Het schaduwkabinet: week 27 – 2017

Wij werken nooit met onze ellebogen en fietsen liever iets boven de tafel, zoals in onze lijstjes uit het:

SCHADUWKABINET

We luisterden naar: Abronia, Le BelvE, Broken Social Scene, Leonard Donat, Endless Melancholy, Ensemble Resonanz/ Elliott Sharp/ Gareth Davis / Mere, Jupiter & Okwess, Mark Kozelek And Sean Yeaton/ Mark Kozelek, Lourdes Rebels, Natalie Merchant, Joanne Pollock, Sven Agaath, Various Artists: Jeff Özdemir & Friends, Vol. 2, Gruppo di Improvvisazione Nuova Consonanza, Rhodri Davies/David Sylvian/Mark Wastell en Ronnie Flex. En gingen naar: Noname.

 

Jan Willem

Abronia – Obsidian Visions/Shadowed Lands (cd, Reverb Worship)
Het prestigiueze label Reverb Worship brengt doorgaans folkachtige en psychedelische acts uit, die je elders nooit voorgeschoteld zou krijgen. Maar zo nu en dan komen er ook wat heftiger albums uit, waarvan het Amerikaanse Abronia een goed voorbeeld is. De zes leden komen van obscure bands als Eternal Tapestry, Ghost to Falco, Million Brazilians, Federale, Young Hunter, Djinn Teeth Fangs, Super Hit, Alarmist, Evolutionary Jass Band, Fake Lake en Scalpels, maar vormen als Abronia een sterk en hecht collectief. Het zijn Keelin Mayer (tenorsaxofoon, zang), Eric Crespo (gitaar, achtergrondzang), Benjamin Blake (gitaar), Andrew Endres (lap steel), Amir Amadi (bas) en Shaver (drums, percussie, melodica). Live krijgen ze nog rugdekking van Rick Pedrosa op pedal steel. Op hun album Obsidian Visions/Shadowed Lands brengen ze vijf langgerekte en uiterst psychedekische tracks, die tot de verbeelding weten te spreken. Folk, drones, avant-garde en rock lopen daarbij op verrassende wijze door elkaar heen. Je moet daarbij denken aan een mix van Thee Hypnotics, Pink Floyd, God, Colin Stetson, The Velvet Underground, Natural Snow Buildings, Kyuss, Scenic en tevens menig Afrikaanse band. Het is een evenzo mysterieus als wonderdchoon geheel geworden.

 

Le BelvE – Raise (cd, Le BelvE / Five Roses Press)
In 2014 wordt het Italiaanse duo Le BelvE opgericht dat bestaat Francesco Tapparo (zang, gitaar, synthesizer, melodica) en Leonardo Ferrari (drums, percussie, bas, melodica). Raise, met 6 nummers van 32 minuten lang, is hun debuut. Hierop boren ze zich een eigengereide weg door postgrunge, postpunk, noise, altfolk, blues, soul en krautrock. De muziek is behoorlijk emotioneel, maar wordt door de krachtige omlijsting nooit gepolijst. De ene keer is het recht voor je raap met elektronische gitaar en bas en op andere momenten akoestisch en verstild psychedelisch of juist heel hard met een vette motorik en dan ook behoorlijk psychedelisch. Daarbij krijgen ze nog eens hulp van allerlei gasten op duimpiano, djembe en geschreeuw. Alsof je een dwarsdoorsnede neemt van een taart die bestaat uit Sonic Youth, Neu!, The Gun Club, The Cult, King Crimson, Tom Waits en Led Zeppeling, deze weer fijnprakt en dan opnieuw opbouwt. Dat levert niet alleen iets nieuws op, het is nog lekker bovendien! Helaas geen luisterfragmenten.

