Het schaduwkabinet: week 17 – 2021

Het zou toch mooi geweest zijn als we nu vorstelijke lijstjes hadden. Ja dat was mooi geweest, maar goed hier zijn onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: Adrian Crowley, Crumb, Katrine Grarup Elbo, NOÊTA, Dawn Richard, Joseph Shabason, Juan Wauters en Ya Tseen.

 


 

Jan Willem

Adrian Crowley – The Watchful Eye Of The Stars (cd, Chemikal Underground / Konkurrent)
Je hebt van die stemmen, die spontaan de blaadjes van de bomen laten vallen. Dat is zeker het geval bij de Ierse singer-songwriter Adrian Crowley. Maar naast het herfstige element biedt zijn stem ook troost als een warme deken. Dat is op zijn tiende album The Watchful Eye Of The Stars sinds 1999, die met James Yorkston meegerekend, niet anders. Crowley’s stem heb ik voorheen wel eens een krusing van Bill Callahan, Sivert Høyem en Michael Gira genoemd, maar op zijn nieuwste album moet ik toch vooral aan een lekker croonende mix van Bill Callahan en Leonard Cohen denken. Ik zou graag achter zijn merk whisky komen. Hij serveert hier 10 nieuwe tracks, die weer op melancholische wijze ergens tussen droompop, folk, singer-songwritermuziek en alternatieve rock zitten. Het album is geproduceerd en meer uitgewerkt door John Parish (PJ Harvey, Aldous Harding), maar mag ook rekenen op gastmuzikanten als contrabassist Jim Barr (Portishead) en zangeressen Nadine Khouri en Katell Keineg. Crowley brengt gewoon weer heerlijk uit het leven gegrepen songs, die waargebeurd zijn maar geboren in verschillende plaatsen. Hij schrijft deels ook om herinneringen vast te leggen. Zo is “Crow Song” bijvoorbeeld gebaseerd op het feit dat zijn broer op een stormachtige nacht een gewonde kraai mee naar huis bracht, die na enige verzorging weer is weggevlogen. Het maakt tevens dat alles oprecht aanvoelt. Daarnaast is het allemaal weer heerlijk ongepolijste en diepgravend. Voer voor liefhebbers van Smog, Leonard Cohen, Lambchop, Tindersticks en Arab Strap. Het is van een donkere, droefgeestige en doordringende pracht allemaal!

 

Crumb – Ice Melt (cd, Crumb Records / Konkurrent)
Het Amerikaanse viertal Crumb debuteert in 2019 met het aanstekelijke album Jinx. Ze brengen daarop een mix van psychedelische droompop, die ook wel wat decennia teruggrijpt. Nu zijn ze terug met het album Ice Melt. De titel zou verwijzen naar een merk strooizout, die zorgt dat je stoepje, oprit of wat dan ook niet meer spekglad is. Onder leiding van zangeres Lila Ramani, die tevens al van zich heeft laten horen in de groep Standing On The Corner, doen ze met hun warme, zoetgevooisde nummers ook al snel smelten. Dat heeft ook zeker te maken met de bitterzoete van Lila. In een krap half uur leveren ze 10 nieuwe songs af, die ergens tussen droompop, bubblecore en psychedelische folk uitkomen. Ter referentie moet je denken aan een mengelmoes van groepen als Stereolab, Melody’s Echo Chamber, Unknown Mortal Orchestra, Khruangbin en Dévics. Heel fraai, daar valt gladweg niets op af te dingen.

 

Katrine Grarup Elbo – Fold / Unfold (cd, Sonic Pieces)
Inmiddels is het in het experimentele en neoklassieke landschap van viool- en cellomuziek ook aardig druk aan het worden, zonder dat er ergens moeheid insluipt. Artiesten, veelal vrouwelijke, als Nadia Sirota, Julia Kent, Hildur Guðnadóttir, Iva Bittová en dergelijke weten op sterke wijze de muziek te verrijken met strijken. En dat laatste bepaald niet in de traditionele zin. In dat rijtje hoort ook zeker de Deense, in Berlijn woonachtige violiste Katrine Grarup Elbo thuis. Ze is lid van de groep We Like We en heeft solo vorig jaar al de cassette SLUTSANG / Endpoem uitgebracht. Dat was een zang- en viool-georiënteerd album, aangevuld met de nodige experimenten. Haar nieuwe album Fold / Unfold brengt ze uit op het prestigieuze Sonic Pieces label, waar kunst, experiment, neoklassiek en avontuur hand in hand gaan. Daar past het nieuwe werk van Elbo, dat 9 nummers breed en een goede 28 minuten lang is, ook als een huis. Met haar vioolspel weet ze al de gevoelige snaren te raken, maar met de toegevoegde elektronische experimenten krijgt dit alles ook een zekere gelaagdheid en diepgang. Daarbij speelt ze fraai met contrasten als licht en duister, melodie en dissonantie, elektronisch en akoestisch, hoog en cello-achtig laag en vouwen en uitvouwen, waardoor ze er een biologerend, gevarieerd en spannend geheel van weet te maken. Ze smeedt een machtige las tussen neoklassiek, dark ambient, drones en allerhande experimenten. De associaties lopen uiteen van Giacinto Scelsi, David Lang en David Darling tot Jocelyn Pook, C.Diab, Poppy Ackroyd en Jessica Moss. Het moge duidelijk zijn dat dit om een meesterlijk album gaat, dat gelimiteerd is tot een oplage van 250 en gestoken in een prachtig handgemaakte hoes. Een totaal kunstwerk!

