Het schaduwkabinet: week 04 – 2021

Wij leven al jaren aan de schaduwzijde des levens, alwaar onze muziek aan onze kritische oren bloot wordt gesteld, die het daglicht dikwijls niet verdragen kan. Een lockdown gaat derhalve ongemerkt aan ons voorbij. Daarom en tevens door ons goed fatsoen hier zonder rebellie onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: Biosphere, Nahawa Doumbia, Goat Girl, Insides, Spirit Fest, Wardruna, James Yorkston & The Secondhand Orchestra en Various Artists: Drifts & Flurries.

 


 

Jan Willem

Biosphere – Angel’s Flight (cd, AD 93)
De muzikale carrière van de Noorse muzikant Geir Jenssen is in 1984 gestart met E-Man, waarbij wave en synthpop nog de boventoon voeren. Hierna volgen Bel Canto, Cosmic Explorer, Bleep, Time Probe, The Fires Of Ork en samenwerkingsverbanden met met Deathprod en The Higher Intelligence Agency. De grootste bekendheid geniet hij uiteraard met zijn innovatieve elektronicaproject Biosphere, dat hij er sinds 1991 op nahoudt. Hij weet daarmee zijn elektronische muziek telkens op andere wijze naar buiten te brengen. Dat gaat van techno en IDM naar isolationistische ambient en veldopnames. Hoewel hij altijd wel varieert, heeft hij in 2016 voor een wel heel bijzondere aanpak gekozen. De muziek is dan, als eerbetoon voor de gevallen Poolse slachtoffers tijdens de Tweede Wereldoorlog, opgebouwd uit samples van Oost-Europese muziek en zang. Het levert met zijn elektronische interventies een bijzonder mooi geheel op. Voor zijn nieuwste album Angel’s Flight, 30 jaar na zijn debuut, heeft hij Beethoven’s String Quartet No. 14 als basis gebruikt, wat een prachtwerk is overigens. Jenssen heeft niet simpelweg zitten knippen en plakken of een soort remix gemaakt. Nee, hij is echt met het klassiek en de elektronica nieuwe composities gaan scheppen. Dat levert genreoverstijgende, spannende en bij de strot grijpende prachtmuziek op, die op het snijvlak van de genoemde componisten en Akira Rabelais en The Caretaker uitkomen. Er staat echt geen maat op deze meester.

 

Nahawa Doumbia – Kanawa (cd, Awesome Tapes From Africa / Konkurrent)
De uit Mali afkomstige zangeres Nahawa Doumbia timmert alweer zo’n 30 jaar muzikaal aan de weg. Ze is geboren in de Sikasso regio, maar omdat haar moeder snel na haar geboorte is overleden is ze door haar oma opgevoed in de Wassoulou regio, in het zuiden van Bamako. Deze streek staat bekend om het voorbrengen van veel goede zangers en muzikanten, zoals Oumou Sangaré, Amadou & Mariam en Allata Brulaye Sidibi. Maar met artiesten als Salif Keita, Afel Bocoum, Ali Farka Touré en diens zoon Vieux Farka Touré kent het land vele grootheden. Wassoulou staat ook gelijk aan een muziekstijl, die midden jaren 70 ontstaat en veelal door vrouwen wordt gezongen. Er zit dikwijls, zij het verhuld, kritiek in de teksten. Onderwerpen over polygamie, gearrangeerde huwelijken, feminisme, seksuele geaardheid en genderproblematiek worden niet gewaardeerd in Mali. Op haar nieuwe album Kanawa laat Doumbia ook een kritisch geluid horen, waarmee ze een stem geeft aan wat veel mensen denken of waar men mee worstelt. Zaken als migratieproblematiek en terroristische incidenten, die beide veel doden tot gevolg hebben. Ik kan vooral afgaan op haar muziek, hoewel de emotie die in de muziek en met name zang zit voelbaar is en in de slottrack klinken ook nog eens geweerschoten. Haar pakkende zang wordt daarbij naast diverse hedendaagse instrumenten (gitaar, bas, drum programmering) ook dikwijls spaarzaam begeleidt door de ngoni en de in Wassoulou populaire kamale ngoni. Dit zijn typische Malinese snaarinstrumenten zijn en wel worden gezien als de voorloper van de Amerikaanse banjo. In totaal mag ze rekenen op 11 gasten, die haar prachtzang fraai omlijsten. Het is mooie mix geworden van wassoulou, desertblues, typisch West-Afrikaanse en ook Toeareg muziek. Een wereldplaat van formaat!

