JW’s TOP20’16

Daar dacht ik toch even afscheid te nemen van mijn leven als recensent, maar daar ben ik toch ietwat van teruggekomen; uit liefde voor de muziek, die ik gewoonweg niet missen kan en het schrijven erover. Oké, ik laat mijn schrijfsels nu wekelijks het licht zien, maar evengoed levert dat weer veel arbeid op. 2016 is een extreem druk jaar geweest met enorm veel goede releases. Ik heb maar liefst 751 recensies geschreven, nog even los van de Vergeet-Mij-Nietjes. Meer dan 2 per dag inderdaad. Het gaat om de muziek die ik meer dan ooit zelf heb aangeschaft maar ook om de vele promo’s die trouwe volgers, labels en distributeurs zijn blijven sturen. Hen draag ik een warm hart toe, net als de artiesten die ik dit jaar heb kunnen horen en beschrijven. En alle lezers en lezerinnetjes natuurlijk!

Middels mijn Senzor AM sessies op mixcloud probeer ik ook alles wat ik luister met enige regelmaat te vangen in een coherente mix. Nu ja, coherent is subjectief in deze. Ik heb dit jaar ook een bizar lange “shortlist”, waarbij ik alles daarbuiten niet per se minder vind. Gedurende het jaar heb ik gewoon een keuze gemaakt uit de muziek die ik het vaakst heb gedraaid of die al dan niet meteen een diepere indruk heeft gemaakt. Muziek van alle kleuren en uit alle windstreken en zeker niet elitair bedoeld. Ik heb bijvoorbeeld de nieuwe van Paul Simon en Ryley Walker ook met liefde gedraaid en toch staan die dan niet eens tussen de 200 titels die ik hier geselecteerd heb. Hieronder de TOP20 die voorzien is van mijn eerdere recensies (tussen aanhalingstekens) plus soms extra commentaar. Hoe dan ook, iedereen bedankt voor alle steun, bevoorrading, commentaar, beluistering (via Senzor AM op Mixcloud) en dergelijke! Na mijn TOP20 vind je de 180 prachtige nummers 21 in alfabetische volgorde waarbij ik 1 release speciaal wil noemen omdat ik die eigenlijk tot de buitencategorie vind horen. Dat betreft de 4cd van Roy Montgomery, waarover ik hier al een uitgebreide recensie aan heb gewijd. Zo is het en dit doet denk ik het meest recht aan hetgeen ik gehoord heb.

Ik wens iedereen een gelukkig en muzikaal nieuw jaar toe!

20. Nick Cave & The Bad Seeds – Skeleton Tree (cd, Bad Seed Ltd.)
nickcaveandthebadseeds-skeletontree“Andrew Dominik zou de film One More Time With Feelings maken, een performance concept, over de totstandkoming van het zestiende album Skeleton Tree van Nick Cave & The Bad Seeds. De koers wordt drastisch gewijzigd, muziek en film, na de tragische dood van de 15-jarige zoon Arthur van Cave in juli 2015. Het zal niemand verbazen dat dit nieuwe album gitzwart is geworden. Zelfs de hoes is op de titel na helemaal zwart en van een rigide karton met een matte glans. Geen boek met artwork of foto’s, slechts een papieren hoes met info en één foto, in zwart-wit. Maar als hij zijn album begint met “Jesus Alone” is het verdriet pas echt voelbaar; door merg en been. Er zit een knikje in zijn zang, die zijn toch altijd sterk gedragen teksten voorzien van een dikke rouwrand. Automatisch door de muziek, die ondanks de vele details bijna als een duistere drone is, en denkend aan mijn eigen kinderen, waarvan de oudste -ook een zoon- nu 16 jaar is, kan ik het bij dit nummer eigenlijk niet droog houden. En dat is dan pas de eerste song. De toon is gezet. Ook in de nummers erna is de stemming in mineur en worden de melodieën omwikkeld door zwarte dekens en soulvolle achtergrondzang, naast Cave (zang, piano, Wurlitzer, synthesizers, vibes) gebracht door Warren Ellis (synthesizer, (drum) loops, Wurlitzer, piano, gitaren, viool, altviool), Martyn Casey (bas), Thomas Wydler (drums), Jim Sclavunos (percussie, buisklokken, vibes) en George Vjestica (akoestische gitaar). Daarnaast zijn er gastmuzikanten op zang, viool, altviool en cello te horen. De muziek kruipt traag als dik bloed in zwart-witte banen en trekt langs als donkere wolken over een ruw landschap. Dat alles als een oude film. Eigenlijk levert Cave hier de soundtrack die hij nooit wilde maken. Nee toegankelijk wordt het niet echt en vrolijk al helemaal nergens. Soms zelfs nauwelijks muzikaal en vormen de diepe bromtonen uit diverse instrumenten het gammele, skeletachtige decor. Maar wat maakt het allemaal een indruk en is het voltreffer na voltreffer. Zelden heb ik zoveel kippenvel gekregen bij een werk van deze groep, al is het hier zowel door de akelige boodschap als door de pure, kwetsbare schoonheid die als een feniks uit de ellende is herrezen. Een aan de grond nagelend prachtwerk.” En dan toch slechts nummer 20. Maar dat zegt ook wat over het jaar 2016, waar zoveel moois is verschenen.

 

19. Stranded Horse – Luxe (cd, Talitres)
strandedhorse-luxe“Iedereen heeft wel eens een nieuwe muzikale held, ook al draai je zoals ik wellicht ruim 25 jaar mee in de muziekjournalistiek. Eén daarvan is absoluut Yann Tambour. Eerst weet hij als Encre een mooie en vooral mysterieuze brug te slaan tussen samplekunsten, postrock en klassiek met poëtische teksten en nachtelijke atmosferen. Toch zet hij de knop ineens om, wat mede komt door een concert van de kora-virtuoos Toumani Diabaté en zijn groeiende onvrede over de Westerse maatschappij. Yann, zelf een virtuoze gitarist, koopt zelf ook een aantal kora’s en maakt het zich meester. Eerst zet hij deze nog in bij Encre, maar dan gaat hij in 2005 helemaal overstag en start zijn nieuwe project Thee, Stranded Horse. Twee jaar later is dan eindelijk het debuut Churning Strides (2007). Hij zingt in perfect Engels, want hij heeft in Engeland die taal gestudeerd. Op weergaloze wijze begeleidt hij zichzelf op de kora, maar ook de gitaar en een enkele keer zelfs beide tegelijk. Op voorzichtige wijze koerst hij richting de meer Afrikaans geënte muziek. In 2011 verandert hij bij het verschijnen van de cd Hunbling Tides de naam naar Stranded Horse, wellicht omdat hij deels teruggrijpt naar zijn vroegere sound. Ook zijn liefde voor Tyrannosaures Rex, Jackson C. Frank en Joy Division steekt hij niet onder stoelen of banken. Er verschijnen namelijk ook nog singles met daarop covers van de laatste twee. Inmiddels heeft hij meerdere reizen naar Afrika gemaakt en met artiesten uit onder meer Mali en Senegal samengewerkt. Nu is er na 4 jaar eindelijk het nieuwe album Luxe. Een titel die cynisch opgevat mag worden, want Yann heeft inmiddels een goed beeld van hetgeen we hier hebben en hoe ontevreden we daarmee zijn hier en hoe men daar in het mooie Afrika tegenaan kijkt. Yann (zang, gitaar, kora, keyboards) werkt hier samen met Boubacar Cissokho (kora), Eloise Decazes (zang), Bakoutoubo Dambakhate (balafoon), Poulo K (riti), Papis Morin Mbaye (percussie), Amaury Ranger (percussie), Sarah Murcia (contrabas), Carla Pallone (viool), Christelle Lassort (viool) en Gaspar Claus (cello). Ze presenteren 9 nummers, die zowel associaties oproepen met de folk van weleer als de Afrikaanse muziek, maar dan op een hedendaagse, eigengereide en mysterieuze manier; moderne wereldmuziek waar het heden en verleden samensmelten. Het is misschien wel zijn meest complete werk tot nu toe, waarbij de gasten zeker een grote bijdrage aan leveren. Prachtige teksten in het Frans en Engels samen met die grog aan stijlen zorgen voor een unieke beleving. Erg fraai is ook de Jackson C.Frank cover van “My Name Is Carnival”, die hier een compleet andere inkleuring kent, maar naar net zo’n indruk als het origineel weet te maken. Ik kan ook geen referenties noemen, omdat hetgeen Tambour hier brengt gewoonweg uniek is. Hiermee zet hij zich nu ook definitief op de wereldkaart en een punt onder zijn vroegere sound. Stranded Horse is een fenomeen.” En hij bleef gedurende dit jaar ook overeind.

