Het schaduwkabinet: week 04 – 2018

Tinky Winky is niet meer. Net als de Kijkshop. Gelukkig letten wij ook op de kleintjes en valt er genoef te zien in onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: Poppy Ackroyd, Atom™ & Lisokot, Peter J. Birch, Goran Bregović, Crippled Black Phoenix, Dirtmusic, Flying Horseman, Ljerke, Matthieu Malon, Lorenzo Masotto, Palais Ideal, The Residents (2x), Sweeney.

 


 

Jan Willem

Poppy Ackroyd – Resolve (cd, One Little Indian / Konkurrent)
Soms zie je tegenwoordig door de vele toetsen de piano niet meer, tenzij je aan de hand genomen wordt door een goede gids; één die zich weet te onderscheiden. Zo één is ook de Britse klassiek geschoolde muzikante Poppy Ackroyd, die overigens naast piano ook viool, pianino en harmonium speelt. Ze heeft inmiddels 3 geweldige soloalbums afgeleverd en laat daarnaast van zich horen in de Hidden Orchestra. Na de albums Escapement (2012), Feathers (2014) en Sketches (2017), die allen heerlijk ingetogen en contemplatief zijn, komt ze nu met haar vierde cd Resolve op de proppen. Hierop brengt ze een meer uitbundig geluid naar buiten. Ze brengt een fijne, ritmische en bovenal sprankelende mix van minimal music, kamermuziek en neoklassiek ten gehore. Deze brengt ze dikwijls op improvisatorische wijze. Ze mag rekenen op steun van celliste Jo Quail (Earth Loop Recall, SonVer), klarinettist/fluitist Mike Lesirge en Hang-speler Manu Delago (Living Room). De rijk gedetailleerde, dynamische muziek kent een zekere frivoliteit, maar is ook doordacht en van een prettige droefgeestigheid. Muziek om bij na te denken, weg te dromen en gewoonweg intens van te genieten. Uiterst geschikt voor fans van Dustin O’Halloran, Hildur Guðnadóttir, Hauschka, Ólafur Arnalds, David Darling, Sylvain Chauveau en Nils Frahm. Ackroyd is en blijft een schitterende, eigengereide parel.

 

Atom™ & Lisokot – Walzerzyklus (mcd, Raster)
Atom™ is één van de vele projecten die de in Chili woonachtige Duitse muzikant, componist en producer Uwe Schmidt er op nahoudt. Tevens runt hij het Rather Interesting label. Je mag hem echt wel een geluidskunstenaar noemen en hij roert zich in vele elektronische genres. Ik heb van dit project op Winterreise (2011) na nooit iets anders opgepikt, omdat hetgeen ik hoorde me niet echt aanspreekt. Wel nog wat van zijn andere projecten als Lassigue Bendthaus en Señor Coconut And His Orchestra. Maar goed ik geloof dat hij in meer dan 50 projecten zit, dus vergeet dat maar even. Met Atom™ is hij aan het begin van deze eeuw begonnen, waarmee hij acid house, hip hop, IDM, techno, glitch, minimal music, elektro, experimentele en abstracte muziek produceert. Je weet nooit wat je krijgt voorgeschoteld. Nu brengt hij samen met de Russische conceptuele zangeres Varya Pavloka (Варя Павлова) aka Lisokot het album Walzerzyklus uit. Hierop staan 7 tracks, waarbij Schmidt zorgt voor de bijna abstracte spookachtige mix van glitch, ambient, electro en IDM, waar de ritmes hortend en stotend en met veel ruimtes naar buiten worden gebracht. Daar voegt Lisokot haar stemkunsten aan toe, afgewisseld met de zang van Schmidt. De bij de wals uit de titel passende driekwartsmaat zit versleuteld in het feit dat 4 van 7 tracks precies 3 minuten duren. Deze tracks verschillen ook wat van de overige 3, “Leitmotif” I t/m III die meer aansluiten bij Schmidt’s technomuziek. Het mooist is het als Lisokot haar stem laat horen, want dat klinkt als de Cocteau Twins on acid, heel bijzonder. En dan brengen ze ook nog de geniale cover “Be Bop a Lula” van Gene Vincent. Er is heel veel om van te genieten, waardoor het zo jammer is dat dit maar 18 minuten duurt.

