Links of rechts, hier gewoon het lijstje voor iedereen uit het:
SCHADUWKABINET
Ik luisterde naar: Hildur Guðnadóttir, Anna Von Hausswolff, Herr Wade, Jessica Moss, Ritual Howls, -ii- en Hilary Woods.
Jan Willem
Hildur Guðnadóttir – Where To From (cd, Deutsche Grammophon)
De IJslandse celliste en componiste Hildur Guðnadóttir, die menigmaal in de prijzen is gevallen, is een bijzondere in het hedendaagse neoklassieke landschap. Ze grossiert de laatste jaren in soundtracks, maar brengt vanaf 2009 ook met enige regelmaat een regulier studioalbum uit. Daarnaast heeft ze hand- en spandiensten verricht voor onder meer Stórsveit Nix Noltes, Pan Sonic, The Knife, Wildbirds & Peacedrums, múm, Angel, Skúli Sverrisson, Hilmar Jensson, The Hafler Trio, Jóhann Jóhannsson, Nico Muhly, Valgeir Sigurðsson, Schneider TM, BJ Nilsen, Ben Frost, Sunn O))), Hauschka, Fever Ray, Ryuichi Sakamoto, David Sylvian, en Stilluppsteypa. Bepaald niet wars van enig experiment. Nu is ze op neoklassiek verslinder Deutsche Grammophon terug met Where To From. Ze presenteert hier in ruim 31 minuten 9 nieuwe composities in opdracht van het Barbican, Volksbühne am Rosa-Luxemburg-Platz Berlin en een consortium van partnerpodia en festivals. Hildur hoor je hier op cello en zang, waarbij ze bijgestaan wordt door Constance Ricard (cello), Liam Byrne (viola da gamba), Peyee Chen (sopraan), Nina Guo (sopraan) en Sarah Saviet (altviool). Hierop wilde ze het contemplatieve verkennen, waarbij ze de relatie onderzoekt tussen strijkers en stemmen en de ruimte die muziek creëert en vastlegt. Het zijn verstilde stukken, waar je enkel op narcotiserende wijze intens van kan genieten en bovendien troost, rust, liefde en bezinning ontvangt.
Anna Von Hausswolff – Iconoclasts (cd, Year0001)
De Zweedse zangeres, pianiste en organiste Anna Von Hausswolf, dochter van muzikale vader en elektronica experimentalist CM Von Hausswolff, heeft altijd volledig haar eigen muzikale koers gevaren. Daarbij houdt ze doorgaans het midden tussen soundscapes, drone, folk, post-rock, wave, minimal music en neoklassiek, waarbij veel ruimte is voor het experiment. Na een pauze van 5 jaar is ze terug met haar nieuwe album Iconoclasts. Ze laat zich altijd inspireren door grote thema’s en dat is niet anders op dit nieuwe album, waar ze haar rauwe krachten van stem en orgel tot weer een hoger niveau weet te tillen. Het album is ontstaan uit haar toneelwerk “Atlas Song”, een danstheaterproductie die de Opera van Göteborg uitverkocht; dat ze hier opnieuw brengt als een meeslepend outsider rock statement. De ongedwongen samenwerkingen van Iggy Pop,t Ethel Cain en zus lief Maria Von Hausswolff passen daar goed bij, maar ze geeft toch haar eigen nuance bij dat alles. Tevens mag ze rekenen op diverse andere gastmuzikanten op gitaar, drums, bas, synthesizer, elektronica, saxofoon en klairnet plus een strijkensemble. Alles is een tandje bombastischer, harder en heftiger, maar op een rare manier ook soms wel beter doorwaadbaar. Hiermee weet ze je in 12 nummers lang en zo’n uur breed stevig in de houdgreep te nemen met niet alledaagse muziek. Anna Von Hausswolff is en blijft een bijzondere, iconische muzikante in de hedendaagse muziek.
Herr Wade – The Opposite Of Cool (cd, Platiruma!!!)