 

Broken Social Scene – Hug Of Thunder (cd, City Slang / Konkurrent)
Overdaad schaadt, dat weet iedereen. Toch zijn er altijd weer van die uitzonderingen op deze regel. Neem nu het in 1999 opgerichte collectief Broken Social Scene, dat bestaat uit leden van Stars, Metric, AroarA, The Bourbon Tabernacle Choir, Apostle Of Hustle, Do Make Say Think, Valley Of The Giants, Aliens, KC Accidental, Emily Haines & The Soft Skeleton, Eight And A Half, Tortoise, The Planet Smashers en meer. Ja Broek, kappen nu, het idee is duidelijk en overdaad schaadt soms echt! Hoe dan ook keren ze nu terug als 15-koppige groep, waar ook Leslie Feist weer van de partij is. Het album Hug Of Thunder is na jaren van afwezigheid een meer dan overtuigende terugkeer. Ze brengen 12 licht ontvlambare indierocktracks, waarbij niet het individu maar het collectief telt. Toch zorgen al deze individuen wel voor de bijzondere sound. De basis bestaat uit dan wel uit indierock, maar ze brengen ook postrock, folk, Barokke pop, shoegaze en georkestreerde rock ten gehore. De spontaniteit druipt er vanaf. Net zo spontaan als een donderslag bij heldere hemel, weten ze je helemaal te verrassen. Elke song brengt nieuwe en onverwachte traktaties met zich mee, waarbij je wel heel veel geluid per vierkante seconde krijgt te verwerken; op een enkel rustiek nummer na dan. Maar het zit allemaal zo goed in elkaar dat deze overdaad bepaald niet schadelijk is. Ze vinden hier een prima midden tussen explosiviteit en intimiteit. Ik ga me ook niet wagen aan referenties, want daarvoor is het gewoonweg te veel omvattend. Wat een overdonderend geheel!

 

Leonard Donat – Deer Traps (cd, Blackjack Illuminist Records)
De Duitse muzikale duizendpoot Leonard Donat, voluit Alexander Leonard Stöckigt zoon en kleinzoon van respectievelijk de Duitse pianisten/componisten Michael Stöckigt en Siegfried Stöckigt, is een zelfs voor bezige bijen een zeer actieve. Niet alleen runt hij het innovatieve label Blackjack Illuminist, zelf is hij ook uiterst actief als muzikant. Hij werkt momenteel aan een 18-delige serie van zijn duistere project Vlimmer, al weerhoudt dat hem er niet van tussendoor ook nog andere muziek hiermee uit te brengen. Maar ook van zijn andere project Fir Cone Children is onlangs alweer een nieuw album verschenen. Daarnaast brengt hij onder aliassen als Feverdreamt, Flight Recorder, Infravoids, Jet Pilot en Leonard Las Vegas ook uiteenlopende muziek uit. Dat blijft ondanks de hoge productie allemaal van hoog niveau. Dus waarom niet nog een project starten? Precies, dus nu komt hij onder zijn eigen naam met Deer Traps. Hierop laat hij 4 composities het licht zien met een totale lengte van bijna 40 minuten. Hoewel de muziek qua duistere atmosfeer dicht tegen zijn Vlimmer aanschurkt, is de muziek hier instrumentaal en bevat het veeleer een mix van dark ambient, drones, glitch, veldopnames, neoklassiek en softnoise. Op hypnotiserende wijze weet hij je mee te voeren met indringende, emotioneel geladen en bovenal mysterieuze muziek, die behoorlijk nachtelijk en melancholisch is. De muziek zit ergens tussen Leyland Kirby, Sana Obruent, Labrdford en Thomas Köner in. Een bij de strot grijpende beauty! Aan deze artiest gaan we nog heel veel plezier beleven.

