Het schaduwkabinet: week 12 – 2018

Helaas is het allerlaatste witte neushoornmannetje in de wereld gestorven. Er zijn toch witte mannetjes die we veel liever zien verdwijnen? Enfin, wij hebben onze neus weer in van alles en nog wat gestoken voor onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: Alapastel, Angèle David-Guillou, Jack Hayter, Ministry, Northaunt, Peter Kernel, Preoccupations, Todd Tobias And Combo Qasam, Emmanuel Witzthum en Michael Wookey.

 


 

Jan Willem

Alapastel – Hidden For The Eyes (cd, Slowcraft)
Alapastel is het project van de Slowaakse autodidactische muzikant Lukáš Bulko. Hij debuteert nu op het fijne Slowcraft Records met Hidden For The Eyes. Hierop presenteert hij 8 stemmige tracks, die in basis steeds een afwisselende combinatie van (dark) ambient en neoklassiek vormen. Toch weet hij er diverse subtiele en mysterieuze elementen alsmede folk, drones en allerhande experimenten aan toe te voegen, waardoor het niet echt te classificeren valt of aansluit bij genregenoten als Olan Mill, Raison D’être en Deaf Center. Eén element dat het zeker anders maakt is de etherische zang van Alex Lukáčová en Marián Hrdina, die de muziek ook richting een This Mortal Coil, David Darling, Michael Nyman en zelfs Piiptsjilling laten koersen. Begrijp me niet verkeerd, want passen doen die vergelijkingen eigenlijk nooit helemaal. Bulko heeft een uiterst vrije manier van muziek maken, wat heel veel bijzondere, unieke momenten oplevert. En niet onbelangrijk, ook van een immense schoonheid. Maar luister vooral zelf middels onderstaande link!

 

Angèle David-Guillou – Mouvements Organiques (cd, Village Green)
De Franse muzikante Angèle David-Guillou, die beschikt over een gouden strot, leer ik via Piano Magic kennen. Daarna kom ik haar ook tegen als gast bij Laudanum, Ginger Ale, Peter Astor en The Go! Team en later ook als bandlid van The Silver Servants. Vanaf 2007 laat ze als Klima ook twee prachtalbums het licht zien. Onder haar eigen naam brengt ze in 2013 haar overdonderende album Kourouma uit, die net als haar tweede van Klima in mijn jaarlijst belandt. Eind vorig jaar komt ze eindelijk met haar nieuwe cd En Mouvement en brengt daarop een prachtige mix van neoklassiek, klassiek, Barokke en minimal muziek. Het schuurt nog maar heel lichtjes tegen de droompop aan. Een adembenemende beauty, die voor de jaarlijst net te laat is gekomen. Nu is er een vervolg of noem het addendum in de vorm van Mouvements Organiques, waarop ze slechts 5 stukken met een totale lengte van ruim drie kwartier presenteert. Het zijn orgelbewerkingen van enkele stukken van het oorspronkelijke werk. Zo is “Vraisemblance” in drie variaties als “Mouvements Organiques” (Part One-Three) terug te horen als een kruising van ambient en minimal music, die soms zelfs haast richting de drones koerst. Het is van een beklemmende pracht, die zo ver buiten haar oorspronkelijke muziek zit, maar toch net zo’n emotionele impact heeft. Daarnaast ondergaan eveneens “En Mouvement” en “Respiro” een schitterende orgelwassing. Als je haar werken naast elkaar zet, kan je haast niet geloven dat dit één en dezelfde artiest is. Wat een volslagen unicum!

 

Jack Hayter – Abbey Wood (cd, Gare Du Nord)
In de jaren 90 is er het Too Pure label dat menig leuke indierockbands naar buiten brengt. Onder hen ook Hefner. Nooit gedacht dat die groep nu nog eens genoemd zou worden, maar de gitarist uit die band, te weten Jack Hayter, is daarna nog altijd actief in allerlei projecten. Zo vind je hem terug bij Dollboy, Oliver Cherer, Papernut Cambridge en Ralegh Long. In 2002 laat hij ook al eens solo van zich horen met het album Practical Wireless. Nu is zijn tweede solo cd Abbey Wood een feit. In bijna drie kwartier brengt hij 12 stemmige singer-songwritertracks ten gehore, die ergens tussen folk, rock en blues uitkomen. Hayter beschikt over een fraai rauwe, herfstachtige stem die je zonder enige moeite mee weet te nemen op zijn persoonlijke muzikale trip. Zijn zang en gitaarspel worden her en der geruggensteund door artiesten op piano, zaag, hoorns, buis, drums en etherische zang; onder hen ook Oliver Cherer. Door de eigenzinnige combinaties en experimenten weet hij het verschil te maken, terwijl de muziek altijd goed doorwaadbaar blijft. Er hangt wel continu een mysterieuze zweem omheen. Hayter weet zich op een eigengereide wijze te nestelen tussen artiesten als Tom Waits, Roger Waters, Current 93, Lambchop, Bert Jansch, Robert Wyatt en Manfred Mann. Het is een indringend en tijdloos prachtwerk geworden.

