Het schaduwkabinet: week 44 – 2013

Sinterklaas, Sinterklaas en natuurlijk een zeker iemand, hij of zij, met kenmerken uit het caleidoscopische pigmentspectrum. Wij voldoen geheel aan de VN normen, zij het gekleurd in onze lijstjes uit het:
Schaduwkabinet


We luisterden naar: Bailterspace, Gipsy.cz, The Legendary Pink Dots, Zbigniew Preisner, Idea Fire Company, Joshua Burkett, Shining, John Foxx & The Belbury Circle en Belbury Poly & Spacedog. En keken naar: Stories We Tell.




JANWILLEMBROEK


Bailterspace – Trinine (cd, Fire)


Bailterspace-TrinineDeze legendarische Nieuw-Zeelandse band die in 1987 is opgericht door Alister Parker (gitaar, zang, samples) en Hamish Kilgour (The Clean, Great Unwashed), waarbij de laatste al snel weer vertrekt. Naast Alister zijn het Brent McLachlan (drums, samples) en John Halvorsen (bas, gitaar, zang) die de groep completeren. Hun muzikale geschiedenis gaat al verder terug. Alister Parker is vanaf 1980 samen met Brent McLachlan en John Halvorsen terug te vinden in uitstekende waveband The Gordons. In 1986 gaat de band uiteen als John besluit verder te gaan met de Skeptics en Alister de band Nelsh Bailter Space opricht met een aantal andere muzikanten. Na diverse wisselingen komt John er in 1987 en Brent er in 1989 weer bij, waardoor The Gordons in feite weer bijeen zijn, maar dan in hun nieuwe incarnatie Bailterspace. Hun befaamde sound bestaat uit een mysterieuze kruisbestuiving van wave, noiserock en post-rock, waarbij de sepiakleurige zang prachtig aansluit. Na verloop van tijd beweegt hun sound meer richting indierock en doen ook de elektronica nadrukkelijker hun intrede. Na hun zevende album Solar.3 uit 1998 lijkt het doek gevallen. Diverse verhuizingen volgen en uiteindelijk belanden Alister en Brent in New York, waarbij John achterblijft bij onze antipoden. Ze werken, zo valt online te lezen, al jaren aan nieuw materiaal. Nooit hoor je iets van ze, tot ze vorig jaar ineens terugkeren met Strobosphere. Een terugkeer naar de sound van hun beginjaren met de robuuste gitaarsound van de latere en dat met een typische Nieuw-Zeelandse inslag. Ter referentie moet je denken aan The Fall, Joy Division, Pin Group, This Kind Of Punishment en diverse andere Nieuw-Zeelandse underground bands. Een heel fijne terugkeer van een unieke band. Nu, een jaar later is Trinine een feit met ook John Halvorsen weer in de gelederen. Hij brengt toch meer body. Het wavegeluid en met name de daarbij horende melancholische sfeer doet me sterk denken aan hun allerbeste periode van Tanker (1988) en Thermos (1989). Sterker nog dit zou zo maar een drieluik kunnen vormen met die platen, wat misschien ook de titel van dit negende, tevens met een T beginnende album verklaart. Ze lijken hier helemaal in oude vorm en de reünie maakt ze kennelijk nostalgisch. Mij hoor je niet klagen. Het geluid is wel wat rauwer en er zijn meer elektronische invloeden dan toen, maar die overrompelende, kippenvel opwekkende sfeer is uniek. Een fantastisch volgend hoogtepunt uit hun toch al lange en succesvolle carrière.





Gipsy.cz – Upgrade (cd, Bangatone)


Gipsycz-upgradeEr zijn van die bands waar ik spontaan vrolijk van word. Dat is zeker met deze Tsjechische formatie, die hiphop koppelen aan heerlijke Roma muziek, Tsjechische folk, pop en vooral een mix van dit alles met beklijvende zang en raps. Balancerend op de rand van kitsch, maar door de smaakvolle ingrediënten en oprechte emoties winnen ze op punten. Dat is op hun vierde cd niet anders. Bandleider Gipsy, ofwel de Tsjech Radoslav Banga, heeft vanaf zijn 13de op straat geleefd. Zijn leven neemt een andere wending als hij in aanraking komt met hiphop, want hij gaat zich richten op de muziek en start verscheidene bandjes. Hij heeft verder onder meer gespeeld met Boban Markovic Orkestar en GZA. Deze Roma rapper start na verloop van tijd zijn eigen project Gipsy.cz, waarin hij zingt, rapt, programmeert en gitaar speelt. Hij wordt begeleid door Tomáš Baroš (bas, achtergrondzang), Jan Březina (accordeon, achtergrondzang) en Viliam Didiáš (viool, achtergrondzang). Ze houden het fraaie midden tussen Gogol Bordello, Max Pashm, Balkan Beat Box, Radůza en Alom. Energie, een lach en menig traan en traditie en modernismen maken ook dit album weer tot een waar en eigenzinnig feest.





