hebben inmiddels 7 prachtige albums en diverse epees dan wel 7”-es gemaakt, al dan niet via hun eigen label Wayside And Woodland uitgebracht. Op hun albums brengen ze meestal een subtiele mix van shoegazer- en singersongwritermuziek, ambient, post-rock en wave, die vrijwel altijd druipen van de melancholie en nostalgie. Door de jaren heen is dat laatste ook altijd gebleven, maar wil de muziek nog wel eens veranderen. Vorig jaar is hun cd Weathering verschenen, die ondanks de vele gastbijdragen hun meest subtiele cd is geworden. Ze maken pastorale songs, die gefabriceerd worden met minimal post-rock, elektronica, drones en ambient bouwstenen. Het is een fijn geschakeerde lappendeken geworden vol ongelooflijk mooie, droefgeestige muziek. Op de nieuwe cd Weathered brengen ze naast een nieuwe track ook 7 herbewerkingen van het album van vorig jaar. The Remote Viewer, Charles Vaughan, The Gentleman Losers, Fieldhead, E.L. Heath, Jasper TX en The Toy Library brengen allen een eigenzinnige variant op de originele nummers. Het levert een ijzersterk album op, dat eens te meer de kracht van dit bijzondere Britse duo aantoont.
Luister Online bij Bandcamp:
Weathered (album)

Hh-sitlHeidi Harris – Sand In The Line (cd, Reverb Worship)
Kort na haar vorige cd komt deze Amerikaanse autodidactisch muzikant (tevens in de groep Cutleri) alweer met een volgend werk aanzetten. Wederom op het eigenzinnige Reverb Worship label en dus gelimiteerd. Ze bouwt haar experimentele freakfolk-achtige composities op met klarinet, harmonica, piano, melodica, cello, akoestische gitaar, synthesizer, percussie- en diverse elektronische instrumenten. Daarbij zingt ze op bezwerende wijze. De muziek is dikwijls behoorlijk psychedelisch en doet dan wel eens denken aan Azalia Snail. Voor de rest hoor je ook referenties als Birds Of Passage, Grouper, Tiny Vipers, Meg Baird en Sharron Kraus terug in haar eigenzinnige sound. Bijzondere klasse!
Luister Online bij Soundcloud:
Sand In The Line (album/ downloadlink)

Smokefairies-bsSmoke Fairies – Blood Speaks (cd, V2)
De Britse schoolvriendinnen Katherine Blamire (zang, gitaar, piano, orgel, percussie) en Jessica Davies (zang, gitaar, concertina, orgel, percussie) zijn na twee jaar terug met hun tweede album. Ze brengen weer rokerige, sprookjesachtige muziek die ergens tussen folk, Americana, blues, wave en indierock uitkomt. De krachtige en toch etherische zang van beide dames is een lust voor het oor. De muziek is melancholisch, licht onderkoeld en een tikje vintage en ademt een nachtelijke atmosfeer uit. Daarmee houden ze op schitterende wijze het midden tussen Peggy Sue, Warpaint, She Keeps Bees, The Unthanks, Laura Marling en Sandy Denny. Lekker bloedplaatje!
Luister Online bij Soundcloud:
The Three Of Us

Y6OLD150x150Yellow6 – Old (cd, Cathedral Transmissions)
Restmateriaal van Yellow6 doet doorgaans niet onder voor zijn reguliere albums. In een uiterst gelimiteerde oplage van 55 stuks zijn nu stukken uit de periode 1995-1997 gebundeld. Het is nog in de tijd dat hij meer gitaarambient, softnoise en wave aan elkaar knoopt. De acht heerlijk droefgeestige stukken zorgen voor een uur aan nostalgische muziek. Het doet me denken aan een mix van Dif Juz, The Durutti Column, Cocteau Twins en Labradford. Het is maar goed dat dit prachtige archiefmateriaal opgepoetst en wel weer te horen is (hoewel de cd alweer uitverkocht is geloof ik).
Luister Online bij Bandcamp:
Old (album)

