Het schaduwkabinet: week 05 – 2021

Zoals altijd, maar ook na de avondklok en tot 2 maart, gaan wij gewoon door met onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: The Besnard Lakes, John Carpenter, Celeste, Kaouenn, LNZNDRF, Daniel Pabœuf, Arlo Parks, Rimaz, The Telescopes, Töre, TV Priest, Vladimír Václavek feat. Pavel Šmíd en The Weather Station.

 


 

Jan Willem

The Besnard Lakes – The Besnard Lakes Are The Last Of The Great Thunderstorm Warnings (cd, Full Time Hobby / Konkurrent)
De psychedelische Canadese The Besnard Lakes heeft er altijd wel handje van om de nodige theatrale elementen aan hun muziek toe te voegen, zij het overigens op smaakvolle wijze. Maar op hun nieuwe, alweer zesde album The Besnard Lakes Are The Last Of The Great Thunderstorm Warnings weten ze dat toch wel te perfectioneren. Het Canadese echtpaar en kern van de band Jace Lasek en Olga Goreas gaat elke zomer naar Besnard Lakes, om aan de drukte van het leven in Montréal te ontsnappen en om inspiratie op te doen. Op hun vorige album van 5 jaar terug zorgden een paar zorgwekkende, forse bosbranden voor het nodige muzikale materiaal. En het lijkt alsof ze er hier met nog meer vuur mee verder zijn gegaan. Het album is in de 4 stukken “Death”, “Near Death”, “After Death” en “Life” opgedeeld. Ze brengen een eerbetoon aan de doden, zoals Lasek’s vader die in 2019 is overleden, maar ook Mark Hollis en Prince worden herdacht. Thematisch mag dat wellicht zwaar klinken, de muziek klinkt toch vooral bevlogen en hoopvol. Maar er zit iets extra’s bij, waar ik niet goed de vinger op kan leggen, dat dit album speciaal maakt. Het weet je te grijpen en mee te voeren en ze nemen ook de tijd om hun songs tot wasdom te brengen. Alleen in de opener al maak je een slingertocht tussen Sigur Rós, E.L.O., Spiritualized en Low. Ze koppelen psychedeliche rock aan droompop, shoegaze, jaren 70 muziek en synthpop. Er komen ook referenties voorbij als Beach Boys, Grandaddy, Slowdive, Bon Iver en Pink Floyd. Ze besluiten met een interessante, 18 minuten durende track die in een meeslepende drones eindigt. Het levert hun meest biologerende en gewoonweg beste album tot nu toe op.

 

John Carpenter – Lost Themes III: Alive After Death (cd, Sacred Bones / Konkurrent)
De inmiddels 63-jarige legendarische regisseur/componist/producer John Carpenter heeft natuurlijk op meerdere vlakken een grote schare fans. Muzikaal gezien heeft hij ook veel betekend, maar de laatste paar jaren zorgt zijn “Lost Themes”-serie wel voor een hernieuwde waardering en verbreding van zijn fanbase. Het is soundtrackachtig materiaal, maar dan zonder een bijbehorende film. Het is dan ook niet vreemd dat dit tot de verbeelding weet te spreken. Hij is nu terug met Lost Themes III: Alive After Death, dat 10 nummers breed en een goede 40 minuten lang is. Hij heeft deze gemaakt samen met zijn zoon Cody Carpenter en pleegzoon Daniel Davies. Het resultaat mag er wezen, want de muziek is niet alleen filmisch, maar is tevens spannend, soms haast grimmig en weet ook dikwijls de adrenalinespiegels flink te laten stijgen. Ik blijf bij mijn nieuwe gezegde dat je het op een oude componist moet leren, want Carpenter blijft zelfs nu nog een voorbeeld voor ce jongere generaties. Carpenter weet hier op moderne wijze een schitterende las te smeden tussen Mike Oldfield, Ennio Morricone, Tangerine Dream, Goblin en Nine Inch Nails. Geniaal!

