Het schaduwkabinet: week 10 – 2024

Terwijl het formeren begint te frustreren draait het hier gewoon door met muziek uit mijn lijstje uit het:

SCHADUWKABINET

Ik luisterde naar: Erika Angell, Brandkommando, Chatte Royal, Erich Zann Ensemble, Ben Frost, MENOWTHERETHEN, Ministry, Naktys, Schröttersburg, Marry Watterson & Adrian Crowley, White Stains en Xmal Deutschland / Anja Huwe.

 


 

Jan Willem

Erika Angell – The Obsession With Her Voice (cd, Constellation / Konkurrent)
De uit Zweden afkomstige, maar in Canada gevestigde zangeres Erika Angell is al even onderweg als het om muziek gaat. Ze is overigens geboren als Alexandersson maar getrouwd met de Canadese gitarist Simon Angell (Patrick Watson, Thus:Owls), waarmee ze ook sinds 2007 de band Thus:Owls deelt. Daarnaast heeft ze als Josef & Erika en met The Moth muziek uitgebracht. Hiermee heeft ze ook uitgebreid de wereld rondgereisd, maar ook ter ondersteuning van onder meer Daníel Bjarnason, Liam O’Neill (SUUNS), Karl Lemieux (Goodspeed You! Black Emperor) en Lisen Rylander Löve (Midaircondo). Haar typische virtuoze stem zijn tevens gebruikt bij opnames en live optredens voor vele artiesten, waaronder Loney Dear, Patrick Watson, Leonard Cohen, Kim Myhr, Arve Henriksen, Land Of Kush, Wildbirds and Peacedrums en The Besnard Lakes. Dat ze nu pas met haar debuut The Obsession With Her Voice aan komt zetten is eigenlijk een wonder. De titel verwijst naar het feit dat haar stem haar als sinds haar derde heeft beziggehouden. Dat begon toen ze alleen in de schemering bovenop een heuvel, starend naar het landschap rond de boerderij van haar ouders en ergens diep van binnen een stem vond. Het was een lied zonder taal, zonder enige specifieke melodie; het was vloeiend, gemakkelijk en vrij. “Deze herinnering definieert voor mij nog steeds de essentie van het leven”, zegt ze. Een herinnering aan pure muziek: ongetemd, aarzelend, openhartig. Ze laat hier 10 rauwe, machtige songs horen die schildert met haar stem, aangevuld met keyboards en live elektronica. De rest van omlijsting wordt door vijf muzikanten op cello, altviolen en drums gebracht. Dat vormt een donker avant-gardistisch geheel, dat als het wat unheimisch wordt nog wel eens aan Scott Walker doet denken en in de duistere meer elektronische stukken met vervormde stemmen juist weer aan Fever Ray en Björk. Toch zou je dan een beetje op het verkeerde been gezet worden, omdat haar zang, stemkunsten en spoken word plus muziek, waarin ook elementen van neoklassiek, ambient en elektronische muziek voorbijkomen, zowel op doorwaadbare als experimentele wijze, heeft wel echt een eigen bezwerende sound. Daarbij moet je ook denken aan Elizabeth Anka Vajagic, Carla Bozulich, Jenny Hval, Colin Stetson, Patti Smith en Laurie Anderson. Ze staat weer bovenop de heuvel, maar ze kan nu bergen verzetten en steekt dan ook ver boven velen uit. Wat een meesterlijk debuut!

 

Brandkommando – Jugoslavija 1941 – 1945 (cd, Zoharum)
De Poolse muzikant Karol Wachowski bestiert al sinds 2005 het soloproject Brandkommando. Eén van de terugkerende thema’s is het ageren tegen totalitaire regimes. Dat alles vliegt hij meestal aan met power-elektronica, waar ook bloedlijnen van industrial, noise en abstracte (elektronische) muziek doorheen zitten. Op het nieuwste album Jugoslavija 1941 – 1945 staat de opkomst van Josip Broz Tito en de opkomst van het communisme in dat voormalige land centraal. Tito heeft met terreur geregeerd, wat er wel toe heeft geleid dat alle deelstaten één land bleven. Ook hield hij de Russische opmars naar het westen tegen. Maar na zijn dood in 1980 duurde het niet heel lang voor de diverse landen onafhankelijk werden, met al dan niet de nodige strijd. Brandkommando gebruikt hier stemsamples en (volks)muziek van weleer als ondergrond voor zijn eigen creaties. Deze bestaan uit allerlei elektronische uitspattingen, die gaan van power-elektronica tot duistere, industriële klanken. Je hoort het nationalistische karakter van de onderliggende Joegoslavische muziek, die hij als het ware bekrast met zijn geluiden. Het levert een fraai ambivalent en niet alledaags geheel op, dat dikwijls ook het nodige zitvlees vergt. In de 4 keer 10 minuten laat hij muziek horen, die doen denken aan de beginperiode van Laibach, maar dan misschien nog wel wat abstracter en in een productie van David Lynch. Het levert in elk geval een bloedstollend en meeslepend geheel op.