PetSoundRVarious Artists: Pet Sounds Revisited (cd, Mojo)
Ik vind Pet Sounds zelf niet het beste album van de Beach Boys, dat is wat mij betreft Surf’s Up, maar het is misschien wel het meest bijzondere en invloedrijke album. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat het Mojo magazine, net zoals ze dat onder meer met New Order hebben gedaan,
dit album uit 1966 weer eens in een nieuw daglicht zetten. Artiesten van nu brengen hun versie van nummers van dat album ten gehore. Dat levert een fraai palet aan interpretaties op van onder meer Saint Etienne, The Magnetic North, The Sand Band, The Flaming Lips, Tom McRae, Human Don’t Be Angry en Here We Go Magic. Het is buitengewoon interessant en vooral erg leuk om deze versies van de surfjongens te horen. Een geweldige band door de ogen van 14 hedendaagse artiesten tonen nog maar eens aan dat dit een geweldig album is.


LUDO
 

Payday (Daryl Duke)
Geinig, tijdens de openingsscène van Payday staat een countrybandje in een feesten- en partijenzaal, maar na een minuutje merk je; die zanger is helemaal niet zo goed, en zijn blik is ook al zo opvallend gespeeld serieus en intens. Aha! Het is een acteur, de film gáát over hem. Rip Torn mag dan geen groot zanger wezen, zijn acteren volstaat. Cultfilm Payday zit in de Tender Mercies en Crazy Heart-hoek maar is onverbloemd harder. Rechtser, zou ik haast zeggen. 'Je bent een verwend kind', voegt zijn 'soort van'-vriendin de zanger toe. En dat is deze 'boss hoss'. Een redneck-achtige egoïst, met niemand rekening houdend. Vergeleken met Crazy Heart zijn de gebeurtenissen aanvankelijk kleiner, zonder het melodrama. Dat een groupie eerst met een ander bandlid moet doen, voor ze in de buurt van de zanger mag verkeren. Gerommel met drugs, informeren naar elkaars soa's, en het inspecteren van andersoortige rommel bij je moeder. Toeren is naast het musiceren toch vooral jongens onder elkaar, een beetje kaarten, en kloten met mobiele auto-telefoons. (Ja, in de seventies.) Het gekibbel tussen manager en ster ('get me out of here!') is erg goed getroffen, net zoals de slaafse chauffeur – in feite de mannelijke groupie. Maar naarmate de film vordert, en de pil-inname stijgt krijgt Payday alsnog trekken van een grootse tragedie. Ik vond dat ietwat onnodig. Al sloot dat wel goed aan bij hoe het gros van de cast acteert. En het einde. Iedereen geeft eigenlijk nét iets te veel gas. Een amusante countryositeit dus.


MARTIJNB
 

Yossi Sassi Melting Clocks
Sassi is de flamboyante gitarist van Orphaned Land, de grote roergangers van de 'Oriental Metal'. Zijn eerste soloplaat is een echte gitaristenplaat geworden, denk aan de Satriani's en Macalpine's van de wereld. Je associeert het gelijk met de hoogtijdagen van Mike Varney en zijn gitaristenstal, zo omstreeks 1990. De oosterse accenten en een paar vocale nummers doen daar weinig meer aan. Best een leuk plaatje, maar geen knaller, ik ben ook geen 20 meer.


Kristoffer Gildenlöw Rust
De eerste solo-plaat van de voormalig Pain Of Salvation-bassist is hooguit naar Amerikaanse begrippen nog rock te noemen. De sfeer is vooral melancholiek en mellow met veel tokkelende gitaren en tedere pianoklanken. Zelfs het koor in Follow Me Down is (net) niet bombastisch. Met een keur aan gasten heeft Kris het toch allemaal zeer klein gehouden. Iets wat je niet kan zeggen van de verpakking: het witte vinyl en ambitieus verpakt in pop-up-gatefold hoes en dat samen met een flink booklet in een witte slipcase. Herfstige sferen zo midden in de zomer.

Comments

comments

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.