 

Celeste – Not Your Muse (cd deluxe edition, Both Sides Records/ Polydor)
Men denkt wel eens dat ik als liefhebber van de meer alternatieve en experimentele muziek niet van pop of andere mainstream muziek houd. Maar dat is ver bezijden de waarheid. Muziek moet je raken en dat kan op verschillende manieren en vanuit verschillende hoeken. Ik zoek hier niet naar een excuus om de cd Not Your Muse van Celeste aan te kondigen, maar meer om aan te geven dat er voor mij meer onder de zon is dan de alternatieve hoek. Deze Amerikaans-Britse zangeres, die voluit Celeste Epiphany Waite heet, brengt een mix van neo soul, pop en singer-songwritermuziek. Ze wordt nogal eens vergeleken met Amy Winehouse en Billie Holiday, maar dat doet haar niet helemaal recht. En dat zegt veel, want dat zijn toch echt zangeressen van formaat. Celeste heeft weliswaar een heerlijke, soulvolle stem, maar de muziek heeft niet dat rauwe en tikje smerige randje die de andere twee nog wel eens hadden. Het gaat echt wel de diepte in, maar gewoon veel mooier, zonder wie dan ook te diskwalificeren, want de twee genoemden heb ik ook heel hoor zitten. Ik heb meteen de luxe editie aangeschaft, omdat je er dan 9 extra tracks bij krijgt op dezelfde schijf, die ook meer dan de moeite waard zijn. Celeste brengt hier instant, tijdloze klassiekers, die van een ongelooflijke schoonheid zijn. Een ongekend droomdebuut!

 

Kaouenn – Mirages (12”, Atypeek Music/ Beautiful Losers/ Bloody Sound Fucktory/ Ph 37 Soundlab / Peyote Press)
In 2016 debuteert het Italiaanse Kaouenn met het spannende en ijzersterke gelijknamige album. Hoewel de naam ontleend wordt aan het Bretons voor “uil”, liggen de roots toch elders. De identiteit van de leden of het lid wordt niet prijs gegeven. Maar de muziek mag er desalniettemin wezen. Ze laten een zeer interessante, caleidoscopische, ritmische en psychedelische mix van avant-garde, elektro, industrial, new wave, krautrock, dubstep, IDM en trip hop horen. Inmiddels is de uil ook echt naar Frankrijk gevlogen, hetgeen misschien ook wel het hiaat verklaart. Nu verschijnt namelijk pas het tweede album Mirages. Deze 12” telt aan weerszijde 4 tracks, die samen een goede 39 minuten duren. Gelukkig heb ik een cd versie, waarbij ik dat ook ongestoord achter elkaar kan luisteren. Het lijkt toch vooral een soloproject van de artiest die zich gewoon ook maar Kaouenn noemt en gitaren, bas, synthesizers, orgel, xaphoon en zang. Daarbij krijgt hij/zij nog een enkele maal hulp op gitaar van twee gasten. Wederom laat Kaouenn een breed palet aan stijlen op originele wijze de revue passeren en opereert daarmee echt in een bijzondere buitencategorie. Er zitten duidelijke knipogen naar de jaren 80, maar die worden toch echt naar deze tijd vertaald. En het gaat van boven de grond naar underground. Denk aan een telkens wisselende blend van Will, Can, Elijah’s Mantle, BEAK>, Can, Tuxedomoon, Muslimgauze, Popol Vuh en Jean-Michel Jarre. En daarmee is en blijft Kaouenn een heerlijk vreemde eend eh uil in de bijt.