 

18. Gareth Dickson – Orwell Court (cd, 12K)
dickson-gareth-orwellcourt“Ik weet dat ik aardig lyrisch kan zijn over een cd of een zekere artiest, maar de Britse singer-songwriter Gareth Dickson is echt al jaren een sensatie. Hij maakt prachtalbums en gebruikt hoofdzakelijk zijn stem en zijn gitaar waarop hij lustig tokkelt. Op subtiele wijze voegt hij daar meestal nog wat elektronica of effecten aan toe. Soms klinkt hij als een reïncarnatie van Nick Drake, waar hij ook een groot fan van is. Hij brengt werk van Drake op Wraiths (2013) ten gehore met het briljante alias Nicked Drake. Maar Dickson is meer dan dat, zo bewijst hij ook weer op z’n nieuwe album Orwell Court. Glashelder, maar fluweelachtig gitaargetokkel aangevuld met zijn zachte zang, wat naast Nick Drake ook wel eens aan Greg Weeks en Boduf Songs doet denken. Zo eenvoudig, zo sober en toch zo intens mooi en door merg en been gaand, het is ongelooflijk. In “Two Halfs” heeft hij niemand minder dan Vashti Bunyan op de achtergrond meezingen en in “The Big Lie” ene Celine Brooks. Hij besluit zijn prachtalbum met een schitterende cover van Joy Division’s “Atmosphere”.” Ja deze release blijft me verlammende klappen rond de slaap uitdelen.

 

17. L’Arpeggiata/ Christina Pluhar – Orfeo Chamán (cd+dvd, Erato)
arpeggiata-pluhar-orfeo“Vertel ik de mensen net twee weken geleden over de cd L’Amore Innamorato van de Oostenrijkse componiste, harpiste, luitiste en theorbrospeelster Christina Pluhar en haar Italiaanse Barokensemble L’Arpeggiata, die ik gemist had, is er nu gewoon alweer een nieuwe. Op Orfeo Chamán blaast ze de mythe van Orpheus muzikaal nieuw leven in. Het verhaal gaat dat Orpheus, ook wel eens de God van de muziek genoemd, het talent heeft dat hij iedereen voor zich kan winnen met zijn muziek; van levende wezens tot zelfs stenen. Een ander deel van het verhaal is dat hij zijn geliefde Eurydice wil redden uit de onderwereld (Hades). Het loopt uit op een tragedie. Pluhar maakt hier een soort hedendaagse opera van, waarbij ze de mysterieuze en sjamanistische kant van de muziek van Orpheus voor het voetlicht wil brengen. Dat doet ze op haar typerende wijze met een mengelmoes van Barokke muziek, jazz, Siciliaanse en Zuid-Amerikaanse folk. De blinde Argentijnse zanger/gitarist Nahuel Pennisi vertolkt daarbij de rol van Orpheus. Voor eenieder die bij de term “opera” een nare smaak in de mond krijgt, wees gerust. Het is namelijk een werk dat vooral aansluit bij hun vorige. Dat houdt in: zinnenstrelende muziek met prachtige arrangementen en die goddelijk zang van de vele deelnemers. Regelmatig zit ik weer met bergen kippenvel op de armen, zo ontzettend narcotiserend mooi en ontroerend is dit alles. Bijna 70 minuten lang weten ze je totaal te overmeesteren met hun unieke pracht. Door deze hemelse schoonheid lijkt Hades verder dan ooit. Laat dat maar aan Pluhar en de haren over. Er is ook nog een versie met dvd waarop het stuk live te zien is. Een immens, intens meesterwerk, waar opkijken wel en omkijken niet is geoorloofd (wink wink).”

 

16. Jan Swerts – Schaduwland (cd, Universal Music Belgium)
swerts-jan-schaduwland“De Belgische componist, pianist en zanger Jan Swerts heeft het vermogen schoonheid te produceren die haast zeer doet. Dat heeft hij al laten horen op zijn album Weg (2010) en het prachtig getitelde vervolg Anatomie Van De Melancholie (2013). Hij beweegt zich ergens tussen neoklassiek, minimal music en singer-songwritermuziek in. Op zijn vorige albums, die na verloop van tijd dieper onder de huid zijn gekropen, mis ik ondanks de schoonheid soms wel een eigen smoel. Al zijn de emotionele arrangementen wel heel erg sterk. Dat het nóg beter en vooral ook eigenzinniger kan bewijst hij wel met zijn nieuwe cd Schaduwland, waar hij weer mag rekenen op de fraaie illustraties van Stijn Felix. En een gelegenheidsband met bugelspeler Jon Birdsong (Black Flower, Beck, Calexico), gitaristen Gianni Marzo (Isbells, Marble Sounds) en Dirk Serries (Vidna Obmana, Yodok III, Fear Falls Burning), gitarist/toetsenist Kevin Imbrechts (Illuminine, Mosquito), drumster Karen Willems (Inwolves), violisten Cédric Murrath (The Mob, Golden Symphonic Orchestra), cellist Sam Faes (Scala, Kamino) en contrabassist Joeri Vaerendonck (W. Victor). Maar daarnaast treedt er nog een waar leger van 16 gasten aan met hobo, fagot, sopraansax, basklarinet, klarinet, basfluit, dwarsfluit, gitaar, percussie, violen, altviolen, cello’s, contrabas en eufonium (tenortuba). Dit om de ambities even duidelijk te onderstrepen, want de muziek zelf blijft behoorlijk ingetogen en intiem. Alle 14 Nederlandse titels bevatten een naam, meestal van een vrouw, die steeds korter wordt. Zo begint het met “Rustig. Martha, Het Is Allemaal Voorbij. Er Is Geen Enkel Gevaar Meer.” En het eindigt met “Jef” en een titelloze track, tevens het meest kale stuk. De titels vormen als het ware een punt naar beneden en wijzen letterlijk het “schaduwland” aan dat zich veelal onder ons bevindt. Swerts weet weer een unieke combinatie te leggen tussen vorm en inhoud. Overigens worden de nummers met de Nederlandse titels veelal in het Engels gezongen, waarbij Swerts een magnifieke falsetstem in huis blijkt te hebben, al zingt hij ook lager of niet. Maar bij alles dringen zich emoties en beelden op, wat gezien de 4 opties bovenaan de achterkant van de cd wellicht niet zo vreemd is, want daar staat: A. Schok & Ontkenning, B. Woede & Vlucht, C. Depressie, D. Aanvaarding ? Thema’s voor deze muziek om over na te denken en zaken die je diep raken in combinatie met de muziek. Daarbij is het totaalplaatje gewoonweg te mooi om in de schaduw te verblijven. Het is geschikt voor fans van Philip Glass, Nico Muhly, Wim Mertens en Nils Frahm, maar ook voor die van Bon Iver, Peter Broderick, Glacis en Antony And The Johnson hoog hebben zitten. Nu is het in één keer raak.”