Herr Wade is een Duits-Noors duo dat de laatste tijd op hoog tempo de ene na de andere kwalitatief hoogwaardige indiepop en rock album het licht laten zien. De kernformatie bestaat in principe uit muzikant en Platiruma!!! labelbaas Sebastian “Seb” Voss (Nah…, The Fisherman And His Soul) en zijn Scandinavische collega Jørn O. Åleskjær (Sapphire & Steel, The Loch Ness Mouse). Ze werken nogal eens met een bepaalde thematiek. Hun nieuwe album The Opposite Of Cool haakt in op het vorige album This Is Softcore van eerder dit jaar, die vooral ging over allerlei vormen van verval en hoe daarmee te dealen. Nu is het uitgangspunt dat James Bond dood is en wat nu te doen? Vandaar dat ze de albumtitel ook speels is opgeschreven. Maar ja wat nu? Gewoon weer fraaie muziek daar tegenover stellen. Ze openen met “Haus Mit Aussicht”, waar ook het muzikale Bond thema te horen is. Seb (zang, gitaren, bas, keyboards, drums, drumcomputer, programmering) en Jørn (gitaar, viool, percussie, keyboards, achtergrondzang) brengen in een goede 27 minuten 7 nieuwe, aanstekelijke songs. Hierbij krijgen ze hulp met de strijkarrangementen, teksten en keyboards. Hoewel de sound van Herr Wade herkenbaar is, mede door de fijne zang, bieden ze toch iedere keer net weer wat anders. Neem albumhoogtepunt “Am Tag, And Dem Er Die Musik Vergaß” alleen al, waar ze een soort Oosterse melodie doorheen weven, die me ook wel aan de latere The Triffids doet denken; echt een nummer van uitzonderlijke pracht. Verder lopen de associaties dwarrs door het hele indie klanklandschap. De nummers bieden hoop, troost en zijn voor de rest ook gewoon om intens van te genieten. Klasse!
Jessica Moss – Unfolding (cd, Constellation / Konkurrent)
De Canadese violiste, zangeres en geluidskunstenares Jessica Moss is al eventjes onderweg, als ze haar solocarrière begint. Ze is namelijk te horen (geweest) in groepen Thee Silver Mt. Zion, Black Ox Orkestar en The Geraldine Fibbers. Daarnaast is ze actief geweest als gastmuzikant bij bij Sackville, Frankie Sparo, The Arcade Fire, Carla Bozulich, Vic Chesnutt, Big Brave, Daniel O’Sullivan, Oiseaux-Tempête en Zu. Nu levert ze haar vijfde soloalbum Unfolding af. Zoals altijd legt ze lat hoog en varieert ze met de ingrediënten, waardoor elk album geheel op zich staat. Hier neigt ze met haar muziek haast naar een combinatie van neoklassiek, drones en voor het eerst ook ambient. Het is een muzikale klaagzang geworden, waar af en toe ook daadwerkelijk gezongen wordt. Ze krijgt hulp van The Necks-drummer Tony Buck (tevens Peril, Aus, Glacial, Kletka Red) en met producer en hier ook zanger Radwan Ghazi Moumneh (Jerusalem In My Heart). Het album is, wat de titel eigenlijk al aangeeft, langzaam ontstaan en waar Moss zelf het volgende over zegt: “Gedurende de afgelopen twaalf maanden, het tweede volledige jaar van de genocide in Palestina, als directe reactie op onze collectieve getuigenissen, ons collectieve verdriet, als een portaal naar collectieve rouw, als een zoeklicht door onze interne weersystemen, elkaar zoekend in de duisternis. De onscheidbaarheid van het persoonlijke en het politieke is de afgelopen twee jaar, net als voor zovelen, steeds sterker geworden.” Hetgeen ze uit wil dragen is derhalve ook zo sterk en intens, dat het haast tastbaar wordt Sommige stukken schreeuwen haast iets wanhopigs uit. Toch voel je ernaast de kracht van de pracht in dat alles. Een ongeëvenaard kolossaal kwetsbaar kunststuk.