 

Peter J. Birch – Inner Anxiety (cd, Gusstaff Records / BrokenSilence & Kudos)
Peter J. Birch, ook wel Peter John Birch, is het alias van de Poolse muzikant Piotr Jan Brzeziński, die actief is (geweest) in de projecten Break Horses, Campesino, Let The Boy Decide, Turnip Farm en More Than Three. Met zijn Engelse pseudoniem heeft hij ook al 3 albums uitgebracht vol folk, altcountry en alternatieve rock. Hij zingt daarbij in uitstekend Engels, waardoor dit zijn meer toegankelijke naam ook wel rechtvaardigt. Nu komt hij met zijn nieuwe cd Inner Anxiety, waarop hij 9 nieuwe songs het licht laat zien. Op tedere en bovenal bezinnende wijze brengt hij weer een combinatie aan stijlen die veelal akoestisch worden uitgevoerd. De folk en altcountry drijven hier meer naar de oppervlakte dan voorheen. Hij roept wisselend associaties op met Fink, Mark Lanegan, Thom Yorke, Damien Rice en Jon Rose. Hij weet met zijn meeslepende zang zijn verhaal prachtig aan de man te brengen. Een stemmig, wonderschoon geheel.

 

Goran Bregović – Three Letters From Sarajevo (Opus 1) (cd, Universal)
Hoewel de uit Bosnië en Herzogovina afkomstige muzikant/componist Goran Bregović door puristen van de authentieke folk niet helemaal gewaardeerd wordt, geniet ik dikwijls met volle teugen van zijn aanstekelijke mix van Balkanbeats, Roma muziek, Slavische folk en Oosterse elementen. Hij weet als geen ander diverse stijlen aaneen te rijgen tot een pakkend geheel, waarbij hij door de jaren heen met vele wereldse gasten heeft samengewerkt. Dat loopt uiteen van Bulgaarse zangeressen tot Sezen Aksu en Eugene Hütz (Gogol Bordello). Vorig jaar heb ik kennelijk zijn nieuwe album Three Letters From Sarajevo (Opus 1) over het hoofd gezien, dat vijf jaar na zijn cd Champagne For Gypsies verschijnt. Hij werkt weer met zijn The Wedding And Funeral Orchestra, die naast de vele zang ook trompetten, saxofoon, klarinet en tuba brengen. Daarnaast geven ook de Israëlische zanger Asaf Avidan, de Franse Algerijn Rachid Taha, Iggy Pop en anderen acte de présence. Dat levert weer een heerlijk wereldse grog op met de nadruk op de Balkan, die dikwijls opzwepend is maar nooit te vrolijk. Daarvoor is dit alles, zoals altijd, wel doordrenkt met een fijne melancholie. Tussendoor brengt hij ook nog klassiek getinte stukken, waarvan een deel (“Christian Letter”, “Muslim Letter” en “Jewish Letter”) met een verbroederende boodschap. Een geweldig genietbaar album, dat mensen uit vele windstreken verbindt.

