Het schaduwkabinet: week 18 – 2026

Met een koninklijk pardon, het verdient zeker geen lintje, is hier het ietwat verlate lijstje uit het:

SCHADUWKABINET

Ik luisterde naar: Beata Bocek, Deaf Center, petit personnel, Tereza Richtrová, Sault, Seefeel en Various Artists: Antologie Moravské Lidové Hudby.

 


 

Jan Willem

Beata Bocek – Bílo (cd, Indies Scope)
De Tsjechische zangeres Beata Bocek komt uit het Silezische deel van het land, dat grenst aan Polen. Het deel waar je vandaan komt in Tsjechië is voor hen wel een dingetje, omdat er per gebied nogal wat specifieke folklore is blijven hangen. Als buitenstaander hoor je het verschil niet direct. Beata weet zich altijd op haar eigen wijze te manoeuvreren door diverse genres, die ergens tussen wereldmuziek, folk en pop inzit, waarbij ze naast haar bijzondere zang ook diverse instrumenten brengt. Dat is ook het geval op haar nieuwe album Bíla, dat “wit” betekent. Maar het is bepaald geen leeg geheel dat ze hier brengt, al laat ze genoeg om in te vullen aan de luisteraar over. Beata’s originele muziek wordt uitgevoerd met een loopstation, waarbij ze haar eigen zang in het Tsjechisch en soms ook Engels over elkaar heen legt terwijl ze zichzelf begeleidt op accordeon, gitaar en ukelele. Het album bevat 11 nummers die voortbouwen op haar eerdere werk, variërend van fragiele liedjes tot meer folk-georiënteerde. De muziek zit ergens tussen Zap Mama, Mari Boine, Iva Bittová en Radůza in. Een schitterend en kleurrijk album!

 

Deaf Center – Through Time (cd/lp/digitaal, Sonic Pieces)
Af en toe duiken er echt van die bijzondere projecten op in het volle muzikale landschap. Dat geldt zeker voor het Noorse duo Deaf Center dat al zo’n 22 jaar meedraait en spaarzaam zijn met hun releases. Wel weten ze iedere keer dat ze het doen prachtige voltreffers af te leveren. De groep bestaat uit de schoolvrienden Erik K. Skodvin en Otto A. Totland, die zich roeren in de neoklassieke hoek, alhoewel ze sinds hun laatste volledige album Low Distance (2019) en de lange mini Reverie (2025) meer de elektroakoestische kant op zijn gegaan. Skodvin, die al jaren in Berlijn woont, runt daarnaast het prestigieuze Miasmah label en laat solo maar ook als Svarte Greiner en in B/B/S/ van zich horen. Daarmee zit hij veelal in de experimentele, duistere ambient hoek met een soms een neoklassieke ondertoon. Ook Totland brengt onder zijn eigen naam muziek uit en tevens met zijn neoklassieke ambientproject Nest. Nu zijn ze eindelijk terug met hun album Through Time. Hierop presenteren ze in ruim drie kwartier 6 stukken. De dromerige en soms uiterst minimalistische pianostukken van Totland leggen de basis. Daarop brengt Skodvin zijn elektroakoestische texturen aan, die bestaan uit een mengelmoes van elektronische klanken en geluiden van strijkinstrumenten, al dan niet geholpen door de Britse componist en muzikant Simon Goff op (alt)viool. Het levert muziek op waarin je helemaal kunt verdrinken. De muziek gaat letter “door de tijd”, daar waar de tijd stil staat; als bewegen tussen de druppels van een regenbui doorr. Er is momenteel een hoop ellende in de wereld, maar deze muziek biedt een contemplatieve en verstilde uitvlucht. Een tijd om dingen te overdenken, een plek te geven en te accepteren. Verder gaat er ook een hypnotiserende en meditatieve werking vanuit. Los van dat alles is het ook nog eens van een totaal overrompelende schoonheid. Wat een adembenemend meesterwerk!