 

LNZNDRF – II (cd, LNZNDRF / Konkurrent)
What’s in a name? Nu ja, de groep LNZNDRF bestaat uit multi-instrumentalist Ben Lanz, die wel eens werkte bij Beirut, en de broers Scott en Bryan Devendorf van The National. Dus het antwoord lijkt me hier duidelijk. Een soort mini supergroep derhalve. In 2016 mochten ze hun gelijkluidende debuut op 4AD het licht laten zien. Nu zijn de drie terug met hun tweede worp, simpelweg II. Geheten en op hun eigen label uitgebracht. In ruim 40 brengen ze 8 nieuwe nummers, die op aanstekelijke wijze ergens tussen wave, indierock, psychedelische ambient en krautrock uitkomen. De genadeloos meeslepende, maar afwisselende en mede door de motorik dikwijls bezwerende stroom aan geluid is van hoog niveau. Soms compleet instrumentaal en op andere momenten met pakkende zang. Ze weten er diepe indruk mee te maken, ook al opereren ze ver buiten de gebieden van de bands waar ze normaal spelen. Daarbij moet je het ergens zoeken tussen Trans AM, New Order, I Break Horses, No Joy, Loma, Protomartyr en Spacemen 3. Avontuurlijk goed!

 

Daniel Pabœuf – Ashes? (cd, Il Monstro / L’Autre Distribution)
De naam van de Franse saxofonist Daniel Pabœuf ben ik door de loop der jaren nogal eens tegengekomen. Maar dat is ook niet verwonderlijk aangezien hij al sinds de jaren 70 aan de weg timmert, eerst nog met post-punk en new wave, maar later komt ook jazz, fusion en improvisaties. En niet alleen in groepen als Marquis De Sade, Le Train Fantôme, Anches Doo Too Cool, Tohu Bohu en meer recentelijk Trunks (met Lætitia Shériff) maar ook als gast bij onder meer Dominique A, Roland S. Howard, Françoise Hardy, Niagara en ga zo maar door. Onder zijn eigen naam komt hij eerder als Daniel Pabœuf Unity (ook wel DPU) jazzy uit de hoek. Nu is hij terug met Ashes? dat hij volledig onder zijn eigen naam heeft gemaakt. Pabœuf (saxofoon, zang, programmering, keyboard) werkt hierop samen met Nicolas Courret (drums) en Thomas Poli (moog, synthesizers, elektronica). Die laatste beschikt over een fijne studio waar bijvoorbeeld ook Dominique A., Miossec en Yann Tiersen hun muziek nog wel eens opnemen. Het album telt 9 tracks, die voor een deel teruggrijpen naar de wave muziek van weleer, maar ook een fris rockgeluid laten horen. Dat in combinatie met zijn emotioneel geladen zang, het fraaie saxofoonspel en jazzy plus wereldse elementen, maakt dit tot een uiterst eigenzinnig geheel. Alsof Tuxedomoon, Bauhaus en Virgin Prunes een verbintenis aangaan met Colin Stetson en Boris Kovač, al dekt dit de lading niet helemaal. Gewoon zelf luisteren is het beste advies.

 

