Het schaduwkabinet: week 49 – 2016

GeenPeil lijsttrekker solliciteerde eerder dit jaar nog bij 50Plus. Ook geen peil op te trekken maar hopelijk geloofwaardiger zijn onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: Amiina, Blueneck, Brave Timbers, Peter Broderick, Garmarna, Nessi Gomes, I Like Trains, Marielle V Jakobson, Jean-Michel Jarre, James Johnston, Eleni Karaindrou, Rodrigo Leão & Scott Matthew, José Ojeda, Sana Obruent, Ryan Teague, Emiliana Torrini & The Colorist, The Weeknd, Childish Gambino, The Pattern Forms en Geechi Suede.


 

Jan Willem

Amiina – Fanômas (cd, Mengi / Konkurrent)
amiina-fantomasHoewel de 4 dames Edda Rún Ólafsdóttir (altviool), Hildur Ársælsdóttir (viool), María Huld Markan Sigfúsdóttir (viool) en Sólrún Sumarliðadóttir (cello) beginnen als begeleidingsgroep van Sigur Rós, komen ze vanaf 2005 als Amina naar buiten met een mini cd. In 2006 veranderen ze dat naar Amiina, vanwege een Tunesische zanger met dezelfde naam. Er volgen nog wat epees, die gebundeld worden op Kurr (2007). Hun feitelijke debuut Puzzle verschijnt in 2010. Hierop is het kwartet met de komst van de mannen Magnús Trygvason Eliassen en Guðmundur Vignir Karlsson (aka Kippi Kaninus) tot sextet gepromoveerd. De strijkers en de heerlijk etherische zang worden nu prachtig ondersteund door lome, ritmische elektronica, waardoor het geluid iets extroverter wordt. Op The Lighthouse Project (2013) grijpen ze weer meer terug naar hun ingetogen, hemelse sound. Nu is er Fantômas, die deze IJslandse formatie heeft gecreëerd voor de gelijknamige stomme film uit 1913. De groep wil echter dat de muziek ook zonder beeld overeind blijft. Daarin zijn ze uitstekend geslaag in de 11 stukken die ze hier serveren. Officieel is het weer een kwartet en zijn Edda Rún Ólafsdóttir (altviool), Hildur Ársælsdóttir (viool) ditmaal te gast. Ze brengen hemelse strijkmelodieën die ze voorzien van lucide elektronica, tribale en klassieke beats. Dat levert een evenzo mooi en breekbaar als mysterieus en duister geheel op. Het blijft een fraai unicum dat Amiina.

 

Blueneck – The Outpost (cd, Denovali)
blueneck-outpostDe eerste drie album van de Britse vijfmansformatie Blueneck, Scars Of The Midwest (2006), The Fallen Host (2009) en Repetitions (2011), worden gekenmerkt door mysterieuze postrock al dan niet aangedikt met strijkers en piano. De zang is op de eerste twee nog spaarzaam maar neemt op de derde een belangrijkere rol in. Een gouden zet want zanger Duncan Attwood beschikt over een prachtig emotievol stemgeluid. Dat album is zo mooi dat het de nummer 1 van dat jaar wordt. Ze bevinden zich qua sound dan ergens tussen Talk Talk, Glissando, The White Birch, Godspeed You! Black Emperor, Mono, Sigur Rós, Low en Slowdive in. Daarna komen ze met het meer elektronisch gerichte tussendoortje Epilogue (2012) en de door Alpha geremixte Alpha.Blueneck (2013). Toch hebben die elektronische uitstapjes invloed gehad want hun vijfde album King Nine (2014) ligt weliswaar in het verlengde van Repetitions, maar hierop maken ze meer gebruik van elektronica. Deze implementeren ze op fraaie wijze, waarbij het gitaargeluid mede door effecten wat meer naar de achtergrond verdwijnt. Maar er komen bakken schoonheid en indringende emoties voor terug, ondersteund door de wonderschone zang van Attwood. Ook dat jaar eindigen ze hoog in mijn TOP20. Nu zijn ze terug met, denk ik, Duncan Attwood (zang, gitaar, keyboards), Ben Paget (bas), Rich Sadler (gitaar), Oli Duerden (gitaar) en Chris Copsey (drums) in de bezetting. Dat het allemaal weer geen herhaling van zetten is mag gezien hun reputatie geen verrassing zijn, maar dat ze met dezelfde ingrediënten een stap hoger, een niveau verder en gewoonweg weer beter klinken is misschien wel opmerkelijk. De elektronica nemen nog altijd een prominente plek in, maar ook de gitaren treden weer meer naar voren en het geluid is wat rauwer. Met die zang van Attwood zou je iedere herfst of winter wel willen inkleuren. Daarnaast zijn ook piano, trompet en fijne orkestraties te horen. En vaker dan op hun vorige album zijn hier de aan de grond nagelende erupties weer te horen. Het is een afwisselende ketting geworden van schoonheid, spannende stukken, adrenaline opwekkende elementen en een verpletterende combinatie van dat alles. Je gaat van hoogtepunt naar hoogtepunt met bovengenoemde referenties in de achterzak. Alweer brengen ze op eigengereide wijze een meesterwerk van formaat.