 

15. 40 Watt Sun – Wider Than The Sky (cd, Radiance Records)
40wattsun-wider“Patrick Walker (zang, gitaar) en Christian Leitch (drums, percussie) komen uit de Britse doom metal bands The River en Warning. Nadat die bands ermee ophouden gaan ze door als 40 Watt Sun. In 2011 komen ze samen met bassist/percussionist William met hun geweldige debuut The Inside Room, die eigenlijk wel aansluit op hun vorige band. Alleen die intense zang van Walker maakt een groot verschil. Inmiddels zijn we 5 jaar verder en is er Wider Than The Sky. Het moeilijke tweede album, zij het dat de uitkomst dat niet doet vermoeden. De metal is nagenoeg weg en maakt plaats voor slowcore en akoestische rock. De doom is gebleven en de 6 tracks die ze hier presenteren kruipen langzaam voorbij, waarbij de lengte varieert van 4 tot 16 minuten. De uiterst getormenteerde zang van Walker komt nu nog beter uit de verf maar weet je hierdoor harder te treffen dan ooit. Elk woord is een emotionele precisiebom, dat omlijst wordt door die heerlijk melancholische muziek. Naast liefhebbers van de betere doom zullen ook die van Idaho, Low en Red House Painters hier wel in geïnteresseerd zijn. Onvoorstelbaar mooi!”

 

14. Lisa Hannigan – At Swim (cd, Hoop Recordings / PIAS)
lisahannigan-atswim“Om de vier jaar brengt de Ierse zangeres/gitarist Lisa Hannigan, die eerder samenwerkte met Damien Rice, een nieuw album uit. Haar twee eerste albums mochten er al meer dan wezen, want daarop houdt ze het midden tussen Laura Marling, Shannon Wright, PJ Harvey en Beth Gibbons. Nu kan ik niet eens zeggen dat die vergelijkingen op haar derde cd At Swim misplaatst zijn, maar er is toch één en ander veranderd. Of het door de productie van Aaron Dessner (The National) komt, die tevens muzikaal zijn steentje bijdraagt op gitaar, piano, bas, Rhodes, orgel en programmering, weet ik niet, maar de nummers zijn gewoonweg in alle opzichten nóg mooier en zwoeler geworden. Alsof er een lekkere toef van Low doorheen gemixt zit. Haar andere gasten op viool, contrabas, cello, Rhodes, drums, trombone, Hammond orgel en zang (van onder meer Luluc-zangeres Zoe Randell) dragen ook hun deel bij, maar het is vooral die sepiakleurige filter die ze op alles lijkt te leggen. Echt wat een ongekend droefgeestige schoonheid weet ze hier neer te zetten.”

 

13. Ivar Bjørnson & Einar Selvik’s Skuggsjá – Skuggsjá (A Piece For Mind & Mirror) (cd, Season Of Mist)
skuggsja-skuggsja“Als je veel op de hoes zet wekt dat nogal eens verwarring, maar volgens het fijne label Season Of Mist heet de groep kortweg Skuggsjá net als hun debuut, waarbij de luxe editie 12 in plaats van 10 tracks telt. Voluit is het Ivar Bjørnson & Einar Selvik’s Skuggsjá en de krijgt de albumtitel nog de subtitel A Piece For Mind & Mirror mee. Hoe het ook zij is dit een samenwerkingsverband tussen Ivar Bjørnson (zang, gitaar, bas, keyboards) van Enslaved en Einar Selvik (zang, tagelharpa, Kravik-lyre, geithoorn, birch-bark lure, beenfluit, perccusie, elektronica) van Wardruna, dat start in 2014 ter viering van het 200 jarige bestaan van de Noorse zelfstandigheid. Ze krijgen hier ondersteuning van Enslaved leden Grutle Kejllson (zang) en Cato Bekkevold (drums), Wardruna leden Lindy-Fay Hella (zang) en Eilif Gundersen (birch-bark lure) plus Olav L. Mjelva (Hardanger viool). De titel betekent “spiegel” of “reflectie” in het Noors en dat hebben ze niet voor niets gekozen. Aan de ene geven ze afspiegeling van de harde muziek uit hun land en tevens de verharde politiek, maar anderzijds omarmen ze ook het culturele erfgoed met de rijke folklore die het land rijk is. Je krijgt dan ook veel traditionele instrumenten en folkzang, maar ook doom metal met bijbehorende zang. Het is een knappe fusie van heden en verleden. De omschakeling van het meer etherische naar het harde zorgt meermaals voor kippenvel, maar ook de combinatie is van een aan de grond nagelende schoonheid en kracht. Niet eerder hebben metal, doom en folk zo’n overdonderende eenheid gevormd. Eén van de grootste verrassingen van dit muzikale jaar.” En zo is het!

 

12. Ola Bilińska – Libelid (cd, Żydowski Instytut Historyczny)
olabilinska-libelid“Joodse folksongs zijn een spiegel die de Joodse ziel reflecteren. Het gaat over hoop, maar ook over eeuwig verdriet. De Poolse zangeres Ola Bilińska komt in 2014 al met Berjozkele, waar ze Jiddische slaapliedjes omzet naar jazzy en avant-gardistische folk die werkelijk wonderschoon zijn. Nu presenteert ze Libelid, waar de Jiddische liefdesliedjes aan bod komen van voor de oorlog. Verwacht echt geen kleffe of vrolijke songs, maar intens droeve. Het draait namelijk om gearrangeerde huwelijken, sterke familiebanden en hoe het alledaagse roet in het liefdesleven kan gooien. De woorden zijn dikwijls afkomstig van poëten van weleer, die op schitterende wijze vertolkt worden door de zoetgevooisde, emotioneel geladen zang van Bilińska, die tevens gitaar, Moog, delay en synthesizer voor haar rekening neemt; die elektronica zijn overigens functioneel en nauwelijks te horen. Diverse artiesten zorgen daarnaast voor de prachtig sobere aankleding met onder meer cello, cimbalen, trompet, contrabas, mandoline, Keltische harp, klarinet, draailier en zang. Het levert al met al een intiem, intens en immens wonderschoon geheel op dat zich ergens nestelt tussen avant-pop, jazz, folk en zelfs drones. Het is muziek die je in de diepste vezel weet te raken. Een bijzonder, wereldse schoonheid.” Deze heb ik heel vaak op de rustige momenten opgezet.