 

NOÊTA – Elm (cd, Prophecy)
Vroeger (niet vroegâh zeggen) was ik een enorme fan van gothic en aanpalende genres. Nog steeds wel hoor, maar ik heb mijn goth-jes inmiddels wel op het droge. Een genre dat daar tegenaan schurkt is toch wel de zogeheten “heavenly voices”, waar labels als Projekt en het inmiddels opgeheven Hyperium groot mee zijn geworden. Het is muziek in de gothic en dark ambient hoek met veelal etherische vrouwenstemmen. Zo nu en dan duikt er weer zo’n echte parel op, die -voor mij althans- echt wat toevoegt. Dat is bijvoorbeeld het geval met het Zweedse duo NOÊTA (terecht met kapitalen). Ze debuteren in 2017 met het sterke album Beyond Life And Death, dat op het fijne Prophecy label is uitgebracht. Een label dat ergens in het gat tussen Hyperium, 4AD en Season Of Mist is gestapt. De eersteling van zangeres Êlea en multi-instrumentalist Ândris bevat een fraaie mix van dark ambient, gothic en die betoverende etherische zang. Dat doen ze nog beter, mysterieuzer en ook mooier op hun tweede worp Elm, die tekstueel losjes gebaseerd is op emoties die verband houden met het gelijknamige gedicht van de Amerikaanse dichteres Sylvia Plath. De combi van de eerder genoemde genres plus de akoestische instrumenten, veldopnames en samples maakt dit alles tot een luisterrijk geheel, waarbij de heldere, etherische zang van Êlea het weer het heldere en wonderschone middelpunt vormt. Licht in de schitterende duisternis. Liefhebbers van onder meer Stoa, Love Is Colder Than Death, Blacktape For A Blue Girl, Cranes, Myrkur, Chelsea Wolfe en Anna Von Hausswolff moeten dit echt eens proberen.

 

Dawn Richard – Second Line (cd, Merge / Konkurrent)
Ik heb zelden met muziek dat ik van “wat een totale onzin” ga naar “wat een uniek en meeslepend album”. Dat is wat ik heb ervaren met het nieuwe album Second Line van Dawn Richard. Deze zangeres en muzikante van Afrikaans-Amerikaans en Haïtiaanse afkomst heeft eerder deel uitgemaakt van Danity Kane en is ook te vinden bij Diddy-Dirty Money. Maar solo timmert ze ook al sinds 2005 aan de weg met muziek die een combinatie van r&b, soul, funk, downtempo, ebm, pop, folk en hip hop vormt. Die mix brengt ze nu nogal overdadig aan de man, waardoor het voor mij in eerste instantie als een haast chaotische brij aandoet, waarbij de foeilelijke hoes ook bepaald geen pre is. En dat op het Merge label, waar je toch eerder slecht gekamd haar en houthakkershemden verwacht met droge, maar steengoede gitaarmuziek. Tja en daar is dan plots deze kleurrijke parel. Omdat ik tijdens het klussen te lui was om iets anders op te zetten, bleef ik deze draaien en werd dit plaatje steeds verslavender. Niet dat alles één op één bij mijn smaakpapillen past, maar het stapt grenzen over en brengt echt bijzondere combinaties aan de man, vrouw en de rest. Muziek die je dikwijls op het verkeerde been weet te zetten. Maar ook weet ze in “Le petit Morte (a lude)” er plots een hartverscheurende pianoballad uit te gooien. Kortom, een ongekende luistertrip, die je gewoon zonder verdere spoilers zelf moet ondergaan!