 

Goat Girl – On All Fours (cd, Rough Trade / Konkurrent)
Het mooie van recensent zijn is dat je ook muziek ontdekt waar jezelf niet op zou zijn gekomen. Ik volg en lees veel, maar er is nog ontstellend veel dat buiten mijn radar valt. Vermoedelijk was ik ook nooit op Goat Girl gestuit als deze mij niet in de schoot geworpen werd. Maar goed, die ligt nu dus wel in mijn schoot. Dat wil zeggen hun tweede album On All Fours. Deze Britse groep bestaat uit de vier dames Ellie Rose Davies, Lottie Pendlebury, Naima Redina-Bock en Rosy Jones. Ze brengen met een fijne en aanstekelijke punkattitude een mix van postpunk, synthpop, avant-pop, droompop en indierock. Dat weten ze hier nog beter en gevarieerder uit te voeren. In 13 tracks van samen ruim 54 minuten brengen ze hetgeen ze goed in zijn maar dan ook nog voorzien van een lekker melancholisch vernis. Dit laatste overigens zonder dat het ooit echt zwaar op de maag ligt, want daarvoor brengen ze genoeg luchtigheid. Daarbij moet je het ergens zoeken tussen Lisa Germano, Throwing Muses, Warpaint, Wire, Honeyblood, Loma en Lush. Een bepaald niet moeilijk, maar wel ijzersterk tweede album!

 

Insides – Soft Bonds (cd, Insides)
Er zijn dingen die je aan ziet komen en die totaal onverwacht zijn. Zo werd eind vorig jaar plots bekend gemaakt dat er een nieuwe van het Britse duo Insides uit zou komen. Dat 21 jaar na hun laatste. Maar laat ik bij het begin starten. Begin jaren 90 was er de band Earwig van zangeres/bassiste Kirsty Yates en de gitaristen Julian Tardo en Dimitri Voulis. Tussen 1989 en 1993 hebben ze één album, te weten Under My Skin I Am Laughing (1992), plus een handvol mini’s afgeleverd die op de cd Past (1992) zijn gebundeld. Hun muziek, bestaande uit een mix van indierock, shoegaze en de fijne bitterzoete zang van Yates, was dusdanig goed, dat ik deze nog altijd innig koester. Yates en Tardo zijn daarna verder gegaan als Insides. Daarmee koersen ze op mysterieuze wijze de meer experimentele kant op, maar waarin ook synthpop, ambient en minimal music vermengd zit. Dat bevalt mij prima en ze schoppen het met hun debuut Euphoria tot het 4AD gerelateerde label Guernica. Ook de mini Clear Skin verschijnt daarop. Allemaal muziek die ik nog altijd graag in mijn collectie houd. In 2000 komen ze met het album Sweet Tip, waar ze voor een meer lichtvoetige indie koers kiezen, hetgeen voor mij helaas geen blijvertje is. Maar nu ze er weer zijn ben ik wel weer benieuwd waarmee dit koppel aan komt zetten. Ze keren in feite terug naar hun beste periode en voegen daar nog een extra dosis experimenten aan toe. De muziek is kaal, maar met complexe ritmes en veel subtiele details. Daar komt de prachtige zuchtzang van Yates nog eens bij. Ze weten weer ouderwets het verschil te maken met hun compleet eigengereide muziek. Echt grote klasse om zo terug te keren! En wat hebben we ze gemist.

