Het schaduwkabinet: week 19 – 2026

Het werkt toch altijd bevrijdend als het klaar is, dat lijstje uit het:

SCHADUWKABINET

Ik luisterde naar: Cindy, EPIMYTH, Foo Fighters, Juni Habel, The Klezmatics, Korbo, Modern Woman, Ana Roxanne, Sungrave en Yellow6.

 


 

Jan Willem

Cindy – Another Country (cd, Tough Love / Konkurrent)
Inmiddels is het in 2018 is opgerichte Amerikaanse kwartet Cindy een vaste waarde geworden als het gaat om de betere lo-fi indierock, waar ook elementen van droompop en altcountry doorheen zitten. De groep is geformeerd rondom zangeres Karina Gill, die met haar bitterzoete zang een oorstrelend middelpunt vormt. De groep, die nog wel eens van samenstelling wisselt, bestaat hier verder uit percussionist Staizsh Rodriguez, bassist Will Smith (nee, niet die) en gitarist Oliver Lipton. Op hun vijfde album Another Country leggen ze een meer vintage en psychedelisch geluid aan de dag. Karin Gill zegt er het volgende nog over:

“De titel van dit album, Another Country, verwijst naar de gelijknamige roman van James Baldwin. Het boek heeft een soort dramatiek die voor mij logisch is. Als ik om me heen kijk, schieten de voor de hand liggende verklaringen tekort. De wirwar van gevoelens en ideeën die het zouden moeten verklaren, doet dat niet. Baldwin spoelt daar voorbij en komt uit bij verlangens die een verklaring beginnen te bieden. De nummers van Cindy komen voort uit de röntgenfoto’s die mijn specifieke brein maakt van wat ik zie en ervaar. Wat je op dit album hoort, is het resultaat van een samenwerking met de leden van Cindy, die dat schimmige geheel transformeert in volle kleur, volledig uitgewerkt. Ieder van hen is muzikaal zelfverzekerd en onverschrokken, en het samen maken van dit album voelde als: ‘ja, ja, je snapt wat ik bedoel’.”

Ze leveren 9 nummers af, die samen slechts 25 minuten duren, hetgeen ze wel vaker doen. Maar ze brengen daarvoor wel weer heel veel kwaliteit per vierkante seconde. Het geluid van de groep heeft een bepaalde charme waar je niet omheen kan en wil. Door de nuance verschuiving brengen ze net weer wat anders, maar met behoud van alles wat hen eerder zo goed en onderscheidend maakte. Denk aan een mix van Lisa Germano, Lean Year, Low, Earwig, Lush, Galaxie 500, The Velvet Underground en Mazzy Star. Kortom, daarmee toont de groep weer aan uitstekende eigenzinnige muziek te kunnen fabriceren.

 

EPIMYTH – Benzalkonium (2cd, Fluid Audio)
Als je het hebt over kunstzinnige muziekuitgaves dan is dat niet enkel voorbehouden aan de lp, zo bewijst het Britse kwaliteitslabel Fluid Audio keer op keer. Nu ook weer met het ietwat mysterieuze project EPIMYTH en het album Benzalkonium, dat uitgesmeerd is over twee schijven. Het is gestoken in een oude landkaart en voorzien van ansichtkaarten, een dia, een filmstrip en meer. Beide schijven zijn ruim 40 minuten en tellen ieder 5 tracks. Op de eerste tref je uiterst donkere en vooral dichte klanklandschappen. Door langzame erosie krijgen deze vorm. Welk pad je moet gaan is onduidelijk, maar het gevoel van een vreemde stilte binnen de ambient- en drone-achtige geluiden is fascinerend en zuigt je mee naar binnen. Op de tweede schijf ontstaat meer ruimte en komt er een week zonnetje doorheen, zonder dat het ooit echt licht wordt en met behoud van het mysterieuze aspect. Er zijn meer neoklassieke structuren te ontdekken en het is contrasterend met en toch ook weer parallel lopend aan de eerste schijf. Het is een uiterst indringend en biologerend tweeluik geworden, dat aan Lou Reed is opgedragen.

