Hopelijk zijn alle paaseieren teruggevonden, stelletje idioten. Iets minder Amerikaans, maar wel geolied is het lijstje uit het:
SCHADUWKABINET
Ik luisterde naar: Dobrawa Czocher, The Future Sound Of Koyaanis Naqoy, Igorrr, Kronos Quartet (3x), Radwan Ghazi Moumneh & Frédéric D. Oberland en My New Band Believe.
Jan Willem
Dobrawa Czocher – State Of Matter (cd, 130701/ FatCat)
De Poolse celliste Dobrawa Czocher leer ik in eerste instantie kennen door haar samenwerkingen met haar landgenoot, pianiste, zangeres en componiste Hania Rani, die al sinds hun tienerjaren muzikale partners zijn. Ze hebben al prachtig hedendaagse klassieke pareltjes afgeleverd met z’n tweeën. Solo heeft ze in 2023 tevens al het neoklassieke album Dreamscapes afgeleverd. Daar komt nu op het FatCat sublabel 130701, meer gericht op neoklassiek dan wel experimentele muziek en vernoemd naar de datum van oprichting, het album State Of Matter bij. Ze presenteert In ruim drie kwartier 10 cellocomposities. Het zijn uiterst melancholische stukken geworden, waarbij ze strijkpartijen regelmatig voorziet van elektronica en haar serene stemgeluid. Met name dat laatste zorgt voor een magische gloed. Voor de rest is de veelal instrumentale, sobere muziek veelzeggend en diepgravend. Daarbij moet je denken aan David Darling, Julia Kent, Hildur Guðnadóttir, Sebastian Plano, Iva Bttová en Jóhann Jóhannsson, zij het dat ze haar persoonlijke en eigenzinnige stempel drukt. Een magistraal prachtalbum.
The Future Sound Of Koyaanis Naqoy – Ancient Impulses Of A Paranoid Idol (digitaal, Goldmine Records / Peyote Press)
Sommige woordcombinaties zijn door bepaalde bands aan elkaar verbonden, maar wen vast maar aan de naam The Future Sound Of Koyaanis Naqoy. Dit is een in 2024 opgericht Italiaans project bestaande uit drummer Antonia Vessa en elektronicaspecialist en schrijver Andrea Doro. Ze hebben een hang naar experiment en avontuur en besluiten om een volledig instrumentaal muzikaal pad te volgen en uit te diepen. Dat levert nu het album Ancient Impulses Of A Paranoid Idol op. Hierop brengen ze in 39 minuten tijd 5 composities, waarin ze de uitslagen van hun onderzoek fijntjes presenteren. Ondanks de minimale bezetting weten ze rijk gedetailleerde stukken af te leveren die bol staan van de spanning. Ze weten namelijk fascinerende lassen te smeden tussen IDM, ambient, jazz en psychedelische elektronica. Je wordt telkens verrast met bijzondere muzikale vondsten. Op een eigengereide wijze houden ze hierbij het midden tussen William Hooker, DJ Spooky, We™, Spring Heel Jack, S.E.T.I. en Pink Floyd.
Igorrr – Amen (cd, Metal Blade)
Oké, met een beetje schaamrood op de kaken kom ik veel te laat aanzetten met een nota bene door mijzelf eerder aangekondigd nieuw album van Igorrr, dat al in de herfst van vorig jaar is verschenen. Niet dat ik over de recensies van anderen ben gestruikeld. Enfin, beter later dan nooit schrijf ik nu over zijn zevende album Amen. Dit langlopende project van de Franse multi-instrumentalist en componist Gautier Serre, die verder terug te vinden is in Öxxö Xööx, Corpo-Mente en Whoukr, is er altijd één van extremen. Het gaat van folk, Barokke muziek en klassiek naar breakcore en verpletterende metal, die hij dikwijls opbouwt als klassieke composities. Daar vindt hij telkens weer nieuwe invalshoeken, zo blijkt ook nu weer. Naast zijn min of meer vaste band bestaande uit gitarist/zanger JB Le Bail, Marthe Alexandre, multi-instrumentalist Martyn Clément en drummer Rémi Serafino werkt er een waar leger aan muzikanten mee. Hieronder een 15-koppig koor (sopranen, alten, tenoren, bassen, baritons), maar verder onder veel meer ook muzikanten als Timba Harris (Secret Chiefs 3, Estradasphere), Trey Spruance (Mr. Bungle, Secret Chiefs 3, John Zorn), Nils Chevielle (Prysapisme, Corpo-Mente, Babayaga) en Scott Ian (Anthrax, Stormtroopers Of Death). De muziek grijpt weer breed en woest om zich heen, om toch af en toe te bedaren en voor ontroerende pracht te zorgen; er staat zelfs een klassieke etude tussen. Het is werkelijk met niets en niemand te vergelijken. Het doet aan als een verlaat en wat harder zusteralbum van Hallelujah (2012), waar ik destijds een lyrische recensie over schreef en afsloot “amen”. Laat ik dit nieuwe meesterwerk dan afsluiten met “halleluja”. Verlaat, maar desalniettemin Instant jaarlijstjesmateriaal!