 

Crippled Black Phoenix – Horrific Honorifics (mcd, Artists Musicians Outlaws)
Crippled Black Phoenix is een superband met een steeds wisselende samenstelling, waarbij multi-instrumentalist Justin Greaves (Iron Monkey, Teeth Of Lions Rule The Divine, The Varukers, Se Delan) stevig aan het roer staat. Op de mini Horrific Honorifics brengen ze zes covers van hun helden. Naast Greaves bestaat de groep hier uit zanger Daniel Änghede (Astroqueen, Hearts Of Black Science), toetsenist/bassist Mark Furnevall, Daarbij mogen ze nog rekenen op maar liefst zeven gasten op zang, piano, synthesizer, harmonium, gitaar, viool en mandola, waaronder zangeres Daisy Chapman, gitarist Jonas Stållhammar (Bombs Of Hades, God Macabre, Utumno) en zangeres Belinda Kordic (Se Delan, Killing Mood, Stabb). Ze brengen eigen versies van nummers van Arboretum (“False Spring), Swans (“The Golden Boy That Was Swallowed By The Sea), Magnolia Electric Co (“Will-O-The-Wisp”), No Means No (“Victory), The God Machine (“In Bad Dreams”) en The Sensational Alex Harvey Band (“The Faith Healer”). Sommige herkenbaar en andere gewoon geheel in hun eigen stijl, dat wil zeggen een fijne mix van post-, prog-, psychedelische en experimentele rock. Met name bij de covers van Magnolia Electric Co en The God Machine krijg ik kippenvel, waar je ook hoort hoe goed de originelen zijn. Het is een lekker tussendoortje geworden.

 

Dirtmusic – Bu Bir Ruya (cd, Glitterbeat / Xango Music Distribution)
De geweldige muzikant/producer Chris Eckman leer ik in eerste instantie kennen via de band The Walkabouts, waar ik veel van in de kast heb staan. Later volgen ook projecten als Chris & Carla, Distance Light & Sky (met Chantal Acda), Höst, The Strange, L/O/N/G en Dirtmusic. Die laatst genoemde richt hij in 2007 op met Chris Brokaw (Codeine, Come, The New Year) en Hugo Race (Nick Cave, The JLP Sessions Project), waarbij ze samenwerken met allerlei wereldmuzikanten waaronder Tamikrest en diverse Malinese. Het is dan ook een meer wereldse aangelegenheid, die ze vermengen met post-punk, folk, bluesrock en psychedelica. Brokaw is al jaren vertrokken en op de nieuwe cd Bu Bir Ruya wordt de derde zetel ingenomen door Murat Ertel (Baba Zula, Zen). Als je Ruya schrijft als Rüya betekent de titel vanuit het Turks zoiets als “Het is een droom”. In de zeven tracks die ze hier presenteren, laten ze weer een heerlijke hybride van Westerse en Oosterse geluiden horen, die inderdaad ook dromerig zijn. Ze krijgen daarbij nog steun van de voortreffelijke Turkse zangeres Gaye Su Akyol, die een mooi tegenwicht biedt aan de pakkende zware stem van Hugo Race. Zoals vaker weet Eckman, die ook veel op Glitterhouse en Glitterbeat produceert, met de zijnen een uniek geluid naar buiten te brengen. Ze stappen over diverse grenzen, zowel muzikale als die van landen, waardoor je echt een totaal unicum voorgeschoteld krijgt. Het is melancholisch, psychedelisch en bovenal van een ongrijpbare pracht, die liefhebbers van zowel de betrokken artiesten als Mark Lanegan, Baba Zula, Fuat Saka en Giant Sand wel aan zal spreken. Grootse klasse!

 

