Jaarlijst 2015: Ludo

kenny_b-kenny_b10. Kenny B – Kenny B
Een beetje verliefd. Kennie beter hè? Het jaar ging niet voor niets in sneltreinvaart voorbij. De boel is inmiddels wel weer onder controle, maar even leek het toch echt 1997. (Net als in de hogere regionen van deze jaarlijst.) Als laatste naschok dansen we nog één keer op de vrolijke reggae-klanken van de Surinaamse Hazes. ‘Gewoon in me patta’. Kenneth Bron was ooit vredesonderhandelaar in de duistere tijden van de junglecommando’s en Bouterse. Een man die de lastigste hartjes kan lijmen dus. Hij heeft die liefde voor muziek en de mensen. En net zoals bij het grote voorbeeld Hazes wordt de sentimentele traan – de meest gelukkige traan die er bestaat! – hier nooit uit het oog verloren, zelfs niet als ie al in een ooghoekje blinkt. ‘Soms lukken dingen, en soms lukken ze niet.’ Mijn favoriete moment zit in Tjaipi Lobi. (Ik heb wel een vermoeden wat dat betekent.) Kenny hoeft van mij geen Nederlands met me te praten. Zijn multiculturele lingua franca swingt stukken stoerder. Tijdens het outro van Tjaipi Lobi ‘spit’ hij uit het niets nog een kippenvel-verse, in een combi van ik weet niet hoeveel talen. Alle spraakverwarring verleden tijd. ‘Helemaal okay en zo switi met je vibe.’

The Tallest Man On Earth9. The Tallest Man on Earth – Dark Bird Is Home
Na zoveel intimiteit snel gevlucht in het oude vertrouwde. De indie die er altijd zal zijn. ‘I’ve been dreaming of a second run.’ De folky snaren-geselaar met de droefsnoeten-stem en de Dylan-pose. Ik schaam me er zachtjes voor dat ik dit rondje om de kerk boven Sufjan Stevens’ pijn verkies, maar het zij zo. De muziek moest een beetje simpel zijn dit jaar. Eén van de tofste concerten was uit hetzelfde hout gesneden. Matthew Caws (van Nada Surf) stond in de Mezz. In zijn uppie. Hij dronk de wijn, maakte de grapjes en speelde de hits. De kleine maar trouwe fanschare brulde ze mee. Over een jaar of tien zal de Tallest Man vast hetzelfde doen. Tot die tijd is break-up-plaat Dark Bird Is Home zijn poging om groot te worden. De Blaudzun op wereldformaat. De nieuwe Damien Rice. Dat betekent wohóóó-refreintjes die iedereen mee kan zingen, zwevend op massieve synths en massale achtergrondkoortjes. Misschien ben ik door al dat concertbezoek geïndoctrineerd, maar ik ging er probleemloos in mee. In ‘Darkness of the Dream’ benadert Kristian Mattson mijn allergrootste formatieve held: Bruce Springsteen. ‘Suddenly the rain is the only part you feel.’

badbadnotgood_ghostface-sour_soul8. Badbadnotgood & Ghostface Killah – Sour Soul
We blijven als een lijpe fan rondhangen op veteranendag. Caws kreeg een schouderklopje. Extince maakte zelfs een heuse ‘gang sign, framing his face’ naar me. OMG! Zijn bevrijdingsdag-optreden in Breedje Da werd dus prompt een feestje. De Exter-O-Naldus oogde én klonk scherp. Hij kan met Ghostface zeggen: ‘I got my swagger back and all that.’ De enige Wu-tanger die de hype van die ‘unieke’ plaat niet nodig had, was druk in de weer met collabo’s. Samen met het postboppende Badbadnotgood zoekt Ghost de randen van de jazz op. De bassist walks that walk, de drummer is ridin’ those rides. Hoor ik daar een vibrafoon? Met wat fantasie wordt het net het Modern Jaz Quintet. Tussen de ademruimtes door deelt maestro Ghostface zijn street knowledge. ‘Putting these books to the test.’ Hij verkeert in blinkende vorm. Als een Jazz Messenger (of een Guru) pleit hij voor yoga. Hoe mindful wil je het hebben? Twaalf ‘nuggets of wisdom’ voor iedereen die de hiphop-soul wenst te verlichten. ‘Exercising the mind is scientifically proven to increase your life line, and strengthen your heart.’ Ghost gaat altijd tot het gaatje. Inclusief wortel. (Wordt je ook slim van.)