 

Endless Melancholy – The Vacation (cd, Hidden Vibes)
Endless Melancholy, toch alleen al een naam om in te lijsten, is het project van de Oekraïense pianist Oleksiy Sakevych. Vanaf het debuut Music For Quiet Mornings (2012) is het onversneden melancholie wat hij naar buiten brengt. Dat doet hij met pianomuziek, maar dan wel met glitches, drones en subtiele elektronica. Hierdoor bevindt zijn muziek zich ergens tussen ambient, minimal music en neoklassiek. Ook op de vier albums erna, waarvan één split, past hij deze geweldige formule toe. Hij wordt er alleen steeds beter in en zijn muziek koerst ook vaker richting soundscapes en drones, waarbij de atmosfeer meer duister en emotioneel geladen wordt. Zojuist is zijn nieuwste album The Vacation verschenen. Hierop presenteert hij 8 tracks, die na ruim 38 minuten finishen. Vanaf de allereerst seconde weet hij je te grijpen, om vervolgens niet meer los te laten. De piano is nog vaag te ontdekken, maar die ligt onder dikke lagen gruis, drones en neoklassieke elementen. Aan de ene kant is het ijzig en zie je besneeuwde, desolate landschappen voor je en anderzijds heeft het ook iets zwoels, als een warme late zomernacht. Het eenzame aspect komt daar altijd wel in terug. In feite produceert Sakevych één narcotiserende stroom aan geluid, die bijna zo mooi is dat het zeer doet. Liefhebbers van Bersarin Quartett, Library Tapes, Olan Mill, Christoph Berg en Deaf Center zullen hier prima mee uit de voeten kunnen. Zijn allerbeste tot nu toe!

 

Ensemble Resonanz/ Elliott Sharp/ Gareth Davis – Oceanus Procellarum (cd, Cavity Search)
Mere – Mere III (cd, Home Normal)
Als het gaat om muzikaal pionieren, intrigerend experimenteren en improviseren, ken ik eigenlijk geen tweede componist als Elliott Sharp. Zeker als uitvinder van diverse elektronische apparaten die hij al dan niet samen met zijn gitaar dan wel klarinet in kan zetten zijn wonderbaarlijk. Zowel solo en in diverse groepen als met Zeena Parkins, Frances-Marie Uitti, John Zorn, Vernon Reid, Thomas Dimuzio, Gareth Davis en meer heeft hij muzikale geschiedenis geschreven. Klarinettist Gareth Davis, ja laat die bruggetjes maar aan mij over, heeft op zijn beurt ook in vele hoedanigheden op interessante wijze van zich doen gelden. Zo zijn er de groepen A-Sun Amissa, Mere, Birdt, Maze, Oiseaux-Tempête, The Whalers Collective en Shivers en samenwerkingsverbanden met Machinefabriek, Frances-Marie Uitti, Ryan Teague, Merzbow en meer die allemaal andere facetten van het muzikale universum tonen. Deze twee giganten werken nu samen met het in 1994 opgerichte Duitse ensemble, die ik ken van hun collaboratie met Julia Wolfe (Bang On A Can), op het album Oceanus Procellarum, dat live opgenomen is tijdens het Contemporary Music Festival 2016. Het betekent “oceaan der stormen”, maar is ook de grootste mare op de maan en tevens een bijgelovig teken voor slecht weer. Maar hier is eerder sprake van ongeloof en die oceaan der stormen, hetgeen je eerder moet lezen als zee van geluid dat van verschillende stijlen aan komt waaien. Elementen van klassieke muziek, avant-garde, elektro-akoestische muziek, drones en improvisaties vormen hier, gebracht in 5 indringende composities, een bij de strot grijpend geheel dat me doet denken aan de werken van Iannis Xenakis, Morton Feldman, Pauline Oliveros, David Lynch en Giacinto Scelsi plus eigenlijk alles wat ze in andere projecten laten horen. Muziek van de prachtige buitencategorie, die zoveel brengt. Het is emotioneel, wonderlijk en gewoonweg biologerend. Je wordt meegevoerd op een onnavolgbare trip, waarbij je geen seconde het gevoel krijgt naar een live opname te luisteren. Behalve dan dat het uiterst dynamisch is en klinkt alsof je er bij bent. Een machtig en meeslepend album.
Begin dit jaar ziet ook de nieuwe cd Mere III, de laatste van de trilogie, van Mere het licht op het fantastische label Home Normal. Dit trio bestaat uit (bas)klarinettist Gareth Davis, drummer Leo Fabriek (Shivers, The Julie Mittens, Tenuzu No Chiizu, L/M/R/W) en gitarist Thomas Cruijsen. Ze starten in 2012 hun samenwerking, waarmee ze een soort experimentele soundtrack naar de afgrond creëren. Dat doen ze met dark ambient, jazz, drones en allerhande experimenten. Hiermee gaan ze ook nu weer verder, waarbij ze 3 langgerekte tracks brengen van bij elkaar ruim 36 minuten. De muziek is behoorlijk duister en psychedelisch, maar weet de luisteraar ook eenvoudig mee te voeren. Denk daarbij aan de psychedelische kanten van Pink Floyd, het effectieve minimalisme van Talk Talk, het avontuurlijke van Colin Stetson, het wereldse van Boris Kovač de experimenteerdrift van Oiseaux-Tempête en de nachtelijke jazz van Arve Henriksen. Die combinatie brengt je ongeveer waar zij opereren. Het is van een ongekende klasse wat deze drie hier laten horen. Een intens, intrigerend en intiem meesterwerk.