 

Brave Timbers – Secret Hopes (cd, Sound In Silence)
bravetimbers-secrethopesEerder dit jaar komt multi-intrumentaliste Sarah Kemp als Brave Timbers met de tweede cd Hope in zes jaar tijd aanzetten. Dat het zo’n tijd heeft geduurd komt mede door het feit dat ze nog actief is in The Declining Winter, Last Harbour, Fieldhead, Lanterns On The Lake, Memory Drawings en Anna Kashfi. Haar intense, tot de verbeelding sprekende, landerige en bovenal melancholische muziek, die ze hier samen met ex-Lanterns On The Lake lid Andrew Scrogham opneemt, landt ergens tussen folk, drones en neoklassiek, die associaties oproept met Hood, Library Tapes, Max Richter, Richard Skelton, Hildur Guðnadóttir, Rachel’s en The Declining Winter. Snelle bestellers krijgen er ook nog een remixalbum bij. Door de Radio ABC, een Australische radiozender, zijn ze uitgenodigd om een deel van die nummers te herinterpreteren. De eerste 5 tracks van het bovenstaande album belanden nu in andere, nog intensere versies op de nieuwe cd Secret Hopes. De reguliere versie van de cd krijgt nog 2 extra tracks en de gelimiteerde nog een bonustrack. Deze drie nieuwe composities sluiten naadloos aan op de rest en tevens het album Hope. Zinnenstrelende pracht.

 

Peter Broderick – Grunewald (mcd, Erased Tapes / Konkurrent)
broderick-peter-grunewaldAan de naam of haast het merk Peter Broderick zijn inmiddels groepen als Loch Lomond, Horse Feathers, Oliveray, Efterklang, Norfolk & Western, Flash Hawk Parlor Ensemble en The Beacon Sound Choir verbonden. Daarnaast werkt deze getalenteerde componist en multi-instrumentalist samen met Machinefabriek, Jonathan G Winther, Takumi Uesaka, zijn zus Heather Woods Broderick, The Album Leaf, Penelope Joy, Rauelsson, Laura Gibson, Chantal Acda, Brigid Mae Powers, Nils Frahm en meer. Er staat werkelijk geen maat op dit unicum. Eerder dit jaar laat hij al zijn nieuwe cd Partners het licht zien. Nu is hij alweer terug met de mini Grunewald. Een deel hiervan is al eerder te horen op zijn split-album Glimmer uit 2011 met Takumi Uesaka. Maar er staat ook een extra track op van een compilatie uit 2010. Het is Broderick op z’n best, namelijk op improviserende en ingetogen wijze neoklassiek ten gehore brengen. Ik houd hier doorgaans meer van dan zijn meer popgerichte werk, ook al is dat bepaald niet mis. Deze mini is goed voor een maximale beleving.