 

Chatte Royal – Mick Torres Plays Too F***ing Loud (cd, Kapitän Platte / Sonic Rendezevous / Creative Eclipse PR)
Na de epees Septembre (2020) en Petit Pansement (2022) presenteert het Belgische kwartet Chatte Royal nu hun volwaardige debuut Mick Torres Plays Too F***ing Loud, een titel waar je bij geweest moet zijn denk ik. De groep bestaat uit drummer Dennis Vercauteren, bassist François Hannecart, gitarist Teo Crommen (Green Moon, Green Moon Tribe, Oakstreet Trio) en gitarist Diego Di Vito (We Stood Like Kings). Ze brengen hier in sneltreinvaart 8 nummers ten gehore, die na een goede 34 minuten het eindstation bereiken. De stevige muziek zit ergens tussen post-, math-, prog- en alternatieve rock in, die ze met een fijne (pret)punkattitude brengen. Door het hoge tempo, vette riffs, strakke ritmes en de vele schakelpunten in de nummers weten ze je aan de boxen te kluisteren en mis je de zang ook helemaal niet. Ze maken indruk met dit knaldebuut, waarmee ze een schroeiend spoor achterlaten.

 

Erich Zann Ensemble – Bieber Sessions (cd, Erich Zann Ensemble / Creative Eclipse PR)
De naam Erich Zann komt nog wel eens voorbij in de muziek en is waarschijnlijk allemaal terug te leiden naar het korte horrorverhaal van de Amerikaanse schrijver H.P. Lovecraft (“The Music Of Erich Zann). Ook in het Duitse Erich Zann Ensemble zit niemand met die naam, maar zijn het Frank Incense (synthesizers, bas, synthbas, handpan, duimpiano, tanpura, zang) van The Sun And The Moon, Daniel Reck (klarinet, trompet, saxofoon, percussie, banjo, bas, klokkenspel, piano, harmonica, looper, zang), Christoph Heimbach (saxofoon, dwarsfluit) en Niclas Ciriacy (drums, percussie) die het kwartet vormen. Op hun in eigen beheer uitgebrachte Bieber Sessions worden ze links en rechts nog geholpen door gasten op gitaar, synthesizer, tablas en zang. En wees niet bang, het heeft niks te maken met ene Justin, maar met de Bieber studio waar ze hun jamsessie hebben opgenomen. Dit heeft 5 stukken opgeleverd, waarvan er twee (“Brown Rise” en “Brown Rice (Reprise)”) gebaseerd zijn op een song van Don Cherry. Toch duurt het totaal ruim 38 minuten. Ze smeden er ludieke lassen tussen acid jazz, neo-kraut, dub, psychedelische elementen, wereldmuziek en lichte experimenten. Dat doen ze op dusdanige wijze dat je er eigenlijk niet eenvoudig een vinger op kunt leggen. Dat zowel qua totaalgeluid als de tijd waarin het zich afspeelt. De muziek roept namelijk enerzijds herinneringen op aan de meer jazz avant-garde en krautrock van de jaren 80, maar is op andere momenten juist heel futuristisch. Het ongrijpbare aspect maakt deze muziek ook zo fascinerend, naast dat het ook gewoon geweldige muziek is. Het is een heerlijk, geestverruimende trip geworden.

 

Ben Frost – Scope Neglect (cd, Mute)
Het is alweer een jaar of zes geleden dat de in IJsland woonachtige Australische componist Ben Frost een regulier studioalbum heeft afgeleverd. Hij is naast zijn vele producties ook bezig geweest met diverse soundtracks en tijdelijke deelname aan de legendarische band Swans. Frost is veelal robuust en grillig noemen, waarbij hij doorgaans mixen van drones, neoklassiek, rauwe elektronica en experimenten serveert. Nu is hij terug met zijn album Scope Neglect, dat wellicht nog gespierder uit de hoek komt. Hij heeft gebruik gemaakt van gitarist Greg Kubacki van progressieve metalgroep Car Bomb en daarvoor hardcore band Neck plus bassist Liam Andrews van My Disco, Clann Zú, Heartfeltself en Eros. Zij brengen de metal sounds, die Ben Frost gebruikt als input om zijn eigen creaties te scheppen, die diverse genregrenzen tarten. De metal wordt hier ingezet als ritme, drones en soundscape, maar af en toe ook om dat genre naar buiten te brengen. De muziek wordt aangelengd met allerhande elektronica en experimenten. Daarnaast speelt hij met donker en licht, hard en zacht, afbreken en opbouwen en combinaties van dat alles. Dat duale karakter maakt het echt biologerend. Het levert daarbij iets volslagen unieks op, dat ik nog niet eerder gehoord heb en dus ook niet van referenties kan (en wil) voorzien. Ben Frost heeft al veel moois op zijn naam staan, maar dit is wat mij betreft zijn magnum opus.