 

Spirit Fest – Mirage Mirage (cd, Morr Music / Konkurrent)
Het nadeel van vissen is heel vaak de bijvangst, die onnodige schade berokkent. Bij muziek is dat anders, want daar duik je nog eens dingen op die je anders niet zou zien of die je over het hoofd hebt gezien. Dat laatste is bij mij het geval als het gaat om de nieuwe cd Mirage Mirage van Spirit Fest. Vorige week heb ik het nieuwe album van The Notwist nog de hemel in geprezen en toen ontdekte ik dat Spirit Fest, één van de vele zijprojecten van die groep, in mei 2020 ook nog een cd het licht had laten zien. Geen idee waarom die me niet is opgevallen; wellicht speelde de vele uitgestelde releases en minder tijd mijnerzijds een rol. Maar het blijkt een te mooi album om niet te bespreken. Deze minisupergroep bestaat uit Markus Acher (zang, gitaar, harmonium, keyboard, percussie) van The Notwist, Rayon, Village Of Savoonga, Tied & Tickled Trio, 13 & God, Potawatomi, Alles Wie Gross en met zijn vrouw ook in Lali Puna plus Saya Ueno (zang, piano, keyboards, melodica, gitaar) en Takashi Ueno (bas, gitaar, sax, zang) van het langlopende Tenniscoats, Mathew Fowler (gitaar, tapes, veldopnames, speelgoed, zang) uit Bons en Jam Money en Cico Beck (drums, keyboards, elektronica, percussie) van Aloa Input, Joasihno, Ms. John Soda en tegenwoordig ook The Notwist. Op hun derde worp presenteren ze in 64 minuten 14 nieuwe nummers. Hierop brengen ze zoals eerder weer een afwisselende, onconventionele mix van avant-pop, folktronica, speelse experimenten en allerhande geluiden. Thematisch gaat het over relaties door andere brillen bekeken en ongewone dan wel wonderlijke situaties. Het levert hun meest intense, fraaie, veelzijdige maar ook droefgeestige album tot nu toe op. En zo blijkt een zijproject ook een meer dan een volwaardig project.

 

Wardruna – Kvitravn (cd, Fimbulljóð Productions/ Sony Music/ Columbia)
De in 2003 opgerichte Noorse formatie Wardruna, rond multi-instrumentalist Einar Kvitrafn Selvik (ook van Skuggsjá), legt zich toe op het creëren van muzikale vertolkingen van oude Noorse en Noordse tradities. Hiervoor zetten ze ook traditionele en historische Scandinavische instrumenten in. Maar ze zetten de oude middelen vooral in om hier nieuw materiaal mee te creëren, die passen in het heden. Na hun “Runaljod”-trilogie (2009, 2013 en 2016) en het album Skald (2018) zijn ze nu terug met Kvitravn, hetgeen “witte raaf” betekent. De groep is met de komst van zangeres Lindy-Fay Hella weer een duo geworden, al brengt Selvik wel het meeste met zang, tagelharpa (staarthaar-harp), sotharpa, crwth (Welshe variant van de tagelharpa), bukkehorn, bronselur, fluit, langeleik (citer), Kravik-lyre, draailier, Trossingen-lyre, veldopnames, drums en percussie. Zo zie je maar, er zijn heus ook instrumenten wel te herkennen. In 65 brengen ze 11 tracks, die weer bol staan van de traditie en weer behoorlijk tribaal zijn. De komst van Hella zorgt ook voor een fraai etherisch tegenwicht, al is de muziek weer wat zwaarder dan op de voorganger. Maar ook ontzettend mooi, want het kippenvel komt regelmatig op. Je voelt een soort oerkracht in de muziek, maar die hebben ze inderdaad wel goed naar het hier en nu weten te brengen. Je moet het ergens zoeken tussen Nytt Land, Dead Can Dance, Isihia, Wimme, Hexvessel, Skuggsjá en Hednigarna. Fantastische folkmuziek van de buitencategorie.