future-ds27. Future – DS2
Als de Volkskrant het al zegt… Nee echt, 2015 was een uitstekend jaar voor hiphop. Drake, Freddie Gibbs, Kendrick Lamar, Vince Staples en zelfs good ol’ Rick Ross, ze brachten allemaal straffe platen uit. Op een paar van die albums had de excentrieke Future al features die deze guest star tot hoofdprogramma transformeerde, en op DS2 is er helemaal geen houden meer an. Hulp is ook niet gewenst. ‘I took out the middle man’. De man met de hoed is vast de reden dat Memphis een dandy werd. He serves the base. De drummachine ratelt, de synths fungeren als walmende rookmachines, en Future… Die dampt zijn pijn weg. Dirty Sprite 2 is een curieuze, soms bijna bluesy plaat. Tegelijkertijd even menselijk als machinaal. ‘I just took a piss and I saw codein coming out.’ Is Future’s oude indianenziel gestorven, of gewoon overgenomen door een synthetische geest? ‘They should’ve told you I was on the pill.’ Future kronkelt en kreet zich door ladingen autotune-psychedelica. Resultaat: onnavolgbare schticktalk en licktalk. Bij hem kan ‘rich sex’ prima als ‘recess’ klinken. Het zijn zulke associatieve verbanden die zijn muziek zo verslavend en invloedrijk maken. Wat een sound.
bill_wells_and_aidan_moffat-the_most-important_place_in_the_world6. Bill Wells & Aidan Moffat – The Most Important Place In The World
‘What’s the worst that could happen?’ Mompelende kommaneuker Moffat heeft meer gemeen met Future dan je zou denken. Hij begint nota bene óók over flip flops, al zullen de zijne vast geen Gucci’s zijn… Begeleid door de drummachines en het pianowerk van Wells allitereert Moffat hier weer een smeuïg plaatje vol. ‘Nothing sounds sweeter than a stolen sigh.’ Niks nieuws onder de zon, ergo, geen zon in zicht. Benevelde bewolking is wat de fans wensen én krijgen. Moffats half-gesproken en vals-gezongen woorden horen er gewoon elk jaar bij. Vergeleken met hun vorige samenwerking klinkt The Most Important Place  een mespuntje romantischer. Vanaf het geluid van een knipperlichtende richtingaanwijzer koersen de twee stug richting het verknipte schuiffelliedje van dit jaar. Any Other Mirror Will Do is romance op zijn allersmoezeligst. Het bossa-ritme van de Casio tikt strak de maat en Moffat zegt waar het op staat. ‘I may be a useless prick, but I feel ugly, old and thick in any other mirror but you.’ Trouwens, wat zou een comeback van Arab Strap bij Ladbrokes doen? Die Eleven Year Glitch is nu wel ‘voorbij’ jongens.

Who Is the Sender?5. Bill Fay – Who Is The Sender?
Fishes in a pod, ain’t got a clue, don’t know a thing, about the world in which we live.’ Ik zal hier de staat van de wereld niet met u doornemen, maar er waren betere jaren, nietwaar? We lijken collectief bevangen door een angst voor de angst. En dat is een angst die vele malen gevaarlijker is dan alles dat er werkelijk zou kunnen gebeuren. De blinde paniek lijkt eerder een manier om elke verantwoordelijkheid te kunnen ontlopen. Altijd maar dat afschuiven. Geen toekomstvisie in het geschiet. ‘We pay our taxes to the war machine’ hóeft geen cirkel des levens te zijn. De oude hippie Bill Fay wijst er als Laatste Mohikaan met enige weemoed op. Hij heeft aandoenlijk bibberend nog wat mooie idealen. Uit de tijd, maar daarom juist tijdloos. Fay zingt zijn earth songs in het licht van stralend naïeve strijkers. De Buchaneske pianoakkoorden doen de beestjes uit hoeken en gaten tevoorschijn kruipen. Ook zonder de mensen zullen die er altijd nog zijn. Hoop ik. Zelfs in Fay’s natuurbepiegelingen valt er nooit helemaal te ontkomen aan de politiek en de harde realiteit. ‘The geese are flying westwards, above where I am sweeping, in the factory below.’