 

Joseph Shabason – The Fellowship (cd, Western Vinyl / Konkurrent)
Ik was al aardig enthousiast over het debuut Aytche (2017) van de Canadese saxofonist en tevens experimentalist Joseph Shabason. Hij maakt ervoor ook deel uit van de groep Everything All The Time en Diana en is al jaren een graag geziene gast bij onder meer The Pink Noise, The War On Drugs, Destroyer, Jill Barber, Sportsfan, Dragonette en Siskiyou. Maar solo weet hij ook van wanten met een eigengereide combinatie van nu-jazz, ambient, minimal music, allerhande experimenten en de zogeheten “Fourth World” muziek. Dat laatste is een vondst van Jon Hassell, waarmee een soort mysterieuze mix van ambient en wereldmuziek wordt bedoeld. Op Shabason’s nieuwste cd The Fellowship, komen de genoemde genres ook weer voorbij. Joseph (saxofoons, fluit, synthesizer, E.W.I, veldopnames, percussie) mag daarbij rekenen op steun van maar liefst 11 gasten op gitaar, piano, programmering, percussie, synthesizer, bas, contrabas, viool, drums, klarinet, trompet, vibrafoon en zang. Ondanks dit ware leger aan muzikanten weet Shabason er een uiterst sfeervol en haast intiem geheel van te maken, dat hij op passende wijze afwisselt met experimentele en wat lastiger doorwaadbare uitstapjes. Je moet het ergens zoeken tussen .O.Rang, Nils Petter Molvær, Arve Henriksen, Colin Stetson, Michel Banabila, Brian Eno en natuurlijk Jon Hassell. Het enthousiasme dat ik eerder had wordt hier alleen maar versterkt. Wat een geweldige muzikant en dito album!

 

Juan Wauters – Real Life Situations (lp, Captured Tracks / Konkurrent)
Hoe kom je als Uruguayaan aan de naam Wauters? Dat is iets dat mij dan meteen bezighoudt. Het is toch echt waar muzikant en filmmaker Juan Pablo Wauters vandaan komt. Hij opereert al sinds het begin van deze eeuw vanuit New York en heeft naast films en solowerk ook albums gemaakt met de indierock groep The Beets. Hij presenteert nu zijn vijfde soloplaat Real Life Situations. Hierop levert hij 21 tracks af, die variëren van 5 seconde tot ruim 4 minuten, waardoor het na een goede 32 minuten alweer voorbij is; maar daarin gebeurt meer dan genoeg. Ik was nog niet bekend met zijn muziek, maar ben prettig verrast. Hij brengt bepaald geen doorsnee album, want het heeft soms wel wat van een levendige collage weg, opgeleukt met samples en veldopnames. De muziek is een blend van Latin, rock, rap, pop, pachanga, folk en avant-garde, aangevuld met meertalige hoge en lage zang, rap en zang middels de vocoder. Hij werkt hier samen met onder meer Nick Hakim, Mac DeMarco, Air Waves, Homeshake, Cola Boyy en David Aguilar. Je moet daarbij denken aan een wonderlijke kruisbestuiving van Arthur Russell, Manu Chao, Woods, Fatboy Slim en Kevin Morby. Het is een uiterst speels geheel geworden, waar de zomer al met een mespuntje doorheen lijkt prikken.

 

Ya Tseen – Indian Yard (cd, Sub Pop / Konkurrent)
Als je deels Tlingit en deels Aleoet bent, waar ben je dan? Het zou een prima quizvraag kunnen zijn. Het antwoord luidt Alaska, alwaar Nicholas Galanin ofwel Yeil Ya-Tseen van Indian Agent vandaan komt, die zowel edelsmid, beeldend en videokunstenaar is als installatiemaker, fotograaf en muzikant. Hij is zowel Indiaan als Inuit, hetgeen een enorme minderheid is door de kolonisatie van de VS. Met zijn artiestennaam Ya Tseen en debuut Indian Yard wil hij niet alleen duidelijk maken waar zijn oorspronkelijke wortels liggen of er een eerbetoon aan brengen, het is tevens een pleidooi voor de inheemse soevereiniteit en sociale-raciale gelijkwaardigheid en respect voor de oorspronkelijke bewoners van het land. Muzikaal gezien krijg je dan weer geen traditionele of folk muziek, maar lekker moderne muziek die ergens tussen ambient, rap, trip hop, avant-garde en pop. Daarbij wordt hij onder andere geholpen door Portugal The Man, Shabazz Palaces, Qacubg, Tay Sean en tevens Nick Hakim (zwaai maar naar hierboven). Het klinkt grofweg als een mix van James Blake, TV On The Radio, Dälek, Tricky en Animal Collective. Een geweldig debuut!

Comments

comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.