 

Garmarna – 6 (cd, Westpark Music)
garmarna-6Eerst komt het Zweedse Hedningarna in 2012 na een hiaat van 13 jaar in hardere versie terug, nu zijn het hun landgenoten van Garmarna die na maar liefst 15 jaar terugkeren met het album 6. Inderdaad hun zesde als je de gelijknamige mini meerekent. Vorig jaar is er al een singletje die de terugkeer al aankondigde. Het vijftal is al in 1990 opgericht en brengt doorgaans een mengelmoes van folk en rock, waarbij ze dikwijls traditionele teksten dan wel muziek inzetten. Zoals altijd bestaat de bezetting uit Emma Härdelin (zang, viool), Gotte Ringqvist (gitaar, viool, achtergrondzang), Jens Höglin (percussie), Rickard Westman (gitaar, bas, e-bow) en Stefan Brisland-Ferner (viool, draailier (hurdy-gurdy), sampler, synthesizer, programmering). En met name die laatste twee toevoegingen bij Stefan maken hier het grootste verschil. Aan de rest van de receptuur is eigenlijk niet veel veranderd. Maar wat een toevoeging zeg die elektronische sounds en met name die heftige beats! Het past ook als een jas om hun folkmuziek. In de single “Över Gränsen” hebben ze nog zangeres/rapster Maxida Märak te gast en in “Öppet Hav” zanger Thåström. Wat een verrassende en met name geweldige comeback.

 

Nessi Gomes – Diamonds & Demons (cd, Baraka)
gomes-nessi-diamondanddemonsVanessa Rodrigues Gomes Hermesh wordt 35 jaar geleden geboren (op mijn verjaardag) op het eiland Guernsey als kind van Portugese immigranten. Dit brengt meteen mee dat ze een dubbele identiteit draagt, die haar niet de meest vrolijke jeugd heeft bezorgd. Deels doordat ze nooit helemaal in de armen van de andere kinderen wordt gesloten, maar wellicht ook deels omdat haar wortels ook niet helemaal aarden in de nieuwe grond op het Britse Kroonbezit. Na diverse omzeilingen, onder meer een reis door Latijns Amerika, heeft ze dan haar draai gevonden en gaat muziek maken als Nessi Gomes. Er is weer eens goed volk voor nodig om me te wijzen op haar debuut Diamonds & Demons. Een schot in de roos. Gomes combineert in feite alle mooie en negatieve ervaringen, waarmee ze een diepere verkenning maakt van de menselijke conditie, psyche, collectieve angsten en kwellingen. Nu klinkt dat zwaarder op de hand dan het daadwerkelijk is. Ja die droefgeestige emoties zijn voelbaar, maar de muziek is helder en nergens terneergeslagen. Gomes (zang, akoestische gitaar) beschikt over een prachtig heldere, licht geknepen en getourmenteerd stemgeluid, dat het geheel alleen al gemakkelijk draagt. Ze mag op haar album, dat 10 nummers rijk en 56 minuten lang is, ook nog eens rekenen op steun van een ware keurlijst aan muzikanten en gasten. Zo dragen de Britse muzikant/producer Duncan Bridgeman (1 Giant Leap), hier op bas, drums, gitaar en keyboards, de Britse muzikant/producer Nigel Butler (piano, keyboards, drums, trompet, ambiances) een belangrijk steentje bij. Daarnaast zijn het her en der artiesten als klasbak Sam Lee (zang), Slovo en Faithless gitarist Dave Randall, de jazz contrabassist Misha Mullov-Abbado, Between The Notes cellist Matthew Barley en zijn vrouw, de befaamde Russische violiste Viktoria Mullova plus anderen op akoestische gitaar, achtergrondzang, mandoline, klokkenspel en dobro gitaar die het geheel op eigenzinnige wijze franje geven. Dat alles is van een werkelijk narcotiserende pracht, die een eigengereid mozaïek brengt van fado en Britse folk. Hier komen haar twee werelden fraai samen met muziek die heel diep onder de huid weet te kruipen en per luisterbeurt alleen maar groeit. Ter referentie moet je het ergens zoeken tussen Cristina Branco, Marissa Nadler, Kate Bush, Beth Gibbons, Laura Marling, Ane Brun en Chloe Charles. Alle demonen zijn uitgedreven en wat rest is diamant. Een ongepolijste beauty!