Flying Horseman – Rooms / Ruins (cd, Unday / N.E.W.S.)
Dat er geweldige bands uit België komen is geen verrassing meer, maar werkelijk sensationeel is van alles dat rondom Bert Dockx (zang, gitaar) ontstaat en dan met name de groep Flying Horseman. Daarnaast is hij ook te vinden in het geweldige Dans Dans en brengt hij solo als Strand ook fraaie muziek uit. De groep bestaat verder uit drummer/percussionist Alfredo Bravo (Blackie & The Oohoos) en bassist Mathias Cré (In-Kata, Quetzal) plus de zussen Martha en Loesje Maieu (zang, synthesizers) van Blackie & The Oohoos. Inmiddels hebben ze 4 ijzersterke albums uitgebracht vol nachtelijke pracht, die ergens tussen jazz, blues, dark folk, singer-songwritermuziek en post-rock 2.0 in zit. Daarmee gaan ze ook verder op hun vijfde worp Rooms / Ruins, waarbij ze 11 nieuwe tracks presenteren. Meer dan ooit verstaan ze de kunst van het weglaten. De muziek is fluweelzacht, mysterieus en skeletachtig en juist daardoor zo doeltreffend en beklemmend. Een enkele keer komen ze wat harder uit de hoek, maar vaker dan voorheen ook meer psychedelisch. Het is bovenal muziek die je besluipt als een sluipschutter en je onverwachts keihard weet te raken. De emotionele precisiebombardementen, al zijn die dikwijls nog zo zacht, missen hun doel niet. Alles klopt hier en heeft een enorme impact. Een album dat echt onder je huid kruipt, wat naast de indringende zang en het gitaarspel van Dockx mede komt door het serene en sfeervolle decor dat de zusjes Maieu neerzetten. Maar ook de percussie van Bravo, de baspartijen van Cré weten het verschil te maken. De inmiddels vertrokken gitarist Milan Warmoeskerken vervult daarbij een fraaie gastrol op gitaar en elektronica. Voorheen heb ik nog wel bepaalde referentiepunten genoemd, maar dat wil ik hier eigenlijk achterwege laten, omdat ze een ontzettend eigengereid geluid weten neer te zetten. Een geluid dat je in de houdgreep weet te nemen, zowel qua spanning als schoonheid. Wat is dit weer een overdonderend meesterwerk geworden!

 

Ljerke – Ljerke (cd+dvd, Eilean Records)
Daar waar prachtige poëzie en adembenemende abstracte muziek elkaar raken, kom je in eigen land uit bij het biologerende collectief Piiptsjilling. Deze bestaat onder meer uit dichter Jan Kleefstra (The Alvaret Ensemble, CMMK, Kleefstra | Bakker | Kleefstra), zangeres Mariska Baars (Soccer Committee), gitarist Romke Kleefstra (The Alvaret Ensemble, CMMK, Kleefstra | Bakker | Kleefstra) en elektronicaspecialist Rutger Zuydervelt aka Machinefabriek (CMMK, Cloud Ensemble, Shivers, DNMF). De broers hieruit, te weten Jan Kleefstra (poëzie, stem) en Romke Kleefstra (gitaar, effecten) gaan met Sytse Pruiksma (gitaar, draailier, percussie), ook uit The Alvaret Ensemble, verder als Ljerke met de Noorse elektronicaspecialist Alexander Rishaug en diens landgenoten Hilde Marie Holsen op trompet en contrabassist Michael Francis Duch. Hoewel het geluid dichtbij Piiptsjilling blijft, leggen ze hier een meer abstract en experimenteel geluid aan de dag. Op avontuurlijke en nachtelijke wijze voeren ze je mee naar een dichterlijk permafrost, waarbij je aan de grond genageld wordt door hun sobere, maar treffende pracht. In slechts 6 nummers van bij elkaar bijna drie kwartier weten ze een tot de verbeelding sprekende een onuitwisbare indruk achter te laten, die de fans van hun andere projecten zeker zal aanspreken,

 