 

Foo Fighters – Your Favorite Toy (cd, Rosswell Records/ RCA/ Sony)
De Foo Fighters zouden weer gaan klinken als de Foo Fighters van weleer. Want eerlijk is eerlijk, na 4 sterke albums in het begin gaat het rauwe randje eraf en is het zelfs soms meer een popband. Niet erg, maar als je vanuit Nirvana denkt, dan hebben Dave Grohl en zijn mannen de lat hoog liggen. De plotse dood van drummer Taylor Hawkins in 2022 lijkt nu echt een plek te hebben gekregen. Het vorige album But Here We Are was al een stap richting de juiste vorm, maar met het nieuwe, twaalfde album Your Favorite Toy zitten ze helemaal weer op de rails. Tien nieuwe energieke alternatieve tracks, die er niet om liegen. Ze worden in hoog tempo afgewerkt en weten op hoog tempo weer ouderwets een diepe indruk te maken. Sterker nog, ze opereren op continu hoog niveau, waarbij elk nummer wel single waardig is. Zo hoor je ze het liefst spelen.

 

Juni Habel – Evergreen In Your Mind (cd, Basin Rock / Konkurrent)
De Noorse singer-songwriter Juni Habel is een klasse apart in het folk. Haar muziek klinkt enerzijds tijdloos en of deze er altijd is geweest maar anderzijds ook verfrissend in het genre. Haar tweede album Carving (2023) zorgde voor haar doorbraak en eindigde tevens hoog in mijn jaarlijst. Nu is haar derde album Evergreen In Your Mind een feit, waarop je 11 nieuwe songs vindt. Vanaf de eerste klanken is het alweer raak. Het gitaarspel dat je kent van artiesten als Nick Drake, Gareth Dickson en Raoul Vignal samen met die eigen bezwerende, delicate zangstem. Het bestaat tegelijkertijd in twee werelden. De nummers werden opgenomen in stille hoekjes van haar huis, op de piano in de school waar ze werkt, en de fysieke wereld om haar heen dient als percussie. Het speelt zich ook af, zoals ze zelf aangeeft, in een droom; een denkbeeldige plek waar haar verlangen naar eenheid met elkaar en de wereld om ons heen eindelijk werkelijkheid wordt. Habel (zang, gitaar, orgel, piano) mag hier rekenen op steun van co-producer Stian Skaaden (bas, percussie, achtergrondzang, synthesizers, effecten, strijkers, zaag, orgel, ukelele, elektrische gitaar) en nog wat gasten op gitaar, pedal steel en contrabas. Het levert een iets voller en meer sprankelend geluid op, zij het nog altijd sober en fragiel. Liedjes die je even optillen, weg laten dromen of waarvan je gewoonweg intens kunt genieten, dikwijls met bergen kippenvel op je armen. Hoewel haar sound uniek is, kan naast de genoemde artiesten nog denken aan Karen Dalton, Sibylle Baier, Nancy Eilzabeth, Vargkvint, Lean Year en Marissa Nadler. Het is van een ontroerende en contemplatieve schoonheid allemaal.

 

The Klezmatics – We Were Made For These Times (cd, Asphalt Tango / Sonic Rendezvous)
The Klezmatics is toch wel de koning van de klezmerbands. Ze koppelen virtuoos spel aan heerlijke dramatiek aan humor, waarbij jazz, folk, rock, gospel, avant-garde, Balkan muziek en klassiek veelal op Europees getinte wijze door elkaar lopen. Ook de diverse zijprojecten als The Zmiros Project, Hasidic New Wave en Paradox Trio zijn zeer de moeite waard. Ze bestaan nu alweer 40 jaar en vieren dat met hun tiende album We Were Made For These Times. En zoals het hoort met een feestje met diverse gasten, waaronder Sofia Rei, Joshua Nelson, Lavender Light Gospel Choir, Enver İzmaylov en La Manga. Ze hebben 12 nieuwe songs gemaakt in de beste Klezmatics traditie. Er zit meer gospel en jaren 60 brass doorheen. Daarbij snijden ze ook allerlei actuele onderwerpen aan en dat zijn er helaas nogal wat tegenwoordig. Zanger Sklamberg, tevens gitaar, piano en accordeon, met zijn licht verhoogde stem heeft altijd al een lichte snik in zijn stem en weet me altijd meteen te grijpen. De groep wordt gecompleteerd door trompettist en toetsenist Frank London, bassist en tsimbl-speler Paul Morrissett, Matt Darriau op diverse blaasinstrumenten, violiste Lisa Gutkin en de nieuwe drummer Richie Barshay. Ik blijf de meer droefgeestige liedjes het mooist vinden, waarvan er genoeg van zijn. Maar ook de rest mag er weer wezen. Wat een helden zijn het toch!