 

James Yorkston & The Secondhand Orchestra – The Wide, Wide River (cd, Domino)
De afgelopen 17 jaar heeft de Schotse folkmuzikant James Yorkston toch menig schitterend album afgeleverd, al dan niet met zijn The Athletes of Big Eye Family Players. Zijn muziek is doorgaans ook behoorlijk melancholisch. Na een bezoek van enige dagen in Zweden heeft hij met zijn vrienden van The Second Hand Orchestra onder leiding van percussionist Kal-Jonas Winqvist het album The Wide, Wide River opgenomen. Yorkston (zang, gitaar) wordt naast Wingqvist onder meer bijgestaan door onder meer Peter Morén (gitaar) van Peter, Bjorn & John, Cecilia Österholm (nyckelharpa), Emma Nordenstam (piano, cello, zang) en Ulrika Gyllenberg (viool). Het levert 8 stemmige tracks op, maar tevens met een redelijk opgewekte ondertoon. Dat laatste komt wellicht ook door de snelheid en spontaniteit waarmee alles tot stand is gekomen. Toch is het een rustgevend en warm geheel geworden, waarbij de muziek ook iets tijdloos meegekregen. Denk aan een mix van Penguin Cafe Orchestra, Adrian Crowley, Nick Drake, Smog, Fairport Convention, Seamus Fogarty en King Creosote. Yorkston is en blijft een geweldige songsmid!

 

Various Artists: Drifts & Flurries / The Frosted Pane (cd+ 3” cd, Second Language Music)
Eén van de labels, die al jarenlang volslagen onafhankelijk een eigen koers vaart is Second Language Music. . Ze brengen muziek uit, die niet per se uit is op succes maar meer op esthetische waarde. Niet alleen de artiesten en muziek zijn echter eigenzinnig, ook qua compilaties weten ze het verschil te maken. Vorig jaar is nog de uitstekende compilatie Avenue With Trees verschenen, dat als thema “Brussels, raining, 1983…”, wat in die tijd het internationale middelpunt van veel bands was. Nu zijn ze terug met de volgende compilatie Drifts & Flurries. In principe zou je kunnen stellen dat “winter” hier het thema is geworden, maar eigenlijk is als uitgangsbasis gekozen voor het gelijknamige debuut uit 2014 van de Silver Servants, een los collectief van Second Language Music artiesten. Die bestond namelijk uit op de winter gebaseerde muziek. Hiervoor heeft het label zoals ze zelf stellen “old ghosts and new friends” uitgenodigd. Ze serveren in bijna 50 minuten 14 tracks, die op afwisselende wijze gaan van folk, post-rock, etherische pop en spoken word tot licht experimentele, elektronische en piano-muziek. Naast tweemaal de Silver Servants zelf en driemaal Ghostwriter, zijn het een keur aan artiesten die je via de link hieronder allemaal kunt lezen en horen. Bekende maar ook wat meer onbekende namen. Allen weten ze een heerlijk winters sfeertje, zij het steeds anders. En toch past het goed bij elkaar. Alter Later levert halverwege echt een pareltje met hun cover van Yazoo’s “Winter Kills”. Maar ook de rest weet het thematisch schitterend in te kleuren. Als bonus zit er nog de 3” cd The Frosted Pane bij van Glen Johnson (ex-Piano Magic, Statues In Fog, Textile Ranch, Future Conditional, Silver Servants) en de Bulgaarse altvioliste Raisa Zapryanova. Ze brengen een prachtig, ruim 16 minuten durend stuk, dat ook aansluit op het thema, maar iets meer experimenteel en isolationistisch is. Een prachtige bonus! Nu ik dit typ valt hier de eerste echte sneeuw van het jaar.

Comments

comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.