 

11. Señoritas – Acho Que é Meu Dever Não Gostar (cd, Rastilho)
senoritas-acho“A Naifa is of beter gezegd was een geweldige Portugese band, die vijf fantastische albums hebben uitgebracht vol emotioneel geladen muziek. Geen fado, maar wel met die universele droefheid. Ze putten ernaast uit wave, dub en pop. Na het overlijden van bassist/toetsenist João Aguardela (1969-2009), één van de oprichters en sleutelfiguren uit de band, hangt er een schaduw over de band. Dat is wellicht ook de reden om in 2014, een jaar na hun laatste album, de stekker eruit te trekken. Voor de liefhebbers is er nu goed nieuws, want de geweldige zangeres/gitariste Maria Antónia Mendes van die groep is nu met bassiste/accordeoniste Sandra Baptista (A Naifa, Sitiados) de nieuwe band Señoritas gestart. Ze presenteren nu hun debuut Acho Que é Meu Dever Não Gostar, wat zoiets betekent als “ik denk dat het mijn plicht is, maar leuk is anders”. Een negatieve titel, maar dat vertaalt zich niet naar de muziek. De twaalf nummers hier sluiten mede door die fantastische zang van Maria wel aan bij hun vorige band. Het is dikwijls gewoonweg nóg mooier, meer droefgeestig en intenser. Ze houden het midden tussen alternatieve rock, fado en droompop. En dan met baspartijen waar Massive Attack ten tijde van Mezzanine jaloers op zouden zijn. Het levert om de haverklap bergen kippenvel op. Wat een aan de pijn grenzende schoonheid!”

 

10. Library Tapes – Escapism (cd, Auetic / 1631 Recordings)
librarytapes-escapism“De Zweedse componist David Wenngren ligt mij nauw aan het hart. Niet alleen met zijn onvolprezen Library Tapes en werken onder zijn eigen naam, maar ook met zijn projecten Forestflies, Xeltrei, Murralin Lane, Birch And Meadow en Le Lendemain weet hij gevoelige, diepe snaren te raken. Hij werkt op zijn albums samen met uiteenlopende artiesten als Per Jardsell, Erik Skodvin, Sylvain Chauveau, Colleen, Danny Norbury en Peter Broderick. Hij komt meestal op melancholische wijze ergens uit tussen neoklassiek, ambient en experimentele muziek. Inmiddels heeft hij samen met Mattias Nilsson van het leuke, prestigieuze Kning Disk label het label 1631 Recordings opgericht dat naast veel digitale (her)uitgaven ook cd’s uitbrengt, zoals eerder al van het geweldige Iskra String Quartet. Zelf runt Wenngren ook al jaren het Auetic label. Na 4 jaar stilte komt er onder de vlag van beide de nieuwe Library Tapes cd Escapism uit. Wenngren brengt hierop 10 nieuwe composities, die door hem ingekleurd worden met piano en celesta en voor de rest door Julia Kent (Antony And The Johnsons, Rasputina, Parallel 41) met haar cello. Het is allemaal behoorlijk droefgeestig, maar ook zo overrompelend mooi. Deze bezinnende pracht haalt je werkelijk even uit de realiteit en laat je nadenken, dagdromen en gewoonweg intens genieten. Ik kan namen noemen als David Darling, Dakota Suite, Sylvain Chauveau, Max Richter, Hildur Gudnadóttir, Dustin O’Halloran en Rachel’s, maar beter is gewoon als je dit zelf ondergaat. Slechts 25 minuten duurt dit alles, maar het biedt zo ontzettend veel dat je daar niet over mag zeuren. De meester is terug met zijn tot de verbeelding sprekende, intieme, ontroerende en diepgravende schoonheid.” Deze is het hele jaar al zo’n beetje het zondagsplaatje.

 

09. Sophia – As We Make Our Way (Unknown Harbours) (cd, The Flower Shop)
sophia-aswemakeourway“The God Machine behoort tot één van mijn favoriete bands aller tijden en bevat voor mij nog altijd het beste werk van Robin Proper-Sheppard en de zijnen. Door de dood van bassist Jimmy Fernandez komt er een ruw einde aan deze groep in 1994, met twee albums als nalatenschap. Even wil Robin zelfs helemaal geen muziek meer maken, maar daar komt hij gelukkig op terug. Het is geen vrolijke jongen en muziek vormt de broodnodige uitlaatklep. Met Sophia, dat start in 1995, heeft hij een prima tweede muzikaal leven gevonden. Daarnaast is hij te horen in het hardere The May Queens en als gast bij veel bands op zijn label The Flower Shop (vroeger wilde Robin altijd al een bloemenzaak starten). Onlangs is hij nog te horen bij Mogwai. In 2012 brengt hij nog de live cd At Home With Sophia – The Acoustic Sessions uit, maar het laatste studioalbum stamt alweer uit 2009. Het lange wachten wordt nu beloond met zijn zesde cd As We Make Our Way (Unknown Harbours), waarbij ik de De Nachten en Collections:One even niet meereken. Wat betreft de lange pauze, in “The Drifter” zingt hij:

“She asked “Where have you been all my life?”
I said “Where all the monsters hide. Got tired of feeding so I disappeared for a While and found a quiet place Between the laughter and the smiles.”
Cuz I’m a drifter, babe. And you caught me on the roll.
I’m a drifter, babe. So why don’t you let me go?
So why don’t you let go?”

Dit soort teksten zijn exemplarisch en bevatten een hoop zaken uit zijn eigen leven. Qua impact komt hij er behoorlijk dicht mee in de buurt van zijn vorige groep. Muzikaal gezien heeft hij ook niet stil gezeten. Meer elektronica en piano en tegelijkertijd meer hardere stukken. Voor mij voelt het alsof de twee werelden van zijn beide bands hier samenvallen. Proper-Sheppard (zang, gitaar, synthesizer, piano) omringt zich met vaste en losse gasten, een aardig deel uit België waar hij ook even heeft vertoefd, op gitaar, drums, bas, viool, percussie, drums en Franse hoorn. Het is een op en top Sophia album geworden, dat zichzelf op meerdere momenten overstijgt. Kippenvel en ontroering. Echt, wat heb ik muziek als deze gemist. Hier draait het namelijk allemaal om, emotie, schoonheid en impact. Robin Proper-Sheppard verdient een standbeeld. Sophia is terug en hoe!”

 

08. Anneke van Giersbergen & Árstíðir – Verloren Verleden (cd, Agua Recordings)
annekevangiersbergen-verlorenverleden“Na het verlaten van de metalband The Gathering is Anneke van Giersbergen meer persoonlijke muziek gaan maken, mede ingegeven door haar moederschap. Dat doet ze als Agua De Annique en met Danny Cavanagh en Martijn Bosman (voor een kinderplaat). Daarnaast is ze ook te vinden in Maiden United, The Gentle Storm, Lorrainville, Devin Townsend Project, Globus, Ticket For Tibet en als gastzangeres op Dan Geesin’s Can Go Through Skin, de soundtrack voor de film Kan Door Huid Heen. Veel en veelzijdig! Nu komt ze met Verloren Verleden, dat ze samen met de de IJslandse neoklassieke indiefolk groep Árstíðir heeft gemaakt. Deze hebben ook al drie ijzersterke albums op hun naam staan die hier ook graag gedraaid worden. Nu brengen ze samen eigentijdse bewerkingen van klassieke aria’s en liedjes, die gaan over vluchten, nostalgie en herinneringen. Meesters als Gottfried Stölzel, Edvard Grieg, Leonard Bernstein, Henry Purcell en Gabriel Fauré alsmede traditionals en de Wim Sonneveld hit “Het Dorp” (gebaseerd op “La Montagne” van Jean Ferrat en herschreven door Friso Wiegersma) passeren hier op eigenzinnige wijze de revue. Hiervoor hebben ze ook nog eens drie extra cellisten en twee violisten ingevlogen. Ze serveren hier 10 adembenemend mooie songs, die ergens landen tussen folk en neoklassiek. Van Giersbergen toont aan dat ze met kleine liedjes en serene zang grootse dingen kan uithalen, in het Duits, Nederlands, Frans, Engels en IJslands. Ze heeft echt een geweldig bereik. Maar ook de muzikale omlijsting is prachtig, waarbij de vier heren van Árstíðir, die ook een eigen nummer brengen, ook bewijzen fraai te kunnen zingen. Het levert kippenvel, dromen en ontroering op. Zoveel schoonheid doet haast zeer. En dan ook gestoken in een mooi boekwerk. Maar wat een traktatie dit (op nota bene haar verjaardag).”