 

I Like Trains – A Divorce Before Marriage (cd, I Like Records / Konkurrent)
Jiliketrains-adivorcebeforemarriagee wordt er haast tureluurs van hoe je sommige bandnamen moet schrijven. De Britse groep iLiKETRAiNS gaat naar I Like Trains over na hun tweede album. Inmiddels schijn je het weer met enkel kapitalen te moeten schrijven, maar ik houd het even op de laatste versie. Het schijnt dat het allemaal om de muziek draait. Hoewel, bij I Like Trains draait het op hun vierde cd A Divorce Before Marriage, hun sensationele mini debuutalbum Progress Reform (2006), even niet meegerekend, wel degelijk om de band zelf. Er is een documentairefilm gemaakt over de groep waarin de vraag over hoe je een muziekcarrière kunt combineren met het gezinsleven en andere dromen. Hiervoor hebben ze nu deze soundtrack gemaakt, waar het wel 4 jaar op wachten is. Met 11 tracks en bijna 65 minuten krijg je meteen wel weer veel. Nu ja veel, ze hebben het geluid behoorlijk gestript. Er wordt geen noot teveel gespeeld, waardoor er veel ruimte ontstaat die veel aan de verbeelding overlaat. IJle gitaar- en pianoklanken, een voortkabbelende bas, wat elektronische elementen en slechts een enkele keer fel uit de hoek komend. Sfeervolle instrumentele stukken die een behoorlijke impact hebben en een aanrader is voor hen die van Mogwai, Library Tapes, Anoice, Mono en Godspeed You! Black Emperor houden. Het voelt allemaal als een droevig afscheid. Ik kan na het horen van zoveel pracht alleen maar hopen dat ze terugkomen.

 

Marielle V Jakobson – Star Core (cd, Thrill Jockey / Konkurrent)
jakobson-mariellev-starcoreHet zou zo maar kunnen dat je nog nooit van Mariélle V Jakobson hebt gehoord, maar wellicht komen de projecten Myrmyr, Date Palms of de Bay area supergroep Portraits je bekend voor. Hoe dan ook, solo begint ze haar carrière in 2009 als Darwinsbitch, om vervolgens in 2012 onder haar eigen naam met Glass Canyon op de proppen te komen. Een drone gericht experimenteel album, dat bijzonder fraai is. Nu is ze terug met Star Core waarop ze een ander geluid aan de dag legt. Ze maakt nog wel drones, maar wat lichter dan op haar debuut, mede omdat ze die genereert met fluit, viool en voor het eerst ook zang. Deze plaatst ze op allemaal psychedelische dan wel minimalistische synthesizerlagen. Ook hoor je soms haast Bollywoodachtige orkestraties die ze vervolgens uiteen laat brokkelen in abstracte ruimteklanklandschappen. Je stapt met haar album een bijzondere wereld binnen die zowel wonderschoon als wonderlijk is.

 

Jean-Michel Jarre – Oxygene 3 (cd, Sony)
jarre-jm-oxygene3Oxygene betekent in 1976 de grote doorbraak van de Franse toetsenist/componist Jean-Michel Jarre. Met “Oxygene IV” heeft hij zelfs een heuse hit. Deze muziek is bij mij een soort nostalgie geworden, al vind ik dat hij later ook echt een paar heel sterke albums heeft gemaakt, die minder glad zijn en meer diepgang hebben. Toch blijft dit spacy geluid wel leuk. Het moet een drieluik worden. De één na de andere release verschijnt en pas in 1997 komt hij met Oxygene 7-13. Qua geluid sluit deze in het begin wel aan op deel één, maar verder op het album wordt het grilliger. Nu weer 19 jaar later is dan eindelijk de trilogie voltooid met de komst van Oxygene 3; 14-20 is wellicht logischer maar enfin. De zeven composities duren bij elkaar bijna 40 minuten en bevatten zowel bekende thema’s met gesis en lichte uptempo beats waar de zuurstofmaskers je tegemoet zweven als de meer diepe en wonderlijke creaties. Met name door dat laatste weet hij me te verrassen en zelfs tot op de allerlaatste seconde te boeien. Eigenlijk is dit gewoonweg een steengoed album geworden en al helemaal als je het vergelijkt met die over het paard getilde Electronica 1 en 2 van afgelopen jaar. Jarre volbrengt een indrukwekkende ruimtereis van 40 jaar.