The Legendary Pink Dots – Code Noir (cd, Beta-lactam Ring Records)


Lpd-codenoirDit met recht legendarische Britse combo rond de in Nederland wonende enigmatische poëet en zanger Edward Ka-Spel (The Tear Garden, Mimir, Dna Le Draw D-Kee) bestaat inmiddels 33 jaar. Sinds eind jaren 80 ben ik groot fan van deze psychedelische avant-gardeband met een volslagen eigen geluid. Ze brengen meer dan 50 (of is het 60?) albums uit, die langzaam veranderen van geluid maar altijd die bijzondere, herkenbare sfeer en elementen bevatten, waaronder de lijzige zang van Ka-Spel. Eerder dit jaar verschijnt hun prachtige cd The Gethsemane Option die weer iets terug lijkt te grijpen op de periode rond The Crushed Velvet Apocalypse (1990) en The Maria Dimension (1991), maar zonder herhaling van zetten. Wonderschoon en van ouderwets hoog niveau. Ter ere van hun “The Dots’ Year 33 Tour of the USA” brengen ze in een oplage van 499 stuks de cd Code Noir uit. Hierop gaan ze op dezelfde voet verder als op het eerder genoemde album, zij het dat het iets meer ingetogen, iets meer elektronisch en mysterieuzer is. En heel stiekem misschien nog wel een fractie mooier ook. Het is heerlijk fan te zijn van deze band, want ze trakteren je keer op keer. Hulde! Op naar de volgende 11 te gekke jaren.





Zbigniew Preisner – Diaries Of Hope (cd, New Music)


Preisner-diariesofhopePreisner is vooral bekend van zijn filmmuziek voor de films van Krzysztof Kieslowski (Dekalog, La Double Vie De Véronique, Blue. Blanc, Rouge), maar hij heeft los daarvan ook diverse modern klassieke werken gemaakt. Die hebben allen ook een filmisch karakter, waardoor het niet gek is dat hij vooral als maker van filmscores opereert. Ook zonder film zijn die allemaal de moeite waard. Tussen alle bedrijven door maakt hij ook nog een cd met ex-Madredeus zangeres Teresa Salgueiro en strijkt hij de boel plat op David Gilmour’s On An Island. Zijn discografie bestaat dan ook uit meer dan 30 albums. Hij is nu terug met Diaries Of Hope, dat bestaat uit 5 composities van bij elkaar bijna 48 minuten lang. Prachtig droefgeestige symfonieën uitgevoerd door het Warsaw Philharmonic Chamber Orchestra, een koor en de gastzangers Lisa Gerrard (Dead Can Dance) en Archie Buchanan. De instrumentale openingscompositie “From The Abyss” houdt op sacrale wijze het prachtige midden tussen Eleni Karaindrou, Henryk Górecki en Arvo Pärt. Hierna is in het vergelijkbare “Lament” de wonderschone zang van Lisa Gerrard te horen, die het helemaal tot een hemels geheel maakt. Hieronder vind je een deel van dit geweldige zinnenstrelende stuk. In de twee volgende composities “Dream” en “In A Dark Hour” wordt de heerlijke kamermuziek ondersteund door de jeugdige zanger Archie Buchanan, die een pure en indrukwekkend stemgeluid in huis heeft. Hij brengt iets onschuldigs in de melancholische stukken. Heel fraai. Tot besluit krijg je in “Epitaph” nog een keer Lisa Gerrard te horen in combinatie met een koor. Geen schokkende verrassingen, laat ik daar eerlijk over zijn, maar meer dan genoeg om volledig betoverd te worden.


 



JUSTIN


Idea Fire Company – Postcards (lp, Swill Radio, 2013)


Broodnodige heruitgave op vinyl van deze cassette uit 2011, van origine uitgegeven in een editie van 93 exemplaren. Het duo Karla Borecky en Scott Foust heeft het materiaal opnieuw bewerkt, ingespeeld en opgenomen en hoewel ik geen vergelijkingsmateriaal heb, kan ik alleen maar spreken van een verrijking van hun minimalistische sound. Postcards bestaat uit negen denkbeeldige, impressionistische portretten van steden waar ze nooit zijn geweest, vertaald in instrumentale melancholieke stukken met synthesizer, piano, harp, gitaar en trombone. Spelend met stiltes en repetitie zorgen ze voor een gefocust geluid – een stuk minder ritmisch dan sommige vorige releases – dat niet minder dan prachtig klinkt.