Arlo Parks – Collapsed In Sunbeams / Best Of The Lo Fi Lounge (2xcd, Transgressive Records)
Anaïs Oluwatoyin Estelle Marinho wordt aan het begin van deze eeuw geboren en is half Nigeriaans, een kwart Tsjaads en een kwart Frans. Maar ze zal de boeken ingaan als de Britse zangeres Arlo Parks, want onder die naam maakt ze al even muziek. Daar voegt ze nu haar debuut Collapsed In Sunbeams aan toe. Ze brengt hierop een mix van droompop, neo soul, folk, softrock en ook een vleugje triphop. De cd opent met spoken word, ze zet zichzelf neer als dichteres/zangeres, maar daarna zingt ze met haar prachtig rustgevende, narcotiserende zang. Hiermee maakt ze eigenlijk ook de meeste indruk mee op het album. Het gaat over onderwerpen als liefdesverdriet, zelfacceptatie, jaloezie, vriendschap en andere diepgravende zaken. Maar daar waar het bij andere artiesten wellicht zwaar op de maag kan liggen, brengt ze tegelijkertijd het troostvolle en zalvende medicijn tegen dat alles. Het is dus wel droefgeestig, maar wel voorzien van een licht en hoopvol vernis. Het is een soort mix van Sade, Phoebe Bridgers, Martina Topley-Bird, Warpaint en Frank Ocean. Bijzonder en wonderschoon en het tweede droomdebuut deze week.
Bij mijn editie zat ook nog de gratis extra schijf Best Of The Lo Fi Lounge. Deze bevat albumtracks en oudere singles, waarvan een groot deel covers van onder meer Frank Ocean, Phoebe Bridgers en King Krule, die tijdens de zogeheten “LoFi Bedroom Recordings” zijn opgenomen. Het zijn wat meer uitgeklede versies van de originelen, zeg maar demoversies. Maar wat blijven deze ook in een meer sobere gedaante prachtig overeind. Sterker nog, Arlo Parks toont aan dat minder gewoon soms meer is. Met deze 8 tracks van samen een goede 27 minuten trakteert ze de luisteraar op een heerlijk toetje.

 

Rimaz – Secde (cd, Ahenk Müzik / Xango Music Distribution)
Ik kan weinig vinden over het project Rimaz, behalve dat dit het project is rond de in Iran geboren Cavit Murtezaoǧlu, die ook al soundtracks voor films en documentaires heeft gemaakt en werkt met Töre (zwaai maar even naar beneden). Hij studeerde aan zowel een Azerbeidjaans conservatorium als een Turkse universiteit. Met Rizam brengt hij dan ook vanuit Turkije zijn debuut Secde uit, hetgeen “uitputting” betekent. Het album draagt de ondertitel “Kibir Değil Secdedendir Kudretimiz”, wat vertaald iets als “Geen arrogantie, maar onze kracht” moet zijn. Het album telt 6 tracks, die na ruim 24 minuten alweer finishen. Maar wat hij en de zijnen hier brengen is wel uiterst interessant, want er worden twee werelden samengebracht, namelijk die van de folk georiënteerde Turkse protestmuziek en de heavy metal. Je hoort de kamancheh, saz, davul en Turkse zang hand in hand gaan met lekker, zware gitaarrifs. En dat is wel een beetje vreemd maar verdomd lekker! Via onderstaande link moet je alle 6 tracks kunnen beluisteren. Ik heb deze combi niet eerder gehoord, maar kan deze van harte aanbevelen.

 

The Telescopes – Songs Of Love And Revolution (cd, Tapete / mutante-inc.)
De Britse groep The Telescopes is in 1986 opgericht door Stephen Lawrie, die door de jaren heen ook het enige vaste lid blijft. Hij vult de groep aan met gelijkgestemde muzikale geesten, of doet het gewoon helemaal solo. De rode draad van de muziek is het psychedelische karakter, maar voor de rest kan shoegaze, indierock, noise, spacerock of zelfs drones de boventoon voeren. In de beginjaren was hun discografie wat wazig, doordat hetzelfde materiaal dan op verschillende releases belandt. Daarna zijn ze met de nodige hiaten albums blijven maken. Hierbij vallen ze nooit in herhaling, maar proberen telkens hun grenzen te verleggen en nieuwe wegen in te slaan. Nu is het nieuwe album Songs Of Love And Revolution een feit, hun twaalfde om precies te zijn. Het is hier weer eens een soloaangelegenheid van Lawrie. Zelf noemt hij het een “solar burst” van tranceopwekkende ritmes, die bestaan uit een muur van bassen, welke op hun beurt op hun plaats worden gehouden door een zwerm omringende gitaren. De beginletters van elk woord uit de albumtitel vormen ook het woord SOLAR. Lawrie grijpt voor een deel terug naar hun voor mij beste beginperiode, waarbij ook venijnige noise deel uitmaakte van hun sound, maar brengt ook een dwarsdoorsnede van de midden periode en blikt tevens vooruit. De muziek bevat een caleidoscopische hybride van psychedelische rock, spacerock, shoegaze, drones, experimentele muziek en noise. Daar zingt hij dan met een zware, zachte stem doorheen. Denk daarbij aan een mix van The Velvet Underground, Spacemen 3, Boduf Songs, Telstar Ponies en een rustige A Place To Bury Strangers. Ook na zo’n 35 jaar weet The Telescopes een diepe indruk te maken met eigengereide muziek. Klasse!

