Het schaduwkabinet: week 04 – 2019

Een shut-down van Trump klinkt eigenlijk wel als muziek in de oren. Al luisteren we natuurlijk liever naar de muziek uit onze lijstjes van het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: James Blake, Ciastko, Sharon Van Etten, Giardini Di Mirò, Adrian Lane, The Legendary Pink Dots (2x), Oratnitza en Ponk.

 


 

Jan Willem

James Blake – Assume Form (cd, Polydor)
De albums van de Britse elektronische producer en singer-songwriter James Blake herken je direct door die breekbare hoge wiebelzang. De muziek wordt weliswaar steeds in een mysterieus en licht melancholische atmosfeer geplaatst, maar de ingrediënten en de manier van fabriceren verschillen nogal. Zo gaat hij van het begin als dubstep producer en liedjessmid naar een innovatieve artiest die ook soul, r&b en experimenten opneemt in zijn geluid, waarbij hij altijd opereert in de buitencategorie van de popmuziek. Voor zijn nieuwe, vierde cd Assume Form werkt hij in een aantal tracks samen Amerikaanse artiesten, zoals rapper Trevor Scott, producer/DJ Leland Wayne (Metro Thuggin), de hip-hop songwriter Dre Moon, zanger Moses Sumney en André 3000 (Outkast). Blake weet dan ook op knappe wijze trap, hip-hop en soul te incorporeren in zijn eigen sound. Verder hoor je ook wat flamenco elementen terug en werkt Blake in “Barefoot in the park” zelfs samen met Rosalía, het snoepje van vorig jaar. De rest van de songs klinken vertrouwd en zijn van het hoge niveau dat je van Blake gewend bent. Wel heeft hij zijn muziek verrijkt met meer details en complexere ritmes en klinkt hij soms wat uitbundiger. Hoewel, hij sluit weer heel stemmig af en als besluit zelfs een slaapliedje. Hij blijft een bijzonderheid in de hedendaagse muziek.

 

Ciastko – Ciastko (cd, Gusstaff)
De Poolse band Ciastko wordt begin jaren 90 opgericht. Hoewel de bandnaam “koekje” betekent, maken ze vervaarlijk klinkende noise-rock waar je ook nog wel no wave, cold wave en avant-garde doorheen hoort. De groep bestaat uit Klaudiusz Kwapiszewski (zang), Zbigniew Michalczuk (gitaar), Tomasz Małyszko (gitaar), Piotr Ludwiczak (bas) en Sławomir Bartecki (percussie) en ze brengen 26 jaar geleden welgeteld één cassette uit. Deze is nu opnieuw door het Gusstaff label uitgebracht op de gelijknamige cd. Het label zegt dat de groep hun tijd ver vooruit is, maar dat is ietwat overdreven, al begrijp ik het enthousiasme wel. Ze passen ze wel in de jaren 90, waarbij ook jaren 80 elementen voorbij komen. Zeg maar ergens tussen groepen als Butthole Surfers, Drain, Crust, Hammerhead, Melvins en Warsaw, zij het op geheel eigengereide wijze. Op de cd krijg je 11 stevige tracks, die soms behoorlijk weird zijn maar ook anarchistisch, rauw en toch ook soms bezinnend kunnen zijn. In 36 seconde brengen ze ook nog een punkversie van een stuk van Chopin. De teksten zijn in het Pools, Engels, Frans en Latijn. Een bijzondere groep met een hoop potentie, al verdwijnen ze in 1993 van de kaart. Alleen Klaudiusz Kwapiszewski en Zbigniew Michalczuk duiken in 2015 weer op in de noise en cold wave groep Martim Monitz. Het is derhalve een groot goed dat het album nu weer beschikbaar is.