 

James Johnston – The Starless Room (cd, Clouds Hill / Konkurrent)
johnston-james-thestarlessroomHoewel je James Johnston wellicht vooral kent als frontman van Gallon Drunk, heeft al veel meer op zijn kerfstok. Zo is hij ook te horen in Nick Cave’s The Bad Seeds, Faust, …Bender, Big Sexy Noise (met Lydia Lunch en Terry Edwards), Ulan Bator en samen met Philippe Petit en bij PJ Harvey. Een geweldig, breed georiënteerd artiest. Toch is The Starless Room na al die jaren pas zijn eerste soloalbum. Johnston (zang, gitaar, orgel, synthesizer, piano) omringt zich hier met gasten op bas, drums, gitaar en percussie. Hij brengt hier 10 stemmige tracks die na bijna 40 minuten finishen. Qua zang zal hij liefhebbers van Nick Cave wel aanspreken. De pianogestuurde muziek, vol melancholische orkestraties van Sebastian Hoffman en soulvolle achtergrondzang, zit echter wel in een andere hoek. Hij brengt daar een soort hybride van Idaho, Leonard Cohen, Isaac Hayes, Ray Charles en David Sylvian. Het is allemaal zowel uiterst soft als enorm krachtig en dat op tijdloze wijze. Dat maakt dit album ook zo mooi. Het is echt een intense beauty geworden.

 

Eleni Karaindrou – David (cd, ECM)
karaindrou-eleni-davidDe Griekse, inmiddels 75 jarige, componiste en beroepsmelancholicus Eleni Karaindrou is befaamd om haar soundtracks voor de regisseur Theo Angelopoulos. Daarnaast is ze ook een begenadigd componist, die klassieke muziek met folkelementen combineert. Daarmee drukt ze al jaren haar eigen stempel. De productie neemt, ongetwijfeld door haar respectabele leeftijd, de laatste jaren wat af. Maar hetgeen ze het licht laat zien is doorgaans wel van een bedwelmende, etherische pracht. Nu is ze terug met het album David, dat ze heeft geschreven voor solisten, koor en orkest. Het is gebaseerd op een onbekende achttiende-eeuwse dichter van het eiland Chios. De hoofdrol is hier weggelegd voor de Armeens-Amerikaanse altvioliste Kim Kashkashian, die zich in goed gezelschap bevindt van het Ert Choir, Camerata Orchestra en diverse solisten op hobo, fluit, klarinet, fagot, harp, Franse hoorn, trompet, cello, klavecimbel en mezzosopraanzang. Er gaat weer een narcotiserende werking uit van haar muziek. Het is een mengelmoes van Barokke muziek, neoklassiek en folk, die je helemaal weet te omringen met verslavende schoonheid. Als David weet ze daarmee de Goliath’s uit de klassieke wereld het nakijken te geven. Ze maakt weer een eigenzinnige en onuitwisbare indruk. Het is ook allemaal nog eens live opgenomen, maar dat ontdek je pas eigenlijk uit het terechte applaus op het eind.