 

Ministry – AmeriKKKant (cd, Nuclear Blast)
Ministry is een band met vele incarnaties. In 1981 starten ze nog als een discoband, maar dat groeit uit tot een met samples geladen industrialproject. Dan komt er nog metal bij en beleven ze hun hoogtepunt qua fanbase. Daarna wordt hun geluid alleen nog maar meer megalomaan. De groep is altijd politiek geëngageerd en daarom ook een doorn in het oog van de overheid. In 2008 besluit bandleider Alien Jourgenson (tevens Revolting Cocks, Lard) dat het genoeg is en doekt de band op. Dan zijn er toch weer zoveel misstanden in de wereld dat de groep een doorstart maakt in 2010. Maar het album From Beer To Eternity (2013) zou echt het afscheidsalbum zijn. Maar goed, wie had Trump toen aan zien komen? En als Jourgenson boos is, kan je maar beter uit zijn buurt blijven. Dus hier is dan het veertiende Ministry album AmeriKKKant. Hierop laat Jourgensen weer een venijnig industrial-metal geluid horen, waar hij net als het vorige album meer teruggrijpt naar de sound van de begin jaren 90. Dus vol samples, drumprogrammering, hard maar logger en wel de nodige versnellingen. “Victims Of A Clown” heeft zelfs wel iets weg van “Thieves”. Daarnaast wordt de muziek gelardeerd met harmonica, scratching en strijkinstrumenten. In de samples hoor je Trump nogal eens terug. Het is één grote aanklacht tegen de VS van nu geworden. Tevens Ministry op z’n sterkst en daarmee één van de weinige goede gevolgen van het huidige regime.

 

Northaunt – Istid III (cd, Glacial Movements)
Soms komen bepaalde zaken toch mooi samen. Neem nu het Glacial Movements label, dat vooral muziek uitbrengt waarbij je beelden krijgt van ijzige landschappen. Hierop brengt Northaunt nu het derde deel Istid III van zijn ijstijd-serie. Deel I+II zijn in 2015 al uitgebracht op Cyclic Law. Northaunt is sinds 1996 het dark ambient project van de Noorse muzikant Hærleif Langås, die daarnaast ook als The Human Voice en Therradaemon muziek maakt en tevens terug te vinden is in de groepen Mulm en A Cryo Chamber Collaboration. Op zijn nieuwe cd brengt hij in een kleine drie kwartier 5 langgerekte composities, die vol met ijzige dark ambient staan; overigens een tandje lichter van karakter dan de vorige twee edities. Naast subtiele pianoklanken en ambientgeluiden hoort je het klotsen van ijswater, gure wind, het bonken van ijsschotsen en andere veldopnames. Dit maakt, zeker met je ogen dicht, alsof je daadwerkelijk in een besneeuwd landschap, zoals op het plaatje van de hoes, bent aanbeland. Hoewel ik best uitkijk naar de lente, is deze intense, wonderschone ijsplaat meer dan welkom.

 

Peter Kernel – The Size Of The Night (cd, On The Camper)
Vanuit Zwitserland vormen Aris Bassetti (gitaar, zang) en de Canadese Barbara Lehnhoff (bas, zang), die ook opereert als Camilla Sparksss, sinds 2005 de rockband Peter Kernel. En hoewel rock wellicht een redelijk uitgekauwd genre is, weten ze keer op keer te verrassen met hun bijzondere aanpak en telkens wisselende mixen van stijlen die ze door hun rocksound mengen plus hun pakkende, stekelige zang. Dat is eveneens het geval op hun vierde cd The Size Of The Night. Ze lengen hier hun rock aan met een smaakvol amalgaam van artrock, indie, noise, wave en zelfs wat krautrock-elementen. De muziek is wat kalmer en eveneens meer psychedelisch dan voorheen. Op zorgvuldige wijze bouwen ze hun songs op, die weliswaar minder energiek, hard en uptempo zijn dan voorheen maar waarvoor je heel veel mysterieuze pracht voor terugkrijgt. Wellicht even wennen, al ben ik meestal gewoon blij als een band zich blijft vernieuwen en zoals hier tevens andere grenzen probeert te exploreren. Uiteindelijk weten je ze met hun hernieuwde sound net zo eenvoudig in te pakken als voorheen, waarbij het album per luisterbeurt blijft groeien. Denk aan een volslagen eigengereide kruisbestuiving van Space Siren, The Breeders, Blonde Redhead, Pinback, Deer Hoof, Pain Teens en Sonic Youth. Dat laatste komt naast de soms licht ontstemde gitaargeluiden ook wel doordat Barbara’s zang wel associaties oproept met die van Kim Gordon. De groep brengt ook nog drums, elektronica en andere instrumenten, maar daar vind ik op de cd en online geen info over. Maakt ook niet heel veel uit, want het overtuigende en geweldige eindresultaat is waar het uiteindelijk om draait. Het zijn bazen deze twee!