 

Töre – Bir Aşıǧı Divane (cd, Ahenk Müzik / Xango Music Distribution)
Ik heb met bepaalde landen meer met de muziek dan andere, zonder dat ik dit helemaal verklaren kan. Dat geldt ook voor muziek uit Turkije en dan met name de in de folkhoek opererende protestmuziek, maar ook de psychedelische rock of de betere pop met een snik van daar mag ik graag horen. Tot die laatste categorie behoort Töre, die zich op haar vorige albums Kardelen (2005) en Hasret Kalemi (2010) nog Töre Anadolu noemt. Nu is ze terug met haar derde album Bir Aşıǧı Divane, waarop ze nauw samenwerkt met de succesvolle muzikant Cavit Murtezaoǧlu (Rimaz). Het album is in Turkije al in 2018 uitgebracht, maar wordt door het fijne Ahenk Müzik nu ook buiten de landgrenzen gepresenteerd. En dat is maar goed ook. Samen met maar liefst 15 muzikanten op instrumenten als balaban, accordeon, trompet, darbuka, baǧlama, cello, bas, gitaar, ud, davul, kamança, percussie-instrumenten en zang laat ze in een goede 47 minuten 10 sterke songs het licht zien. Haar typisch Turkse popmuziek wordt gelardeerd met mooie arrangementen en folk- rockelementen. Daarbij leunt ze gedeeltelijk op de traditionele muziek uit het verleden, maar blikt ze toch vooral ook naar de toekomst. Ze levert dan ook een buitengemeen fraaie, gevarieerde en hedendaagse wereldplaat af.

 

TV Priest – Uppers (cd, Sub Pop / Konkurrent)
Het bevalt mij wel dat er steeds meer bands opstaan, die dat recht in je gezicht gedrag hebben van Mark E. Smith of gewoon The Fall. Denk bijvoorbeeld aan Sleaford Mods, Fontaines D.C., Shame, Meatraffle en zo zijn er nog wel een paar op te noemen. Allemaal lekker brutaal en toch net weer wat anders. Eén die je daarbij zeker bij moet voegen is het in 2019 opgerichte TV Priest uit Londen, dat bestaat uit de vier jeugdvrienden zanger Charlie Drinkwater, gitarist Alex Sprogis, bassist/toetsenist Nic Bueth en drummer Ed Kelland. Uppers is hun debuut, waarop ze in bijna 44 minuten lang en 12 nummers breed langs laten komen. Het tempo ligt hoog, maar daarbinnen weten ze toch fraai te variëren. Ze brengen een mix van post-punk, noise, krautrock en alternatieve rock. De onderwerpen, ook al is het soms wat onsamenhangend, komen recht uit het hart. Zo zetten ze zich af tegen het nationalisme in eigen land, maar komt ook de wereldwijd aanhoudende angst voorbij. Net zo van de hak op de tak als een goede avond in de kroeg (je weet wel, dat van vroeger). Maar de muziek geeft daarom ook net zoveel plezier en energie als een avondje uit. Naast genoemde bands en zeker The Fall roept de muziek tevens associaties op met Birthday Party, New Wet Kojak, METZ, Firewater, Protomartyr, The Ex en A Place To Bury Strangers. Dit soort uppers kunnen we in deze tijd zeker goed gebruiken! Een geweldig en krachtig debuut.