 

Sharon Van Etten – Remind Me Tomorrow (cd, Jagjaguwar / Konkurrent)
De Amerikaanse Sharon Van Etten begint op haar debuut Because I Was In Love (2009) nog heel voorzichtig met slaapkamerfolk en ingetogen singer-songwritermuziek, waarmee ze diepe indruk weet te maken. Op Epic (2010) en Tramp (2012) komen daar ook , rock, folk en altcountry bij, waar ze op de laatst genoemde rugdekking krijgt van leden van The National. Ze is een constante factor in folkrock geworden, wat ze met Are We There nog maar eens onderstreept. Hoewel het haar meest complete album tot dan toe is, stelt ze zich de vraag of ze haar eindstation bereikt heeft, wat opmerkelijk is voor de dan 33 jarige. Het druipt wel van de melancholie. Welnu de vraag die ze zich toen heeft gesteld wordt met een duidelijk “nee” beantwoord middels haar vijfde cd Remind Me Tomorrow. Hierop gaat het roer om. Er worden meer elektronica en galm toegevoegd. Daarbij worden ook gothic en experimentele muziek aan haar sound toegevoegd. Dat roept niet meteen een enthousiast gevoel op, maar het is kennelijk hetzelfde effect als je zoete melk verwacht en je krijgt karnemelk, waar ik beide van houd (trek gerust een andere parallel). Maar daarna word ik al gauw van licht enthousiast tot haast lyrisch. Van Etten (zang, piano, farfisa, orgel) krijgt brede ondersteuning van onder meer Heather Woods Broderick (zang), Jamie Stewart (synthesizer, sounds, gitaar, bellen, percussie, zang) van Xiu Xiu, Joey Waronker (drums) van Atoms For Peace en Ultraísta, John Congleton (synthesizers, drones, drumprogrammering, percussie, orgel, loops, theremin) van The Nighty Nite en The Paper Chase, Lars Hornveth (gitaar, synthesizer, piano, celesta, blaasinstrumenten) van Jagga Jazzist en nog veel meer op bas, drums, lap steel en gitaar. Dit om maar aan te geven hoe ambitieus Van Etten hier aan de slag is gegaan. Daar waar in het verleden de diverse singer-songwriters ter referentie diende voor haar muziek, zijn dat nu veeleer Siouxsie & The Banshees, Zola Jesus, Low, Marissa Nadler, Mitski, Fever Ray, Beach House en dergelijke. Alles heeft een upgrade gehad. Haar stem bestrijkt een breder palet, de muziek steekt beter, gevarieerder en complexer in elkaar, de spanning is opgevoerd en er gebeurt gewoonweg meer per vierkante seconde. En toch doet het geen afbreuk aan haar eerdere werk en blijft het onmiskenbaar haar muziek. Dat is knap in alle opzichten. Ze heeft zichzelf bevrijd van alles wat haar tot nu toe tegen heeft gehouden. Dat levert niet alleen een magistraal album op, maar belooft ook heel veel voor de toekomst.

 

Giardini Di Mirò – Different Times (cd, 42 Records / Believe)
De Italiaanse post-rockgroep Giardinì Di Mirò viert vorig jaar het 20 jarig bestaan. En eind november verschijnt ook hun zevende cd Different Times, waarvan het nieuws pas later over de landgrenzen naar buiten komt. Het is dan alweer 4 jaar geleden dat hun vorige album het licht ziet. Zoals altijd wordt de vaste kern gevormd door Jukka Reverberi (gitaar, bas, zang), Corrado Nuccini (gitaar, synthesizers, zang), Luca Di Mira (keyboards), Mirko Venturelli (bas) en Emanuele Reverberi (viool, trompet, lap steel, gitaar), aangevuld met drummer Lorenzo Cattalani. Hun muziek zit weliswaar in de post-rockhoek, maar daar gaan ze altijd creatief mee om. Ze hebben vooral oog voor de betere melancholische song en lijven ook wel elementen als krautrock en emo in hun sound. Op dit nieuwe album brengen ze in een kleine 50 minuten 9 nieuwe songs. De post-rock die ze hier opdienen is veelal uiterst sfeervol en melancholisch, maar een enkele keer halen ze flink uit. Dat dikken ze hier aan met krautrock, emo, shoegaze, progrock en veldopnames. Ze worden daarbij geholpen door diverse gasten op keyboards, bas, saxofoon, veldopnames en maar liefst 6 gasten op (achtergrond) zang. Van die laatste treden 3 zangeres op de voorgrond, te weten Robin Proper-Sheppard (Sophia, The God Machine, The May Queens) in het prachtige “Hold On”, Glenn Johnson (Piano Magic, Textile Ranch, Silver Servant) in het poëtische “Failed To Chart” en Daniel O’Sullivan (Æthenor, Ulver, Grumbling Fur, Guapo, Miasma & The Carousel Of Headless Horses, Miracle, Mothlite) in het 10 minuten durende prog-achtige slotakkoord “Fieldnotes”. Liefhebbers van bands als Mogwai, Slowdive, Sophia, Piano Magic, Hood, Calla en Ulan Bator doen er goed aan deze eens te beluisteren. Het is echt één van de betere in hun genre, met dit sublieme, intense album als bewijs.