Luister Online:
Oceanus Procellarum (albumsnippers)

 

Jupiter & Okwess -Kin Sonic (cd, Glitterbeat / Xango Music Distribution)
In 2013 debuteert de Congolese groep Jupiter & Okwess met het album Hotel Univers, waarop de in 1963 te Kinshasa geboren Jean-Pierre Bondji aka Jupiter en de zijnen een opzwepende maar dikwijls ook meer rustige mix van Afrobeat, Afrofunk, desert blues en andere wereldse klanken ten gehore brengen. Inmiddels hebben ze ook meer bekendheid vergaard en mogen ze voor hun tweede cd Kin Sonic ook rekenen op internationale steun. Naast de zang van Jupiter hoor je de gitaar van Eric Malu-Malu, de zang van Sandrine Bonnaire, de keyboard van Damon Albarn (Blur, Gorillaz, The Good The Bad & The Queen) en de viool van Warren Ellis (The Dirty Three, Nick Cave & The Bad Seeds, Grinderman). Qua receptuur gaan ze gewoon weer door met hun mix aan stijlen, zij het dat het allemaal net even wat beter in elkaar steekt. En probeer maar eens stil te blijven zitten als ze hun uptempo Afrobeats of Afrofunk inzetten, of onberoerd te blijven als ze weer hun prachtige desert blues ten gehore brengen. Ze weten dat alles prima te variëren, waardoor ze je telkens weten te verrassen en trakteren op onverwachte vondsten. Verslavend en werelds goed.

 