 

Vladimír Václavek feat. Pavel Šmíd – Fly… Tak Leť! (cd, Rustical Records / Xango Music Distribution)
De Tsjechische zanger, multi-instrumentalist en componist Vladimír Václavek is een belangrijke spil in de alternatieve muziekscene van zijn land. Vanaf de jaren 80 is hij te horen (geweest) in bands als E, Dunaj, Rale, Domácí Lékař, Čikori en Pustit Musíš. Daarbij werkt hij veel samen met een keur aan muzikanten, waaronder Pavel Fajt, Josef Ostřanský en diverse malen ook Iva Bittová, één van mijn favoriete artiesten. Hij heeft de lockdown in zijn land vorig jaar aangegrepen om weer eens een album te fabriceren, zijn eerste sinds 2015. Dat doet hij samen met Pavel Šmíd (The Protest), die tevens medeoprichter van Rustical Records is. Václavek (zang, gitaar, bas, synthesizers, drum, piano) en Šmíd (gitaar, bas, synthesizers, Array mbira, ngoni, zang) hebben op afstand hun songs gesmeed, die later in de labelstudio gemixt zijn. Het resultaat is te horen op het album Fly… Tak Leť!, wat je vanuit het Engels en Tsjechisch kunt vertalen als “Vlieg… vlieg dan!”. Ze mogen, ook op afstand, rekenen op 12 gasten als contrabassist Jaromír Honzák (Naima, Čikori), zangeres Moonshye, trompettist Oskar Török (Vertigo Quintet) zangeres Vladivojna La Chia (Banana), zangeres/violiste Iva Bittová en haar zoon Antonín Fajt op synthesizers, piano en Array mbira. De andere muzikanten brengen nog zang, synthesizers, drums, bas, Array mbira en kalebas. Het is een rijk gedetailleerd, maar tegelijkertijd sober geheel geworden, hetgeen door de subtiele invulling van dat alles komt. Václavek’s zang is herfstig en warm en zorgt voor rust. De melancholische muziek kan je wellicht in de breedte onder rock of indierock scharen, maar wel gelardeerd met jazz, wave, pianomuziek, folk en dat typisch Tsjechische sausje. Je hoeft de taal niet te verstaan om gegrepen te worden door deze bijzonder fraaie muziek.

 

The Weather Station – Ignorance (cd, Fat Possum / Bertus)
Na vier jaar is The Weather Station eindelijk terug met het vijfde album Ignorance. Dit is het project van de Canadese zangeres, multi-instrumentalist en arrangeur Tamara Lindeman, die doorgaans met haar muziek ergens tussen folk en altcountry uitkomt en alleen met haar zang weet te overtuigen. Maar hier mag ze rekenen op een strijkkwartet en 10 gastmuzikanten op percussie, gitaar, fluit, piano, orgel, Wurlitzer, moog, saxofoon en zang, waardoor ze een breder geluid dan voorheen laat horen. Daarbij zorgt Owen Pallett (Final Fantasy) voor de strijkarrangementen. Zoals vaker weet Lindeman met haar zang hoge ogen te scoren, maar de muzikale omlijsting is hier ook erg fraai en wat uitbundiger dan voorheen. Misschien dat artpop de lading wel enigszins dekt. Dat alles past ook prima bij haar zang, waarmee ze zowel de teugels aantrekt als voor een lekkere dosis melancholie zorgt, wat voortkomt uit de toch wel zware onderwerpen die ze aansnijdt. Alleen weet ze dit op lichte wijze te serveren. Denk aan een intieme en stemmige mix van Beth Gibbons, Mazzy Star, Tiny Ruins, Luluc, Sade, St. Vincent en Phoebe Bridgers. Het is een rijk gedetailleerd prachtalbum geworden, dat een heel andere kant van The Weather Station toont. Dat belooft nog wat voor de toekomst, want de rek is hier nog lang niet uit.

Comments

comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.