 

MENOWTHERETHEN – No Fun (cdr, Wayside & Woodland)
MENOWTHERETHEN is het geesteskind van de Britse muzikant Mike Rowley (Epic45, The Arm) en zanger Kristian Jones. Samen hebben ze al in 2019 de Cease To Be Visible EP gemaakt met dit project, dat vol emotioneel geladen post-pop, post-rock en droompop stond. Nu zijn ze terug met No Fun, dat naast 5 nieuwe tracks ook die eerste epee bevat, waardoor het nu een release van 10 nummers van samen 36 minuten oplevert. De muziek is er weer net zo onbevangen en melancholisch. Ze hebben muziek gecreëerd over schoonheid en pijn, over verlies en hoop, over een gedeeld begrip van opgroeien binnen, maar altijd het gevoel aan de buitenkant te hebben, van het Zwarte Land. waar erbij horen en er niet bij horen één en hetzelfde worden. Qua referenties moet je denken aan een hybride van Spoonfed Hybrid, Epic45, Hood, Piano Magic, Radiohead, Dntel en Pale Saints. Als dit geen fun is, dan weet ik het ook niet meer. Wat een wonderschoon kleinood.

 

Ministry – Hopiumforthemasses (cd, Nuclear Blast)
Ik zei nog: maak hem niet kwaad! Zolang de missstanden in de VS aanwezig zijn zal Alain of Alien Jourgensen zijn stem verheffen. Met zijn Ministry, dat in 1981 begon als een synthpopband en erna uitgegroeid is tot een industrieel getinte metalband, heeft hij tegen menig zere benen geschopt. Voor mij is het absolute hoogtepunt The Mind Is A Terrible Thing To Taste (1989), maar vele anderen zullen Psalm 69 (1992) aanwijzen. Jourgensen is hiernaast nog actief geweest in projecten als 1000 Jomo DJs, Revolting Cocks, Lard, PTP, Pailhead en Acid Horse. De output van Ministry de laatste jaren is een haast over de kop gaande versie van zichzelf geworden; heel strak en goed, maar soms ietwat ongenuanceerd. Net als op het voorgaande album gaan ze op hun zestiende album Hopiumforthemasses weer terug naar hun twee eerder genoemde succesvolle albums. Nog altijd genadeloos hard, maar veel subtieler en met meer experimenten, waarbij ze toch hun boodschap over weten te brengen. Tevens is mede fanaticus Jello Biafra (Dead Kennedys, Lard) hier weer te gast, waardoor het geluid soms ook naar de zijprojecten koerst. Op snoeiharde wijze maken deze inmiddels toch wel legendarisch veteranen duidelijk dat je ook op je bijna 66ste gewoon het verschil kunt maken. Ook de meer creatieve aanpak is hier meer terug. Dat alles maakt dat dit nog steeds een ertoe doende act is na al die jaren.

 

Naktys – Liturgia (cd, Zoharum)
Het zijn handige, compacte promo’s van Zoharum tegenwoordig, maar dikwijls kan ik niet alle info terugvinden. Nu gaat het natuurlijk om de muziek, dus dan daar de focus maar op. Naktys is een nieuwe Poolse groep, die ontstaan is in het brein van Grzegorz Mirczak. Hiervan is net het debuut Liturgia verschenen, waarop 10 tracks staan van samen een goede 33 minuten lang. Voor Mirczak spelen de veelal poëtische teksten minsten zo’n belangrijke rol als de muziek. Hij gebruikt het om een soort postmoderne deconstructie uit te voeren van de verschijnselen die hem omringen, waarbij hij elementaire filosofische vragen stelt, twijfel viert en echte punkenergie uitstraalt. Het houdt het midden tussen zang, voordracht en rap. Qua muziek houdt hij er ook niet van om dit helemaal binnen bepaalde lijntjes in te kleuren. De muziek past nog het best bij EBM, maar er zitten ook gothic rock, industriële, dark ambient en hip hop invloeden doorheen. Hij bestrijkt hiermee een gebied dat gaat van Front Line Assembly tot Calva Y Nada en Nitzer Ebb, zonder daar één op één op te lijken. Veelbelovend en sterk debuut.