 

07. Clara Engel – Visitors Are Allowed One Kiss (cd, Paradigms)
clara-engel-visitors“De Canadese zangeres Clara Engel brengt haar werk veelal in eigen beheer uit of op obscure labels. En soms ook enkel digitaal. Het is jammer, want haar muziek verdient echt een groter publiek. Met haar getormenteerde, licht androgyne zang gaat ze door merg en been. Daarbij is de muziek, die zoveel leed met zich meedraagt, ook altijd van hoge kwaliteit. Ze weet dikwijls ook prima muzikanten om zich heen te verzamelen en een pakkend geheel neer te zetten. Haar album The Bethlehem Tapes (2013) eindigt heel hoog in mijn jaarlijst. Visitors Are Allowed One Kiss is haar nieuwe cd, ditmaal op Paradigms uitgebracht. Slechts 5 nummers telt de schijf, maar wel met een totale lengte van ruim 30 minuten en een impact voor 3. Engel (zang, gitaar) kan rekenen op een waar leger aan gastmuzikanten vanuit de hele wereld, waaronder gitarist Aidan Baker, multi-instrumentalist Thor Harris (Shearwater, Swans), elektronicadame Heidi Harris, violiste Meg Mulhearn (US Christmas) en nog 10 anderen op gitaar, drones, saxofoon, autoharp, percussie, synthesizer, theremin, veldopnames en meer. Het resultaat is een overrompelende hybride van apocalyptische folk, folk noire, experimentele muziek, drones en avant-blues. Daarbij zingt ze op Jarboe-achtige en gedragen wijze haar indringende teksten en wordt daarbij soms met prachtige samenzang ondersteund. Ze maakt altijd diepe indruk met haar muziek, maar dit slaat werkelijk alles. Bij de strot grijpende emoties en schoonheid, die echt van een andere, buitengewone pure klasse zijn. Schandalig mooi!” Deze is al in week 2 beschreven, maar het voordeel van lijstjes bijhouden is dat niets vergeten wordt. Al had ik deze zonder lijst ook nog eruit gepikt omdat deze veelvuldig gedraaid is.

 

06. Lárus Sigurðsson – “We Are Told That We Shine (cd, Volkoren / Konkurrent)
lárussigurdsson-wearetoldthatweshineLárus Sigurðsson, niet te verwarren met de gelijknamige voetballer, is een klassiek geschoolde gitarist uit IJsland. Hij is regelmatig te gast op gitaar en harp bij Stafrænn Hákon, het experimentele postrockproject van Ólafur Josephsson waarmee hij ook het experimentele ambient/downtempo duo Calder vormt. Tevens heeft hij in eigen beheer al vier cd-r’s uitgebracht onder zijn eigen naam. Die zijn vrij lastig te krijgen, dus het is prettig dat zijn nieuwe cd We Are Told That We Shine gewoon bij Volkoren uitkomt. Lárus brengt diverse akoestische instrumenten en draagt zorg voor de arrangementen. Daarnaast krijgt hij steun van Josephsson (elektrische gitaar, soundscapes), Fredrik Robertsson Boulter (koor), Angel Welp (cello) en Claire Ouille (viool). In de 11 tracks die hij hier neerzet serveert hij een filmische mix van neoklassiek, ambient en folk. Allen zijn ze dromerig en droefgeestig, maar tevens van een ontzaglijke schoonheid. Met name door de strijkers moet je denken aan David Darling, Richard Skelton en Hildur Guðnadóttir, maar door de fijnzinnige gitaarsounds, soundscapes, koorzang en melancholie tevens aan Richard Moult, Library Tapes, Hilmar Örn Hilmarsson, Árstíðir en in de verte zelfs de vroegere Piano Magic. Maar dan volkomen eigenzinnig. Sigurðsson weet intens ontroerende pracht te fabriceren als een edelsmid van de emoties, met als resultaat bergen kippenvel en bij de strot grijpende en bezinnende momenten. Ongehoord goed!”

 

05. Swans – The Glowing Man (2cd+dvd, Young God)
swans-theglowingmanDe inmiddels 62 jarige Michael Gira (Skin, World Of Skin, The Angels Of Light, Body Lovers/Haters) kondigt eerder al aan dat zijn nieuwe album The Glowing Man de laatste wordt in deze incarnatie, al weten we inmiddels dat hij de deur altijd op een kier houdt. Nadat de Swans na 13 jaar van schijndood in 2010 weer tot leven komen, is de aanpak van Gira anders, namelijk harder, grootser en meer apocalyptisch dan ooit, waar de dubbele cd’s My Father Will Guide Me Up A Rope To The Sky (2010), The Seer (2012) en To Be Kind (2014) de meer dan overtuigende bewijzen zijn geworden. The Glowing Man, wederom een dubbelalbum (al dan niet met dvd), mag de laatste zijn maar deze is wel weer zo’n monumentaal dat je hier voorlopig nog wel zoet mee bent. Slechts 4 tracks per schijf, maar die wel 57 en 61 minuten duren. De muziek ligt zeker in het verlengde van de voorgangers, ook al verrast hij je per track steeds weer, maar is een fractie strakker en ook iets meer melancholisch. Er staan zelfs een paar heel rustige stukken op waar dat laatste het beste naar voren komt. Maar hij komt ook weer luid, wild en sterk uit de hoek. Zeker in de titeltrack, de één na laatste, gaan hij en de zijnen flink te keer. Hij besluit volgens met het overwegend rustieke “Finally, Piece”, dat in alles een punt achter Swans 2.0 lijkt te zetten. Voor de rest bestaat het weer uit meeslepende, bij de strot grijpende kracht en pracht die z’n gelijke nog moet tegenkomen. We zien wel wat de toekomst brengen gaat.