 

petit personnel – tout gouffre abîme (cd, Dust Rose)
Hoewel je petit personnel met kleine letters schrijft, verdienen ze het met kapitalen te worden geduid. Ze bestaan inmiddels 30 jaar en hebben minsten zoveel albums uitgebracht, dus bescheidenheid in kleine letters is echt niet nodig. Ze brengen doorgaans een prachtige mix van post-rock, chansons, folk en pop noire. Overigens spreek ik in meervoud, maar het zou ook zo maar een soloproject kunnen zijn. Hoe dan ook is er een nieuw album tout gouffre abîme, wat iets als “elke kloof afgrond” betekent. Met warme zang, banjo, contrabas, gitaren, piano en viool levert de groep hier in ruim 40 minuten 11 nieuwe songs af. Deze passen wel weer ergens tussen de genoemde genres, al heeft het wel een eigen gezicht. De melancholie druipt uit elke voeg. De herfstige zang zit ergens tussen Frédéric Truong, Stuart A. Staples en Dominique A. in. Muzikaal gezien past dat ook wel, maar daar krijg je ook referentie als Timesbold, Spokane, Stranded Horse, Sodastream, Dirty Three en Nick Cave op je bord geworpen. Het is allemaal intens, persoonlijk en van zo’n enorme schoonheid dat het haast zeer doet. Waarschijnlijk, gezien de titel van het album, zit er ook behoorlijk wat oprechte belevenissen uit het leven gegrepen zaken doorheen versneden. Je gaat echt van het ene fraaie emotionele hoogtepunt naar het andere. Ongelooflijk dat deze band zo’n bescheiden podium heeft. Meesterlijk!

 

Tereza Richtrová – Místa/ Krajiny (cd, Indies Scope)
Ik ben een enorme fan van de Tsjechische muziek, wat ik niet helemaal kan verklaren. Maar het raakt me telkens weer en in welk genre dan ook. Dat is niet anders bij het album Místa/ Krajiny van de singer-songwriter Tereza Richtrová. Het betekent “plaatsen/ landschappen” en daarmee neemt ze je mee naar de belangrijkste plekken waar ze heeft gewoond of simpelweg heeft doorgebracht. In 13 nummers van samen bijna 41 minuten lang laat ze haar eigenzinnige geluid horen, waarbij ze een persoonlijke kaart schetst van landschappen, relaties en terugkeer, stevig geworteld in de poëzie van het volkslied. Ze mag daarbij rekenen op de bijdragen van diverse gastmuzikanten, te weten Martin Kyšperský (Květy) en verder waaronder Martina Trchová, Prune, Ondřej Kyas, Jiří Habarta, Josef Klíč, Martin Novák, Christopher Strandh, David Liber, Radim Hanousek en Michal Grombiřík, op zang, gitaar, toetsenborden, cello, percussie, trompet, contrabas, cimbalen, basklarinet, banjo, harmonium, ukelele, hang, balafoon en bas. Je hoort aan haar zang dat ze een klassieke opleiding heeft gehad, maar zet dat op een pop en folk manier neer. Ze vindt het zelf soms beter om luchtig over droevige dingen te zingen, wat te begrijpen valt. Daarnaast mengt ze haar fascinatie voor natuur, poëzie en melodie in de muziek. Het levert een dynamisch, meeslepend, persoonlijk en ontwapenend geheel op. Omgekeerd maakt droevige muziek soms droevige zaken luchtiger. Hoe dan ook een subliem album!

 

Sault – Chapter 1 (cd, Forever lLiving Ornaments)
Het releaseschema van het mysterieuze Sault rond Dean Wynton Josiah Cover alias Inflo en naar het schijnt zangeres Cleo Sol blijft altijd ietwat onduidelijk. Soms verdwijnen ze een aantal jaar en dan zijn ze er plots met veel releases achter elkaar en veelal van hoog niveau. De muziek landt meestal ergens op originele wijze tussen neo soul, r & b, gospel, blues, trip hop en indie. Ze zijn nu terug met een nieuw hoofdstuk, te weten Chapter 1. Bepaald geen debuut, maar alweer hun veertiende album in 7 jaar tijd. Het is zoals altijd volslagen onduidelijk wie er meedoen op het album. Dat maakt het allemaal niet minder mooi en meeslepend. Er hangt altijd zo’n Motown sfeertje van de jaren 70, maar dan met een hedendaagse aanvliegroute. Lekkere baspartijen, stemmige orkestraties, puntige gitaren en lodderige beats zorgen voor een sepiakleurige en lekker broeierige atmosfeer. Daarbij moet je denken aan een mix van Khruangbin, Portishead, Adrian Younge, DJ Shadow, Womack & Womack, The xx en meer. Je kan er eigenlijk nooit helemaal de vinger op leggen. Nu al benieuwd naar het volgende hoofdstuk. Deze is in elk geval om in één adem uit te lezen eh luisteren.