 

Schröttersburg – Kosmogonia (cd, Zoharum)
De Poolse band Schröttersburg timmert al sinds 2008 aan de weg en staat bepaald niet stil. Ze begonnen ooit als postpunk band met darkwave elementen, maar zijn sindsdien uitgegroeid tot meer dan dat. Zeker op hun nieuwe album Kosmogonia grijpen ze breed om zich heen, zij het op samenhangende wijze. De genoemde genres zijn nog altijd aanwezig, maar worden krachtiger gebracht en aangevuld met industrial en tribale elementen. Overigens hadden ze op hun vorige album Om Shanti Om (2022) ook al veel Oosterse ingrediënten toegevoegd; wat wil je ook met zo’n titel? Het nieuwe album bouwt hier met 7 tracks van samen bijna 37 minuten op door, zij het dat het allemaal steviger, massiever en urgenter klinkt. Ze delen heerlijke uppercuts uit en larderen dat op subtiele wijze met allerlei details. Je moet hetgeen ze hier produceren ergens plaatsen tussen The Young Gods, Swans, Savage Republic, Killing Joke, Godflesh, Neurosis en ook hun zijproject Tribes Of Neurot. Het is, durf ik te stellen, hun allerbeste album tot nu toe geworden!

 

Marry Watterson & Adrian Crowley – Cuckoo Storm (cd, One Little Independent Records / Konkurrent)
Soms komen er twee werelden mooi samen, die je op voorhand wellicht niet verwacht had. Zo is de Engelse Maria Knight, een folkartiest pur sang, die deze muziek al met de paplepel ingegeven kreeg door haar ouders Lal Waterson en George Knight, misschien geen voor de hand liggende combi met de Ierse singer-songwriter Adrian Crowley. Waterson, geboren als Maria Knight, die tegenwoordig eigenlijk Maria Gilhooley heet, heeft al een flinke muzikaal pad achter de rug. Voor haar solocarrière start is ze met haar familie te horen in Blue Murder, The Watersons en The Waterdaughters. Samen met haar broer Oliver Knight heeft ze ook al twee albums uitgebracht plus nog eens twee met David A. Jaycock (Big Eyes, The Big Eyes Family Players) en één met Emily Barker. Crowley is ook al zo’n 25 jaar onderweg en heeft naast zijn soloalbums er ook één met James Yorkston uitgebracht. Zijn stem, een bariton die ergens tussen Bill Callahan, Michael Gira en Sivert Høyem inzit, brengt altijd spontaan de herfst in huis. Op hun gezamenlijke album Cuckoo Storm. Blijkt de wereld van de meer serene folk van Waterson prachtig aan te sluiten op de meer sombermansmuziek van Crowley. Ook als ze samen zingen is het contrast juist hetgeen hen onderscheidend en krachtiger maakt. Crowley brengt naast zang ook piano, gitaar, mellotron, klarinet, marxofoon, harmonium en muziekdoos. Ze mogen daarnaast rekenen op gastbijdragen op contrabas, drums, percussie, vleugelhoorn, saxofoons, viool, cello, synthesizers, trompet, bas, lap steel, gitaar en basklarinet. Het levert 11 stemmige songs op, die een spannende combinatie van donker en licht brengen en zowel traditionele muziek met hedendaagse folkrock brengen. Het blijkt een gewe

 

White Stains – Dreams Shall Flesh (redux) (cd, Zoharum)
Het fijne Poolse label Zoharum brengt zowel nieuwe releases als ertoe doende releases uit het verleden. Zo was er bijvoorbeeld eerder al Singleminded Dualisms (1988-1989 van het Zweedse White Stains, waarop hun eerste 7”/12”-es verzameld worden. De groep werd in 1987 opgericht door Carl Abrahamsson, die later met een deel van de groep een doorstart maakte als Cotton Ferox. De lekker donkere zang van Abrahamsson wordt op die compilatie voorzien van psychedelische rock, garage rock, post-punk en her en der ook avant-garde. Ze hebben later wel een koerswijziging ondergaan en zijn meer de experimentele kant opgegaan. Na een livealbum met Psychic TV volgende er een gelijknamig studioalbum en daarna de tweede Dreams Shall Flesh (1991). De titel zou best een dikke knipoog naar Psychic TV kunnen zijn. De groep laat op dit album een mix horen van dark wave, avant-garde en gothic rock, waaraan ze ook allerhande wereldse en psychedelische elementen hebben toegevoegd. Ze landen met hun muziek ergens tussen Simple Minds, Bailterspace, Joy Divison, The Tea Party, Sisters Of Mercy en Coil. Dit album is nu opnieuw uitgebracht met (redux) achter de titel, omdat het geremasterd is en er twee bonustracks aan toegevoegd zijn, die opdoken in de archieven van Abrahamsson. Het is zo fijn dat Zoharum dit album weer een nieuw leven ingeblazen heeft.