 

Preoccupations – New Material (cd, Jagjaguwar / Konkurrent)
Duidelijkheid is altijd al een punt geweest van de leden van Preoccupations, ten minste wel van Matt Flegel (bas, zang) en Michael Wallace (drums) betreft. Zij zitten eerst nog in de leuke indierock groep Women, die daarvoor nog Veritas heet en meer mathrock maakt; duidelijk dat er toen al een nieuwe naam nodig is. Nadat bandlid Chris Reimer (gitaar, zang) in 2012 overlijdt, valt die groep uiteen in enerzijds Cindy Lee (met broer Pat Flegel) en anderzijds Viet Cong, waar de genoemde heren deel van uitmaken. Scott “Monty” Munro (gitaar, synthesizer) en Daniel Christiansen (gitaar) voegen zich bij hen. Ze kiezen een andere muzikale koers en brengen dan op rauwe wijze een mix van post-punk met psychedelica en innovatieve experimenten. Een nieuwe naam is alleen om die reden al wel zo duidelijk. Dan gaan er relaties uit en verhuizen de 4 Canadezen naar een andere stad. De koers van Viet Cong wordt iets gewijzigd en sowieso hebben ze een nieuwe start gemaakt, dus gaan ze verder als Preoccupations. Naast post-punk richten ze zich ook meer op new wave en noise-rock, wat een nieuwe naam ook wel rechtvaardigt. Het schept wederom duidelijkheid. Twee jaar geleden brengen ze hun gelijknamige debuut uit, dat een heerlijke mix van de jaren 80 en het hier en nu is geworden. Een perfect album voor de melancholici, zoveel is duidelijk. Toch kan je overdrijven met duidelijkheid, want om je tweede album nu New Material te noemen is net iets te overdreven duidelijk. Enfin, ze brengen 8 nieuwe tracks die samen een goede 36 minuten duren. Hierop gaan ze verder met het brengen van nostalgische songs vol post-punk, new wave, noise en artrock. Maar ze gaan meer dan ooit de diepte in en de gebrachte emoties zijn uit het leven gegrepen en haast voelbaar. Het zal liefhebbers van zowel Joy Division, Bauhaus, Virgin Prunes en New Wet Kojak als Interpol, Iceage en Parquet Courts wel aanspreken. Hun allerbeste tot nu toe, laat dat duidelijk zijn.

 

Todd Tobias And Combo Qasam – Massabu Evening Entertainments (cd, Tiny Room Records)
4 Coyotes, Clouds Forming Crowns, Circus Devils of Psycho And The Birds, het zijn allemaal groepen waar je de Amerikaanse componist en multi-instrumentalist Todd Tobias kunt aan hebben getroffen. Maar wellicht ken je hem ook wel van één van zijn solowerken die hij vanaf 2012 naar buiten brengt. Zijn output is heerlijk onvoorspelbaar, want in den beginne is het vooral artrock en psychedelische rock om vervolgens naar ludieke ambient of avant-garde over te schakelen. Er zit dikwijls wel iets etherisch en soms Oosters in zijn sound verscholen, maar voor de rest is er geen peil op te trekken. Twee jaar terug komt hij met het schitterende album Gila Man, waarop hij een imaginaire psychedelische Western brengt. Neoklassiek, krautrock, dark ambient en avant-rock passeren net als tuimelgras de revue, al lijkt de setting allesbehalve een aardse. Hij krijgt daarbij hulp van Chloë March, die het geheel van prachtig woordloze zang voorziet. Diezelfde zangeres geeft weer acte de présence op de nieuwe cd Massabu Evening Entertainments van Todd Tobias (drums, percussie, akoestische gitaar) en zijn fictieve Combo Qasam. Dit kwartet zou de huisband zijn van een in een grot gesitueerde nachtclub The Blind Baboon in de Oosterse havenplaats Massabu. Ze spelen tot bloedens toe op elektrische gitaar, rebab, kaban, fluit, hoorn, orgel, rababah, bas en lepels hun Oosterse muziek, totdat iedereen aan het dansen is. Er is geen ontkomen aan. Naast Chloë zijn verder nog zangeres Pat Moonchy (Sothiac, Doubleganger), die een Diamanda Galas-achtig geluid in huis heeft, plus zijn gitaar spelende broer Tim Tobias (Guided By Voices) die een bijdrage leveren. De bevreemdende setting is geschetst. Nu de muziek nog, die inmiddels al voor de zoveelste keer voorbijkomt, aangezien het feestje van 14 tracks maar een krappe 29 minuten duurt. Maar een feest het is! Je krijgt echt de indruk op een wonderlijke uithoek in de Oriënt te zijn beland waar diverse reizigers met de locale bevolking aan het jammen zijn geslagen. De muziek is een avontuurlijke en telkens verrassende kruidenmix van Oosterse muziek, psychedelische rock, krautrock, rammelige metal, noise en avant-pop. Alsof Musafir, Secret Chiefs 3, Can, Broadcast & The Focus Group, Naked City, Diamanda Galas en Popul Vuh stiekem hun eigen feestje aan het bouwen zijn. Het is net zo wonderlijk en surrealistisch als verslavend goed en gewoonweg betoverend. Schitterende muziek van de buitencategorie.