 

Adrian Lane – I Have Promises To Keep (cd, Preserved Sound)
Je kunt tegenwoordig je kont niet keren, of je komt wel weer een nieuwe pianist tegen die intiem voor zijn of haar eigen navel aan het spelen is. Gelukkig zijn er ook genoeg die creatief met het instrument omgaan. Zo ook de Britse multi-instrumentalist Adrian Lane, die eerder heeft gespeeld in de artrock/punkband Breakneck Static en tegenwoordig ook deel uitmaakt van het duo That Faint Light. Zijn vier eerdere soloalbums bevatten pianogestuurde neoklassiek dat hij afwisselend aandikt met drones, folk, ambient, jazz en lichte experimenten. Daarbij kan het hoofdinstrument verschillen, want op zijn vorige werk maakt hij gebruik van 100 jaar oude cilinderopnames, waarmee met een wasrol het geluid werd gefabriceerd; een soort voorloper van de lp. Op zijn nieuwe album I Have Promises To Keep maakt Lane gebruik van de piano, prepared piano en pianosamples. Hij wordt in enkele tracks geholpen door multi-instrumentalist Bryan Styles (Breakneck Static, Junkboy, Plantman), die hier pianopercussie brengt. Toch lijkt het dikwijls of je ook andere instrumenten hoort, maar dat zal aan zowel de bewerking als het instrumentgebruik liggen. De piano wordt ook veel als slaginstrument gebruikt, wat zorgt dat het allemaal behoorlijk ritmisch is, zonder de schitterende melancholie die zijn albums altijd rijk zijn te schaden. Hij houdt het midden tussen Ludovico Einaudi, John Cage, Glacis, Nils Frahm, Hauschka, Poppy Ackroyd en Nouvelles Lectures Cosmopolites. Wonderschone, filmische muziek om bij weg te dromen, na te denken of gewoonweg intens van te genieten.

 

The Legendary Pink Dots – Five Days… Complete (cd, Cleopatra)
The Legendary Pink Dots – Come Out From The Shadows II (cd, Cleopatra)
Hoewel The Legendary Pink Dots één van mijn favoriete bands aller tijden is, mis ook ik wel eens een gelimiteerde release of een verdwaalde mini ervan. Gelukkig wordt je als laatkomer ook wel eens beloond en krijg je soms een schitterende tweede kans. De psychedelische avant-garde groep rond de poëtische zanger Edward Ka-Spel brengt eind 2015 namelijk in eigen beheer de cd-r Five Days uit, gevolgd door Five Days Instrumentals met instrumentale tracks. Het laat de meer experimentele en psychedelische kant van groep naar voren komen, die er zeker wezen mag. Nu is op Cleopatra het album Five Days… Complete verschenen, hetgeen een bundeling is van de twee eerder genoemde releases. Hiermee heb je in één klap alle 10 nummers van samen 77 minuten lang op één schijf. Een prachtige toevoeging op hun toch al schitterende oeuvre.
Naast hun reguliere werk brengen ze ook met enige regelmaat hun oude cassettes, restmuziek, alternatieve versies, jamsessies en dergelijke uit. Zo hebben ze onder meer in 1992 naast hun Shadow Weaver albums lange jamsessies gehad, waarbij de recorder altijd aan staat. Dat levert in 2015 al de cd Come Out From The Shadows, Volume One op, vol met hun geïmproviseerde en meer psychedelische en avant-gardistische werk. Dat is ook het geval op Come Out From The Shadow II, waarop ze 8 van die geïmproviseerde stukken naar buiten brengen die “Shadow Session” 1 tm 8 heten. Naast Ka-spel zijn het Ryan Moore, Martijn De Kleer, Niels Van Hoorn en Ray Steeg, waarbij Parick Q Wright en Steven Stapleton (Nurse With Wound) ook her en der meedoen. Het is allemaal behoorlijk spacy, waar tevens een hypnotiserende werking vanuit gaat. De ongepolijste tracks weten je op mee te slepen naar onontgonnen terrein maar bevatten toch ook dikwijls die typische Pink Dots geluiden. Heerlijk bezinnende pracht en zeker voor de fans een must have.