Kronos Quartet – Witness (cd, Phenotypic Recordings)
Kronos Quartet – Forgive Us For (cd, Phenotypic Recordings)
Kronos Quartet – Glorious Mahalia (cd, Smithsonian Folkways / Konkurrent)
Eén van de meest open minded, betrokken en veelzijdige strijkkwartetten die ik ken is toch wel het sinds 1973 opererende Kronos Quartet uit San Francisco. Het is haast niet te doen om op te sommen met wie ze wereldwijd gewerkt hebben en welke klassieke en eigen werken ze gespeeld hebben. En ondanks de diverse wisselingen in de bezetting, is er nooit iets aan veranderd aan hun avontuurlijke en activistische aanpak. Tegenwoordig bestaat de groep naast oprichter David Harrington (viool) uit Gabriela Díaz (viool), Ayane Kozasa (altviool) en Paul Wiancko (cello).
Eind vorig jaar verschenen er twee albums op Phenotypic Recordings, die je enkel via Bandcamp kunt verkrijgen. Heel duur, maar zeer de moeite waard. De eerste daarvan is WITNESS. Hierop serveren ze in ruim een uur 9 composities, die een prachtig, meeslepend en aangrijpend portretalbum schetsen voor de Pulitzerprijs genomineerde Armeens-Amerikaanse componiste en documentairemaakster Mary Kouyoumdjian. Het album combineert getuigenissen van haar familie, vrienden en de gemeenschap, die getroffen werden door de Libanese burgeroorlog en de Armeense genocide, met de voortreffelijke harmonieën en dissonanties die meesterlijk worden uitgevoerd door het Kronos Quartet. Maar dit alles toont ook de veerkracht aan van de getroffenen. De nummers illustreren haar gebruik van kunst als versterker van expressie. Een tragische hymne maar met een hoopvolle boodschap. De digitale opbrengsten van dit album gaan naar goede doelen. Het is een intens, melancholisch en buitengemeen mooi meesterwerk.
Dan volgt Forgive Us For, waarop het Kronos Quartet je in dik een half uur op 6 nummers trakteert. Hierop toont het viertal de urgentie aan van hun zoektocht naar muziek die onverbloemd spreekt over de menselijke conditie in al haar licht en duisternis, hoop en wanhoop, waarheid en illusie. Deze zoektocht heeft hen ver van hun wortels in Midden-Europa geleid naar plaatsen als IJsland, Palestina en Oekraïne. In de openingstrack is de Palestijnse Rim Bana (1966-2018) te horen. Verderop is het de Oekraïense Mariana Sadovska die voor de imponerende vocale partijen zorgt.. En dan is celliste Hildur Guðnadótti ook nog eens van de partij., waarbij het geografische plaatje compleet is. Maar Kronos Quartet toont hier weer echt hun ware kracht, namelijk wereldse en soms ook lastige thema’s aan te snijden en te verweken tot muziek, die meer zegt dan woorden. Ja en daar word je gewoonweg sprakeloos van.
Hun nieuwste album is Glorious Mahalia. Hier bij brengen ze een eerbetoon aan de legendarische Mahalia Jackson (1911-1972). Niet alleen was ze een fantastische gospelzangeres, wat haar de titel “de koningin van de gospel” opleverde, maar ook een voorvechtster voor gelijkheid. Pijnlijk is het dat racisme nog altijd bestaat. In 1963, toen Martin Luther King zijn historische speech hield, riep zij: Tell them about the dream, Martin. Deze twee geestverwanten waren tevens bevriend. Maar Mahalia’s strijd heeft zeker een bijdrage geleverd in de geschiedenis. Het Kronos Quartet gebruikt dat moment als uitgangspunt om de diepte van Jacksons muzikale talent en de impact ervan op de burgerrechtenbeweging te verkennen, inclusief haar relatie met Clarence Jones en Studs Terkel, andere prominenten uit die tijd. Tevens is het een eerbetoon, waarbij ze samples van haar zang en interviews verweven in de eerste 5 composities; het is haast een mooie muzikale docu. Dan volgt er het uiterst droefgeestige prachtstuk “God Shall Wipe All Tears Away”, waarna er nog eens 5 stukken met de titel “Peace Be Till” volgen; ook met de nodige samples. Het is hartverscheurend, meeslepend, intens, respectvol en gewoonweg van een indringende pracht.