Simple Songs4. Jim O’Rourke – Simple Songs
‘I am friends with so many of the dead.’ Moeilijkste album uit de lijst. Als ik ‘m een tijdje niet draai, herinner ik me een slechts een kluwen van onontwarbaar vernuftige songsmederij. De plaat lijkt dan te imploderen onder het gewicht van O’Rourke’s klasse. Zodra ik Simple Songs weer opzet, word ik echter meteen overweldigd door emoties. Het is écht een geheel, een ouderwetse seventies-songcyclus. Mijn associaties met Nilsson en Cat Stevens zijn bijkans beledigend. O’Rourke gaat veel dieper. Ik voel een soort trots voor de man die naast zijn glitch-werk ook zoiets klassieks kan maken. Wat een multi-talent ben je dan. O’Rourke heeft de hulp van Wilco’s Tweedy niet nodig om de Loose Fur uit te hangen. Het enige wat je ‘m daarvoor moet gunnen is tijd. ‘Is that too much to ask?’ Elk van de acht liedjes moet even aangezwengeld te worden, maar als de boel van de grond komt, zijn ze ook goed weg. In grootse Motorpsycho-stijl, gesmeerd met fraai Let Them Eat Cake-strijkerwerk. De telecasters beginnen te klapwieken en O’Rourke haalt de vaak wat verstopte vocalen uit zijn tenen. ‘All seats are taken’, brult hij. Blij dat ik toch een plaatsje bemachtigde.
bop_english-constant_bop3. Bop English – Constant Bop
Petralli heeft al sinds half juni niks meer op zijn Twitter gepost. Er zal dus wel een nieuwe plaat van White Denim aankomen. Tussendoor was er dit stukje spielerei voor popnerds. Petralli maakt geen geheim van de herkomst van zijn invloeden. English, english, english. Dani’s Blues hamert er meteen Beatlesk op los. (Ja, ik zei het echt.) Powerpop-sausje eroverheen en smullen maar. Constant Bop is constant leuk. Lekker jakkeren in die oude Who-stijl. Petralli doet niet moeilijk, ik ook niet. The Hardest Way is mijn favoriete liedje van dit jaar. Het geluid van die haperende piano alleen al. Fragiel dwarrelen de noten uit een kapotte cassettespeler. ‘From time to time you and I get lonesome.’ De bas pompt lucht in de leegte. De piano-akkoorden blijven groeien en beginnen over elkaar heen te buitelen, tot ze geen kant meer op kunnen. Alles echoot, alles kaatst. Ze moeten eruit. ‘Are we doing this the hardest way?’ Not anymore. Gitaarlijnen wijzen de weg van lo-fi naar hi-fi. Petralli kan wat Stephen Steinbrink kan. (Dé ontdekking uit de jaarlijstjes van vorig jaar.) Constant Bop arranged waves als de beste. In alle springlevende kleuren van het leven.
12 Jacket (3mm Spine) [GDOB-30H3-007}2. Surfer Blood – 1000 Palms
‘Every day we’ll be clearing the cobwebs away.’ Elk jaar probeer ik mijn jaarlijstartikel niet in sentimentaliteit te doen stranden, en elk jaar blijkt dat voornemen zinloos. Ik ben nu eenmaal gevormd door al die Eels-albums, waarop Mr. E zich richting slot immer moed inspreekt. Zo hoort het. Zoals ik al zei, aan de top van deze jaarlijst komt die flashback naar de nineties. Back to high school. De tijd dat de Travoltas Modern World opnamen en ik met een meisje naar mijn allereerste concert in de Para (RIP) ging. De jongens van Surfer Blood zullen nooit van de Travoltas gehoord hebben, maar ze hebben toch echt Dongens surfbloed door de aderen stromen. Op 1000 Palms knutselen ze hit na hit rond eindeloze lagen Beach Boys-vocalen. De meerstemmigheid is onweerstaanbaar uitgekiend. Vergeleken met de Travoltas wordt het gaspedaal verder niet al te diep ingetrapt. Ik stel me graag voor dat ze het gewoon niet sneller kunnen. Als de gitaren wat stekeliger worden, speelt Surfer Blood ook nog tikkertje met de Feelies. En wat was mijn favoriete concert van dit jaar? Nouveau Vélo. De Nederlandse Feelies. We houden het graag dicht bij huis. ‘I can’t explain, I can’t explain’.
happyness-weird_little_birthday1. Happyness – Weird Little Birthday
Bel een ambulance. Er moet iets niet in orde zijn. Happyness is gearriveerd. Neem meteen al uw pillen tegen originaliteitskriebels in, anders gaat dit ritje niet werken. Deze jongens hadden zich gewoon The Good Morning Spiders moeten noemen. Een betere Sparklehorse tributeband zal er nooit bestaan. Misschien roept Linkous vanaf zijn ster wel iets als: ‘I am a motherfucking birthday boy, don’t steal my thunder, baby Jesus.’ Ik hoop dat hij er net als ik de schoonheid van in kan zien. Een paar jonge Britten totaal onder de indruk van zijn wereldje. Ze leenden de filtertjes, de postgrunge gitaren, de geinige teksten – ‘spent all my money on my band’ – en wanneer ze het niet meer wisten, zochten ze het tijdelijk elders. Bij Wilco of Chad Vangaalen bijvoorbeeld. Weird Little Birthday is al acht nummers goed op weg, als de bijna-titeltrack de beste fase inluidt door negen (9!) heerlijke minuten lang op één Yo La Tengo-riffje blijft hangen. Totale ontspanning. De zanger denkt na drie minuten ‘ik zal ook eens meedoen’, de gitarist besluit tot een solo na vijf. Ik kreeg er het hele jaar maar geen genoeg van. (De clip is trouwens ook in toepasselijk Lynchiaanse stijl.) Wie stiekem toch wegdoezelt, wordt wakker ge’woehoed’ met het springerige  It’s On You. Snel daarna kunnen we echter alweer terug naar de wieg van Linkous. Als een little fat baby tevreden staren naar de sterren van dit perpetuum mobile.

‘And that’s all I’ve got say about it, tonight.’