 

Emmanuel Witzthum – Songs Of Love And Loss (cd, Eilean Rec.)
Violist en componist Emmanuel Witzthum is een multidisciplinaire artiest en docent, die zijn muzikale scholing in New York heeft gehad. Hoewel ik zijn eerste soloalbum Strings (2011) heb gemist, is Witzthum geen onbekende voor mij. Hij is namelijk ook terug te vinden in E And I (met Craig Tattersall (Hood, The Boats, The Remote Viewer)), Ensemble Intercontemporain (opgericht door Pierre Boulez) en The Humble Bee & Players (met Danny Norbury, Bill Seaman, Craig Tattersall). Nu is hij terug met het solowerk Songs Of Love And Loss. Met altviool, stem en elektronica heeft hij 4 composities gecreëerd, die bij elkaar ruim 38 minuten duren. Hij brengt combinaties van drones, neoklassiek en gruizige ambient. De uiterst subtiel gedetailleerde muziek is van een overrompelende, maar fijne melancholie, waarmee vooral de “loss” kant hier benadrukt lijkt. Het houdt ergens het midden tussen Richard Skelton, Olan Mill en A Winged Victory For The Sullen. Wat een zinnenstrelende pracht!

 

Michael Wookey – Hollywood Hex (cd, We Are Unique! Records)
De Engelse zanger en multi-instrumentalist Michael Wookey maakt doorgaans melancholische muziek maakt die ergens tussen altpop, indie en folk landen. Maar hij kan ook plots met speelgoedmuziek of onvervalste blues uit de hoek komen. Dat heeft hij al laten horen op zijn sterke album Submarine Dreams (2013). Nu is er met Hollywood Hex, uitgebracht op het leuke We Are Unique! Records, eindelijk een vervolg. Wookey woont al meer dan 5 jaar in Parijs en laat zich hier dan ook door veel Franse muzikanten begeleiden. Dat zijn onder andere de strijkers van The Section Quartet, leden van Angil & The Hiddentracks op contrabas, zang en basklarinet en anderen op trombone, eufonium, tenorhoorn, speelgoedpiano, trompet, viool, bas en zaag. Verder mag hij voor de drumpartijen rekenen op Ryan Pope van The Get Up Kids. Enfin, zoals hij zelf tegenwoordig zou zeggen, zijn er 11 nieuwe tracks uitgerold van ruim 36 minuten bij elkaar. En die mogen er wezen. De cd opent heel klein met een speelgoedpiano voordat de strijkers en blazers erbij komen en die heerlijk verhalende zang van Wookey, die wel wat aan John S. Hall (King Missile) doet denken. Hoewel hij met al die instrumenten gemakkelijk uit de bocht kan vliegen, houdt hij het sober en bij ingehouden bombast. Hierdoor komen de lekker melancholische emoties goed uit de verf. In verschillende combinaties van stemmige orkestraties, blaaspartijen, samenzang en onverwachte sounds/samples laat hij dat erna ook horen, waarbij zijn zang je door dit alles loodst. Hij brengt een fijne, dikwijls licht mysterieuze mix van barokke pop, experimentele muziek, kamermuziek en folk, die het originele midden houdt tussen Ivor Cutler, Angil & The Hiddentracks, John Lennon, Misophone, Devendra Banhart, Why? en Day One. Mooier kan ik het ook niet maken. Chapeau!