Mark Kozelek And Sean Yeaton – Yellow Kitchen (cd, Caldo Verde)
Mark Kozelek – Night Talks (cdep, Caldo Verde)
Als je eerder dit jaar met Sun Kil Moon een dubbel cd en met Jesu nog een cd hebt afgeleverd, dan wordt het natuurlijk hoog tijd voor weer eens wat nieuws. Dat heeft Sun Kil Moon en ex-Red House Painter kopman Mark Kozelek dan ook gedaan, samen met Sean Yeaton die je wellicht kent van Parquet Courts, Dweller On The Threshold of Daniel Striped Tiger. Kozelek zingt en praat weer over alledaagse zaken en ergernissen (zo krijgen Trump, de Clintons en pedo’s ervan langs). Qua zang krijgt hij tot tweemaal toe hulp van Holly Throsby en niemand minder dan Will Oldham. De zes stukken van samen een goede 41 minuten worden dikwijls kaal maar uiterst doeltreffend aangekleed. Een enkel casiootje, een bas, een gitaartje, een piano, wat elektronica en drums, waarbij dat laatste in 2 nummers door Steve Shelley en Jim White worden verzorgd. En dat volstaat, want is een prima en sfeervol album geworden. Anders dan je misschien gewend bent, maar Kozelek’s stem gedijt op vele ondergronden. Als hij muziek van dit niveau blijft maken, kan ik er niet genoeg van krijgen.
Speaking of….als je de cd bij Caldo Verde hebt aangeschaft, dan krijg je zolang de voorraad strekt er de mini Night Talks bij. Hierop vind je nog eens 5 nummers van bij elkaar een krap half uur. Twee ervan zijn nieuw (“Night Talks” en “ Astronomy”), één is een akoestische versie (“I Love Portugal”), één is een cover van en met Kath Bloom (“Pretty Little Flower) en één is een werkelijk prachtige livecover van Leonard Cohen (“Famous Blue Raincoat”), alwaar hij begeleid wordt door pianist Marc Capelle. Kozelek is hier weer in een meer zangerige bui, al duikt zijn kenmerkende halfzang ook op.

Luister Online:
Yellow Kitchen (albumstream)

 

Lourdes Rebels – Lolita (cd, Aagoo / Five Roses Press)
De alternatieve muziekscene van Italië is nog altijd een broeierige. Er duiken voor mij nog altijd grote verrassingen op. Een voorbeeld is het duo Lourdes Rebels, dat al een gelijknamige cd-r (2012) en de lp Snuff Safari (2015) heeft uitgebracht. Dan blijkt het ene bandlid Rodolfo Villani (keyboards, gitaar, bas drummachine, zang) ook al in de groepen Blumchen Café, Splash Oltretomba, Brother James en Lady Vallens te hebben gezeten. Het andere bandlid Luigi Bonora (sampler, gitaar, keyboards, bas, zang) is nog te vinden in The Cadillacs. Hun nieuwste wapenfeit is Lolita, waarop ze al hun instrumenten inzetten om wel heel mysterieuze muziek van de buitencategorie mee te produceren. Ze brengen overigens ook net zo goed echte als speelgoedkeyboards. De ene keer krijgt de muziek een songstructuur waarmee ze ergens tussen postpunk, krautrock en psychedelische rock uitkomen, maar op andere momenten brengen ze soundscapes die zo uit een David Lynch film lijken te komen. Ik zou ook niet direct een duidelijke vergelijking weten, maar stel je voor dat je The Residents, Negativland, Bardo Pond, Larsen, Neu!, David Lynch, Cabaret Voltaire samen met een dosis humor en mystiekheid in een blender gooit en vervolgens weer uitsmeert. Zoiets, maar dan anders. Veel belangrijker is dat Lolita een intrigerend werk is geworden en een mooie nummer 100 van het prestigieuze Aagoo label!

 

Natalie Merchant – Collection (10cd, Nonesuch)
Natalie Merchant heeft een imposante carrière achter de rug als zangeres van de geweldige groep 10,000 Maniacs, waar ze start als 17-jarige en van 1981 tot 1993 bij betrokken is. De groep brengt een bijzondere mix van folkrock, alternatieve en college rock. Hierna gaat ze verder als soloartiest, wat haar ook bepaald geen windeieren legt. Haar solowerken zijn stuk voor stuk indringende juweeltjes, die ik hoog aansla. De heerlijke melancholie, haar prachtige zang, haar religieuze blik op het leven en geweldige folkrock omlijsting zorgen voor veel kippenvelmomenten. Ik heb al haar 6 cd’s in de kast staan, maar heb eigenlijk geen seconde getwijfeld om haar 10 cd’s tellende verzameling Collection aan te schaffen. Je krijgt haar reguliere albums Tigerlily (1995), Ophelia (1998), Motherland (2001), The House Carpenter’s Daughter (2003), de dubbel cd Leave Your Sleep (2010), hier op twee schijven als Leave Your Supper en Leave Your Sleep gebracht, en Natalie Merchant (2014). Dan staat de teller op 7. De achtste schijf is Paradise Is There (2015), die nieuwe opnames van haar debuut bevat. De negende schijf Butterfly brengt 4 nieuwe songs en 6 herinterpretaties van oudere songs. Op de laatste schijf Rarities (1998-2017) krijg je nog eens 15 tracks die ze her en der heeft rondgestrooid en waarvan een deel nooit eerder is uitgebracht. Dat zijn demos, album outtakes, live tracks en collaboraties met uiteenlopende diverse artiesten als Billy Bragg, David Byrne, The Chieftains, Cowboy Junkies en Amy Helm. En dan krijg je er ook nog een 100 pagina’s tellend boekwerk bij met haar teksten en biografie. Dat voegt allemaal wel erg veel toe voor de fan.