Radwan Ghazi Moumneh & Frédéric D. Oberland – Eternal Life No End (cd, Constellation / Konkurrent)
Twee grote namen uit verschillende Frans sprekende landen bundelen hun krachten. Ten eerste is dat de in Libanon geboren Canadese producer/muzikant Radwan Ghazi Moumneh, die een sleutelrol vervult in de muziekscene van Montréal als mede-eigenaar van de invloedrijke Hotel2Tango studio, waar vrijwel alle Constellation artiesten en tevens die van Alien8 hun albums opnemen. Hij maakt nu al zo’n 30 jaar muziek, hetgeen begon in hardcore en black metal bands als Ire, The Black Hand en Cursed en later in meer experimentele gezelschappen als Pas Chic Chic, Land Of Kush, Praed Orchestra! en zijn eigen Jerusalem In My Heart. Hij werkt nu met de Franse muzikant, fotograaf en NAHAL Recordings mede-eigenaar Frédéric D. Oberland, die solo maar tevens aan interessante groepen als Oiseaux-Tempête (waar Moumneh ook al eens meespeelde), The Rustle Of The Stars, Foudre!, Le Réveil Tropiques en Farewell Poetry deelneemt. Wat beide heren ook laten horen, het is vrijwel zonder uitzondering interessant en veelal ook avontuurlijk. Dat is niet anders op het album Eternal Life No End. De Arabische versie van de titel, ليلة ظلماء ملعونة، كحياة طالبيها, betekent meer zoiets als “Een donkere, vervloekte nacht, zoals de zoekers zelf”. Het album is een noodkreet te midden van de zeeën van onrecht die de SWANA-regio overspoelen en de levens en visies van grote bevolkingsgroepen teisteren. Ze hebben de muziek aangegrepen om de pijn van de genocide voor zover mogelijk een plek te geven. Radwan Ghazi Moumneh (stem, buzuqk, rababa, synthesizers, drummachines, percussie) en Frédéric D. Oberland: (Buchla & modulaire systemen, drummachines, synthesizers, altsaxofoon, klarinet, klokken) trekken alles uit de kast om dit alles muzikaal vorm te geven. Dat heeft een hartverscheurend album opgeleverd, dat door tragedie is gestructureerd en diepe indruk weet te maken. Eigenlijk wil je niet dat er zo’n mooi album uit zoiets voortvloeit, maar aan de andere kant geven ze het leed ook een soort stem. Het is muziek die van alles en nog wat met elkaar verbindt, van Oriënt tot Occident en tevens de emoties van twee bevlogen en betrokken artiesten. Het is een ontzaglijk groots prachtalbum geworden.
My New Band Believe – My New Band Believe (cd, Rough Trade / Konkurrent)
De in 2017 opgerichte Britse band Black Midi voer al een eigenzinnige koers, want je kon ze ergens plaatsen tussen Oxbow, Long Fin Killie, Pere Ubu, The Ex, Naked City, Primus, Cardiacs, Grotus en Xiu Xiu. Maar ook frontman Geordie Greep liet zich solo niet onbetuigd. Nu valt de beurt aan bassist Cameron “Picton” Overeynder met zijn nieuwe project My New Band Believe en het gelijknamige debuut, welke begon als een koortsachtige droom. In een Chinese hotelkamer lag Cameron Picton te ijlen en worstelde hij met de ergste fase van een plotselinge ziekte toen hij werd overvallen door flitsen van bizarre beelden en losse, onsamenhangende tekst. De muzikant zou later een aantal van deze fragmenten bewerken en tot liedjes verwerken, maar de zin die het meest in zijn geheugen gegrift stond. Met een waar leger aan muzikanten heeft hij zijn nummers vormgegeven, waaronder Kiran Leonard, Caius Williams, Steve Noble, Andrew Cheetham en leden van Caroline. Hij leidt de luisteraar door een snel ontvouwende universum vol fragmentarische en soms ook langdradige stukken, die toch een briljant geheel vormen. Het zit ook vol tegenstellingen. Veel weelderige orkestraties zorgen soms voor een kitsch-achtige sfeer, terwijl de andere instrumenten juist weer voor een meer experimentele omgeving zorgen. Hij nestelt zich ergens tussen Momus, Devendra Banhart, Bet Jansch, Judee Sill, Sam Amidon en T-Rex. Black Midi mag er dan niet meer zijn, het heeft in elk geval voor geweldige nazaten gezorgd.