 

Korbo – Amnésiste (cd, Korbo / Sýna Music Consulting)
De Franse groep Korbo beweegt zich altijd ergens op het snijvlak van metal, progressieve en alternatieve rock. Met hun nieuwe album Amnésiste hebben ze met de titel een soort samentrekking gemaakt van “amnesie” en “fantast” (ja met de Franse slag dan). Het is hun meest ambitieuze album tot nu toe, waarmee ze de aandacht willen vestigen op mensen die leiden aan totaal geheugenverlies en een fantasierijk bestaan verzinnen, losgekoppeld van de realiteit. Maar in feite dompelen ze ons onder in een verhaal over de afdaling van een persoon naar de hel. Dit vergeten verhaal, waarvan elk nummer een fragment is, trekt ons steeds dieper mee in deze sfeer van strijd, woede, eenzaamheid en doelloos ronddwalen. Dat hebben ze in 5 tracks van samen 42 minuten weten te vangen. De groep bestaat uit Aaron Djéla (gitaar, zang), : Léa Périgois (gitaar), Léa Périgois (drums) en Pierre-André Krauzer (bas). De vijf nummers van het album vormen een verhaal dat draait om één personage dat lijdt aan de ziekte en diens onvrijwillige regressie voorafgaand aan de onvermijdelijke dood. Het is een verhaal over geheugenverlies, de zoektocht naar betekenis en de pijn van afwezigheid, leegte en het verlangen naar anderen. Dat hebben ze muzikaal vertaald naar zowel nummers waar de woede en onmacht te voelen is in de vette gitaarriffs en explosieve muziek als uiterst melancholische. En soms komt dat ook allemaal samen, waarmee ze diepe snaren weten te raken. Een sterk album om niet te vergeten!

 

Modern Woman – Johnny’s Dream (cd, One Little Independent / Konkurrent)
Modern Woman is een nieuw Londens project rond singer-songwriter Sophie Harris aan het roer. Ze krijgt op het debuut Johnny’s Dream steun van een aantal muzikanten, maar ik heb het idee dat dit zo maar kan wijzigen live dan wel op een volgend album/ Hoe dan ook draait veel om haar zang, die voorzien wordt van dynamische instrumentatie als gitaar,bas, drums, altviool en viool, die zich kronkelen door noise, avant-garde, indie, alternatieve rock en een enkele keer pop noir met een jaren 60 sfeertje; de genoemde term artrock valt wel te billijken in deze. Het klinkt ook nog een beetje als een artieste die nog zoekende is naar een stijl, maar dat pakt hier wel spontaan uit. Toch zegt Harris dat ze bewust tegenstrijdigheden opzoekt, van teder tot hard, lui tot stil en rauw tot gepolijst. Dit om met een speelstijl van iedereen, als het ware een smeltkroes van invloeden, tot iets nieuws te komen. Je moet afwisselend denken aan PJ Harvey, Kate Bush, Dry Cleaning, Siouxsie, Daisy Chainsaw, Pixies en Radiohead. Voor ieder wat zou je haast zeggen, maar daarvoor is het weer te grillig. Maar een heerlijk een veelbelovend debuut.

 