 

Joanne Pollock – Stranger (cd, Timesig / Konkurrent)
Samen met Aaron Funk van Venetian Snares vormt Joanne Pollock eerder de groep Poemss. Daarmee laat deze Canadese artieste het geweldige gelijkluidende album het licht zien in 2014. Het zijn songs die doorspekt zijn met IDM, synthpop en leftfield elektronica. Het is een heel goed album dat herinneringen oproept aan de betere elektronische acts als Autechre, Beaumont Hannant en Disjecta. Dat ze dit op eigen kracht ook kan bewijst ze wel op haar solodebuut Stranger. Ze borduurt in feite verder op het album met Poemss, zij het dat haar vocale kunsten meer naar voren komen. Hierbij blijkt ze ook over een enorm stembereik te beschikken, die van een etherische pop- tot een haast sopraanstem gaat. De eerder genoemde referenties blijven daarbij intact, maar ze laat ook raakvlakken met Fever Ray, Mira Calix, Andrea Parker en Bel Canto horen. Hiermee weet ze een totaal unieke sound te fabriceren, die zowel voor liefhebbers van oude als nieuwe elektronica geschikt is. Als ze zo doorgaat is het stempel vreemdeling geen titel meer die voor haar van toepassing is.

 

Sven Agaath – End Of Latin (cassette/digitaal, Tiny Room Records)
Het duo Sven Agaath is met hun cd Simple Field Calculator (2014) de eerste release van het dan nog nieuwe label Tiny Room. Zanger/gitarist Gino Miniutti en drummer/percussionist Arno Breuer laten hierop met zogeheten shoegaton, wat een zelf bedachte naam is voor de combinatie shoegaze en reaggaeton. Natuurlijk is daar enig bier gevloeid, maar de muziek is serieus te nemen en leuk. En hierna zijn er vast nog meer fijne avonden in de kroeg geweest, want op hun nieuwe album End Of Latin maken ze sci-fi grunge. Yep! Dus zit je aan je “end of latin”, bijvoorbeeld als het “pipesteels” regent, dan “come over the bridge” en luister naar dit nieuwe werk. Ze hebben het geluid verder van de Cariben laten landen in meer rock en grunge-achtige omgeving, alwaar ze de nodige bevreemdende elektronische (dans)elementen en experimenten toevoegen. Dat zorgt voor een meeslepend en fris geluid. Dinosaur Jr in een door Nirvana verhuurd ruimteschip. Ze serveren intense,afwisselende muziek, die helaas al na 26 minuten weer voorbij is. En het zou zo op een cd passen, zo goed. Ach, zo is er altijd wel iets om over te zeuren.