Ritual Howls – Ruin (cd, Felte / Konkurrent)
Voor een lekker potje gothic, wave of andere aanpalende genres mag je me gerust wakker maken. Wel is het vaak zo, dat je dan tot de conclusie komt dat het ooit al eens beter is gedaan. Toch zijn daar genoeg uitzonderingen op, wat zeker geldt voor het Amerikaanse combo Ritual Howls. Sinds 2012 timmeren ze op de donkere weg en hebben al 5 puike albums geproduceerd. De groep bestaat al die tijd uit Paul Bancell (zang, gitaar), Christopher Samuels (synthesizers, sounds, drums, gitaar) en Ben Saginaw (bas). Ze zijn nu terug met hun zesde wapenfeit Ruin, wederom op het label Felte; deze grossiert in die muziek en heeft dikwijls ook dat oude, donkere 4AD geluid in huis. Het nieuwe album is grimmiger en schimmiger dan voorheen, maar ook voller en pakkender. De zware maar heldere zang gedijt weer goed op de donkere onderlagen. De link met de Sisters Of Mercy is al snel gelegd, maar ook elementen van KMFDM, Clan Of Xymox, Swans, Modern English en Bauhaus worden op originele geïncorporeerd in de muziek. Het is allemaal loodzwaar maar ook betoverend. Ouderwets genieten!
-ii- – Apostles Of The Flesh (cd, -ii- / Vois Connaissez?)
Ja hoe deel je een band als -ii- in? Two Eyes schijn je te moeten zeggen, dus met twee i’s toch maar bij de t. Het is hoe dan ook een Franse groep bestaande uit Hélène Ruzic (zang, piano), Benjamin Racine (gitaar, bas, synthesizer, percussie, kayamb, xaphoon, bouzouki, piano), Maxime Keller (bas, synthesizer, piano) en David l’Huillier (drums, percussie). Op hun tweede in eigen beheer uitgebrachte album Apostles Of The Flesh brengen ze in zo’n 65 minuten 12 nieuwe tracks. Ze maken iets dat op een redelijk doorwaadbare wijze tussen gothic, metal, shoegaze, noise, industrial, grunge en post-rock finisht. Met name de vrouwelijke zang houdt het verder stevige geheel nog ietwat luchtig. Hun sound is verder vol en massief, waarbij de invloeden uiteenlopen van onder meer Opium Den, Chelsea Wolfe en GGGOLDDD tot Nine Inch Nails, Killing Joke, Esben And The Witch en Made Out Of Babies. Daarbij komen ze soms vervaarlijk hard uit de hoek, maar weten ze er ook altijd wel de nodige emotie in te leggen. Ik denk dat ze er een breed publiek mee kunnen bedienen. Een imponerend donker goed!
Hilary Woods – Night CRIÚ (cd, Sacred Bones / Konkurrent)
Na haar deelname aan de alternatieve rockgroep JJ72 van 1996 tot 2003 start de Ierse Hilary Woods haar, inmiddels indrukwekkende, solocarrière. Dat was eerst onder de naam The River Cry waarmee ze folkgetinte indierock maakte en daarna onder haar eigen naam. Dat heeft drie geweldige albums opgeleverd, waarbij het daglicht steeds verder uit haar muziek lijkt weg te ebben. Ze koerst met haar mix van folkgetinte indierock, ambient, droompop en downtown elektronica langzaam naar iets waar ook drones, neoklassiek en experimenten onderdak krijgen. Daarbij weet ze wonderschone muziek te koppelen aan unheimische dan wel ongemakkelijke. Ze is nu terug met Night CRIÚ, waar ze in ruim 31 minuten 7 nieuwe nummers serveert. Woods brengt hier naast zang ook synthesizers, tape, veldopnames, gitaren en elektronica. Ze wordt vergezeld door een kinderkoor en een jeugd brassband, die tuba, trombone, hoorn, euphonium, cornet en vleugelhoorn brengt. Verder zijn er gastmuzikanten op viool, altviool, cello, percussie, drums, fluiten, houtblokken en zang. Hoewel haar vorige, derde album Acts Of Light (2023) wellicht de boeken inging als haar voorlopige hoogtepunt, kan hetgeen ze hier laat horen daar aardig aan tippen en gaat daar in schoonheid soms gewoon overheen. Ergens tussen folk, neoklassiek en dark ambient ontvouwen haar creaties zich als pas ontpopte vlinders in de nacht. Het is iets minder grimmig dan de voorganger, maar wel weer zo meeslepend en intens. De accenten en associaties verschuiven iets, want hier moet je denken aan een steeds wisselende hybride van Lankum, Penelope Trappes, Grouper, Julianna Barwick, Low en This Mortal Coil. Een adembenemende, diepgravende beauty!