 

Seefeel – Sol.Hz (cd, Warp)
Seefeel is een geniale Britse band rond Sarah Peacock (Scala, January) en Mark Clifford (Disjecta, Sneakster, Oto Hiax, Cliffordandcalix), ooit vergezeld door Mark Van Hoen en nog een paar anderen, die in de vroege jaren 90 tot 2010 de nodige onderscheidende en ietwat bevreemdende albums vol IDM, ambient, techno, shoegaze en experimentele muziek uitgebracht. Ze zijn ook min of meer berucht, doordat ze als eerste band op Warp die gitaren gebruikten Het geluid dat ze voort hebben gebracht kent echt geen gelijke. Ze zijn na 15 jaar terug, na twee mini’s, met hun eerste volledige album Sol.Hz. Hierop gaan ze op hun compleet eigengereide weg door met unieke lassen van diverse genres. Dat doen ze dikwijls op dromerige en fragmentarische wijze, waarbij er her en der etherische zang of flarden daarvan opduiken en die de muziek ook een menselijk karakter geven in de verder abstracte omgeving. Opvallend zijn de diepe basgeluiden in de verder best zweverige muziek. Door dit alles weten weer iets neer te zetten dat onvergelijkbaar is met alles en iedereen. Belangrijker is dat het weer een biologerend prachtalbum is geworden.

 

Various Artists: Antologie Moravské Lidové Hudby – Katerinko, Staň Hore (cd, Indies Scope)
Van het Tsjechische Indies Scope label kan je werkelijk van alles verwachten, van punk, avant-garde, elektronische muziek, jazz en rock tot folk, wereldmuziek, singer-songwritermuziek, country en zelfs Keltische muziek. Verder brengen ze ook regelmatig muziek uit de Oostelijke regio Moravië, vernoemd naar de rivier Morava. De bekendste steden zijn Brno en Ostrava. In dit gebied zijn sommige tradities nog springlevend, wat je onder meer in de muziek terug hoort. Deze wordt veelal gecreëerd met violen, draailieren, cimbalen, allerhande traditionele instrumenten, Hongaarse elementen en dikwijls prachtig dramatische zang. Om de regio in het zonnetje te zetten start Indies Scope in 2012 de (dan nog) 5-delige serie Antologie Moravské Lidové Hudby, die elk wel een eigen subtitel en thema meekrijgen. In 2015 volgen ook nog deel 6 en 7. Het zijn stuk voor stuk schitterende overzichten, waarop je veel (onbekende) artiesten uit de regio op samenhangende wijze krijgt voorgeschoteld. Dan lijkt in 2018 echt het allerlaatste deel Antologie Moravské Lidové Hubdy 8: Smrti, Milá Smrti uit te zijn gekomen. Maar uit de hoge hoed komt daar toch ineens deel 9 met de titel Antologie Moravské Lidové Hudby – Katerinko, Staň Hore, wat zoiets betekent als “Katerinka, sta op”. Hierop vind je weer een heerlijke potpourri aan bands, dit keer opgedragen aan de kinderen. Je kan deze editie dan wellicht beschouwen als een hoop voor de toekomst, die ook de toekomstige dragers zijn van de volksmuziek, maar ook als een eerbetoon aan voorouders die het leven hebben gegeven. Tevens zijn er meer kinderen te horen in de muziek. De 35 nummers van samen bijna 80 minuten lang, geselecteerd uit diverse belangrijke Moravische regio’s, zijn afkomstig van albums die niet meer verkrijgbaar zijn en vormen waardevol documentair en verzamelmateriaal. Ik kan daar nog van alles over zeggen, maar zelf luisteren en ervaren is veel waardevoller. Het is een prachtig addendum geworden op een toch al zo’n mooie serie.

Luister online

Comments

comments

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.