 

Various Artists: Jeff Özdemir & Friends, Vol. 2 (cd, Karaoke Kalk / Konkurrent)
De Turks-Berlijnse artiest Jeff Özdemir, het alias van Adem Mahmutoğlu, is de oprichter en toetsenist van Faruk Green. Daarnaast is hij een multi-instrumentalist, producer, componist en eigenaar van de 33rpm Store in Berlijn. Vuistdik in de muzikale industrie kan je gerust stellen. Als Jeff Özdemir komt hij twee jaar geleden met deel één van Various Artists: Jeff Özdemir & Friends. Hij had zijn artiestennaam ook gewoon voorop mogen zetten, want het zijn de composities van zijn hand die hij samen met gasten inkleurt. Maar hij blijft bescheiden, want het vervolg Various Artists: Jeff Özdemir & Friends, Vol. 2 wordt weer als een compilatie afgedaan. Jeff Özdemir brengt maar liefst 18 stemmige composities, die ergens tussen nachtelijke jazz, chansons, soul, minimal music, IDM, leftfield elektronica, dub, lounge en experimentele muziek. De rode draad wordt daarbij gevormd door de nachtelijke en licht psychedelische setting. Het is ook knap dat hij er ondanks deze grote variatie zo’n samenhangend album van heeft weten te smeden. Op de iets meer poppy momenten, zeker met vrouwelijke zang, moet ik wel eens aan Nouvelle Vague denken. Maar deze vriendenclub pakt het breder en meer experimenteel aan, wat het net even wat spannender maakt. Waar het accent op ligt, hangt echt van zijn tegenspelers af. Zo werkt hij hier met F.S. Blumm, Tigerlily, Andrew Pekler, Benjamin Wild, Bram van der Poel en enkele van zijn eigen (gelegenheids)projecten. Het levert een goede 73 minuten aan uiterst biologerend materiaal op, die je in andere muzikale dimensies brengt. Echt een hele fijne serie “compilaties”.

 


 

Martijn

Gruppo di Improvvisazione Nuova Consonanza Azioni/Reazioni 1967-1969
John Zorn waarschuwt in het booklet voor de vreemdste muziek ooit gemaakt. Nu valt dat voor iemand die een good deal van Zorn zelf achter z’n kiezen heeft misschien nog wel mee, maar in een talkshow van Jinek of Van Nieuwkerk zullen ze er wel giebelig van worden. Of wit van wegtrekken. De sfeer is vaak vrij spooky in ieder geval. Geschraap, gepiep en wat dies meer zij, maar dam door de wol geverfde componisten als Bertonicini, Macchi en de beroemdste: Ennio Morricone. Dissonant maar mooi is het vaak, of op z’n minst intrigerend. Voor het eerst op vinyl met extra materiaal van een dubbel-cd die jaren geleden al op Die Schachtel verscheen.

Rhodri Davies/David Sylvian/Mark Wastell There Is No Love
De namen naast Sylvian geven wel aan waar je deze moet zoeken: in de hoek van There’s A Light … van enige tijd. Fraaie soundcapes en spoken word, met als voordeel voor hen die de stem op dat vorige album niet voelden: Sylvian heeft geen spraakgebrek. Mooi half uurtje, al zal het niet bij elke Sylvianfan goed vallen.

Ronnie Flex Rémi
Vergeet Drank & Drugs, Ronnie maakt door de bank genomen vrij melancholieke muziek. Een beetje rauwheid en directheid van de straat maar er is een blanke pit bij die ruwe bolster. Beetje R.Kelly (”Zoom zoom, beep beep”) maar dan op z’n Hollands en meer van deze tijd (Drake, zeg maar). Prima pop/r’n’b-songs met af en toe een wat stevigere uitschieter zoals Opgekomen.

Noname @ Bitterzoet, Amsterdam
Ik was al fan van haar mixtape Telephone (stond ook in mijn jaarlijst), maar dat zulke mellow muziek er live zo in zou hakken had ik niet verwacht. Kippenvel bij Casket Pretty en zelfs een beetje misty eyed bij Shadow Man. Analyserend denk ik door haar slicke band die al hun fraaie akkoordjes smoothly laat samenvallen met een onweerstaanbare groove, de zeer charmante stage presence en rap skills van Noname zelf afgemaakt door de intimiteit van de zaal.