Luister Online:
David (albumsnippers)

 

Rodrigo Leão & Scott Matthew – Life Is Long (cd, Glitterhouse)
leao-rodrigo-matthew-scott-lifeislongAls er twee mannen zijn die de herfst plus winter van een soundtrack kunnen voorzien, dan zijn het de Portugese componist en multi-instrumentalist Rodrigo Leão en de Australische zanger Scott Matthew wel. Rodrigo Leão is tot en met 1995 actief in Madredeus en treedt vanaf 2000 naar buiten met solowerk, dat ergens tussen folk en neoklassiek it. Voor dat alles is hij al actief in de rockband Sétima Legião en laat tussen alle bedrijven door ook van zich horen in Os Poetas. Op zijn solowerken werkt Leão samen met onder meer Beth Gibbons. De Australische sombermans Scott Matthew heeft sinds 2008 al 5 albums het licht laten zien. Nu ja licht, het is allemaal behoorlijk duister, maar wel van een ongekende schoonheid. Nu zijn Leão (composities, synthesizers, bas, zangeffecten) en Matthew (tekst, zang) samen te horen op Life Is Long, wat je als een zwaarmoedig gegeven mag opvatten. Matthew’s stem vind ik in de lagere regionen sterk lijken op een rauwe versie van Elvis Costello en in de hogere op David Bowie. Een stem derhalve die me tot op het bot weet te raken. De melancholische composities van Leão zitten ergens in de filmische, neoklassieke en folk hoek, op maat gemaakt voor de stem van Matthew. Vrolijk wordt het nergens, maar dat is dan ook mijn kopje thee. De (uiteraard) 13 composities, waarvan 2 instrumentaal, zijn wel stuk voor stuk van een schoonheid die voor bergen kippenvel zorgt. Dat komt ook door de batterij aan gasten op cello, viool, altviool, orgel, gitaar, trombone, trompet, tuba, keyboards, melodica, Hammond, percussie en drums. Soms bekruipt me wel een beetje het gevoel dat ik naar één lang nummer aan het luisteren ben, mede door de constante ingrediënten en sfeer, maar dat is eerlijk is eerlijk wel een verdomd mooi nummer. Deze cd haalt het meest droefgeestige en mooiste van beide mannen naar boven. Daar kom ik de winter wel mee door!

 

José Ojeda – Drift (cd, Luscinia Discos)
ojeda-jose-driftDe uit Malaga afkomstige componist José Ojeda draait al een behoorlijke tijd mee in de muziekscene. Eerst in locale groepen als El Correo del Zar, La Alternativa, Harry Octopus, Gastmans en Santos de Goma. Later ook als maker van soundtracks en video’s, waarmee hij zelfs in de prijzen valt. Nu komt hij met zijn solowerk Drift op het prestigieuze Luscinia Discos. Ojeda (gitaar, keyboards, bas, arrangementen) wordt hierop bijgestaan door de vocalisten Ana Béjar, Álvaro Gastmans en Conde, drummer Antonio Sierra en gitarist Máx FL. Het is een conceptueel album waar Ojeda de luisteraar uitnodigt te duiken in dromen en verlangen naar vrijheid. Hij heeft hiervoor stemmige, duistere en licht psychedelische stukken geschreven. De ene keer uiterst dromerig en tot de verbeelding sprekend en op andere momenten heel spacy of juist ontzettend down to earth. De nummers gaan dan ook van singer-songwritermuziek, gitaarambient en Americana naar shoegaze, indierock en psychedelische muziek. Omdat hij die scheidingslijnen nooit scherp aanbrengt voert hij je op natuurlijke wijze langs de diverse facetten van zijn droomwereld. De al dan niet aanwezige teksten, want een deel is instrumentaal, worden gezongen in het Frans, Spaans en Engels. Ter referentie moet je het ergens zoeken tussen Noir Désir, Slowdive, Lisa Germano, Blue Aeroplanes, Dif Juz, Red House Painters en Anari, al past niets helemaal. Het is een uiterst indringend, eigengereid en nachtelijk prachtalbum geworden.