 

04. Colin Stetson – Presents: Sorrow – A Reimagining Of Góreck’s 3rd Symphony (cd. 52HZ / Bertus)
colinstetson-sorrow“Er zijn van die Heilige huisjes waar je doorgaans vanaf moet blijven. Dat is bijvoorbeeld de in 1977 gecomponeerde derde symfonie van de Poolse componist Henryk Górecki (1933 – 2010). Hij heeft deze geschreven met de afschuwelijke beelden van de concentratiekampen in zijn achterhoofd. De symfonie, die uit 3 stukken bestaat, is later wel bekend geworden als de “symfonie van treurliederen”. De mooiste uitvoering vind ik de versie uit 1992 met Dawn Upshaw als sopraan en de London Sinfonietta als uitvoerend orkest, in dat jaar uitgegeven door Elektra Nonesuch. Het wordt niet alleen één van mijn favoriete klassieke cd’s, maar gewoonweg één van mijn favoriete aller tijden. Zo intens droefgeestig en verpletterend mooi. Nu waagt de Amerikaanse, tegenwoordig vanuit Canada opererende saxofoonvirtuoos Colin Stetson zich toch aan dit werk. Naast solomuzikant heeft deze klasbak al gewerkt met Arcade Fire, Bell Orchestre, Tom Waits, TV On The Radio, Feist, Bon Iver, My Brightest Diamond, Laurie Anderson, David Byrne, Jolie Holland, Sinéad O’Connor, LCD Soundsystem, The National, Godspeed You! Black Emperor, Larval, 2 Foot Yard, Beulah, Burning Spear, Angelique Kidjo, Kevin Devine, Beanie Burnett, Mats Gustafsson en Anthony Braxton, dus het is bepaald niet de eerste de beste. En toch houd ik mijn hart vast als hij komt met Colin Stetson Presents: Sorrow – A Reimagining Of Góreck’s 3rd Symphony; een hele mond vol maar dat is wat het is. Een herschepping dan wel herinterpretatie van dit meesterwerk. Dat getuigt van lef.
Maar bij de eerste klanken weet ik dat het goed zit. En als ik de gastenlijst zie, wordt het enkel nog interessanter. Stetson’s zus Megan Stetson blijkt een fantastische mezzosopraan en heeft een mooie klank en een geweldig bereik; iets lager en voller dan Upshaw maar dat past wel. Dat is één. Daarnaast bestaat zijn 12-koppige “Sorrow Ensemble” naast hemzelf (alt-, tenor- en bassaxofoon, contrabasklarinet) onder meer uit celliste Rebecca Foon (A Silver Mt. Zion, Désormais, Esmerine, Fifths Of Seven, Hrsta, Land Of Kush, Saltland, Set Fire To Flames, The Mile End Ladies String Auxiliary), violiste Sarah Neufeld (Arcade Fire, The Luyas, Bell Orchestre), toetsenist Shahzad Ismaily (teveel om op te noemen), celliste Gyða Valtýsdóttir (múm), toetsenist Justin Walter en drummer Greg Fox (Ben Frost) plus anderen op saxofoons, klarinetten, gitaren en synthesizers. De muziek komt dus deels akoestisch en deels elektronisch tot stand, maar ontvouwt zich wel als een ware symfonie. Je kan dus met een klassiek oor naar dit werk luisteren maar je tevens totaal laten verrassen als ze even de kant van Godspeed You! Black Emperor, Glenn Branca en Giacinto Scelsi opkoersen. Maar de postrock en (dissonante) avant-klassiek zit als een respectvol elastiek aan de klassiek en de visie van Górecki verbonden. Het knappe is dat de prachtige maar heftige emoties van het origineel hier intact blijven en soms zelfs daar bovenuit stijgen. Ook qua muziek is het misschien -ik durf het haast niet te zeggen- zo mogelijk spannender en meer intrigerend. Niet alleen de bergen kippenvel van weleer, ook de adrenalinespiegels worden hier nog eens aangesproken. Een meesterwerk overmeesterd zodat het opnieuw een meesterwerk is geworden. Mooier en meer overrompelend dan dit krijg je het zelden!”

 

03. Blueneck – The Outpost (cd, Denovali)
blueneck-outpost“De eerste drie album van de Britse vijfmansformatie Blueneck, Scars Of The Midwest (2006), The Fallen Host (2009) en Repetitions (2011), worden gekenmerkt door mysterieuze postrock al dan niet aangedikt met strijkers en piano. De zang is op de eerste twee nog spaarzaam maar neemt op de derde een belangrijkere rol in. Een gouden zet want zanger Duncan Attwood beschikt over een prachtig emotievol stemgeluid. Dat album is zo mooi dat het de nummer 1 van dat jaar wordt. Ze bevinden zich qua sound dan ergens tussen Talk Talk, Glissando, The White Birch, Godspeed You! Black Emperor, Mono, Sigur Rós, Low en Slowdive in. Daarna komen ze met het meer elektronisch gerichte tussendoortje Epilogue (2012) en de door Alpha geremixte Alpha.Blueneck (2013). Toch hebben die elektronische uitstapjes invloed gehad want hun vijfde album King Nine (2014) ligt weliswaar in het verlengde van Repetitions, maar hierop maken ze meer gebruik van elektronica. Deze implementeren ze op fraaie wijze, waarbij het gitaargeluid mede door effecten wat meer naar de achtergrond verdwijnt. Maar er komen bakken schoonheid en indringende emoties voor terug, ondersteund door de wonderschone zang van Attwood. Ook dat jaar eindigen ze hoog in mijn TOP20. Nu zijn ze terug met, denk ik, Duncan Attwood (zang, gitaar, keyboards), Ben Paget (bas), Rich Sadler (gitaar), Oli Duerden (gitaar) en Chris Copsey (drums) in de bezetting. Dat het allemaal weer geen herhaling van zetten is mag gezien hun reputatie geen verrassing zijn, maar dat ze met dezelfde ingrediënten een stap hoger, een niveau verder en gewoonweg weer beter klinken is misschien wel opmerkelijk. De elektronica nemen nog altijd een prominente plek in, maar ook de gitaren treden weer meer naar voren en het geluid is wat rauwer. Met die zang van Attwood zou je iedere herfst of winter wel willen inkleuren. Daarnaast zijn ook piano, trompet en fijne orkestraties te horen. En vaker dan op hun vorige album zijn hier de aan de grond nagelende erupties weer te horen. Het is een afwisselende ketting geworden van schoonheid, spannende stukken, adrenaline opwekkende elementen en een verpletterende combinatie van dat alles. Je gaat van hoogtepunt naar hoogtepunt met bovengenoemde referenties in de achterzak. Alweer brengen ze op eigengereide wijze een meesterwerk van formaat.”

 

02. Oathbreaker – Rheia (cd, Deathwish Inc.)
oathbreaker-rheia“Er zijn vrouwen die ik niet zonder handschoenen aan zou durven raken. Laat ik daar meteen bij zeggen dat ik vrouwen sowieso niet zo maar aanraak. Dan stuit je toch op een hoop weerstand. Enfin, in dit geval heb ik het over zangeres Caro Tanghe van het Gentse Oathbreaker. Dat is een brulboei van heb ik jou daar, hetgeen ze eerder ook al heeft laten horen in No Recess. Ik denk dat zelfs Julie Christmas onder de indruk zal zijn, alsmede diverse mannelijke collega’s. De groep bestaat verder uit bassist Gilles Demolder (Wiegedood), gitarist Lennart Bossu (Amenra, Harlowe, Liar) en drummer Ivo Debrabandere (Partisan). Het debuut Mælstrøm (2011) hakt er goed in met een venijnige mix van hardcore en black metal plus die waanzinnige vocale partijen van Caro. Op hun tweede cd Eros/Anteros (2013) gaat weliswaar het tempo soms omlaag, maar het volume niet. Ook hier delen ze de ene na de andere goed geplaatste uppercut uit. En dan lees je dat ze optreden, check je de site en warempel, de derde cd Rheia is gewoon alweer een goede twee maanden onder ons. Ivo drumt hier nog wel mee, maar is ondertussen vervangen door Wim Coppers, die hier ook al te gast is. Op elektronica doet her en der ook de Franse dark ambient muzikant Treha Sektori mee. De productie is in goede handen bij Jack Shirley (Deafheaven, Whirr). En wat een hoop veranderingen na 3 jaar. Niet in het harde, hoewel ze daar ook nóg beter uitpakken, maar vooral in het feit dat ze veel rustige stukken met akoestische gitaar en heel mooie, maar gewone zang inbouwen of met elektronica en spoken word. Als ze vanuit zo’n toch al overrompelend stuk plots overschakelen naar hun keiharde geluid staat het kippenvel torenhoog op mijn armen. Neem alleen al de overgang van de rustieke eerste track naar de waanzinnig uit de startblokken schietende tweede; het is totaal aan de grond nagelend. Muziek die in je bloed kruipt als een genotsmiddel en narcoticum, die je zowel aangenaam verdooft als diep in de ziel weet te raken. Zoek het ergens tussen Cranes, Sannhet, MadeOut Of Babies, Myrkur, Converge, Isis en Deafhaven. Of nog beter: luister het album zelf gewoon. Wat een ongelooflijk titanen!” Ik sta nog altijd met mijn mond open….