Matthieu Malon – Déamour (cd, Monopsone)
Meer dan 20 jaar is de Franse muzikant Matthieu Malon alweer onderweg. Dat begint in 1996 met een cassette onder zijn eigen naam, maar dat wisselt hij erna af met zijn meer elektronisch gerichte project Laudanum. De laatste paar jaren zijn daar ook experimentele uitstapjes bijgekomen met Brûlure, Joe Shmo, Ex Ex en Breaking The Wave. Op de werken onder zijn eigen naam brengt hij veelal iets dat het midden houdt tussen wave, synth-pop, shoegaze, indie, pop, rock, noise en chansons. Pakkende, ontwapende muziek met een vintage gloed. Dat laat hij op Désamour ook weer op zeer overtuigende wijze horen, dat overigens in de herfst van vorig jaar is uitgebracht op het fijne label Monopsone. In de negen songs brengt hij zang en diverse instrumenten, maar krijgt steun op drums, percussie, akoestische gitaar en additionele programmering. De muziek is wat harder dan voorheen en bevat een prettige, diepgravende droefgeestigheid. Soms laat hij ook een meer bezinnend geluid horen, of komt hij poëtisch uit de hoek. Hoewel hij een eigen sound in huis heeft moet je denken aan een kruisbestuiving van Dominique A., New Order, Porcelain, Encre, Erik Arnaud, The Cure en Sonic Youth. Een geweldig en bepaald niet ontgoochelend album!

 

Lorenzo Masotto – White Materials (cd, LM Records)
Ook al is de Italiaanse pianist/componist Lorenzo Masotto aan het conservatorium geschoold, op zijn albums houdt hij ervan het experiment op te zoeken. Daarbij wil hij ook altijd emoties overbrengen. Met deze formule heeft hij de 3 prachtalbums Silk (2015), Rule and Case (2016) en Aeolian Processes (2017) afgeleverd, die op de laatste na veelal met een hoop gasten tot stand komt. Hij komt dan veelal ergens tussen neoklassiek, experimentele muziek, ambient en pianomuziek uit. Op zijn vierde werk White Materials neemt hij de volledige regie in handen. Hij componeert 10 door hemzelf geproduceerde stukken en brengt de cd uit op zijn eigen label, waarbij de hoes vrijwel volledig met de hand gemaakt is. Masotto brengt elektronica en piano en laat zich in diverse stukken vergezellen door zijn vrouw Stefania Avolio (zang) en zus Laura Masotto (viool). Daarbij worden de elektronische stukken verwerkt bij een vriend en is de afbeelding op de cover van een bevriende beeldhouwer. Persoonlijker kan haast niet. En die intieme sfeer is ook goed voelbaar op dit werk. Op schitterende wijze verweeft Masotto zijn dromerige pianospel met zachte beats, allerhande akoestische instrumenten en elektronische sounds. Daarmee weet hij een fraaie hybride aan stijlen op natuurlijke wijze te combineren. De zang en de viool zorgen voor bonuspunten op het melancholische vlak. Muziek voor liefhebbers van Rachel’s, Clogs, Ólafur Arnalds, Leitmotiv en Federico Albanese. Het levert een wonderschoon nachtelijke geheel op.

 

Palais Ideal – No Signal (cd, Dark Vinyl Records / Clear Spot)
Vorig jaar nemen de heren van Palais Ideal een duidelijke stelling in met de titel van hun 10” The Future Has Been Cancelled. Gewoon tot je ellebogen in het verleden zitten, om van daaruit heerlijk pakkende muziek te maken. Muziek geïnspireerd door oude helden, die gemist worden, gewoon weer op originele wijze nieuw leven inblazen. Dat heb ik toen een belofte voor de toekomst genoemd. En die lossen ze nu op overtuigende wijze in met hun cd No Signal, waarop ook de albumversies van de 4 tracks van hun 10” staan. De groep bestaat nog altijd uit John Edwards (gitaar, zang, synthesizers, programmering) en Richard van Kruysdijk (bas, baritongitaar, achtergrondzang, synthesizers, programmering). Van Kruysdijk zou je verder nog tegen kunnen zijn gekomen in bands als Phallus Dei, PHD2, Undo, Beam, Sonar Lodge, Strange Attractor, Szenze, Cut Worms, Daisy Bell en Blindfold. De 11 tracks bevatten een overheerlijke mix van new wave, post-punk en darkwave, waarbij sommige gitaarstukken letterlijk weg te zijn gelopen uit oude klassiekers. Maar het wordt allemaal zo ontiegelijk lekker opgediend, dat dit enkel smullen is. Ook de covers van Iggy Pop en The Sound smaken naar meer. Deze muziek wordt gewoonweg niet meer gemaakt en vormt, in elk geval voor mij, de belangrijkste bodem van alles erna. Liefhebbers van Sisters Of Mercy, The Cure, New Order, Clan Of Xymox, Psychedelic Furs, The Sound en tevens Lebanon Hanover, Editors en Schonwald. Het is allemaal steengoed en echt ouderwets genieten. Een instant klassieker. Retro is de nieuwe toekomst.