 

Sana Obruent – Prince Of The Air (cd, Blackjack Iluminist)
sanaobruent-princeoftheairSana Obruent, dat zoiets betekent als “geluid verdrinken”, is het project van de (ergens) in Californië woonachtige artiest Paul Lopez. Sinds 2012 brengt hij onder deze naam met enige regelmaat zijn muziek, hoofdzakelijk digitaal, naar buiten. Hij begeeft zich met zijn muziek ergens tussen de drones, isolationistische ambient, softnoise en shoegaze. In 2012 brengt hij zijn album Prince Of The Air uit. Deze krijgt nu een fysieke vorm op cd en gelimiteerde cassette op het fijne, innovatieve label Blackjack Iluminist van Alexander Donat (Vlimmer, Feverdreamt, Leonard Las Vegas, Fir Cone Children). En terecht, want deze release mag gehoord worden. Lopez laat een uiterst desolaat en ijzig geluid horen dat tot de verbeelding weet te spreken. Je ziet prachtig winterse landschappen verrijzen, waarbij je als dolende ziel overrompeld wordt door eenzaamheid, bezinnende momenten, dromen en ook aan de pijn grenzende schoonheid. In acht composities, die samen een goede 70 minuten duren, toont Lopez zich een meester in het scheppen van bezielende muziek die liefhebbers van onder meer The Sight Below, Stars Of The Lid, William Basinski, Thomas Köner, Orphax, Ice en Marsen Jules wel zal bevallen. Lopez is een ware ijskoning!

 

Ryan Teague – Site Specific (cd, King Tree)
teague-ryan-sitespecificDe Britse componist Ryan Teague is in het hedendaagse neoklassieke landschap een bijzonderheid. Hij heeft een totaal eigenzinnige aanpak, die hem op vele fronten onderscheid van zijn hedendaagse collegae. Zijn muziek houdt op fraaie wijze het midden tussen neoklassiek, minimal music, ambient en elektro-akoestische muziek, waarbij hij het experiment niet uit de weg gaat. Op zijn vijfde cd Site Specific mag Teague (synthesizers, gitaar, percussie) rekenen op steun van basklarinettist Gareth Davis (A-Sun Amissa, Birdt, Maze, Mere, Oiseaux-Tempête, Shiver, The Whalers Collective), cellist Andy Nice (ex-Tindersticks), percussionist Tom Edwards (ex-Spiritualized), drummer Tim Giles, Rhodes-speler Dan Nichols (Can Of Worms), vleugelhoornist Bryan Herman. Een waar sterrenteam. Hiermee gaat Teague in stijl verder, al plaatst hij zijn muziek nu wel meer in een jazzy kader. In 41 minuten brengt hij 8 uiterst nachtelijke maar ritmische composities. Daarbij is zijn minimalistische en ritmische stempel intact gebleven maar de omgeving veranderd. Daar waar hij zich eerder mocht meten met vakbroeders als Rafael Anton Irisarri, Arvo Pärt, Deaf Center, Danny Norbury, Olan Mill, Jon Hopkins, Hauschka, Philip Glass en Greg Haines, zijn het nu veeleer Steve Reich, Nils Petter Molvær, Portico Quartet, Dictaphone, Talk Talk, Bohren Und Der Club Of Gore en Miles Davis die in het vizier komen. Hoewel de rest er ook nog wel doorheen sijpelt. Teague blijft een unieke parel in de hedendaagse muziek.

 