 

01. Esben And The Witch – Older Terrors (cd, Season Of Mist)
esbenandthewitch-olderterrors“Het Britse Esben And The Witch is echt geweldig begonnen met de album Violet Cries (2011) en Wash The Sins Not Only The Face (2013). Deze neogoths met shoegaze, wave en indie elementen kunnen daar zo de speeltuin delen met Cocteau Twins, The xx en My Bloody Valentine. Het wordt pas sensationeel als ze voor hun derde album A New Nature (2014) de studio induiken met Steve Albini en de synthesizer en keyboards overboord gooien. In de ongewijzigde opstelling brengen Rachel Davies (zang, bas), Thomas Fisher (gitaar) en Daniel Copeman (elektronica, drums) een stuk rauwer en soms zelfs behoorlijk hard geluid; een beetje richting de oude PJ Harvey en A Place To Bury Strangers. Met behoud van de eerdere melancholie en emoties maken ze gewoonweg een nog diepere indruk. Kunnen ze daar nog een keer overheen? Nou en of! Nu is er Older Terrors, waarop ze slechts 4 nummers presenteren. Deze klokken wel allemaal ergens tussen de 10,5 en 13 minuten. Ze nemen zogezegd hun tijd om de tracks op te bouwen. Dat begint dikwijls nog wel met die wave-achtige klanken, met name door de zang, maar eindigt nu vaak met harde post-rock die zelfs de kant van bijvoorbeeld Isis opkoerst. Eerst weten ze je bergen kippenvel te bezorgen met hun melancholische muziek om er vervolgens nog scheppen adrenaline en nog meer kippenvel overheen te gooien. Aan de grond nagelende pracht. Wat een fantastische metamorfose maakt deze band door.” Toen ik deze hoorde wist ik direct dat er waarschijnlijk niets beters meer zou verschijnen dit jaar. Neem alleen die opener “Sylvan” waar zoveel schitterende wendingen zitten (zie ook de video) die van een verlammende pracht zijn. Maar ook de rest doet daar niet voor onder. Van begin tot het eind van zo’n hoog niveau. Mijn terechte nummer 1.

 

De 180 nummers 21:

Æmaeth – The Roman (Gizeh)
David Åhlén – Hidden Light (Volkoren)
Gaye Su Akyol – Hologram Ĭmparatorluğu (Glitterbeat)
Amiina – Fantômas (Mengi)
Amute – Bending Time In Waves (Humpty Dumpty)
AnDa Union – Homeland (Hohhot)
Anohni – Hopelessness (Rough Trade)
Ólafur Arnalds – Island Songs (Mercury Classics)
Babyfather – BBF: Hosted by DJ Escrow (Hyperdub)
Baby Fire – Gold (Off)
Babymetal – Metal Resistance (Amuse Inc.)
Banabila & Machinefabriek – Macrocosms (Tapu)
Julianna Barwick – Will (Dead Oceans)
Bat For Lashes – The Bride (Echo/ Parlophone)
Michael Begg – A Moon That Lights Itself (Omnempathy)
Joep Beving – Solipsism (I Are Giant)
Big Hare – Hasyayoga (Blowpipe)
Biosphere – Departed Glories (Smalltown Supersound)
Blacktape Fot A Blue Girl – These Fleeting Moments (Projekt)
James Blake – The Colour Of Anything (Polydor)
Waed Bouhassoun – La Voix De La Passion (Buda Musique)
David Bowie – Blackstar (Iso/ Sony)
Ben Lukas Boysen – Spells (Erased Tapes)
Brave Timbers – Hope (Little Crackd Rabbit)
Françoiz Breut – Zoo (Le Pop Musik)
Cello + Laptop – Transient Accidents (Fluid Audio)
Chasms – On The Legs Of Love Purified (Felte)
Matt Christensen – Honeymoons (Miasmah)
Josienne Clarke & Ben Walker – Overnight (Rough Trade)
Leonard Cohen – You Want It Darker (Columbia/ Sony)
Matthew Collings – A Requiem For Edward Snowden (Denovali)
Ian William Craig – Centres (130701)
Cross Record – Wabi-Sabi (Ba Da Bing!)
Cult Of Luna/ Julie Christmas – Mariner (Indie Recordings)
Cut Worms – Lumbar Fist (Opa Loka)
Dakota Suite / Vampillia – The Sea Is Never Full (Karaoke Kalk)
Dead Light – Dead Light (Village Green)
Deleyaman – The Lover, The Stars & The Citadel (T.T.O.)
Deutsche Ashram – Deeper And Deeper (Wormer Bros)
Kornilios Diamantopoulos – Ενα Φτωχο Χαμογελο (Χρωμοδιασταση Ενε / Music Links Knowledge)
Early Spring Horses – What The Wood Whispers To Itself (Send The Wood Music)
Efterklang & Karsten Fundal – Leaves: The Colour Of Failing (Tambourhinoceros)
Matt Elliott – The Calm Before (Ici D’Ailleurs)
Eluvium – False Readings On (Temporary Residence Limited)
Brian Eno – The Ship (Warp/ Opal)
Eyemèr – Temporarily Colourblind (Zeal)
The Eye Of Time – Myth I: A Last Dance For The Things We Love (Denovali)
Faun Fables – Born Of The Sun (Drag City)
Feine Trinkers Bei Pinkels Daheim – A Bug’s Life (Zoharum)
Films – Signs From The Past (Ricco)
The Fire Harvest – Singing, Dancing, Drinking (Snowstar/ Subroutine)
Ian Fisher – Nero (Snowstar)
Fovea Hex – The Salt Garden I (Janet/ Die Stadt/ Headphone Dust)
William Ryan Fritch – New Words For Old Wounds (Lost Tribe Sound)
Fumaça Preta – Impuros Fanáticos (Soundway)
Guo Gan / Emre Gültekin – Lune De Jade (Homerecords.be)
Dan Geesin – The Bonfire Monologues (Dan Geesin)
Get Well Soon – Love (Caroline International)
Kenneth James Gibson – The Evening Falls (Kompakt)
Glacis – The World Is A Little Lonelier Without You (Fluid Audio)
Nessi Gomes – Diamonds & Demons (Baraka)
Gontard! – Repeupler (Ici D’Ailleurs)
Stefano Guzzetti – Leaf (Stella Recordings)
Hammock – Everything And Nothing (Hammock Music)
PJ Harvey – The Hope Six Demolition Project (Island)
Chihei Hatakeyama / Dirk Serries – The Storm Of Silence (Glacial Movements)
Tim Hecker – Love Streams (4ad)
Hexvessel – When We Are Dead (Century Media/ Secret Trees)
Sivert Høyem – Lioness (Hektor Grammofon)
Jenny Hval – Blood Bitch (Sacred Bones)
Hypnopazūzu – Create Christ, Sailor Boy (House Of Mythology)
Iamme / Cermaque – Gravitace (Indies Scope)
Itasca – Open To Chance (Paradise Of Bachelors)
Jambinai – A Hermitage (Bella Union)
Jesu / Sun Kil Moon – Jesu / Sun Kil Moon (cd, Caldo Verde)
Jóhann Jóhannsson – Arrival (Deutsche Grammophon)
Jóhann Jóhannsson – Orphée (Deutsche Grammophon)
Kayhan Kalhor/ Aynur/ Salman Gambarov/ Cemîl Qoçgirî – Hawniyaz (Harmonia Mundi)
Kanipchen-Fit – Unfit For These Times Forever (Makkum)
Eleni Karaindrou – David (ECM)
Kemper Norton – Toll (Front & Follow)
Kiku & Blixa Bargeld & Black Cracker – Marcher Sur La Tête (Everest)
King Champion Sounds – To Awake In That Heaven Of Freedom (Excelsior)
The Klezmatics – Apikorsim (World Village)
Lale Koçgün – Sırr-ı Dem (Ahenk Müzik)
Thomas Köner – Tiento De La Luz (Denovali)
Boris Kovač – Muzika Za Vere I Zavere (Multimedia Music)
Kuba Kapsa Ensemble – Vantdraught 4 (Denovali)
Francesco Lago – Mirrors Against The Sun (Urtovox/ T3 Records)
Sinikka Langeland – The Magical Forest (ECM)
Rodrigo Leão & Scott Matthew – Life Is Long (Glitterhouse)
The Legendary Pink Dots – Pages Of Aquarius (Metropolis)
Asher Levitas – Lit Harness (Planet Mu)
Light In Babylon – Yeni Dunya (Light In Babylon)
loscil – Monument Builders (Kranky)
Lyenn – Slow Healer (Near Gale/V2)
Machinefabriek – Crumble (Machinefabriek)
Mala Vita – So Far So Good (Global Roots Music)
Maninkari – oroganolaficalogramme (ferme-l’oeil)
Marta Mist – Scavengers (Time Released Sound)
Lorenzo Masotto – Rule And Case (Preserved Sound)
Leyla McCalla – A Day For The Hunter, A Day For The Prey (Jazz Village)
MJ Guider – Precious Systems (Kranky)
Moddi – Unsongs (Propeller)
Helen Money – Become Zero (Thrill Jockey)
Mono – Requiem For Hell (Pelagic)
Roy Montgomery – R M H Q: Headquarters (Grapefruit)
Morgen Wurde – Brach Auf (Time Released Sound)
Richard Moult – Sjóraust (Second Language)
Nachtpost – Sporen (Nachtpost)
Marissa Nadler – Strangers (Bella Union)
Sarah Neufeld – The Ridge (SN Music)
Neurosis – Fires Within Fires (Neurot)
New Model Army – Winter (Atack Atack/ earMUSIC)
Nosound – Scintilla (Kscope)
Maarja Nuut – Une Meeles (Maarja Nuut)
Agnes Obel – Citizen Of Glass (PIAS)
Klára Obručová – V Klíně Rodných Hor (Indies Happy Trails)
Ocoeur – Reversed (n5MD)
Carl Oesterheld / Johannes Enders – The Anatomy Of Melancholly (Disko B)
Old Fire – Songs From The Haunted South (Kscope)
Angel Olsen – My Woman (Jagjaguwar)
Ela Orleans – Circles Of Upper And Lower Hell (Nightschool)
Christine Ott – Only Silence Remains (Gizeh)
Ouvala – Psychology Of Colours (Fluid Audio)
Christine Owman – When On Fire (Glitterhouse)
Arvo Pärt – The Deer’s Cry (ECM)
Pixies – Head Carrier (Pixies)
Brigid Mae Power – Brigid Mae Power (Tompkins Square)
Mark Pritchard – Under The Sun (Warp)
Fatima Al Qadiri – Brute (Hyperdub)
Queen Of The Meadow – Aligned With Juniper (Tiny Room Records)
Iris Penning – Spreken Met Suiker (Iris Penning)
Pop. 1280 – Paradise (Sacred Bones)
Roly Porter – Third Law (Tri Angle)
Raime – Tooth (Blackest Ever Black)
Refugees For Refugees – Amerli (Muziekpublique)
Renaldo & The Loaf – Gurdy Hurding (Klanggalerie)
Lou Rhodes – Theyesandeye (Nude)
Rïcïnn – Lïan (Blood Music)
Dag Rosenqvist – elephant (Dronarivm)
Ryuichi Sakamoto & Alva Noto & Bryce Dessner – The Revenant (Milan)
Samaris – Black Lights (One Little Indian)
Saroos – Tardis (Alien Transistor)
Savages – Adore Life (Matador)
Daniela Savoldi – Trasformazioni (Daniela Savoldi)
Andrea Schroeder – Void (Glitterhouse)
Shield Patterns – Mirror Breathing (Gizeh)
The Slow Show – Dream Darling (Haldern Pop)
Sphyxion – Sphyxion (Anywave)
Kristi Stassinopoulou & Stathis Kalyviotis – NYN (Riverboat/ World Music Network)
SubRosa – For This We Fought The Battle Of Ages (Profound Lore)
Susanna – Triangle (Susanna Sonata)
The Sweet Release Of Death – The Sweet Release Of Death (Subroutine)
Serj Tankian – 1915 (Serjical Strike)
Ryan Teague – Site Specific (King Tree)
Teho Teardo & Blixa Bargeld – Nerissimo (Spècula)
Tetherdown – First Flight (Trace/ Slowcraft)
JG Thirlwell – Imponderable (Ectopic Ents)
thisGrey hates the sun – thisGrey hates the sun (Final Muzik)
Tindersticks – The Waiting Room (Lucky Dog/ City Slang)
Trentemøller – Fixion (In My Room)
Ales Tsurko – Transliaciya (Preserved Sound)
Ferhat Tunç – Kobani (Kirkelig Kulturversted)
Ulan Bator – Abracadabra (Acid Cobra)
Mahsa Vahdat – The Sun Will Rise (Kirkelig Kulturverksted)
The Veils – Total Depravity (Nettwerk)
Wang Wen – Sweet Home, Go (Pelagic)
Wardruna – Runaljod: Ragnarok (By Norse Music)
Warpaint – Heads Up (Rough Trade)
The Wedding Present – Going, Going… (Scopitones)
Western Skies Motel – Settlers (Lost Tribe Sound)
What Moon Things – the SWIM Tape (What Moon Things)
Emily Jane White – They Moved In Shadow All Together (Talitres)
Witchcraft – Nucleus (Nuclear Blast)
Wovenhand – Star Treatment (Glitterhouse)
Wrekmeister Harmonies – Light Falls (Thrill Jockey)
Adrian Younge – Something About April II (Linear Labs)
Thalia Zedek Band – Eve (Thrill Jockey)
Zëro – San Francisco (Ici D’Ailleurs)