 

The Residents – Meet The Residents (2cd, Cherry Red Records)
The Residents – The Third Reich ’N Roll (2cd, Cherry Red Records)
The Residents is toch wel één van mijn grote favoriete bands aller tijden. Nu is het mysterie achter de oogballen of andere maskers, die ze dikwijls dragen, wel opgelost. Hun output sinds 1972 is totaal eigenzinnig; muziek over muziek, conceptuele en andere niet gangbare muziek. En ik verwacht dat er niet veel nieuws meer zal verschijnen. Wel is er nog een vracht aan archiefmateriaal en ander niet uitgebracht werk. Ze zijn in samenwerking met het Cherry Red nu begonnen aan de zogeheten “pREServed” serie, waarop ze oude werken heruitgeven met allemaal bonusmateriaal.
De eerste is de heruitgave van hun debuut Meet The Residents uit 1974. Op de eerste schijf vind je naast de monomix van het album ook de Santa Dog Ep en 9 tracks restmateriaal, dat bestaat uit andere versies of weggelaten tracks. Op de tweede schijf vind je de stereomix van het album plus 13 onuitgebrachte tracks, waaronder ook de tot nu toe onbekende “1-10 (WITH A TOUCH OF 11)” opnames.
De tweede in de serie is de heruitgave van hun tweede album The Third Reich ’N Roll uit 1976. Ook deze is voorzien van allerlei extra’s, zoals een legendarische live opname, het onbekende werk “German Slide Music” en andere outtakes en andere versies. Veel ervan is bepaald niet toegankelijk en toont het nog experimentele gezicht van de band. Eerlijk is eerlijk, het is een beetje een melkkoe en vooral bedoeld voor de diehard fans. Neemt niet weg dat ze er wel echt werk van hebben gemaakt met De volgende heruitgaven staan reeds gepland, al weet ij niet of ik alles aan ge schaffen. Maar het begin van deze serie mag er wezen.

 

Sweeney – Middle Ages (cd-r, Sound In Silence)
Onlangs heb ik nog een recensie geschreven over de nieuwe Panoptique Electrical, het project van de Australische muzikant Jason Sweeney, die al een goede 20 jaar naast dat project van zich laat horen in formaties als Simpático, Pretty Boy Crossover, Other People’s Children, Sweet William en Great Panoptique Winter (Sweeney plus Richard Adams van The Declining Winter, Memory Drawings en Hood). Echt in de kont van vorig jaar, te weten 28 december, brengt hij als Sweeney het album Middle Ages uit, die ik daarom gewoon als een 2018 release beschouw. Hierop brengt hij 10 tracks, die veel meer songgericht zijn dan zijn andere werk. Deze dikt hij wel aan met neoklassieke elementen, zachte beats, samples en lichte soundscapes, wat een fraai effect geeft.. Zijn pianospel, elektronica en kenmerkende zang vormen echter de basis. Daarbij klinkt hij als een kruising tussen een meer extroverte Mark Hollis, David Gahan en Scott Walker; net zo bijzonder als wonderschoon en meeslepend. Zijn muziek wordt verder prachtig ingekleurd door Zoë Barry en Jed Palmer (beide van Hope Diamond) met cello, accordeon, strijkarrangementen, gitaar en bas. Dat levert intense, uiterst emotioneel geladen prachtmuziek op.