Emiliana Torrini & The Colorist – Emiliana Torrini & The Colorist (cd, Rough Trade / Konkurrent)
torrini-emiliana-thecolorist-stEmilíana Torrini Davíðsdóttir is een bijzondere half IJslandse, half Italiaanse zangeres. Als Emiliana Torrini brengt ze sinds 1995 maar met mondjesmaat haar releases uit, zes in totaal om precies te zijn. Keer op keer voltreffers, dat dan weer wel. Haar voorkomen en haar bitterzoete stemgeluid zorgen ervoor dat ze alles in huis heeft om een wereldster te worden. Toch kiest ze ervoor het alternatieve pad te volgen, waarbij ze laveert van pop, folk, chansons en blues naar trip hop, downtempo elektronica en folkrock. Met het Belgische The Colorist ensemble, die percussie, drums, houtblokken, kalebassen, rubberen band, marimba, piano, duimpiano, bellen, contrabas, viool, altviool, glazen schalen, elektronica, mandoline, (bas)klarinet, speelgoedpiano, waterfoon, geluidseffecten en meer brengen levert ze nu drie jaar na haar laatste studioalbum haar eerste live album af. Ondanks de voortreffelijke studioprestaties, laat ze zich hier van een andere kant horen, wat zeker te danken is aan The Colorist, dat opgericht is om als weirde backup band te fungeren voor pop georiënteerde zangers. Hier lijsten ze 11 van haar composities, waarvan ik er 2 nog niet kende, op ludieke wijze in. Het zit ergens tussen neoklassiek, toy music en dark cabaret in. De emoties blijven overeind en de tracks herkenbaar, maar het instrumentarium voegt een andere dimensie toe aan haar originelen. Hoewel het ook wel weer eens tijd voor een nieuw studiowerk, is dit wel een heel fraai extraatje geworden.

 

The Weeknd – Starboy (cd, XO)
weeknd-starboyJe hebt van die artiesten die je weten te raken, al ben je misschien niet direct fan van hun genre. Dat deed Michael Jackson al, maar ook de Canadese r&b muzikant Abel Tesfaye aka The Weeknd weet dat te bewerkstelligen. Dat is al het geval met zijn eerdere drieluik House Of Balloons / Thursday / Echoes Of Silence uit 2012, dat eerst gratis te downloaden is alvorens het fysiek uitkomt, de cd Kiss Land (2013) en Beauty Behind The Madness van vorig jaar. Hij brengt eigenzinnige combinaties van r&b, dubsteb, new wave, hip hop, pop, soul en sample gestuurde elektronica. Dat met de wetenschap dat hij zijn inspiratie haalt uit bands als Cocteau Twins, AR Kane en Siouxsie & The Banshees. Daar hoor je niet heel veel van terug in zijn muziek, zij het dat hij ook op eigenzinnige wijze te werk gaat. Nu is er zijn volgende werk Starboy, waar zoonlief meldt dat alle duistere elementen waar ik zo van houd verdwenen zijn, Nu heeft hij een punt, maar Tesfaye weet er wel een bijzondere draai aan te geven. Dat doet hij onder meer met samenwerkingsverbanden met Daft Punk, Lana Del Rey, Kendrick Lamar en Future. Het resultaat omvat een geweldige smeltkroes van alles en nog wat, waar hij soms een goede drum ‘n’ bass versnelling in huis heeft en dikwijls een meer rockachtig geluid laat horen naast zijn r&b en funk. Ook komt hij met opvallende samples, zoals Aster Aweke in “False Alarm” en Tears For Fears in “Secrets”. Dit sterrenjoch maakt zijn naam gewoon waar. Sorry zoon.

 


 

 

Martijn

Childish Gambino Awaken, My Love!
Eerder werk bleef niet echt plakken, maar op dit nieuwe album verlaat Childish Gambino het hip hoppad om good old (P-)funk te maken. Geen aalgladde shit als Bruno Mars maar echt lekker, met een Hazel-lickje hier en een Bootsy-basje daar. Het plezier spat ervan af, een erg fijn album dus.

The Pattern Forms Peel Away The Ivy
Ghost Box blijft fijne platen uitbrengen. Ook dit project van Jon Brooks van The Advisory Circle en Ed Macfarlane en Edd Gibson van Friendly Fires is een fraaie mix van nostalgische pop, folk en elektronica die weer zit als een warme, wollen trui.

Geechi Suede 0.9 NyteLife FM
Geechi Suede vormt samen met Sonny Cheeba Camp Lo en 0.9 NyteLife FM is zijn eerste solo-album. De sfeer is vergelijkbaar, het album is vormgegeven als een radioprogramma, wat wel wat veel skits oplevert. The essence of B-Boy-ism noemt hij het zelf, muziek die de echte hedz willen horen. De Lo-flavour blijft uniek, ook zonder z’n BFF.