Ana Roxanne – Poem 1 (cd, Kranky / Konkurrent)
Ik heb nog nooit één release op het in 1993 opgerichte label Kranky niet mooi gevonden en dat is best uitzonderlijk. Er verschijnen doorgaans dan ook releases waarop schoonheid, innovatie en experiment aan elkaar geknoopt worden. Ook de New Yorkse muzikante Ana Roxanne mocht er haar album Because Of A Flower (2020) uitbrengen, dat volgde op haar cassettedebuut een jaar ervoor. Het was een mysterieus album vol drones, elektronica en zang. Dat laatste is dikwijls gereduceerd tot een soort serene drone, waarvan een hypnotiserende werking uitgaat. Dat alles leverde spookachtige ambient met subtiele experimenten en postrock-elementen op, die vaak van een overrompelende pracht is. Daarna is er in 2023 nog een lp verschenen samen met DJ Python. Nu is ze weer terug bij Kranky met haar album Poem 1, waarop ze in 38 minuten 9 nieuwe songs aflevert. Hierop is goed de persoonlijke ontwikkeling te horen. “I wanted to travel / Home into somewhere, I wanted to try / And go very far.”, zo opent ze het album waarop elk woord telt en al dan niet poëtische diepgang heeft. Met een gebroken hart en vol reflectie overziet ze de veranderingen en werpt ze de schroom van zich af en laat zonder vervormingen haar breekbare, mooie zangstem horen, die op vele momenten keihard binnenkomt. Dat voorziet ze van elektronische ambient texturen, maar ook geluiden van piano en strijkinstrumenten. Roxanne experimenteert nog wel eens met haar stem, maar zet die dan als instrument in. Ze toont zich een bijzondere singer-songwriter met oog voor esthetiek en emotionele impact. Denk aan een kruisbestuiving van Birds Of Passage, Vargkvint, Loscil, Labradford, Grouper, Solfrid Molland en Stars Of The Lid. Dit is weer eens zo mooi dat het haast zeer doet; luister alleen maar eens naar de overdonderend kwetsbare songs “Keepsake” en “Untitled II. “Running forward and looking ahead / With a long road to go.”, zo besluit ze het poëtische album, wachtend op het volgende hoofdstuk.

 

Sungrave – Aftergklow (cd, No Need Name/ Ace Or Wands/ MA Saret Records/ Uproar For Veneration/ GED / Vous Connaissez?)
Op een handvol labels wordt nu het debuut Afterglow van de groep Sungrave. Dit Franse kwartet uit Lille bestaat uit Emilien Cornet (zang), Pierre Podsiadlo (gitaar, zang), Lionel Bigois (bas) en Roch Deroubaix (drums). Op hun eerste album brengen ze iets dat het midden houdt tussen nu core, post-hardcore, post-grunge en alternatieve metal. In een kleine drie kwartier serveren ze 10 nummers, waarin ze behoorlijk krachtige muziek weten te koppelen aan diepgravende emoties. Het zorgt voor een fijne energieke luisterervaring, waarbij ze op pakkende wijze een nieuwe invulling geven aan muziek die in de jaren 90 in zwang was. Het is allemaal ook in goed Engels gezongen en de groep heeft eerder iets weg van Amerikaanse dan Franse groep. Qua muziek moet je het ergens zoeken tussen Deftones, Stabbing Westward, Linkin Park, The Mars Volta en Biffy Clyro. Daarmee leveren ze een uitstekend debuut af, dat een belofte voor de toekomst is.

 

Yellow6 – Eyes And Ears/ You Can’t Swim Here (cd, Editions6)
De Britse muzikant Jon Attwood is eigenlijk ieder jaar wel hier aan bod gekomen, meestal met zijn lang lopende (sinds 1998) soloaangelegenheid Yellow6 en soms ook met zijn andere projecten JARR, The Deep Bells en The Sleep Of Reason. Nu is hij terug met Eyes And Ears/ You Can’t Swim Here. Het is min of meer spontaan ontstaan toen hij ter inspiratie een basloop opnam. Er was eerst een kwartier aan muziek dat uitgroeide tot 25 minuten en uiteindelijk met nog wat toevoegingen van loops en gitaargeluiden tot ruim 41 minuten. Dit is de track “Eyes And Ears”, die op meditatieve wijze ergens tussen ambient, drones, minimal music en post-rock uitkomen. Het is heerlijk wegdromen in een diepe zee aan geluid, waarbij temo en texturen langzaam veranderen. Hij had nog wel door kunnen gaan, maar besloot dat een bepaald deel goed zou klinken met piano. Dus vroeg hij de bevriende pianist Pete Larkin om het in te spelen. Daar heeft Jon weer een boel gitaren aan toegevoegd en “’You Can’t Swim” was een feit. Een stuk van nog eens een dikke 13 minuten. Met hetzelfde DNA als het vorige stuk, maar toch weer heel anders. De piano zorgt voor een heel andere dimensie, waarbij er een soort paradoxaal contrast ontstaat tussen donker en licht en luchtig en dicht. Het is wonderschoon. Voer voor liefhebbers van Harold Budd, Labradford, Roy Montgomery, Kyle Bobby Dunn, Max Richter en Two People In A Room. Een zeer indrukwekkend en meeslepend album, dat ook weer nieuwe fraaie bronnen weet aan te boren.

Comments

comments

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.