Joshua Burkett – Footnote(s) (lp, Ultra Eczema, 2013)


Broodnodige heruitgave op vinyl van deze cdr uit 2005, van origine uitgegeven op Burkett’s eigen label in wat ongetwijfeld een lage oplage moet zijn geweest. De Amerikaan specialiseert in traditionele folk muziek omgevormd met effecten en aangekleed met spookachtig iele vocalen. Het is alsof de kenmerkende American Primitivism folk een hedendaagse lo-fi behandeling krijgt. Burkett laat, ondanks dat hij op deze liveopnames bijgestaan wordt door een aantal gastmuzikanten (waaronder drummer Chris Corsano) een heel persoonlijk en kaal geluid horen, dat tegelijk ook heel ruimtelijk en abstract is. Een compleet unieke en betoverende ervaring, het luisteren naar deze lp.



LUDO


Stories We Tell (Sarah Polley)


Sarah Polley op meta-documentaire toer, het is een verrassing. De beeldtaal is overduidelijk geïnspireerd door haar landgenoot Guy Maddin, denk aan van die pseudo-flashbacks gefilmd met Super-8, maar het verhaal is minder mysterieus, en veel persoonlijker. Wat begint als een nostalgisch gestemd eerbetoon aan haar vroeggestorven moeder verandert in een eigen variant op Searching For Sugar Man. (Het helemaal verklappen zou zonde zijn.) Net als Sugar Man is het daarmee typisch een ‘documentaire’ die de feiten zelf in een bepaalde volgorde serveert, flirtend met fictie, vol nagespeelde scenes. Het leuke is dat dit ook uitgebreid benadrukt wordt. We maken zelf het verhaal van ons leven, andere mensen zien in dezelfde feiten iets totaal anders. Of willen ze anders gepresenteerd zien. Geniepig is dat Sarah zelf veelal buiten beeld blijft, maar ondertussen wel als regisseur (en schrijver) bepaalt wat wij te zien krijgen. Zo heeft zij al haar talking heads onder controle! (Een parade van Feisty zusjes en emotionele broers.) Polley is – hoe kon het ook anders als kindsterretje – afkomstig uit een acteernest, wat garant staat voor smakelijke verhalen en excentrieke mensen. Een begrafenis wordt zo een ‘production’. 110 minuten is wel véél te lang, de stiptheid moet Polley nog van Maddin leren. Aan de andere kant, wie wil de anekdote missen van een jankende Sarah in Neanderthaler-kostuum.



MARTIJNB


Shining 8½ – Feberdrömmar i vaket tillstånd


De nummers op dit album slingerden al jaren in instrumentale versies rond op een behoorlijk crappy bootleg genaamd The Darkroom Sessions. Daar nog wat aan doen is niet echt mogelijk, dus redeneerde Kvarforth: dan doe ik het zelf maar dan beter. Er zijn wat bas en toetsen toegevoegd maar het is vooral de rij aan gastzangers die het bijzonder maken. De laatste albums van Shining waren natuurlijk behoorlijk afgedreven richting melancholieke metal met soms zelfs pop-achtige neigingen, maar hier krijgen we weer eens echte black metal. Zeker met zangers als Gaahl (ex-Gorgoroth), Famine (Peste Noire) en meer voor de hand liggende keuzes als Attila (Mayhem) en Maniac (ex-Mayhem, Skitliv) die de honneurs waarnemen. Niklas horen we enkel in afsluiter Through Corridors Of Oppression. Het resultaat is inderdaad vele malen beter dan die bootleg.



John Foxx & The Belbury Circle Empty Avenues


Belbury Poly & Spacedog Study Series: “Message And Method”


Twee opvallend vocale uitgaves op het Ghost Box label. John Foxx was de originele zanger van Ultravox maar ik had nog nooit van de goede man gehoord. De 10” bevat in ieder geval het gebruikelijke palet van library en synthesizermuziek van Jim Jupp (Belbury Poly) en Jon Brooks (Advisory Circle), maar heeft ook een zweem van oude Engelse prog. Natuurlijk geen instrumentale krachtpatserij, maar vooral de melancholieke sfeer. Op Message And Method voegt Spacedog dromerige dameszang toe aan de muziek van Belbury Poly. Dit is de laatste 7” van de Study Series, maar erg fraai en het smaakt naar meer, om te beginnen het album van Spacedog.