 

Oratnitza – Alter Ethno (cd, Fusion Embassy / Xango Music Distribution)
Ik ben ooit via Dead Can Dance op het spoor gezet van Le Mystère Des Voix Bulgares. Dit vrouwenkoor met de mysterieuze nasale zang zet voor mij de eerste deur naar de meer wereldse muziek en folk open. Al gauw is geen land meer veilig voor mij, maar deze band zal ik altijd koesteren. Dat brengt me bij Oratnitza, eveneens uit Bulgarije, dat ergens in 2009 is opgericht. Op hun gelijknamige debuut uit 2012 is het nog vooral een mannenaangelegenheid met Hristiyan Georgiev (kaval, synthesizers, elektronica, zang), Ivan “Popa” Gospodinov (zang), Georgi “Horhe” Simeonov (didgeridoo) en Petar “Buny” Yordanov (cajon, tupan). Ze brengen een energieke mix van Bulgaarse folk, Balkan beats en dub(step), waarbij ze nog vrij traditioneel blijven. Hun tweede wapenfeit Folktron (2015) laat al een vrijer geluid horen, waar ze ook drum ‘n’ bass, andere wereldse klanken en vrouwelijke zang naast die van de heren laten horen. Inmiddels zijn zangeressen Asya Pincheva en Diyana Vassileva volwaardige bandleden geworden en vervullen op hun derde cd Alter Ethno een prominente rol. Hun zang lijkt op die van het genoemde Bulgaarse koor, wat van generatie op generatie aan vrouwen wordt overgedragen, dus in dat opzicht is het niet verwonderlijk. Maar het past zo mooi binnen de robuuste kaders die de mannen hier scheppen, al laten ze de zang in een zacht bedje landen. Daarbij laten ze ook zang horen die meer neigt naar de Scandinavische, zowel de heren als de dames. Het is mooi te horen hoe traditionele elementen weten te aarden op een moderne grond. Die grond bestaat uit Balkan Beats, jazz, Afrikaanse elementen, akoestische drum ‘n’ bass, funk en allerhande subtiele details. Ze mogen daarbij rekenen op steun van gasten op drums, percussie, saxofoons en synthesizers. Met de hand in het verleden maar de blik op de toekomst brengen ze Bulgaarse folklore 2.0, die fans van Le Mystère Des Voix Bulgares, Isihia, Eva Quartet, Värttinä en Wardruna ook wel zal aanspreken. Een wonderschone en door oerkrachten aangedreven, intense wereldplaat.

 

Ponk – Diedina (cd, Skywards Music / Xango Music Distribution)
In 2013 wordt het uit Tsjechië afkomstige trio Ponk opgericht, te Brno in het Moravische deel van het land met een rijke folkhistorie. Toch stelt Ponk dat folkore al jarenlang dood is, maar dat de grond waar dit begraven ligt uiterst vruchtbaar is. Op hun debuut Postfolklor (2015) laten ze dan ook een soort post-folk horen, vermengd met pop, rock, jazz, blues en r&b, waarbij ze tevens een hommage brengen aan alles dat dood is. Er is immer geen leven zonder de dood. Michal Krystýnek (zang, viool, altviool), Eduard Tomaštík (cimbalom, klavecimbel, zang) en Jakub Nožička (contrabas, elektrische bas) zijn nu terug met hun tweede wapenfeit Diedina. Hierop verbreden ze hun sound met gasten op sampler, viool, contrabas en extra zang. Ze serveren hier 13 nieuwe songs, die met hun wortels weer stevig in de vruchtbare Moravische grond zitten. Dat lengen ze ook aan met avant-garde, neoklassiek, rock, funk en pop. Met name de cimbalom zorgt voor een lekker ritme, al is de output hoofdzakelijk fijn melancholisch. Met dit alles doen ze zowel aan diverse traditionele als aan alternatieve groepen denken zoals Ser Un Peyjalero, Čankišou en Už Jsme Doma. De digipack zelf is ook wel het vermelden waard. Hierin zit namelijk een fraaie pop-up, waaraan je kan zien dat ze tot in de details zorg hebben besteed aan hun album. Een schitterend totaalkunstwerk.

Comments

comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.