 

Xmal Deutschland – Early Singles 1981-1982 (cd, Sacred Bones / Konkurrent)
Anja Huwe – Codes (cd, Sacred Bones / Konkurrent)
Dat het genre gothic voortkomt uit de postpunk dan wel new wave kan je heel goed horen bij bands als Siouxsie & The Banshees, Bauhaus en Joy Division. In dat rijtje mag een invloedrijke band als Xmal Deutschland ook niet ontbreken. Tussen 1980 en 1990 hebben ze 4 albums uitgebracht, waarvan de twee mooiste (vind ik) Fetisch (1983) en Tocsin (1984) werden uitgebracht op mijn geliefde 4AD label. Zeker in die tijd grossierde het in geweldige, toonaangevende postpunk acts. Daarvoor heeft de groep echter al twee singles uitgebracht, die niet op de albums terechtgekomen zijn, maar waar wel de cultklassieker “Incubus Succubus” uit naar boven kwam drijven. Deze was nog wel eens te horen op de alternatieve dansvloeren. Zwarte vloeren uiteraard. Saillant detail is dat ze allemaal geen instrumenten konden bespelen eerst, zoals niet ongebruikelijk was in die scene. Maar het leverde wel een eigen sound op. Deze twee singles met elk 3 nummers, Scwarze Welt (1981) en Incubus Succubus (1982), destijds uitgebracht op het Zickzack label, zijn nu verzameld op Early Singles 1981-1982. De band bestaat uit Anja Huwe (zang), Manuela Rickers (gitaar), Fiona Sangster (keyboards), Rita Simon (bas) en Caro May (drums). Ook de latere vaste bassist Wolfgang Ellerbrock staat op de hoes vermeld, wat wellicht te maken heeft met de extra tracks “Kälbermarsch” of “Allein (live)”. Voer voor de liefhebbers van Siouxsie & The Banshees, Cocteau Twins en Malaria! of de betere postpunk van nu. Het is dan misschien wat kort met een lengte van een goede 23, maar het is puur goud van oud.
Misschien nog verrassender is het feit dat de bijna 65-jarige Anja Huwe, die de laatste jaren zich vooral op beeldende kunst had gestort, nu met het nieuwe album Codes aan komt zetten. En ook dat ze gitariste Manuela Rickers (Rossburger Report, Whiteouts) weer heeft weten te strikken, die er op het vierde Xmal Deutschland album niet meer bij was. Daarnaast zijn het Mona Mur (programmering, sound design) en Olaf Boqwist (gitaar, bas) van onder meer Rossburger Report die de bezetting hier completeren. Haar vriendin Mur heeft haar ook overgehaald weer muziek te gaan maken. De cd opent met het schitterende, rustige “Skuggornas”, waar ze in het Engels zingt en waar teksten als “Lost Everything I Have”, “I Don’t Have A Long Way To Go. No More” en “To Embrace The Journey’s End. Welcome Shadow”. Nu zijn de teksten zijn grotendeels gebaseerd op de dagboeken van Moshe Shnitzki, die in 1942 als 17-jarige van huis vertrok om zich in de bossen van Belarus op te houden als Partizanen strijder. In het daaropvolgende nummer “Rabenschwarz” gaat het er dan plots stevig aan toe. Volle beats, stevige gitaren en felle teksten in het Duits. Hier proef ik dezelfde urgentie als bij haar vroegere band. De teksten worden er overigens niet bepaald vrolijker op. De muziek houdt het midden tussen postpunk, gothic, industrial, alternatieve rock en synthpop, waar zeker hints naar haar verleden te horen zijn. Het mixen en de mastering is in handen van Jon Caffery (Joy Division, Gary Numan, Einstürzende Neubauten), die wel vaker met donkere bijltje heeft gehakt. Alles zit steengoed in elkaar en laat een diepe indruk achter, mede door het toch ook wel verdrietige gevoel dat er als een rode draad doorheen vervlochten zit. Wat een comeback dit!

Comments

comments

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.